Het strafrecht – de meningen zijn verdeeld – is nooit bedoeld om het kwaad van de criminaliteit uit te bannen.
Het strafrecht huppelt altijd achter de misdaad aan.
Zodra het strafrecht in beeld komt, is het leed al geschied.
Daarom bestaan er meningen dat zwaardere straffen ook niet helpen de boel veiliger te maken.

Een van de gedachten achter het strafrecht is om te voorkomen dat we elkaar bij vermeend onrecht de hersenen inslaan.
Eigenrichting is sinds 1809 niet langer de bedoeling.

Voor Roel en Rikus is dat een hele uitkomst, want ze zouden een volksgericht waarschijnlijk niet hebben overleefd.

Roel (49) uit Groningen probeerde vorig jaar als oppas het 7-jarige dochtertje van zijn vriendin Lucia te verkrachten.
Hij zou dat volgens het openbaar ministerie op alle mogelijke manieren hebben geprobeerd, maar tevergeefs.
Het meisje was nog te klein, maar desondanks oud genoeg om het aan haar moeder te vertellen.

Roel zegt dat de moeder liegt en doet er verder het zwijgen toe.
De rechters zoeken het maar uit.
Het openbaar ministerie eist een gevangenisstraf van twee jaar, waarvan acht maanden voorwaardelijk.

Ook Rikus (63), eveneens uit Groningen, zou waarschijnlijk akelig aan zijn einde zijn gekomen.
Hij kan kleine jongens niet weerstaan.
Als conciërge op een basisschool en organisator van kerkelijke kinderkampen in Oost-Europa had hij het daarom met zijn pedofiele gevoelens zwaar te verduren.
Zijn kerk heeft hem (voorlopig) verbannen, maar Rikus blijft bidden en hoopt op genezing.

De rechters houden hem voor dat hij er rekening mee moet houden dat bidden niet helpt en dat een behandeling wellicht meer zoden aan de dijk zet.
Rikus knikt.
In de gevangenis zit hij voortdurend lang na te denken.
Hij heeft al bedacht dat kinderen er helemaal niet van genieten als ze worden vastgebonden en verkracht.
Aanvankelijk dacht hij dat wel, op basis van 2.800 foto’s en 636 films die hij van het meest ranzige deel van het internet haalde.
Of kreeg van andere mannen uit zijn vriendennetwerk.

Ook Rikus hoort een strafeis van twee jaar cel, waarvan acht maanden voorwaardelijk.

Wim (39) uit Winschoten brengt een ander verhaal mee naar de rechtbank.
Hij zou misschien in vroegere tijden als held op een krakende kar door het dorp zijn gereden.
Wim weet inmiddels beter.
Hij had het niet moeten doen.

De rechters: ‘Maar u was boos.’
Wim: ‘Ik was hellig in de pokkel.’
Rechters: ‘Ontzettend kwaad.’
Wim: ‘Ja.’

Hij was op bezoek bij de vriend van zijn dochter en net toen hij zijn zevende glas Berenburg tot zich had genomen, vertelde die vriend dat zijn dochter seksueel was misbruikt.
Door John.
Wim: ‘Iedereen wist daar van. Behalve ik. Er knapte iets.’

Het geval wil dat John zijn oude vriend van vroeger is.
Samen hadden ze een hoop uitgevroten, tot aan inbreken toe.
En dat niet alleen.
John is nu de partner van Els.
Els is zijn ex.
John is dus ook de stiefvader van zijn dochter.
Nachtenlang hadden hij en John er destijds over gepraat, over de vraag of het wel kon. Of het wel kon dat John met Els verder ging.
Ze vonden uiteindelijk dat dat moest kunnen.

En dan moest hij dit horen.

Wim griste laaiend een halfvolle fles Rosé van tafel en marcheerde 3,6 kilometer door Oost-Groningen, naar het huis van zijn oude vriend.
Toen hij daar aankwam, was de fles leeg en sloeg hij de ruiten van de achterdeur in en denderde naar boven, naar de slaapkamer.
Daar lagen John en Els vredig te slapen.

Wim riep eerst nog ‘jij hebt aan mijn kind gezeten’ en begon vervolgens met de rechtervuist te meppen op het hoofd van zijn oude maat.
Met de linkerhand sloeg hij de lege fles kapot tegen het deurkozijn om vervolgens John er mee te bedreigen.
Beide belandden in het ziekenhuis.
Wim met een gebroken linkerhand, John met een bloederig en toegetakeld hoofd.

Wim: ‘Ik heb geslagen, maar hem niet met die fles geraakt. Met die fles wilde ik hem alleen maar bang maken.’

John zal later verklaren dat hij geen fles heeft gezien.
Els die doodsbang was geweest, wel.
De officier van justitie zegt dat ze dat met de fles niet kan bewijzen en maakt daarom van de ten laste gelegde poging tot moord een poging tot het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel.

Dit alles speelde zich een jaar geleden af.
Wim zegt dat hij John en Els sindsdien nooit meer heeft gezien.
Komt hij ze tegen, dan zal hij hen negeren.
Hij is er helemaal klaar mee.

De officier van justitie zegt dat Wim voor eigen rechter heeft gespeeld.
Zegt dat ze zich daar ook wel iets bij kan voorstellen, gezien de aanleiding, maar benadrukt dat ‘dit niet de manier is’.

De officier van justitie zegt ook dat Wim na de scheiding met Els een nieuwe relatie kreeg, een internationale baan, een huis en dat het uiteindelijk goed is gekomen met zijn leven.
En dat het openbaar ministerie deze positieve ontwikkelingen niet met een gevangenisstraf wil doorkruisen.

De eis: een taakstraf van 240 uur en vier maanden voorwaardelijke celstraf.
‘En dan mag hij van geluk spreken’, voegt ze er een tikkeltje bozig aan toe.

De dochter van Wim heeft uiteindelijk aangifte gedaan tegen John.
Die aangifte ligt al bijna een jaar te wachten op een plank bij het openbaar ministerie.
Want zo werkt het vandaag de dag ook.

Rob Zijlstra

.

zie ook: eigenrichting

.
UPDATE – 3 maart 2011 – vervroegde uitspraak
De rechters hebben over Roel nagedacht en vastgesteld dat de verklaringen van de moeder en het dochtertje veel vragen oproepen, te veel. Het strafdossier biedt onvoldoende bewijs om tot een veroordeling te komen. Oftewel: Roel is vrijgesproken en onmiddellijk in vrijheid gesteld.

UPDATE – 10 maart 2011 – uitspraak
Wim heft zich niet schuldig gemaakt aan een poging moord, dan wel doodslag dan wel aan een poging tot het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel. Wim heeft zich wel als eigenrechter, schuldig gemaakt aan mishandeling en vernieling. Zo staat het volgens de rechters niet vast dat hij heeft geslagen met die fles. Het vonnis: een taakstraf van 100 uur.

.