diefstal

Huis Boom Beest

De buit: een laptop, een beamer,
medailles van gelopen marathons
en politie-uniformen van
de bewoner des huizes

Rechters vragen het regelmatig aan verdachten, ook als die net uit de mond van de officier van justitie een pittige gevangenisstraf hebben horen eisen: ‘Hoe ziet u uw toekomst?’ Wat moet je dan zeggen met achttien maanden gevangenisstraf in het verschiet, waardoor je je baan, je huurwoning en waarschijnlijk ook je vriendin kwijtraakt? Nooit zeggen verdachten dan tegen de rechters: ‘Die toekomst, die bepalen jullie.’

In de rechtszaal zijn verdachten bescheiden. Misschien komt dat door de benarde positie waarin je als verdachte nu eenmaal zit. Je bent klein en niet in de gesteldheid grote dromen op tafel te leggen. Dus niet: ‘Ik wil eerst vrijspraak en dan zes van de mooiste auto’s, mannequins als vriendinnen en een ontzettend prachtig huis met zon aan zee. En een tijger als huisdier.’

Je zegt: ‘Ik wil weer naar school, mijn opleiding afmaken.’
Of: ‘Een woning en heel graag werk als het even kan.’
Veel verdachten – de meeste – dromen van huisje, boompje, beestje, van een normaal leven, zonder verslaving, chaos en gesodemieter.

Slechts eenmaal was er een verdachte in zittingszaal 14 die zonder blikken of blozen aan zijn rechters vertelde dat hij een crimineel wilde worden. En op zijn 30ste wilde hij dood, het liefst doodgeschoten. Hij had gehoord dat een lichaam na het 30ste levensjaar aftakelt, dus dan heeft verder leven toch geen zin.

Toen hij dit vertelde was hij 18 jaar en verslaafd aan wiet en whisky. De rechters veroordeelden hem tot twee jaar gevangenisstraf omdat hij met een balletjespistool op straat een oude man had beroofd van diens (lege) portemonnee. Hij is inmiddels 23 jaar en werd twee maanden geleden door rechters naar een psychiatrische inrichting gestuurd na een ernstig geweldsincident. Misschien komt het goed met Tony Montana. Zo noemde hij zich graag.

Dit was de inleiding.
Nu komt Gert.

Gert had een huis, met vrouw en kinderen, een tuin met een hond en hij had het mooi voor elkaar in de vorm van een goedlopend eigen bedrijf met een garage en auto’s om te verkopen.
Nu steelt hij auto’s en breekt hij in.
Tegen de rechters zegt hij monter: ‘Ik ga hier niet het slachtoffer zitten spelen. Ik heb het allemaal zelf gedaan.’

Gert heeft het verkloot. Problemen in de relatie mondden uit in een scheiding, in financiële malheur, in guur weer en uiteindelijk in een vlucht in drugs. Binnen twee jaar raakte Gert zijn positieve saldo, zijn partner, zijn kinderen, zijn huis met tuin en zijn goedlopende bedrijf kwijt. Tweemaal liet hij zich opnemen om de verslaving de nek om te draaien, maar tweemaal, elf maanden per keer, bleef de zucht de baas.

Gert heeft zich schuldig gemaakt aan een poging tot diefstal uit een auto. Aan de Radebinnensingel in Groningen stond een Peugeot 107. Van buiten kon je zien dat in de auto geld lag. Gert forceerde het slot – dat kan hij – want hij wilde dat geld. Een voorbijganger zag hem rommelen en waarschuwde de politie.

Rechters: ‘Was u dat?’
Gert: ‘Ik heb dat gewoon gedaan ja.’

Hij zou een aanhangwagen hebben gestolen bij het autobedrijf in Adorp. De aanhanger was met een ketting vastgemaakt aan een lantaarnpaal. Camera’s van het naastgelegen Esso-tankstation maakten opnames. Gert herkent zichzelf. Te zien is hoe hij het slot forceert en de aanhanger meeneemt.

