Een samenzwering

30 mei 2008

Een arme man dreigt wegens achterstallige huur zijn woning te worden uitgezet. De broer van de man kent iemand op zijn werk die misschien kan helpen. Ene Erik. En ene Erik wil best wel helpen. Zegt: geef mij die 600 euro van je, dan leg ik er 500 bij, gaan we samen maar het incassobureau en dan regel ik het daar. Dont’ worry. De man ziet hoe Erik het bureau binnenstapt en even later weer naar buiten komt.

Geregeld.

Drie weken later komt de man thuis, kan zijn woning niet in. Het huis is ontruimd, zegt de buurvrouw. Erik had niks geregeld, niks betaald bij de incasso. Hij was er alleen maar 600 euro rijker geworden.

 

Erik tegen de rechters: ‘Ik weet van niets.’

 

 

juni – juli

Erik vraagt aan een collega of die hem even 200 euro kan lenen. De collega zegt dat dat niet kan, dat hij dat geld niet heeft. Erik zegt dat hij niet moet liegen. Dat als hij het geld niet krijgt dat hij op zijn lijstje komt te staan, dat hij dan een kuil zal moeten graven.

 

Samen pinnen ze 200 euro.

 

Niet lang daarna meldt Erik aan de collega dat hij die 200 euro graag terug wil betalen, want dat had hij toch beloofd? Een probleempje: hij heeft alleen maar een biljet van 500 euro. De collega zegt ‘geeft niks, zegt dat hij dan wel even 300 euro gaat pinnen, het wisselgeld. Bij de aflossing zegt Erik dat hij van gedachten is veranderd, dat hij die 300 euro ook nodig heeft.

 

De collega is een man met een verstandelijke handicap. Hij is doodsbang en durft geen ‘nee’ te zeggen. Ook al omdat Erik dreigt zijn familie aan te pakken (overhoop te steken).

Niet lang daarna gaat de collega er nog eens aan voor 600 euro.

 

Erik tegen de rechters: ‘Ik heb er niets mee te maken.’

 

 

11 augustus

Erik staat op een bruggetje in het Stadspark, jointje te roken.

Iets verderop loopt Alfred, op zoek naar herenliefde.

Er wordt gelonkt, verleid, er is contact.

Dan staan ze oog in oog.

Alfred zegt: ‘Dag.’

Erik zegt: ‘Ik wil geen seks. Ik steek een sleutel in je strot en dit is de laatste dag dat je adem haalt.’

 

Hij dwingt Alfred, die doodsbang is, in zijn eigen auto te stappen en richting Hoogkerk te rijden. Naar de pin van de Rabobank. Terwijl Erik de capuchon over het hoofd trekt, toetst Alfred zijn pincode in.

Zegt dat hij nog 500 euro kan pinnen.

Erik zegt: ‘Alles.’

 

Dan gaat het mis. Er komt een medewerker van de bank aan. Alfred loopt  het bankgebouw binnen en roept dat hij wordt bedreigd.

Erik maakt zich uit de voeten.

Een klant herkent hem.

Het is – o toeval – de neef van Erik.

 

Gedoe, gebel.

De neef laat weten dat Erik spijt heeft, dat hij zijn excuses wil aanbieden. Dat Alfred dan misschien kan afzien van het doen van aangifte.

Dat doet Alfred niet.

Zo hij ook zijn plannen laat varen om van het platteland naar de stad te verhuizen.

 

Erik zegt tegen de rechters: ‘Ik heb er niets mee te maken.’

 

 

14 augustus

Albert fiets door het Stadspark. Ziet in de verte twee mannen staan. Eenmaal dichtbij, moet hij stoppen. Hij krijgt de loop van een vuurwapen tegen het hoofd. Albert vermoedt een ‘nepper’, maar toch. Hij wordt gefouilleerd, maar de fouillerende overvaller vindt geen buit. Uit angst geeft Albert toch zijn portemonnee af met 100 euro en pasjes. Later wordt een man aangehouden. Hij bekent. Zegt dat hij werd gedwongen de overval te plegen. Ik moest in zijn zakken voelen. Ik voelde wel iets, maar ik deed net alsof ik niets voelde. Toen gaf de man uit zichzelf zijn portemonnee. Wie die andere man was? Erik.

 

Erik tegen de rechters: ‘Ik kan er niets over verklaren, want ik heb er niets mee te maken.’

 

 

14 augustus, ’s middags

De collega van Erik, die in verband met de intimidaties, bedreigingen en nachtmerries, halve dagen werkt, gaat naar huis. Halverwege staat een man op het fietspad. Erik. Zegt dat hij mee moet naar de pin. Dan zal hij die 1100 euro terugbetalen. Eenmaal bij de pin, naast bioscoop Pathé in de binnenstad van Groningen, zegt Erik dat hij 300 euro wil. Zoniet, dan verkoop ik je Kymco-scooter. De collega raakt de kluts kwijt, gaat er vandoor en valt in handen van de crisis-interventie.

De scooter wordt later te koop aangeboden bij een scooterwinkel.

