Bloedeloos

Vrouwe Justitia zoals zij voor het gebouw staat van het Openbaar Ministerie in Groningen

Vrouwe Justitia zoals zij voor het gebouw van het Openbaar Ministerie in Groningen mag staan

Ik heb het voor de zekerheid even nagekeken. Op de website van het Openbaar Ministerie staat het:

‘Mensen die worden verdacht van het plegen van een strafbaar feit, krijgen met het Openbaar Ministerie (OM) te maken. Het OM is de enige instantie in Nederland die verdachten voor de strafrechter kan brengen. Het OM zorgt ervoor dat strafbare feiten worden opgespoord en vervolgd. Daarvoor wordt samengewerkt met politie (…).’

In de navolgende strafzaak heeft het OM gedaan wat ze op hun website zeggen te doen.
Maar vraag niet hoe.
De rechters vroegen zich dat deze week wel af middels een paar fronsende wenkbrauwen in de richting van de officier van justitie.
Die is van het OM.
En hoewel rechters kritisch horen te zijn, fronsen ze zelden de wenkbrauwen richting het OM. Verdachten laten ze wel eens alle hoeken van de rechtszaal zien, maar als de enige instantie in Nederland die verdachten kan aanleveren er een potje van maakt, vloeit er geen bloed.
En het OM maakte er deze week een potje van terwijl strafvervolging juist een uiterst serieuze aangelegenheid betreft.

Op 29 september vorig jaar, half drie in de nacht, komt via de horecatelefoon een melding bij de politie binnen: steekpartij in discotheek Fox in Stadskanaal.
Het slachtoffer is een man, dat wil zeggen, dat wordt gezegd.
Na de melding begeeft de politie zich rap naar de plek des onheils.
Het slachtoffer is, zo wordt ter plaatse gezegd, met glas gestoken in zijn wang en in de halsstreek.
Getuigen zeggen dat er twee mannen waren die dat hebben gedaan: een man droeg een grijze trui, de ander een donkerblauwe.
De twee verdachten zijn snel opgespoord.
Edwin (29) met een blauwe trui aan, Ronnie (28) de grijze.
Op de parkeerplaats worden ze ingerekend en afgevoerd.
Edwin zit elf dagen vast, Ronnie drie.
Daarna mogen ze naar huis.
Met de groeten aan hun zwangere vrouwen en de belofte dat ze als verdachten voor de rechter worden gebracht wegens een poging tot doodslag.
Daar kun je tien jaar gevangenisstraf voor krijgen.

Wat is er gebeurd?

Ronnie vertelt dat hij in Fox met een paar man gezellig aan het drinken was.
Hij vertelt: ‘Ineens geduw, ineens was er van alles aan de hand. Er kwam een jongen op mij af. Die wilde mij bijten. Ik zag dat hij bloed had op zijn wang. Ik reageerde en duwde hem van mij af. Het ging allemaal heel snel.’

Edwin vertelt ook.
Hij vertelt dat hij een leuke avond had met vrienden.
‘Ineens was er ruzie. Onduidelijk waarom. Er stonden meerdere mensen in een kringetje. Plotseling zat ik er midden in. Ik belandde op de grond, samen met die jongen. Die heb ik van mij afgeduwd. En ik heb nog een trap gegeven. Of ik een glas in mijn handen had? Nee. Op de grond lag wel veel glas.’

De rechters zeggen dat getuigen anders verklaren.
Een getuige zegt te hebben gezien dat een jongen in een blauw shirt het hoofd van het slachtoffer naar beneden duwde en dat een grijze trui stekende bewegingen maakte.
Er is een getuige die zegt dat twee anderen stekende bewegingen maakten.
Iemand heeft gezien dat de jongen die het slachtoffer moet wezen op de grond lag en dat anderen maar bleven schoppen.
Een vierde getuige heeft gezien dat iedereen stond en dat er werd geslagen met glas.
Edwin en Ronnie zeggen dat ze niet herkennen wat de getuigen beweren.
Ja, ze hadden wel gedronken, maar lam waren ze niet.

En het slachtoffer dan?

Dat willen de rechters ook wel eens weten want ze hadden er niets over kunnen vinden in het strafdossier.
De officier van justitie moet de schouders ophalen: geen idee.
De rechters: ‘Huh?’
De officier van justitie zegt dat het slachtoffer geen aangifte heeft gedaan en ook geen verklaring heeft afgelegd, dat niets over hem bekend is, ook niet over beweerde verwondingen.
Hoe het met hem is afgelopen?
Ook dat weet de instantie die samenwerkt met de politie niet.
De politie heeft het niet uitgezocht, evenmin heeft de politie anderszins onderzoek gedaan.