Rechters: Waarom?’
Gert: ‘De nood was hoog. Ik deed het niet voor mijn plezier.’

Op de camerabeelden is ook de auto te zien die met het karretje wegrijdt, een Daihatsu Gran Move. Het blijkt een gestolen auto. Gert ontkent. Hij had de auto geleend van een kennis uit de kroeg. Hij had een auto nodig (‘ja, om verkeerde dingen mee te doen’), maar geen geld voor borg of huur. De kennis kon de auto wel een dagje missen. Hij had er niks achter gezocht. Het was een nette auto. De naam van die kennis? Nee. Gert geeft geen namen. Hij levert niemand uit. Zegt: ‘Dat zit niet in mij.’

De inbraak in een slagerij bekent hij wel. Met anderen had hij geprobeerd een kluis te openen. Toen dat niet lukte namen ze een tv-toestel mee en kippenpootjes. De anderen? ‘Nee.’ In een wasstraat in Hoogkerk kraakte hij geldautomaten vol munten. Had hem twintig euro opgeleverd. Dat de schade aan de automaten 13.000 euro bedraagt, lijkt hem wat overdreven.

Dan was er nog de diefstal van een auto in Haren. In de auto lag een huissleutel, in het dashboardkastje een briefje met het huisadres. Kat in het bakkie, dacht Gert en hij reed met anderen naar het adres in Siddeburen. De buit: een laptop, een beamer, medailles van gelopen marathons (waaronder die van New York) en politie-uniformen van de bewoner des huizes. De politiekledij zou voor 1500 euro zijn verkocht aan Poolse mannen.

De poging in te breken in een oliebollenkraam ontkent hij.

Wat moet de toekomst van Gert zijn? De voormalige ondernemer wil wel terug naar vroeger, toen het nog goed was. ‘Zonder drugs kan ik werken en voor mezelf zorgen. In de gevangenis leer ik niks. Met de handel in auto’s kun je nog altijd goed geld verdienen.’

Gert zit nu negen maanden in detentie. In augustus is er plek voor hem in een kliniek. Dus als hij tien maanden cel kan krijgen, dan kan hij er volgende maand naar toe. In de gevangenis gebruikt hij niet, hij is al negen maanden clean. Weet: dan ben je er nog lang niet.

Dat Gert zijn leven wil beteren, mag zo wezen. Het steekt de officier van justitie dat hij de namen van mededaders niet wil noemen. ‘U wilt schoon schip maken, maar geeft geen volledige opening van zaken. Ik ben daarom sceptisch over uw motivatie. U moet niet onderschatten wat de impact is van wat u heeft gedaan. En die behandelplekken in klinieken zijn duur en zeer gewild.’

Gert knikt. Dat weet hij ook wel. Zegt: ’Ik wil het echt.’ Hij weet dat hij niet veel te willen heeft. De officier van justitie geeft Gert na wikken en wegen het voordeel van de twijfel (doen officieren van justitie vaak). Wat haar betreft mag de nabije toekomst van Gert in de drugskliniek liggen. Doet hij niet wat daar van hem wordt verwacht, dan mag hij nog twaalf maanden extra zitten.

Dan is er geen huisje, geen boompje. Dan wacht het beest.

Rob Zijlstra

update – 10 juli 2017 – uitspraak

klik voor volledige uitspraak

Sloom recht

Het echtpaar was het bestuur
en het bestuur betaalde
het echtpaar riant
voor de werkzaamheden

 

Je wilt hopen dat er een causaal verband bestaat tussen het strafrecht dat in de rechtszalen wordt bedreven en de misdaad die daarbuiten wordt gepleegd. Volgens mij is dat ook de bedoeling, want anders is straffen zonder nut.

