Bedroefd rijd ik even na middernacht de stad uit, langs links en rechts de donkere weilanden richting huis.
Even voorbij de kaasfabriek licht de IPhone in de houder aan de voorruit geplakt op en meldt dat ik geen netwerk meer heb.
Daar zat ik nou juist over te piekeren.

Want het was een rotrechtbankdag.
Ik had net het blogverhaal geschreven dat zaterdag in de krant moet staan en morgen (vrijdag) al op dit weblog staat.

Het gaat over een echtpaar dat vertelde dat ze 28 jaar buikpijn had omdat hij en zij wel wisten dat het niet deugde wat ze samen hadden uitgevroten.
Nu worden ze met de nek aangekeken.
Hij op het voetbalveld, waar ze hem lelijke dingen naroepen.
Zij komt de deur niet meer uit, vanwege de schaamte.
Met niemand nog contact.

Geen netwerk meer.

De officier van justitie zei dat het gaat om een berekenend echtpaar dat op de blaren hoort te zitten.
Ze zei: zielig en sneu doen, is nu flauwekul.
Dat opa dreigt met zelfmoord, is chantage,
Nee, opa en ook oma moeten naar de gevangenis.

Eerder op de dag had de rechtbank uitspraak gedaan in de zaak van de 17-jarige jongen uit Haren.
De strafzaak was twee weken geleden achter gesloten deuren behandeld omdat de verdachte minderjarig is.

Het vonnis – de uitspraak – heeft echter plaats in het openbaar.
Omdat dat moet.
En omdat de jongen vorig jaar oktober de rechtsorde heeft geschokt, mag of moet diezelfde rechtsorde nu kennis (kunnen) nemen van de achtergronden van die schokkende gebeurtenissen.
Daarom heeft de rechtbank het vonnis voor eeuwig op het internet gepubliceerd.

Ik heb niet vaak eerder een vonnis gelezen dat zo triest tot de verbeelding spreekt.

Naast mij zat de terneergeslagen vader van de verdachte.
Succesvolle man in het zakenleven, wordt gezegd.
Maar mislukt als opvoeder, schrijven de rechters in het vonnis.

De rechters schrijven dat er sprake is van een uiterst complexe gezinssituatie.
Waar geen aandacht was voor (alledaagse) problemen.
Het motto was: niet zeuren, maar presteren.

De zoon van 17 van deze vader heeft zijn vrouw, de moeder van 49, doodgeslagen met een hockeystick.
In een immense opwelling.
Die opwelling kwam nadat die moeder, de dominante moeder wordt gezegd, haar zoon de opdracht gaf haar te helpen zelfmoord te plegen.
Zij wilde samen naar het bos, naar een boom.
En dan moest hij het krukje waarop zij zou gaan staan, in dat bos verplaatsen.

Hij zei dat hij dat niet kon en ook niet wilde en probeerde haar op andere gedachten te brengen.
Hij dacht, in paniek en in een toenemende vernauwing van het bewustzijn – tot een zeer ernstige verminderde toerekeningsvatbaarheid aan toe – zijn moeder te kunnen redden door een dreigende situatie te creëren.
Hij pakt daarom een hockeystick die daar in de woning in Haren stond en hield die stok met beide handen in de lucht.
Zei: ‘Dit wil je niet, mama.’
Moeder: ‘Dit wil ik wel.’
Vader was in Amerika.
Zoon van 17 sloeg toen in de immense opwelling.
Tenminste vijftien keer.

Rechercheurs die wel wat gewend zijn en ter plaatse waren geweest, zeiden dat ze wel wat gewend zijn, maar zoiets nog nooit.
Ze zeiden: ‘Je wilt het niet weten.’

Een moeder die haar zoon vraagt haar te vermoorden.
Een moeder die van haar zoon eist dat hij haar helpt zelfmoord te plegen.

Geen netwerk meer.

Ik heb vanavond op de krant geprobeerd, met het beeld van die terneergeslagen vader naast mij, het vonnis zo goed mogelijk weer te geven.
Maar eigenlijk zou iedereen die geschokt is of doet, dat vonnis zelf eens moeten lezen.

Het vonnis.

Rob Zijlstra