Rechters, fronsende wenkbrauwen: ‘Waarom niet?’
De officier van justitie zegt dat ze dat ook niet weet, maar ze weet het wel goedgemaakt: ‘Ik laat het glas en het bloed buiten beschouwing. Dat strepen we weg en dan vraag ik vrijspraak voor de poging tot doodslag. Maar dan wil ik wel bewezen hebben dat er is geslagen en geschopt. Want dat zeggen de getuigen. Dan maken we er een mishandeling van.’

Niemand in de rechtszaal valt van zijn en haar stoel.
De advocaten blijven gezien de omstandigheden zelfs heel rustig.
En ook de rechters – zittende magistratuur als ze zijn – komen niet in opstand.
De officier van justitie mag gewoon verder gaan met vervolgen.
Ze eist een werkstraf van 40 uur waarvan de helft voorwaardelijk tegen Edwin omdat die heeft geschopt en geslagen.
En Ronnie die nu zomaar ineens slechts heeft geslagen hoort een werkstraf eisen van twintig uur.
Het zijn zo’n beetje de laagste strafeisen die ooit in zittingszaal 14 op tafel zijn gelegd.

De rechters: ‘Wij zullen er over nadenken en doen over twee weken uitspraak.’
Tegen beide verdachten: ‘Dank voor jullie komst.’

Rob Zijlstra

uitspraken op 27 maart

• openbaar ministerie

.
UPDATE – 17 maart  2014 – vervroegde uitspraak
Kijk aan, de rechtbank hoeft er geen twee weken over na te denken. Aanstaande donderdag wordt vervroegd uitspraak gedaan. Dat is (bijna) altijd in het voordeel van de verdachte.

UPDATE – 20 maart  2014 – uitspraken
Ronnie is vrijgesproken. Uit niets blijkt dat hij wat heeft gedaan, vinden de rechters. Het dossier is onvolledig.
Dat geldt niet voor Edwin. Uit het dossier blijkt wel dat er een handgemeen is geweest en dat het vermeende slachtoffer pijn heeft ondervonden. Dat laatste is een voorwaarde om van mishandeling te kunnen spreken zoals de rechtbank doet. Slaan en schoppen doet, ook als er geen letsel is, toch zeer.  De straf: een voorwaardelijke boete van 500 euro.  Omdat Edwin 11 dagen heeft vastgezeten mag hij 50 euro per dag van die voorwaardelijke boete aftrekken.  Dan blijft er niets over, sterker nog: dan staat Edwin 50 euro in de plus. Nee, die kan hij niet claimen als hij binnen de proeftijd van 2 jaar opnieuw de fout ingaat, zeiden de rechters desgevraagd.

 

2 comments

  1. Het valt me op dat strafrechters tegenover het OM en advocaten veel lijdelijker zijn dan bijvoorbeeld bestuursrechters. Die leggen ter zitting partijen doorgaans wel het vuur aan de schenen. “Leg eens uit”, “Hoe zit dat dan?”, “Hoe verhoudt zich dat tot de vaste jurisprudentie”, “Kunt u dat ook onderbouwen?”. Strafrechters geven juristen veel meer ruimte om flauwekul te verkondigen. Best gek, want rechters rouleren in de regel tussen de afdelingen straf- en bestuursrecht. Is het een cultuurverschil waaraan men zich aanpast en/of vrees voor schijn van vooringenomenheid?

  2. Interessant terwijl er bovendien overlap bestaat tussen straf- en bestuursrecht: de administratieve sanctie. De belastingdienst kan bijvoorbeeld bij fraude aangifte doen, waarna de zaak strafrechtelijk wordt afgehandeld. Ze kunnen het ook bestuursrechtelijk zelf afhandelen en een bestuurlijke boete opleggen: met maximum 100% van de ten onrechte niet betaalde belasting. Bij de bestuursrechtelijke sancties kan het bestuursorgaan niet iemand de gevangenis insturen maar kan het wel een in eerste instantie direct afdwingbare boete opleggen (en ben je het er niet mee eens dan moet je zelf in beroep, en niet het bestuursorgaan). En de hoogte van dergelijke boetes kan in bepaalde omstandigheden (bijvoorbeeld mededingingsrecht) heel wat hoger zijn dan een vijfde of zesde categorietje uit het strafrecht.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s