Toch bekruipt mij vaker dan ik zou willen het gevoel dat het strafrecht z’n eigen gang gaat en zich helemaal niets aantrekt van wat er buiten gebeurt. Het is zonneklaar dat het strafrecht niet zonder de misdaad kan, in tegenstelling tot andersom. Strafrechters moeten dus bij de les blijven, net zo goed als de staande magistraten, de officieren van justitie.

Voorbeeld. In januari 2014 wordt in Groningen een filiaal van Albert Heijn (Van Lenneplaan) overvallen. Een doodsbange 16-jarige scholiere achter de kassa geeft onder dwang van een op haar gericht pistool 1309 euro af aan de gemaskerde overvaller. Er volgt een stevig onderzoek wat leidt tot een dna-match waarna ene Gerrit wordt aangehouden. Gerrit blijkt niet de eerste de beste. Eerder, toen dat nog bestond, overviel hij banken.

Maar Gerrit ontkent. Desondanks eist de officier van justitie 3 jaar gevangenisstraf. In april 2015 wordt Gerrit door de rechtbank in Groningen vrijgesproken. De officier van justitie is het daar niet mee eens – anders eis je geen 3 jaar – en gaat nog diezelfde maand, april 2015, in hoger beroep. Een nieuwe zitting laat al ruim twee jaar op zich wachten en niemand kan vertellen waarom dat zo is.

Trage rechtspraak – goed voor de zorgvuldigheid – gaat hier over in slome rechtspraak wat nergens goed voor is. Er zijn advocaten met meer voorbeelden. Zij beschikken over strafdossiers die op planken in hun kasten liggen te wachten op voortgang. Advocaten smoezen daar niet hardop over, ze kijken wel link uit. Naarmate de behandeling van een strafzaak langer op zich laat wachten, neemt de zwaarte van de straf doorgaans af.

Is dat zo? Deze week werden tien jongemannen uit Groningen en omgeving door de rechtbank in Leeuwarden veroordeeld tot werkstraffen omdat ze zich onheus hadden gedragen na afloop van een verloren voetbalwedstrijd in Heerenveen. De officier van justitie had streng en in volle overtuiging gevangenisstraffen tot vier maanden geëist omdat de samenleving het helemaal heeft gehad met hun voetbalgeweld. De rechters oordeelden anders. Jongemannen die zich in februari 2015 hebben misdragen stuur je in de zomer van 2017 niet meer naar de gevangenis.

Of deze. In 2015 begon de politie een groot onderzoek wat op 31 mei 2016 leidde tot 19 invallen in stad en provincie Groningen. Aan de actie, gericht op ondermijnende hennepteelt, namen 175 politiemensen deel. Dat is no shit. Er werden 11 mannen en 2 vrouwen gearresteerd. Wij van de pers waren vooraf geïnformeerd om verslag te doen van het daadkrachtige optreden van de sterke arm. Na een paar dagen zaten de13 leden van de criminele organisatie alweer thuis. Nu, een jaar verder, is er geen enkel zicht op iets wat lijkt op een vervolg bij de rechter.

Heel de strafrechtketen is sloom. En het kan nog zorgelijker.

In oktober 2013 krijgt de politie informatie over misstanden in Haren. In een lommerrijke straat wordt een hoogbejaarde mevrouw uitgebuit, zo vermoeden bezorgde buren. Er komt een onderzoek en in mei 2014 wordt het echtpaar L. gearresteerd. Er wordt beslag gelegd op auto’s, op scooters in hun tweede huis in Italië en op de kapitale woning aan de rand van Haren (die eerst voor 1,2 miljoen en nu voor 995.000 euro op Funda te koop staat). De verdenking is dat het echtpaar de dan 96-jarige licht dementerende Harense mevrouw Rosingh financieel hebben uitgekleed.

