BLOGWEBBEL

Rechter straft lager in crisistijd, kopten kranten en hun nieuwswebsites de laatste dagen.
Het Algemeen Dagblad begon er zaterdagochtend al vroeg mee; Volkskrant, Trouw, de Telegraaf (en ook Elsevier) volgden en maandag stond het potverdorie ook in mijn eigen krant, Dagblad van het Noorden.

Een Arnhemse strafrechter zou het hebben gezegd.
Ik vraag het mij af.

Nooit staat in de krant dat de handsbal, drie meter buiten het strafschopgebied, geheel ten onrechte niet leidde tot een strafschop.
Dat staat nooit in de krant omdat 16 miljoen mensen verstand van zaken hebben als het om voetbal gaat: zij weten dat hands buiten de 16 nooit een strafschop kan opleveren.
Omdat (bijna) iedereen verstand van voetbal heeft, laten verslaggevers het wel uit hun hoofd al te grote onzin op te schrijven.

Helaas geldt dat niet voor de strafrechtspraak, waar toch ook dagelijks over wordt gepubliceerd.

Volgens het bericht in het Algemeen Dagblad delen rechters lagere straffen uit om te voorkomen dat delinquenten hun baan verliezen. De economische crisis, schrijft de krant, zorgt ervoor dat strafrechters milder zijn in hun straf.
Er is wel enige nuancering: het speelt alleen bij ‘minder grote zaken’.
Genoemd worden: heling, winkeldiefstal, verkeersmisdragingen en mishandeling.
Toe maar.

Het AD schrijft (letterlijk): ‘Bij verkeersmisdragingen staat vaak een onvoorwaardelijke gevangenisstraf of invordering van het rijbewijs. Als dat gebeurt kan een delinquent zijn baan verliezen, waardoor de rechter nu eerder een voorwaardelijk straf, of een werk-, of geldstraf oplegt’.

De krant citeert de Arnhemse strafrechter Margo Somsen: ‘In deze tijd is werk nu eenmaal een groot goed. Neem je bijvoorbeeld het rijbewijs van een vrachtwagenchauffeur af, of moet hij een tijd zitten, dan kan dat enorme gevolgen hebben.’

Ik heb als rechtbankverslaggever makkelijk praten.
Maar ik geloof hier niks van.
Sterker nog: ik durf best te beweren dat het onzin is wat het AD en in navolging de rest, heeft geschreven.

Strafrechters kijken bij het bepalen van de strafmaat naar heel veel zaken.
Ze kijken naar de ernst van de feiten, naar het leed dat eventuele slachtoffers is aangedaan, naar de omstandigheden waaronder het bewezen misdrijf is gepleegd, naar de houding van de verdachte tijdens de zitting, naar zijn geestesgesteldheid, naar het strafblad, rechters houden rekening met de eis van de officier van justitie en met, ja ook met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.

Een verdachte die geen cent te makken heeft, krijgt niet snel een boete van geld opgelegd.
Dat schiet niks op.

Maar de vrachtwagenchauffeur die zich schuldig maakt aan een verkeersmisdraging– die bijvoorbeeld een fietser omverrijdt of dood – is zijn rijbewijs niet zeker.
Sterker nog: die is zijn rijbewijs vaker kwijt dan rijk.
Niet omdat hij dronken achter het stuur zat, maar omdat hij bijvoorbeeld bij vertrek had verzuimd de buitenspiegels schoon te maken.

Of neem de boer. De rechters vroegen aan de boer die fataal de fout in was gegaan, maar ook net 2,5 miljoen euro in zijn bedrijf zonder vetpot had geïnvesteerd, wat het zou betekenen als hij gevangenisstraf opgelegd zou krijgen? Nou, in deze tijden vrijwel zeker een faillissement, had de agrariër geantwoord.
Hij kreeg twee weken later zes maanden cel.

Ik kan meer voorbeelden geven die het bericht in het AD ongeloofwaardig maken.
Ik kan geen voorbeelden bedenken die het bericht ondersteunen.

Nu zou het nog zo kunnen zijn dat de rechtbank in Groningen anders is dan de andere 18 rechtbanken in Nederland.
Maar ook dat durf ik best te betwijfelen.

Het AD publiceerde een onzinbericht en de rest van de pers nam die onzin in het weekeinde klakkeloos zomaar voor waar over.
Niet omdat het zo is, waarheid is, maar omdat een krant, een enkele verslaggever van een grote krant, het zonder kennis van zaken opschreef.

Ik zat vandaag niet in de rechtbank.
Ik moest op cursus.
Mijn krant gaat over drie weken over op tabloid, omdat we hopen met een verandering van formaat het onheil van de weglopende lezer te keren.
De cursus ging over verdieping.

Op de krant geloven we – ik ook – dat alleen door verdieping (= meer kwaliteit minus minder onzin) de krant van papier nog lang(er) kan voortbestaan.
Omdat we denken – ook ik – dat we alleen met kennis van zaken nog kunnen boeien.

Dus.

Waarom vertellen wij kranten, in tijden van crisis, nog steeds ook onzin aan lezers?
Dat vroeg ik mij, na zo’n cursusdag, dus af.

Rob Zijlstra