Mooie uitspraak

BLOGWEBBEL

Op de fiets op weg van huis naar de rechtbank – 18 kilometer – luisterde ik naar een podcast van Joris Luyendijk in gesprek met Jesse Frederik. Beide zijn correspondenten bij De Correspondent. Luyendijk doet ‘goed slecht nieuws’, Jesse Frederik praat en schrijft over de economie. Daarover weet hij dingen. Terwijl ik over de Westerdijkhorn richting de stad ploeter, in de motte regen, praten deze twee journalisten over de economie waarin iedereen maar wat doet.

Over bijvoorbeeld deurwaarders die in overvolle brievenbussen van mensen met torenhoge schulden een zoveelste envelop proppen met nieuwe rekeningen en denken dat ze daarmee een bijdrage leveren aan de economie. Over hoe wij allemaal kleine radartjes zijn en ondertussen geen sjoege hebben van wat we samen eigenlijk aan het doen zijn. En wat we samen veroorzaken. Dat er vorig jaar meer dan 18.000 mensen enige (korte) tijd in de gevangenis hebben gezeten omdat ze een verkeersboete niet tijdig hadden betaald, niet konden betalen.

Ik ging naar de rechtbank voor onder meer een uitspraak. Twee weken geleden was er een 26-jarige man die terechtstond omdat hij mensen had besodemieterd, ook via Marktplaats. Hij was een oplichter. Hij beduvelde zelfs zijn vrienden, vrienden van vrienden en leuke meisjes op Tinder. In anderhalf jaar tijd vergaarde hij met list en bedrog tienduizenden euro’s.

Er was ook een reden. Hij was verslaafd geraakt aan het gokken. De verleiding van spanning en veel kon hij niet weerstaan. Al snel vulde hij het ene gat met het andere, onderwijl hopende op die ene klapper die hem in een keer uit de groeiende ellende zou halen. De klapper bleef uit, de ontmaskering en arrestatie niet.

Twee jaar na de aanhouding volgde een rechtszaak, sneller kan dat nu eenmaal niet. Er zijn tientallen gedupeerden.

Nu wil het geval dat de verdachte na zijn aanhouding en een behandeling bij de verslavingszorg een vaste baan vond met bijbehorend salaris. Met (bijna) alle gedupeerden – al zijn slachtoffers – trof hij een betalingsregeling. De helft van zijn inkomen draagt hij af, net zolang iedereen schadeloos is gesteld. Met duizend euro in de maand zet hij zoden aan de dijk.

Maar wat eiste de officier van justitie?
Een gevangenisstraf.
Van vijftien maanden.
De officier van justitie wil hiermee niet alleen het ontslag van de jongeling bewerkstelligen, maar ook dat de slachtoffers hun sneu verloren geld niet terugkrijgen.

Toen ik het verhaal over de deurwaarders en de overvolle brievenbussen beluisterde, moest ik aan de officier van justitie en zijn strafeis denken.

In het podcastgesprek roemen Luyendijk en Frederik de politie-agenten die weigerden gehoor te geven aan de opdracht iemand met torenhoge schulden in diens woning aan te houden en over te brengen naar de gevangenis. Soms moet je tegen de regels ingaan en je gezond verstand gebruiken.

De rechters hebben inmiddels uitspraak gedaan.
Schuldig.
Een gevangenis is op zich een passende straf.
Maar die is niet opgelegd.
Wel de maximale taakstraf van 240 uur en een flinke stok achter de deur (negen maanden voorwaardelijke celstraf).
De rechters komen tot dit oordeel omdat ze vinden dat het beter is dat de gedupeerden schadeloos worden gesteld. Een gevangenisstraf is daarbij  niet heel handig is.

Ik vind het een mooie uitspraak. Het is een uitspraak die recht doet aan alle betrokkenen. Maar denk nou niet dat rechters zoiets moois van de daken schreeuwen. Daarom doe ik het maar even.

Rob Zijlstra

klik op afbeelding voor het mooie vonnis (helaas nog niet in klare taal)

 


 

De genoemde podcast van Joris Luyendijk

Sorry Rob

blogwebbel

schermafbeelding-2016-09-22-om-23-44-13In den beginne zat ik in de rechtszaal met een pen en papier.
Meer had ik niet nodig om een rechtszaak te volgen en te verslaan.
Ik keek wel eens meewarig naar mijn collega’s van de radio en de televisie die altijd zaten te klooien met zware apparaten, met snoeren en met stekkers.