De politie stuurt een persbericht de wereld in waarin de aanhouding wereldkundig wordt gemaakt. De politie wil waarschuwen en signaleren. Ouderen, meldt het persbericht, zijn kwetsbaar voor financiële uitbuiting. Jaarlijks zijn daar 30.000 65-plussers het slachtoffer van. De politie roept op altijd aangifte te doen. Door voorlichting en bewustwording kan ouderuitbuiting worden voorkomen, staat in het persbericht.

Een jaar na de arrestatie besluit Openbaar Ministerie dat het echtpaar strafrechtelijk moet worden vervolgd. Het duurt dan nog eens een heel jaar alvorens de twee verdachten in de verdachtenbank van zittingszaal 14 zitten. Mevrouw Rosingh weet hier niets van. In juni 2015 overlijdt zij, op 98-jarige leeftijd, berooid en wel.

De rechtszaak is in maart 2016. Zeven uur lang wordt het echtpaar (hij is dan 51, zij 52) door de rechters ondervraagd. Een van de beschuldigingen is dat ze mevrouw Rosingh 300.000 euro afhandig hebben gemaakt. Het echtpaar ontkent. Ze zeggen dat ze zorg aan de hulpbehoevende vrouw verleenden in ruil voor 65 euro per uur. Als gevolmachtigden konden ze over haar bankrekening beschikken. Behalve zorg regelden ze ook – tegen betaling – de financiën. Ze betaalden zichzelf.

De officier van justitie noemt de handelwijze stuitend. Slechts de eigen belangen werden behartigd. De zorg die werd verleend: nauwelijks tot niets.

De L.’s zouden ook de goedgevulde kas van een stichting (ten behoeve van autistische kinderen) voor honderdduizenden euro’s hebben geplunderd. Het echtpaar was het bestuur en het bestuur betaalde het echtpaar riant voor de werkzaamheden (aandelenhandel). Een dan al overleden man en vrouw uit Drenthe – apothekers te Groningen – zouden voor meer dan honderdduizend euro zijn bestolen.

De officier van justitie eist tegen zowel hem als haar 22 maanden gevangenisstraf. Het bijeen gegraaide geld, opgeteld 800.000 euro, moeten ze inleveren. De rechtbank veroordeelt het echtpaar in april 2016 conform de eisen: 22 maanden. Financieel ligt het complexer. Het echtpaar moet de gestolen 300.000 euro van mevrouw Rosingh inleveren.

Die 22 maanden hadden eigenlijk 24 maanden moeten zijn. De officier van justitie vond dat twee maanden korting op z’n plaats was omdat het echtpaar zo lang in onzekerheid had gezeten daar de rechtsgang nou niet bepaald vlot was verlopen. De rechters waren het daarmee eens.

Nu komt het. Het echtpaar is in hoger beroep gegaan. Wie door de rechtbank wordt veroordeeld, maar op het moment van de veroordeling niet is gedetineerd, mag de uitkomst van het hoger beroep in vrijheid afwachten. De bezorgde buren uit 2013 zijn nog steeds bezorgd. Niet over hun overleden buurtgenoot, maar zeer over het welzijn van de rechtspraak. Recent hebben ze navraag gedaan bij het gerechtshof in Leeuwarden. Wanneer dient de zaak in hoger beroep? Het antwoord: ergens in 2018.

Slome rechtspraak leidt ertoe dat uitspraken van rechters ook maar meninkjes worden.

Rob Zijlstra

Papa rapt

Dat de inbreker met zijn poten
aan de rouwlinten heeft
gezeten, ook dat doet pijn

Ramon is 23 jaar, best lang, maar geen inbreker of een man die zijn geld verdient met duistere zaken of zo. Ramon is kunstenaar. Artiest. Knipt zijn eigen kapsel. Hij doet optredens en als hij straks vrijkomt, eenmaal weer buiten, dan heeft hij direct werk. Hij wel.

