Adje uit Lelystad begrijpt het niet.
Hij heeft alles wat hij hebben wil en heeft dus niets van andere mensen nodig.
En dan wordt nota bene hij beschuldigd van een gewelddadige overval op een Surinaamse toko in Groningen.
Goed, hij was er wel bij geweest toen zijn vriend de eigenaar zomaar ineens een harde klap gaf.
Maar maakt hem dat schuldig?
Hij zegt: ‘Ik stond er bij en keek er naar. Ik was in shock. Het gebeurde ineens. Er was geen plan.’

Okay. Hij had gedeeld in de buit. Vijftien euro had hij gekregen. En de mobiele telefoon en de laptop. Maar dan ben je toch niet schuldig of zo? Hij zegt niet te snappen wat hij hier in de rechtszaal te zoeken heeft.
Ondanks dat Andy, 22 jaar, al een indrukwekkend strafblad heeft, laat zijn juridische kennis ietwat te wensen over.

Zijn advocaat zegt tegen de rechters: ‘Ik ga u vragen mijn cliënt vrij te spreken, wat bijna een kansloze opgave is.’
Om duidelijk te maken wat hij bedoelt, verwijst de raadsman naar het filmpje van Centraal Beheer waarin twee mannen vrolijk hun grauwe huizen verlaten met een zonnige vakantie in Rio de Janeiro in het verschiet. De tickets liggen op het dashboard. Maar het vliegveld halen ze niet. In hun enthousiasme rijden ze met hun bestelbusje dwars door de gevel een juwelierszaak: Even Apeldoorn Bellen.

De advocaat: ‘En het geval van mijn cliënt is nog moeilijker.’
Ik denk dat Adje weinig kans maakt en straks alle tijd krijgt om het te leren begrijpen.
De officier van justitie eiste een gevangenisstraf van twee jaar.

Na Adje kwam Rick van 20.
Rick van 20 begrijpt voor zover dat mogelijk is, er nog minder van.
Hij wil tegelzetter worden en een gevangenisstraf komt hem daarom slecht uit.
Waarom daarom?
Omdat in september zijn opleiding begint.

Op 11 januari dit jaar wordt ’s nachts rond drie uur aan de Kerklaan in Groningen een man beroofd van zijn telefoon en portemonnee.
Er vallen rake klappen.
Er zijn twee daders.
De een pakt de portemonnee
De ander graait de mobiele telefoon – zij het wat moeizaam – uit de rechterbroekzak van het slachtoffer.

Rick: ‘Ik heb dat niet gedaan.’

Toch werd hij aangehouden, de eerste keer op 16 maart.
Hij kwam als verdachte in beeld omdat de politie had vastgesteld dat in het gestolen toestel een simkaart was geplaatst met een 06-nummer dat toebehoort aan Rick.
Dat gebeurde twee uur na de beroving.
Rick: ‘Ik snap niet hoe mijn telefoonnummer in dat toestel is gekomen. Ik heb daar geen verklaring voor.’

Later wordt het gestolen toestel voorzien van een andere simkaart met een 06-nummer dat op naam staat van ene Romeo.
Romeo heeft wel een verklaring.
Hij vertelt als de politie hem dat vraagt dat hij het toestel heeft gekocht.
Voor 250 euro.
Van wie?
Van Rick.

Rick: ‘Ik heb het niet gedaan.’

Halverwege het onderzoek komt Rick op vrije voeten.
De politie heeft dan nog één troef achter de hand: de spijkerbroek van het slachtoffer.
De broek wordt naar het Nederlands Forensisch Instituut gestuurd. Niet wordt uitgesloten dat de dader die – zij het wat moeizaam – de telefoon uit de rechterbroekzak haalde, biologische sporen heeft achtergelaten in de broekzak.

En?
Jawel.
Op 6 mei wordt Rick voor de tweede keer opgepakt.
De rechters willen nu weten hoe het kan dat zijn DNA is aangetroffen in de rechterbroekzak van het slachtoffer?

Rick heeft geen idee.
Rechters: ‘Kom op nou toch. U heeft iets uit te leggen. U mag zwijgen, maar eigenlijk is dat niet acceptabel.’
Rick zwijgt.
Rechters: ‘U wilt niets verklaren.’
Rick: ‘Ik kan niets verklaren.’

Rechters: ‘Waar was u die nacht?’
Rick weet het niet meer.
Als hij op stap gaat, is hij om drie uur ’s nachts nog wel eens bij de weg.
Dat wel ja. Maar die nacht?
Rechters: ‘Wat gek dat u dat niet meer weet Daar denk je toch over na?’
Rick niet.

De officier van justitie zegt dat veel meer wettig en overtuigender bewijs nauwelijks bestaat en eist voor wat zij een ‘akelige overval’ noemt achttien maanden gevangenisstraf waarvan zes voorwaardelijk.
Eigenlijk zou het meer moeten zijn, zegt ze, maar gezien de nog jonge leeftijd van Rick en het feit dat hij niet eerder met justitie in aanraking is geweest, wil ze hem niet opknopen aan de allerhoogste boom.

Rick’s advocaat is het er desondanks niet mee eens.
Hij zegt dat de reclassering zegt dat Rick een open, eerlijke en gezonde Hollandse jongen is die alleen wat problemen heeft met geld en het vinden van werk.
En dat hij tegelzetter wil worden.
De advocaat vat samen: ‘Er is onvoldoende bewijs.’
Een reclamefilmpje heeft hij er niet bij.

Rob Zijlstra

.

UPDATE – 26 augustus 2010 – uitspraken
Adje uit Lelystad is veroordeeld tot 24 maanden celstraf waarvan 10 maanden voorwaardelijk en krijgt na het uitzitten van de straf de reclassering op zijn dak. Rick wordt conform de eis veroordeeld, want voldoende bewijs: 18 maanden waarvan 6 voorwaardelijk.

HET VONNIS