Inmiddels zit ik zelf te klooien.
Met laptop en muis, met wifi en codes, met laders en stopcontacten, met telefoon en soms ook nog een iPad.
Ik schrijf nog steeds dezelfde verhalen over dezelfde misdaden en soms nog wel eens over dezelfde boeven .
Zelfs een paar rechters zijn nog uit het pen-en-papier-tijdperk.

Wat niet is veranderd, is de strenge regel in de rechtszaal dat je geen lawaai mag maken.
Een telefoon die per ongeluk niet uitstaat maar rinkelt of anderszins doet leidt niet tot de doodstraf, maar levert wel dodelijke blikken op van de rechters.
Het is mij in twaalf jaar twee of drie keer overkomen, zo voorzichtig ben ik.

Eergisteren heb ik macOS Sierra op mijn MacBook-laptop geïnstalleerd.
Omdat dat moest van Apple.
Het betekent dat ik nu ook kan praten tegen mijn laptop en dat mijn laptop dan mijn verbaal gegeven opdrachten kan uitvoeren.
Volgens Apple is dat handig.
Wat ik niet wist is dat de laptop ook terug kan praten.

Terwijl de verdachte wordt ondervraagd door de rechters over zijn vermeende misdaden, doet mijn laptop raar.
De boel zit vast, ik kan geen aantekening meer maken.
Ik druk op knopjes waar ik anders nooit op druk, ik klik dingetjes aan die mij onbekend zijn.
Meestal helpt dat wel.

Dan ineens schalt door de rechtszaal een harde stem: ‘Sorry Rob, ik geloof dat ik niet begrijp wat jij bedoelt.’
Of zoiets.
Het is een computerstem, het is Siri van Apple.

Ik roep ‘sorry’ tegen de rechters en ik hoop maar dat ze me het vergeven.
Pas later realiseer ik mij dat de verdachte ook Rob heet…

rz

Rechtsbedrijf in de branding

het recht als een solide instituut

Schermafbeelding 2015-12-10 om 11.37.04Ik lees het boek De improvisatiemaatschappij.
Het gaat over de sociale ordening van een onbegrensde wereld.
In het boek staat dat er in de voorbije jaren veel is veranderd, dat vertrouwde rotsen in de branding zijn verdwenen en dat wij nu flink zoekende zijn.

Een hele klus want de morele helderheid is ver weg.
Ons zoeken gaat dan ook gepaard, schrijft de schrijver, met onbehagen.
Criminaliteit is van dat onbehagen een uitingsvorm.
Evenals frustratie en hufterig gedrag.

Voor wanhoop is evenwel (nog) geen reden.
We mogen dan behoorlijk in de war en richtingloos zijn, solide instituties als het bedrijfsleven, het onderwijs en het recht weten zich ook in chaotische tijden fier te handhaven.
Dat zegt wel iets.

Het recht als een solide instituut, daar wil ik rotsvast in geloven.

Maar het rechtsbedrijf in Groningen werkt op dit punt niet altijd mee.
Het rechtsbedrijf in Groningen wekt wel eens de indruk dat we haar niet altijd even serieus moeten nemen.
Nog niet heel lang geleden schreef ik over een mevrouw die als verdachte terecht moest staan omdat ze een propje papier op de grond had laten vallen.
De magistraten hadden elkaar in de rechtszaal ongelukkig aangekeken.
Hun blikken: waar we ook mee bezig zijn, zo moet het niet.

Maar vandaag doen ze het weer.
Vijftien mensen moesten donderdagochtend in de rechtbank van Groningen komen opdraven bij de politierechter omdat ze hadden gevist met of zonder een visakte dan wel met een akte die wel één, maar geen twee hengels toestond, omdat ze de vuilniszak niet op correcte wijze hadden aangeboden bij de ‘inzamelvoorziening’, iemand had een leeg blikje bier in de bosjes achtergelaten.

En al deze misdrijven zijn gepleegd in de eerste maanden van 2013.
De politierechter is er heden, een dag in december 2015, een hele ochtend zoet mee.