Nog gekker. Ramon is net vader, maar vooral ook een man van de wereld. Hij heeft zijn eigen videoclips op Youtube, al bijna 1500 volgers op Instagram, zijn artiestennaam schittert op posters en hij rapt zijn eigen gangsterteksten. Dat doet hij als entertainer, want een echte gangster is Ramon natuurlijk niet. Laat staan een tot het getto veroordeelde kansloze jongere. Hij geniet een kunstenaarsuitkering van 840 euro in de maand en bulkt van de ambitie. Per optreden pakt hij al gauw vijf- tot zevenhonderd euro. Soms meerdere keren per maand.

Een van de rechters: ‘Goh. En een deel draagt u dan af aan de belasting?’
Ramon, hij klinkt oprecht verbaasd: ‘Belasting?’
Rechter: ‘Of gewoon zo in het handje?’
Ramon, opgelucht: ‘Yeah. Handje contantje.’

Al dat geld past hem goed, want hij houdt van luxe dingen. En daar hoort nu eenmaal veel uitgeven bij. Zegt: ‘Ik heb een gat in mijn hand.’

Dat Ramon als verdachte in de rechtszaal zit, want dat zit hij, komt omdat hij ook een van de grootste pechvogels van Nederland is. Zou hij evenveel geluk hebben als pech, dan zou hij wekelijks een grote prijs in de loterij binnenhalen. Zijn grootste manco: hij is voortdurend op het verkeerde moment op de verkeerde plaats.

November vorig jaar. Op één dag wordt ingebroken in twee woningen in Appingedam. De inbrekers worden overlopen en gaan er vandoor. Twintig minuten later – 112 is gebeld – wordt een grijze Ford Focus aan de kant gezet. In de auto liggen spullen die zojuist uit die woningen zijn gestolen. Camera’s. Twee tv-toestellen. Ramon zit op de bijrijdersstoel. Laat weten: ‘Ik heb er niets mee te maken. Vijf minuten voordat we werden aangehouden, ben ik in die auto gestapt. Van vrienden, ze pikten me op. Op het verkeerde moment, in de verkeerde auto.’

Op het politiebureau haalt Ramon een sleutel en een mobiele telefoon uit de broekzak. De sleutel is van de voordeur van een van de woningen waar is ingebroken, de telefoon is van een van de bewoners. Ramon: ‘Die sleutel lag op het dashboard van die auto. Ik dacht dat het mijn sleutel was.’ Telefoon? ‘Gekregen van iemand.’

De politie gelooft er geen snars van en stelt een nader onderzoek in. Agenten scrollen door de tijdlijn van zijn Facebookpagina en zien dan niet alleen de nieuwste clip, maar ook van alles. Voldoende aanleiding om een huiszoeking te doen in de woning waar Ramon vaak verblijft, de woning in Groningen van zijn liefste vriendin.

Dikke pech. In de woning worden veel gestolen spullen aangetroffen. Allemaal spullen, zegt de vriendin, die zij heeft gekregen van haar liefste vriend. Sieraden. Dure merkkleding. Jassen van Woolrich en Parajumper. Een tas van Hermès Birkin.

Ramon vertelt dat hij die spullen heeft gekocht. Voor 1100 euro. Van iemand. Via Marktplaats. Van wie? Geen idee. Tegen de rechters: ‘Als jij iets bij de Scapino koopt, weet jij een half jaar later toch ook niet meer wie de verkoper was? Nou dan.’

Er is een Macbook pro uit een woning gestolen, een laptop. Niet lang na de inbraak krijgt de eigenaar een automatische melding per e-mail dat het wachtwoord van zijn iCloud-account is gewijzigd. Het nieuwe wachtwoord is uitgerekend de artiestennaam van Ramon. Dat is toevallig. Tsss. Vraag het niet aan hem. Hij is een publiek figuur. Best bekend. Iedereen kan zijn naam gebruiken. Toch?