 

 

Erik tegen de rechters: ‘Ik heb er niets mee te maken’

 

 

14 augustus, ’s avonds

Twee mannen bestellen na een bezoek aan het casino op de Grote Markt een taxi. Ze moeten naar de Campinglaan, Stadspark. Daar aangekomen zegt de chauffeur: dat is dan 12,40 euro altublieft. De twee mannen dachten van niet. Onder bedreiging van een vuurwapen geeft de chauffeur zijn portemonnee af. Een van de twee mannen: ik deed het samen met Erik, diezelfde met wie ik ook die fietser heb beroofd, moest beroven.

 

Erik: ‘Het is een samenzwering tegen mij.’

De rechters zeggen: Heel Groningen is tegen u?

Erik: ‘Ik denk het.’

 

Zijn documentatie: overval op taxi, in november 2007 veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf waarvan 6 voorwaardelijk; diefstal, in mei 2007 veroordeeld tot een werkstraf van 120 uur en een maand voorwaardelijk.

 

De reclassering zegt: Erik is een vriendelijke jongeman van 23 jaar met

een enorme muur om zich heen. Hij heeft een laag zelfinzicht, is niet gemotiveerd en glijdt langzaam maar zeker af. Hij staat niet open voor behandeling. Heeft een gokprobleem.

Eric zegt: ‘Ik wil best wel meewerken, maar over sommige zaken wil ik niet praten. Dat is privé.’

 

De officier van justitie: ‘Omdat hij niets wil en ik niet een hulpplan uit mijn togamouw kan schudden, ben ik somber gestemd. Het gaat hier over nare feiten en ik ben van mening dat de stad even een tijd van Erik verlost moet zijn, dat een stevige vergelding gepast en geboden is. Ik eis 30 maanden gevangenisstraf plus 6 maanden en 1 maand cel die hij eerder  voorwaardelijk kreeg opgelegd.’

 

Rob Zijlstra

UPDATE – 15 december 2008 – uitspraak

De rechtbank heeft Erik conform de eis veroordeeld tot 30 maanden celstraf en 6 maanden bonus (tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke straf).  

6 comments

  1. Gevoel zegt op basis van hoe Rob het beschrijft dat de rechter wel eens een heel eind mee zou kunnen gaan met de eis van de officier.

    Ben bang dat welke straf deze Erik ook krijgt opgelegd, het hem niet zal weerhouden om daarna de draad op dezelfde wijze weer op te pakken.

    Dit is wel een stuk erger dan gemiddeld. Hij houdt als ik het zo lees mensen in zijn macht. Niet alleen simpel roofwerk, maar daarnaast zware intimidatie langere tijd.

    Lijkt me heel bedreigend, maar dat blijkt ook wel uit bovenstaand verhaal.

  2. Ik vind er weinig bewijsmateriaal tussen liggen. Er is geen dna-spoor gevonden. De camera’s geven ook geen uitsluitsel. En dat ie herkend is, zegt ook niet alles, want de kans dat er iemand sprekend of minder duidelijk op hem gelijkt is minder dan één miljard, waar dan nog bijkomt dat getuigen het al of niet vrijwillig mis kunnen hebben, een gemis, die bij specialisten van het dna onderzoek zeker in dit geval niet zal voorkomen. En ook al is er één die het juist zou kunnen hebben is er de bekende tunnelvisie die alle ellende op verdachte wil afschuiven, en als u dan eventjes rechts en links tegen de duistere muren aankijkt kunt u in deze duisternis toch enkel tot vrijspraak besluiten? Bovendien zegt verdachte niets met de aantijgingen te doen te hebben.
    Wat wilt u nog meer?
    Er is geen enkel bewijs!

  3. @Jacob, met alle respect. Gelet op het goed omschreven verhaal van Rob sommige mensen hebben een slecht ontwikkeld geweten. kennen geen enkel respect. Ook de ovj kan uit zijn toga al zou deze graag willen geen passende straf eisen. Er blijft niet veel over dan in dit geval de samenleving voor langere tijd te verlossen van het kwade. Zeker gelet op Rob zijn verhaal dat een gehandicapte collega geïntimideerd bestolen afgeperst is. Hier heb je weinig bewijsmiddelen nodig hopende op een helder oordeel. Voor sommige mensen al zou je heel graag willen is er weinig passende hulp.

  4. Alex@
    Ik zie het verschil in principe niet tussen een gehandicapte woning en een gehandicapte man. Een vrouw daargelaten.
    Daar zul je mee eens zijn. Maar een verlaten en krottige woning in brand steken gaat toch alle proporties te boven mijn beste Alex. Hoe zou deze bouwval zich moeten verdedigen?
    Sociale rechtspraak ben ik mee eens. Bravo voor goedgeleerde en goedwillende rechters, die het koren van hun kaf kunnen scheiden. Want daar gaat het toch om? Een blik in de ogen en met de ernstigheid van de feiten in het achterhoofd wordt er een driemansconclusie getrokken. De overtuiging krijgt niet altijd de overhand.
    Dat geloof ik wel.
    Maar het kaf komt er wel uit.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s