Schermafbeelding 2015-08-30 om 10.40.32Er verschijnen steeds meer Drentse verdachten in de rechtbank van Groningen.
Dat is helemaal niet erg, zij het dat de verdachten uit Drenthe zelf misschien liever thuis in Assen terechtstaan.
De 66-jarige Gert uit Hoogeveen die afgelopen week in zittingszaal 14 moest komen opdraven vond het vreselijk.
Geëmotioneerd riep hij: ‘Ik begrijp niet dat ik hier zit.’

Waarom er steeds meer Drenten in Groningen voor de strafrechter moeten verschijnen, laat zich raden.
Er doen momenteel wilde geruchten de ronde en als die geruchten waarheid worden, betekent dit dat het neoclassicistische gerechtsgebouw in Assen – sinds 1840 aan de Brinkstraat – over een paar maanden op slot gaat.
Het lijkt daar een aflopende zaak.

Wie straks op Drents grondgebied een strafbaar feit pleegt en tegen de lamp loopt (dat moet wel), moet niet raar opkijken dat hij naar Groningen moet om verantwoording af te leggen.
Een Drentse advocaat vertelde deze week dat zij nu al en steeds vaker voor zelfs heel eenvoudige strafzaken naar Groningen moet reizen.
Zo had ze onlangs een burenruzie over een heg in Meppel gehad met over en weer bedreigingen. Moesten ze met z’n allen naar de Groninger politierechter.

Maandag aanstaande komt er meer duidelijkheid over de toekomst van de rechtspraak in Assen, Leeuwarden en Groningen.

Gert, bij aanvang al bijna op van de zenuwen, legt aan de rechters uit hoe het zit.
Hij zegt geroerd: ‘Ik heb ik veel gekkenhuizen gezeten. Eenzaamheid is mijn naam. Ik heb vaak zelfmoord proberen te plegen. ’t Is me nooit gelukt. Ze vonden me altijd net op tijd. Gelukkig maar, want als ik op mijn scooter door het mooie Drentse bos rijd, dan is het leven mooi.’

Gert begrijpt niet dat hij in Groningen voor de rechter zit.
Hij heeft niets gedaan.
In Assen zou hij hetzelfde zeggen.
Dat zijn ex-vriendin, aangifte heeft gedaan, noemt hij ‘jammer, jammer, jammer’.
Heel zijn leven had hij geprobeerd een gezin te stichten.
Helaas, treurt hij, is dat niet gelukt.
Zijn eerste vrouw liep op een dag zomaar weg, de tweede pleegde zelfmoord en de derde vrouw haakte na zeven jaar af.
Gert zegt nog steeds niet te weten waarom ze dat deed.
‘Ik heb een verschrikkelijke tijd gehad.’

Hij geeft ietwat beschaamd toe dat hij wel seks heeft gehad met Gerda.
Tegen de rechters: ’Eerst wat strelen en toen friemelen op bed. Als je dat seks kunt noemen, heerlijk.’

Gert had haar leren kennen in het winkelcentrum.
Eerst had hij een keer hallo gezegd.
Daarna had hij haar uitgenodigd voor een kopje koffie, voor een bakkie.
Zegt: ‘Gewoon leuk, want ik heb voor iedereen de deur open.’

Rechters: ‘U wist dat er iets met haar was, dat ze licht verstandelijk beperkt was? Dat ze bijvoorbeeld niet kon lezen en schrijven?’
Gert: ‘Nee, nooit gemerkt. Ze was zeer assertief. Ze had een begeleider. Maar die heb ik ook en ik ben ook normaal. Dat ze niet kon lezen en schrijven wist ik wel. Daarom wilde ik een laptop voor haar kopen. Ze was gewoon een heel leuk kind, ik zei, ik ga je leren lezen en schrijven meisje.’
Rechters: ‘U wist wel hoe oud ze was?’
Gert: ’55.’

Heel lang had de romance niet geduurd.
Gerda kreeg een relatie met een gekke vent uit Assen, vertelt Gert.
‘Ze wilden trouwen, ze had de ring al om haar vinger. Maar toen maakte hij het uit. Per telefoon. Toen kwam ze weer bij mij.’

Rechters: ‘Dat was twee jaar later.’
Gert: ‘Ineens stond ze daar. Dat vond ik zo mooi. Met blote benen. Ze droeg een roze jurk, van taft. Ze had rode pumps aan en een diep uitgesneden blouse, een beetje geelachtig. En ze was zo mooi opgemaakt.’
Gert glundert zoals nog nooit iemand in de Groninger verdachtenbank glunderde.’
Een van de rechters: ‘U was verliefd op haar he?
Gert, heel even stralend: ‘Ja man.’

Eerst kwam er een melding vanuit de GGZ in Assen waar Gerda onder behandeling stond vanwege haar depressiviteit.
De melding luidde dat een man uit Hoogeveen seksueel misbruik had gemaakt van Gerda.
Dat had ze aan haar behandelaar verteld.
Iets later belde ze op om het uit te maken.
Daarna was er politie aan de deur geweest.
Gert: ’Agenten vertelden dat ik grote problemen had. Ik kreeg er kippenvel van. Ik vond het zo erg.’
Na de melding van de GGZ volgde de aangifte.

Een vrijwilliger van slachtofferhulp leest een brief voor waarin Gerda laat weten dat ze veel heeft gehuild, dat ze herbelevingen heeft, dat haar hondje er ook onder lijdt en dat ze zich wanhopig en onmachtig voelt, dat ze Gert een vieze verkrachter vindt en dat ze een tijdje drie keer per week op het station in Assen stond om er een einde aan te maken.
Er rollen nu tranen uit de ogen van Gert.
Snikt: ‘Ik heb medelijden met haar. Het is zo jammer jammer, jammer.’

Op de dagvaarding staat dat Gert seks heeft gehad met iemand met een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens die daardoor niet in staat was haar wil te bepalen.
Als je dan toch seks hebt, is er sprake van een zekere dwang.
Dat kan maximaal acht jaar celstraf opleveren.

De officier van justitie heeft niet veel woorden nodig.
De aanklager stelt vast dat er seks is geweest, omdat beiden dat zeggen.
Zij zegt gedwongen, hij zegt dat het van beide kanten vrijwillig was.
Het enige belastende is de verklaring van het slachtoffer, een verklaring die door niets anders wordt ondersteund.
En dan is het bewijs te dun.
Dat Gerda licht verstandelijk gehandicapt is, is waar, maar niet zodanig dat ze niet in staat was om nee te zeggen.

Oftewel: de officier van justitie verzoekt de rechtbank om Gert vrij te spreken.
Als de advocaat aan het pleidooi wil beginnen, zegt een van de rechters dat ze het kort kan houden, gezien de eis.
De advocaat kijkt wel link uit en doet uitvoerig haar verhaal waar ze een dag op heeft zitten ploeteren.

Waarom de officier van justitie een man als Gert voor de rechter sleept om vervolgens te eisen dat hij wordt vrijgesproken, is mij een raadsel.
Dat er onvoldoende bewijs was, was haar immers bekend.
Gezien de opmerking van de rechter (hou het maar kort) is de verwachting gerechtvaardigd dat de Groninger rechters de Drent over twee weken ook daadwerkelijk zullen vrijspreken.

Gert nam alvast een voorschot op de uitspraak: ‘Dank u wel. Ik ben nu heel blij.’

Rob Zijlstra

update – 10 september 2015 – uitspraak
Ger kan blij blijven. De rechters hebben hem integraal vrijgesproken. Geen dwang en Gerda was heus in staat haar wil te bepalen, vinden de rechters.