Ook de elektrische fiets in de woning van zijn vriendin, een Batavus Monaco, blijkt van diefstal afkomstig. Ramon vertelt dat hij de fiets heeft gekocht voor duizend euro voor zijn zwangere vriendin. Zo’n fiets, met lage instap, leek hem reuze handig. Van wie gekocht? ‘Pff. Maar als u nu met mij in de auto stapt rij ik er zo heen.’ De rechters: ‘De fiets heeft u later te koop aangeboden op uw Facebookpagina.’ Ramon: ‘Mijn vriendin vond het toch niet zo handig. Ik dacht, dan verkoop ik ‘m en dan kunnen we met dat geld de kinderkamer inrichten.’

Ramon biedt een gestolen telefoon aan bij inkoopwinkel Used Products. De telefoon komt uit een woning waaruit ook vier spaarpotten zijn ontvreemd. In de woning is een enorme ravage achtergelaten. De bewoonster was nog niet zo lang geleden overleden. Haar partner laat de rechters weten hoeveel pijn het doet, nu hij de werkkamer van zijn overleden vrouw niet meer kan reconstrueren zoals die altijd was. Dat de inbreker met zijn poten aan de rouwlinten heeft gezeten, ook dat doet pijn.

Ramon zegt dat dat hem raakt. ’Sorry daarvoor in ieder geval.’ Hij was het niet. Oh tegenspoed. Hij had de telefoon gekocht van een buurman (naam vergeten) voor de handel. Je gaat er niet vanuit dat een buurman iets aanbiedt wat gestolen is. Hij niet tenminste.

Er wordt ingebroken in een woning aan de Bentismaheerd. De bewoner hoort enge geluiden aan de deur en belt vanuit bed 112. Tien minuten later rijdt er een politieauto door de straat. Agenten zien een man lopen die plots begint te rennen en de bosjes in duikt. Het is Ramon. Wat moet hij zeggen? ’Ik had een wilde vrijpartij gehad met een vriendin en voelde me wat benauwd. Ik ging daarom een luchtje scheppen, een ommetje maken. Daarom liep ik daar.’ Verkeerd moment, verkeerde plaats.

Als de zitting ten einde is, bedankt Ramon zijn fans op de publieke tribune voor hun komst en getoonde belangstelling. Dan hiphopt hij de rechtszaal uit, met net zoveel geloof in eigen onschuld als hij twee uur daarvoor was binnengekomen.

Twee jaar gevangenisstraf, zes maanden voorwaardelijk, had hij de officier van justitie horen zeggen. Liever wil hij vrij. Hij mag terugkomen bij zijn vriendin, hij kan direct aan het werk, hij wil zijn artiestenbestaan weer oppakken, als entertainer en niet als gangster want hij gaat honderd procent zeker nooit weer in aanraking komen met justitie. Waarom niet? ‘Ik vind dat een zoon een vader nodig heeft. Daar wil ik hard voor werken.’

Ik kijk uit naar zijn eerstvolgende clip op YouTube.

Rob Zijlstra

uitspraak op 18 mei

woninginbrekers – dag 2

schermafbeelding-2016-12-13-om-08-39-43

dvhn – vandaag

Tweede dag van het strafproces rond een serie woning- en bedrijfsinbraken in vooral Oost-Groningen. Gisteren stonden inbrekers terecht, vandaag moeten  mannen komen opdraven die zich onder meer schuldig zouden hebben gemaakt aan heling.

Het verslag van de eerste procesdag staat >> hier

.

Een verslag van moment tot moment.

 

schermafbeelding-2016-12-13-om-08-43-37

 

09.00 uur
Verdachte MH (23) is nog niet de aangekondigde grote heler. MH wordt verdacht van twee woninginbraken in Onstwedde en Musselkanaal, het rondrijden in een auto met valse kentekens en stelen van brandstof bij vakgarage Stadman in Annen.