Maar het komt vast goed.
Hoop ik.

rob zijlstra

De improvisatiemaatschappij is een boek van Hans Boutellier
→ Het propje papier [doorslaand evenwicht]

 

blikje bier

Nieuwsfenomeen

BLOGWEBBEL

rb
rb2
rb3

Vanochtend Donderdagochtend gebeurde er iets merkwaardigs.
Even voor negen uur blijven de glazen toegangsdeuren van de rechtbank in Groningen gesloten.
Buiten op de stoep staan dan zo’n dertig mensen, inclusief een halve schoolklas.

Een paar minuten na negen uur meldt een medewerker met een geel hesje (de bedrijfshulpverlener) dat er een storing is.
Iets met het brandbeveiligingssysteem.
Weer een paar minuten later meldt de afdeling voorlichting van de rechtbank via Twitter de storing ook, en ook dat niet bekend is hoe lang het zal duren.
Er staan dan ongeveer veertig mensen te wachten.
Om tien minuten over negen zegt de medewerker met het gele hesje dat het niet heel lang meer zal duren, dat iedereen zo naar binnen kan.
Om twintig minuten over negen is storing voorbij en schuiven de deuren open.
De geplande zittingen lopen een klein half uur vertraging op.

Nu komt wat ik merkwaardig vind.
Tijdens het wachten twitteren een paar wachtenden dat de deuren van de rechtbank zijn  gesloten en dat er iets aan de hand is.
Het ANP volgt twitterberichten en belt alert de correspondent.
Die is ter plaatse, want hij is een van de wachtenden.

Wat er in Groningen aan de hand is?
De correspondent meldt dat er niets bijzonders aan de hand is, kleine storing, zo verholpen.
Het ANP wil een bericht.
De correspondent herhaalt dat het reuze meevalt in Groningen, ook geen paniek.
Het ANP wil een bericht.
De correspondent doet wat van hem wordt verlangd.

Om half tien, de eerste rechtszaken zijn dan begonnen, maakt het ANP wereldkundig dat de rechtbank in Groningen lam ligt als gevolg van een storing.
En dan is er geen houden meer aan en begint en grote knippen en plakken:  op basis van het ANP-bericht melden de landelijke nieuwsmedia en de lokale en regionale nieuwsdiensten het nieuws.
Groningen ligt lam.
Het is heel de dag een nieuwsfeit.
Misschien zijn er morgen vandaag wel dagbladen die het melden.

Ik vraag mij af: zou zoiets nou elke dag wel een paar keer gebeuren, dan weer hier en dan weer daar?
Hoeveel non-nieuws pompen wij journalisten eigenlijk rond?

Rob Zijlstra

.

UPDATE – een staartje  – rechtbank niet blij
meer volgt

Schermafbeelding 2013-10-19 om 13.19.42

Jellebellen

KneppelDe samenvoeging van de politiekorpsen in Groningen, Drenthe en Friesland zal de criminaliteit in Noord-Nederland doen dalen.
Hoe of waarom is vooralsnog volstrekt onduidelijk, maar de voormalige burgemeester van Delfzijl, nu minister van justitie, heeft het beloofd.

Gelijk de politie hebben ook de drie noordelijke rechtbanken de handen ineen moeten slaan.
De rechtbanken in Groningen, Assen en Leeuwarden heten sinds drie weken Rechtbank Noord-Nederland.
Intern is er wel wat geharrewar, maar daar merkt niemand iets van.

Deze week kwam via Twitter wel even naar buiten dat medewerkers van de rechtbank in Leeuwarden zaten te jellebellen tijdens een gezamenlijke cursusdag.
Op de bewegwijzering naar het juiste cursuszaaltje had ‘rechtbank Groningen’ gestaan. In plaats van rechtbank Noord-Nederland.
Zie je wel, kwetterde een Ljouwtjer verongelijkt.

Vanuit het gerechtsgebouw aan de Brinkstraat in Assen werd zuinigjes gereageerd. Gutteguttie, klonk het, waarover je je wel niet druk kunt maken.
Zolang de Friese collega’s dat rare taaltje van ze maar thuis laten, vinden ze in Assen alles best.

Als gevolg van kneppelfreed (knuppelvrijdag, 16 november 1951) mag in het gerechtsgebouw in Leeuwarden Fries worden gesproken.
De waarheid en niets dan de waarheid?
‘Dat ûnthjit ik’.

