Bonte stoet

Voor wie wel is, is het heel lastig om nergens te zijn

Het was een week waarin een bonte stoet aan verdachten door zittingszaal 14 trok.
Er zat een allerergste verdachte tussen, dan ook een minst erge, de wekelijkse verdachte met heel veel spijt was er natuurlijk, er was een verdachte die niet was gekomen, en eentje die op zoek is naar contact met zichzelf.

De spijtverdachte van de week moet Tim (25) heten.
Hij had overigens vooral spijt van zichzelf.
Bij het winkelcentrum in Winschoten had hij op een muurtje van de parkeerplaats gezeten en daar zag hij hoe een mevrouw met boodschappentas haar autootje op de invalidenparkeerplaats opende.
Tim sprong van het muurtje, begroette de mevrouw en vroeg beleefd of hij een stukje mocht meerijden.
Tot aan de bushalte.

Dat mocht, hoewel de mevrouw een andere kant op moest.
Eenmaal in de auto werd Tim onvriendelijk.
Hij liet zijn mes zien, dreigde daar zwaaiend mee en eiste geld.
De aardige mevrouw had net geld gepind en mogelijk had Tim dat gezien.
Hij griste de tas met daarin de 250 gepinde euro’s weg en sprong uit de auto.

De aardige mevrouw die hem de lift had aangeboden was 81 jaar.
Ze belde toen haar belager zich uit de voeten maakte, doodsbenauwd de politie, maar op het verkeerde adres.
Een agent had tegen haar gezegd: ‘U bent overvallen? Dan moet u 112 bellen.’
Echt.
De officier van justitie zei het in de rechtszaal, iedereen kon dat horen.

De rechters vragen aan Tim: ‘Was mevrouw een willekeurig slachtoffer?’
Tim is eerlijk: ‘Nee. Als je snel geld wilt maken pak je natuurlijk geen afgetrainde sportschooljongen.’
Ja. Hij heeft veel spijt.
Logisch.
Hij wil ook graag hulp, op voorwaarde dat de diepere problematiek waarmee hij kampt – een diepe gokverslaving – nu eens wordt aangepakt.
De officier van justitie vindt dat een goed idee, maar wil eerst even afrekenen: 30 maanden celstraf.

Het bijzondere van dit proces is dat deze lelijke misdaad werd gepleegd in maart van dit jaar.
Dat de rechters daar nu al over moeten oordelen, is opmerkelijk.
De meeste misdaden die in Groningen aan de meervoudige strafkamer van de rechtbank worden voorgelegd zijn een tot twee jaar oud.
Wie in de tweede helft van dit jaar een misdaad begaat, heeft grote kans pas ergens in 2016 terecht te moeten staan.

‘Pleeg nu, betaal later’.
Daar kwam ook de verdachte achter die nadat hij vier dagen in een politiecel had gezeten, op zoek ging naar zichzelf.
Lang verhaal in het kort: zijn computer was stuk en de reparateur ontdekte in juli 2012 op de harde schijf kinderporno.
Nader onderzoek leerde ook dat hij in 2010 ontucht had gepleegd met zijn lievelingsneefje van 12.
Zelf was hij toen net 19.
Inmiddels is hij 23 jaar en niet meer zo onzeker want hij is volledig uit de kast gekomen.
Nog altijd volgt hij twee keer per week therapie.
Hij heeft zichzelf redelijk goed gevonden, maar is nu bezig om contact met zijn emoties te leggen.
Zijn behandelaars verwachten dat er nog een lange weg moet worden afgelegd.
De officier van justitie wil de pret niet bederven.
Een taakstraf van 180 uur kan volstaan (eis).

Er was een verdachte die niet kwam opdagen.
Hij heet Lamor, 33 jaar, geboren in Gendershe, Somalië.
Hij heeft geen bekende woon- of verblijfplaats, maar wel een postadres: het politiebureau aan de Koggelaan in Zwolle.
Lamor heeft een keer iets gedaan wat niet mag en dat heeft grote consequenties gekregen: hij is tot ongewenst vreemdeling verklaard.

Dan ben je op papier nergens meer en ook niet welkom.
Maar omdat je nog wel een ademend mens bent en ook nog eens van vlees en bloed die zich kan voortbewegen (dus niet dood) is het heel erg lastig om nergens te zijn.
Op 13 juli 2012 ging het mis in Groningen.
Hij was en viel in de armen van de politie; agenten stelden zijn ongewenstheid vast en sloten hem op.
Zoiets mag maar even duren en na even mocht Lamor zich dus weer ademend voortbewegen.
Lang mocht dat evenwel niet duren: op 27 september 2012 liep hij die niet mag zijn, maar wel is opnieuw tegen de lamp.

Afgelopen donderdag (2014) moest hij zich in zittingszaal 14 verantwoorden voor zijn illegaal verblijf in Nederland op twee verschillende dagen.
De officier van justitie: ‘Meneer die er niet is, is een strafbare dader. Ik eis zes maanden gevangenisstraf.’

In de bonte stoet van deze week liep een verdachte dominee uit Appingedam mee (ontucht en verkrachting), een wodka-drinkende asielzoeker die stomdronken ruzie kreeg over het geloof met zijn ongewenste kamer- en landgenoot (poging tot moord), de ervaren veelpleger die geld had gestolen van zijn hulpverleners liep halverwege, vlak achter hem een politieman uit Veendam die werd verdacht van mishandeling.
Hij zou – anderhalf jaar geleden – iemand opzettelijk hebben geslagen met de vuist en met in die vuist een Maglite.
Achteraan in de stoet, niet zichtbaar, de spoorloze verdachte die – net andersom – een agent zou hebben mishandeld.
En tot slot, helemaal vooraan, hoste Berend die op 1 januari 2012 met een dronken kop de toegang van de Lidl in Uithuizen had opgeblazen met een vuurwerkbom.

Dan was er de allerergste verdachte, een verdachte als nachtmerrie.
In mei 2011 trok hij in Stadskanaal een spelend meisje van straat, een meisje van 6 jaar.
Hij dwong haar in zijn auto vol rotzooi te stappen.
Hij reed met haar weg, bedreigde haar, misbruikte haar in het bos en zette haar daarna uit de auto.

In oktober 2013 deed hij dat nog een keer, In Delfzijl.
Ditmaal was het slachtoffer een meisje van 4 jaar.
Hij verkrachtte haar in zijn vieze auto en dumpte het kind een uur later in Appingedam op straat.
Een man die de hond uitliet zag het huilende meisje dwalend lopen, hij ontfermde zich over haar en wist haar adres te achterhalen.
Lange tijd werd er daarna in de kinderrijke buurt in Delfzijl niet meer op straat gespeeld, en was er onrust op de scholen.
De angst regeerde.

De officier van justitie noemt de nachtmerrie een perverseling en eiste 10 jaar gevangenisstraf.
De allerergste verdachte had gerekend op 8 jaar gevangenisstraf.
Voor hem op tafel ligt een briefje.
Steeds nadat de rechters hem een vraag hebben gesteld, tuurt hij naar het papiertje en leest de woorden voor die erop staan: ‘Ik beroep mij op mijn zwijgrecht’.

Aan de meeste verdachten raak je gewend, maar de allerergste verdachte, die went nooit.

Rob Zijlstra

UPDATE – 7 juli 2014 – uitspraak
Tim – de spijtverdachte – is veroordeeld tot dertig maanden celstraf waarvan tien maanden voorwaardelijk zijn. Aan de aardige mevrouw moet hij een schadevergoeding betalen van 790 euro.

 

One comment

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s