Hij ontkent de woninginbraak in Onstwedde tussen 18 juni en 24 juni 2015. Verdachte XS (van 1e dag) heeft zijn naam genoemd. Uit de woning werd onder meer een modeltreinenverzameling (met een waarde van 10.000 euro) gestolen. Ook de diepvrieskist werd leeggehaald en werden de meubels meegenomen. De woning werd drie keer bezocht. Volgens XS was verdachte MH de eerste die er naar binnen ging. MH: ‘Ik wil er verder niets over zeggen.’

MH ontkent ook de diefstal van diesel op 1 januari 2015 in Annen en het rijden in een auto met valse kentekens op dezelfde dag. Zegt, die geen rijbewijs heeft: ‘De auto was van een vriendin. Ik maakte wel eens gebruik van die auto.’ De eigenaar van het tankstation plaatste foto’s van de bij de diefstal betrokken auto op internet. Met betrekking tot de valse kentekens (om diesel te kunnen stelen?): ‘Daar wist ik niks van. Ik dacht dat het wel goed was.’

kopertrekmomenten

09.30 uur
De woninginbraak in Musselkanaal op 6 juni 2015  – in sloopwoningen – ging gepaard met ‘kopertrekken’. Leidingen werden losgeknipt. De politie betrapt twee personen die de naam van MH noemen. Verdachte zegt: ‘Klopt wel.’ Waarom? ‘Geld nodig.’ Rechter: ‘De politie heeft u nog ondervraagd over andere kopertrekmomenten, maar daar heeft u niets over willen zeggen.’ MH: ‘ Klopt.’

MH staat op de veelpleger lijst en is (was?) verslaafd aan drugs en heeft verkeerde vrienden. Terug naar de gevangenis zou jammer wezen, zegt hij. ‘Ik ben goed bezig, met mijn taakstraf, met dagbesteding (boomstammen slepen) en in februari  begin ik met een opleiding. Stukadoor. ‘ Dat zegt ook de reclassering: ‘Terug naar de gevangenis zou het ingezette traject verstoren.’ Het reclasseringsadvies: een voorwaardelijke gevangenisstraf en een harddrugsverbod. Blowen mag wel van de reclassering.

Verdachte is bezig met taakstraf en met dagbesteding en is tevreden.
Rechter: Wat doet u?
Verdachte:Boomstammen slepen.
#z14

 

09.50 uur
Officier van justitie geeft zijn visie: MH is schuldig aan de vier beschuldigingen.  Zegt: ‘Van de brandstofdiefstal bestaan beelden en op die beelden is hij te zien. En hij reed ook in die auto met valse kentekenplaten. Heeft hij die niet zelf gestolen, dan ik hij de heler want hij had ze in zijn bezit. Dat gevangenisstraf zijn huidige leven zal verstoren, dat snap ik. Dat maakt het ook wat lastig.’

MH (Emmen, 23 jaar) liep nog in proeftijd. De strafeis: 10 maanden celstraf waarvan 5 maanden voorwaardelijk. De advocaat probeert twijfel te zaaien. De rechters moeten goed weten dat hoofdverdachte RK (dag 1) steeds probeert zijn eigen rol klein te maken door die van anderen groter te maken. Het overtuigende bewijs ontbreekt. Celstraf heeft een ontwrichtende werking. De advocaat: doe nog een taakstraf. De officier van justitie: ‘Nee.’

10.23 uur
Het wettelijk gegunde laatste woord van MH: ‘Nee.’

pauze tot 10.30 uur

10.35 uur
Verdachte RD (37) uit Ter Apelkanaal wordt verdacht van twee inbraken en van heling en wapenbezit. In zijn woning zijn veel goederen gevonden die bij inbraken buit zijn gemaakt.

RD ontkent betrokkenheid bij de woninginbraak tussen 13 en 21 augustus 2015 in Wedde. Daarbij zouden onder meer diverse grote beeldschermen van Apple zijn gestolen. Een klappertje, noemden medeverdachte deze inbraak. Hoofdverdachte RK noemt de naam van RD. ‘Ik heb die man wel eens voorbij zien komen, maar ik ken hem verder niet.’