Alsof het nog niet genoeg is, zijn ook de arrondissementsparketten Groningen, Drenthe en Friesland sinds 2013 samen.
Het heet nu Openbaar Ministerie Noord-Nederland.
Helemaal lekker loopt het nog niet bij justitie.

Sinds ze het samen doen kunnen ze bijvoorbeeld niets meer printen.
Al twee keer moest een strafzaak om die reden tijdens de zitting worden stilgelegd en uitgesteld.
Heel soms kan er wel worden geprint, maar dan duurt dat een halve dag.
Het gedoe is overigens niet een gevolg van schaalvergroting, zeggen ze, maar is juist veroorzaakt door de krimpende overheid.
Door bezuinigingen.

Maandag stond een man terecht, de zoveelste, bij wie kinderporno op de computer was aangetroffen.
De rechters vroegen hem het hemd van het lijf.
Man ontkende de misdaad.
De werkgever vond dat de man niet goed presteerde, hij draaide geen omzet, maar zat wel heel de dag achter de computer.
Wel een beetje gek, vond de werkgever die man’s computer ’s nachts uit elkaar schroefde, 4000 kinderpornofoto’s aantrof en toen de politie waarschuwde.

Verdachte: ‘Ja, ja.’
Rechters: ‘Nee?’
Verdachte: ‘Ik zat te midden van een arbeidsconflict.’
Rechters: ‘Uw werkgever heeft het gedaan?’
Verdachte: ‘Ik kan het niet bewijzen, maar ik vermoed het wel ja.’

Op het moment dat de officier van justitie zijn verhaal wilde houden, kwam een probleempje aan het licht.
De officier meldde dat het dossier van de zaak zoek was, hij snapte daar ook niets van. Het kinderpornodossier was op de een of de andere manier zoekgeraakt tussen het Openbaar Ministerie aan de Paterswoldeweg in (nog net) Groningen en de burelen van de rechtbank in de Groninger binnenstad.
Het lag toch niet op straat?
Geen idee, wat kenmerkend is voor iets dat zoek is.

Nee, er zaten geen vreselijke foto’s in dat dossier, maar natuurlijk wel de naam en zo.
Hoogst ongelukkig en pijnlijk voor de verdachte tegen wie niettemin negen maanden gevangenisstraf werd geëist.
Dat deed de officier van justitie gewoon uit het hoofd.
Een intern onderzoek leverde aanvankelijk niets op, maar donderdag was er blijdschap: het Groninger pornodossier lag per ongeluk in Leeuwarden.

De vreugde van de vondst werd overschaduwd door weer iets heel anders op donderdag. In de verdachtenbank zat een criminele organisatie.
Vijf mannen worden verdacht op grote schaal hennepkwekerijen te hebben geëxploiteerd in Groningen (in lege kantoorpanden) en in – jawel – Leeuwarden (boven winkelpanden). Twee van hen zouden zich ook schuldig hebben gemaakt aan een poging tot moord.

In maart wordt de strafzaak inhoudelijk behandeld.
Zeer tegen de zin in van justitie mocht een van de hoofdverdachten naar huis.
Van heel de criminele bende zit nu nog maar één verdachte in het gevang.

En dan was er nog een opmerkelijke zaak die voor het OM Noord ook niet goed uitpakte. In april 2010 werd een man uit Friesland vermist.
De toen nog Friese politie deed onderzoek en ontdekte dat ze in Groningen moesten wezen.
De Fries bleek in een woning in Groningen te zijn vermoord.
De verdachte kon na veel speurwerk op het stadhuis van Moskou, Rusland, worden aangehouden nadat de Nederlandse autoriteiten een tip vanuit Turkije hadden gekregen.
Tikkeltje complex, maar zo is het nu eenmaal gegaan.

Het OM eiste na lang wikken en wegen tien jaar gevangenisstraf.
Dat zou passend en geboden zijn.
Maar de rechtbank Noord oordeelde anders.
De eis van het OM is te laag en doet geen recht.
Twaalf jaar.
Het OM zal wel in hoger beroep gaan.
Dat moet sinds 1 januari bij het gerechtshof in Arnhem.
Locatie Leeuwarden.

