mafDrukke boel in de rechtszaal.
Vijf advocaten, acht politiemensen voor vier verdachten en een ordentelijk verloop.
Volgens de officier van justitie maken de verdachten deel uit van een criminele wereld waar het recht van de sterkste telt.

Ze hebben zich schuldig gemaakt aan een afrekening.
Aan, zegt de officier, een lokale maffia-actie.

Het spul is niet compleet.
Een verdachte is niet gekomen, maar net opgenomen in het ziekenhuis en een tweede verdachte mag terug naar de gevangenis.
Hij weet het allemaal niet meer zo goed in verband met structureel vitaminetekort (B1) en langdurig overmatig alcoholgebruik en moet eerst nader onderzocht.
Een derde verdachte (Germ) moet later in de week terechtstaan.
Tegen hem zal dan drie jaar celstraf worden geëist wat hij prima vindt.
Zolang ze hem maar niet gaan behandelen aan zijn alcoholprobleem, vindt hij veel best.

Het is een fraai gezelschap. De een is al opa, de ander grasmaaierpiloot, een derde werkloos en als puin gedumpt na jarenlange trouwe dienst in de bouw.
Wat hebben ze geflikt?

Ze hebben Rinus een lesje geleerd.
De opdracht was om Rinus een beetje bang te maken zodat hij ophield met zeuren over geld.
Een paar flinke tikken, een blauw oog was toegestaan.
De mannen waren met passie te werk gegaan en hadden ook al flink gedronken.
Een van hen had voor de zekerheid een loden pijp meegebracht.
Om hen nog wat aan te sporen vertelde de opdrachtgever, nadat hij zijn kinderen naar boven had gestuurd en zijn vrouw naar de schuur, dat de man die eventjes aangepakt moest worden, een kinderverkrachter was.

Blind hadden ze in de keuken hun werk gedaan, Rinus had geen schijn van kans.
Toen ze na een minuut of tien beuken met hem klaar waren, sleepten ze het lichaam naar buiten, vouwden het op in zijn eigen auto, sloegen nog wat ruitjes stuk en reden hem naar huis.

Ze waren zelf ook geschrokken, geven ze toe.
De man die het in opdracht had georganiseerd, had nog geroepen: ‘Niet met die pijp!’
Tegen de rechters: ‘Ik vond het zielig.’
Een andere verdachte zei dat hij niets had gedaan.
Hij zei: ‘Als ik tik, tik ik door en hij moest alleen maar een beetje bang worden gemaakt.’

Hij die al opa is zegt dat hij vroeger dit soort klusjes wel deed, maar nu was hij meegegaan om te voorkomen dat het uit de hand zou lopen.
De man (Germ) die later in de week drie jaar cel hoort eisen, zei dat hij een of twee keer had geslagen, meer niet.
De officier van justitie vond die bekentenis te bescheiden.
Op basis van verklaringen van de anderen, merkt de aanklager op: ‘Vooral u sloeg er lustig op los.’

Waarom deden ze dit?
Rinus is geen kinderverkrachter.
Rinus had een hennephandeltje met Klaas en was niet tevreden met het aan hem toegezegde deel. Hij wilde meer.
Klaas zag dat anders.
De kwekerij was verstopt in zijn woning dus hij liep meer risico.
Rinus bleef zeuren en dreigde ook met lelijke dingen als ‘de politie bellen’.

Klaas wil er in de rechtszaal niet over praten.
Wel zegt hij dat ze hem best mogen bedreigen, maar nooit zijn vrouw en kinderen.
Het moest dus stoppen.
Hij stuurde zijn zus een Whatsapp-bericht en zus had haar man, zijn zwager, gevraagd of die een oplossing wist.
Fred de zwager belde eens wat in de rondte en vroeg wie er wat geld wilde verdienen met lesgeven.
Jan wilde wel en wist zelf ook nog iemand.
Heel veel geld viel er niet te verdelen: 500 euro.

Rinus was de volgende ochtend in het ziekenhuis tot leven gekomen.
Met een zware hersenschudding en in een gebutst lichaam.
Nu, drie maanden later, heeft hij nog altijd last.
Van de rug en de knieën.
Hij is altijd vermoeid en voelt zich slap.
Ziet zwarte vlekken en heeft slapende handen.
Werken kan hij nog niet, praten gaat moeizaam en doet ook zeer.
Hij voelt zich niet meer veilig in Stadskanaal.
Wel heeft hij een goed idee: hij wil 10.000 euro smartengeld.

Klaas zegt: ‘Hij heeft te veel klappen gehad en zal er ook wel last van hebben, maar nu wil hij er ‘eem’ van profiteren.’
De officier van justitie is het daar mee eens.
Het claimen van zo een hoog bedrag aan smartengeld binnen het criminele milieu vindt hij niet gepast.
Zegt: ‘Er is sprake van civielrechtelijke eigen schuld.’
Duizend euro moet voldoende zijn.

Nadat de opdracht was uitgevoerd was ieder zijn weegs gegaan.
Germ en Fred gingen er nog eentje op drinken in het café.
Dat was niet echt een succes geweest.

De bardame had opgemerkt dat ze onder het bloed zaten en aan de bar had iemand zomaar, zegt Germ, zijn aansteker gepakt en tegen zijn hoofd (‘mien kop’) gegooid.
Er vielen klappen en van de bardame moesten ze het toen buiten uitvechten.
Germ was naar de vlakbij gelegen woning van Fred gegaan en kwam terug met een groot mes met kartels aan beide kanten.
Daarmee had hij stekende bewegingen gemaakt, terwijl hij riep: ‘Ik maak je dood.’

Germ zegt dat hij wel klappen heeft gegeven, maar dat van dat mes klopt niet.
Zegt: ‘Het was geen mes, maar een liniaal.’
Dat vonden de rechters wel gek.
Wat moest hij op zo’n tijdstip en onder die omstandigheden nou met een liniaal?

De officier van justitie legt Germ langs zijn meetlat en zegt dat deze verdachte onder invloed een gevaar is voor de medemens.
Drie jaar cel en daarna een opname in een kliniek wat nog eens twee jaar mag duren.
En daarna vijf jaar toezicht en begeleiding.

De andere verdachten horen 15 tot 21 maanden celstraf eisen.

Rob Zijlstra

.

UPDATE – 9 december 2013 – uitspraken
Klaas is veroordeeld tot 15 maanden celstraf waarvan vijf voorwaardelijk. Dat hij zelf geen geweld heeft gebruikt, vinden de rechters niet relevant. Klaas is medepleger. In de aanloop naar de strafbare gedragingen heeft hi nauw met de andere samengewerkt, zo heet dat dan. De gedragingen zijn gekwalificeerd als een poging tot het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel met voorbedachten raad. Aan het slachtoffer moet hij – samen met de anderen – bijna 4000 euro betalen.

A.L. (eis 21 maanden): 15 maanden waarvan 5 voorwaardelijk;
H.J. (eis 18 maanden waarvan 6 voorwaardelijk) 12 maand.

UPDATE – 12 december 2013 – uitspraak
Germ is conform de eis veroordeeld: 36 maanden celstraf.