Rob Zijlstra

• Kneppelfreed
Leeuwarder Courant over knuppelfreed (17 november 1951)

 

Sjors

Op 31 december overleed ‘Stadjer’ en oud-Nieuwsblad van het Noorden-fotograaf Sjors Visscher, 85 jaar oud.
Ik heb een aantal jaren met deze aimabele man mogen werken en bewaar daar mooie herinneringen aan.
Het waren mijn eerste en zijn laatste jaren in de journalistiek.

Sjors wilde zijn carrière als fotojournalist het liefst afsluiten met een mooie brand.
En dus werd op zijn laatste werkdag in samenwerking met de brandweer een brand(je) ‘geregeld’.
Als een kind zo vrolijk werd hij daarna per brandweer met toeters en bellen teruggebracht naar de redactie aan het Gedempte Zuiderdiep, binnenstad Groningen.

Wat ik vooral herinner is die zeldzame keer dat hij een heel klein beetje boos was.
Of deed.
Hij moest een jongeman fotograferen die van plan was op de fiets naar Moskou te gaan.
Sjors weigerde.
Wie in de krant wil, moet eerst wat presteren, vond hij.
Hij zei: ‘Ik fotografeer hem wel zodra hij terug is.’

Vrijdagmiddag is Sjors Visscher gecremeerd.
Terwijl familie, vrienden en wij oud-collega’s wachten in de hal van het crematorium, wordt medegedeeld dat er brandalarm is, dat wij vooral rustig kunnen blijven en niet moeten schrikken als zo meteen de brandweer arriveert.

Een aller allerlaatste grap?
Allerminst.
Er was een storing in een van de ovens die gepaard ging met rookontwikkeling.
De brandweer arriveerde met twee wagens.
De politie kwam.
En daarna de lokale en regionale pers.
Uiteindelijk ook een voorlichter.
Vervolgens werd het nieuws.
Brand in crematorium
Niemand raakte gewond, meldde RTVNoord nog.

Het afscheid van Sjors Visscher liep een half uur vertraging op.
Ik denk dat hij dat niet erg zou hebben gevonden.

Rob Zijlstra

Boete

BLOGWEBBEL

nrc - 14 sept

Staat er zomaar ineens iets heel geks in de krant.
Het openbaar ministerie (justitie) verkeert in financiële nood.
Miljoenentekort.
Daarom worden straks geen taakstraffen meer opgelegd, maar geldboetes.

Alsof die nieuwe regering al bestaat.

Het klopt volgens mij niet wat er in de krant staat.
Volgens mij is het helemaal niet waar dat boetes op de bankrekening van het openbaar ministerie worden gestort, zoals het krantenbericht suggereert
Dat zou me een fraaie boel wezen.
Nee, het geld waarmee boetes worden betaald, vloeit zo de staatskas in.

Het openbaar ministerie kent een begroting.
Het geld daarvoor komt wel weer uit die kas.
Zoals de staatskas ook het onderhoud van oude molens financiert, de scholen, Paul de Leeuw, de fietspaden en wat al niet meer.

Het is trouwens ook niet zo dat boetes iets opleveren.
Dat valt op te maken uit de begroting van baten en lasten van het Centraal Justitieel Incasso Bureau (CJIB), de instantie die boetes int.
Voor dit jaar zijn de baten van het CJIB begroot op ruim 119 miljoen (119.378.000).
En de lasten?
Die zijn, inclusief 44 miljoen euro aan personeelslasten (933 fte’s), precies hetzelfde.

Kortom: een boete kost net zoveel als die hoog is.

Nu er financiële nood schijnt te zijn bij het openbaar ministerie, moet er worden bezuinigd (vacaturestop, reorganisaties).
En bezuinigingen staan haaks op de ambities van de rechtse coalitie op het gebied van veiligheid.
Dat staat ook in de krant.

Het is dus politiek.
Omdat er allerlei politieke ontwikkelingen zijn, roeren de instanties zich.
Ze roeren zich en hopen dan dat ze in de komende ontwikkelingen een beetje worden ontzien.
Onlangs meldde het openbaar ministerie dat het overgrote deel (tachtig procent) van de misdadigers vrij spel heeft.
En nu weer dat het geld op is.
De rechters klaagden deze week ook al over de (te) hoge werkdruk, waardoor de kwaliteit onder druk staat.

Het is een spel.
Ik vind dat journalisten van de krant dat er bij horen te vertellen en het spel niet mee moeten willen spelen.

Rob Zijlstra

>> het artikel in de krant