Rechter tegen verdachte: ‘U wordt ook wel Tempo genoemd?’
Verdachte:’Dat is mijn hond.’
#z14

De gestolen spullen die bij RD zijn aangetroffen, zegt hij te hebben gekocht. Een Nespress0-machine, zoals gestolen uit de woning in Wedde? ‘Die heb ik gekocht bij de Blokker.’ Een DVD-serie van James Bond? ‘Heb ik twee jaar geleden een keer gekocht.’  Diverse medeverdachten zeggen dat RD een heler is.

Rechters: ‘Waarom zeggen die mensen dat?’
RD: ‘Ik vind het wel heel spannend allemaal.’
Rechters: ‘Zijn die spullen bij u in de woning gelegd, een groot complot?’
RD: ‘Die vraag heb ik ook.’
Rechter: ‘Soms halen mensen spullen uit iemands woning. Dat kennen we. Maar bij u leggen mensen spullen in uw woning. Dat is toch gek? Ik kan niet goed bedenken waarom mensen dat doen.’

11.00 uur
RD zou ook (duur) gereedschap en geluidsapparatuur hebben geheeld. RD: ‘Die spullen heb ik geruild met MH (eerste verdachte van vandaag) . Nee, er zaten geen boekjes bij, het was geen nieuw spul. Achteraf had ik wel kunnen weten dat het gestolen was.’ Rechters: ‘U moet rondkomen van 700 euro per maand. RD:  ‘Ik was vroeger bedrijfsleider, ik had toen een goed inkomen, die spullen heb ik toen allemaal gekocht.’

RD kreeg ook spullen – een fotocamera – van zijn zus en haar vriend. Rechters: ‘Uw verslaafde zus?’ Ja.

RD wordt beschuldigd van de inbraak in een schuur bij een woning in Nieuw-Weerdinge, op 13 augustus 2015. Een groot deel van de uit de schuur gestolen spullen zijn bij RD thuis aangetroffen. Het gaat om onder meer boormachines, slijpmachines, hogedrukspuit, compressor, mestmenger, zaagmachine, meetapparatuur, stroomstootprikkers en een acculader. RK heeft deze inbraak bekend en noemt RD als mededader. RD ontkent.

Ook met de inbraak in een woning in Ter Apelkanaal, tussen 14 en 24 augustus 2015, zegt RD niets te maken te hebben. De gestolen goederen zijn bij hem aangetroffen. RD: ‘Het stond buiten. Toen heb ik het binnen gezet. Het was helemaal nat. Ik denk, er komt wel iemand voor.’  Het betreft lasapparatuur met toebehoren. RD: ‘Ik loop niet in de wereld van de gestolen goederen.’

Verdachte: ‘Die jongens zijn GHB-gerelateerd.’
Rechter: ‘U zegt het netjes.’
#z14

11.30 uur
Dat RD een grote heler is, wordt  gezegd door XS die veel inbraken heeft opgebiecht. RD zegt XS nauwelijks te kennen. Heb hem ooit ontmoet in het cafe. Dacht toen, lekker fris ben jij. Daar wil ik niks mee te maken hebben. Die jongens zijn GHB-gerelateerd.’ Rechter: ‘U zegt het netjes.’

11.50 uur
De officier van justitie krijgt het woord. Zegt: ‘RD ging wel eens mee met inbraken, maar was vooral de heler. Hij probeert er voor weg te draaien. Als heler ben je ook verantwoordelijk voor de steler. Zijn woning leek uit te puilen van gestolen waar. Hij liegt tegen beter weten in. Dat anderen spullen in zijn woning leggen zonder dat hij dat weet, dat is niet geloofwaardig.’

RD (Ter Apelkanaal, 37 jaar) ontkent, maar hij heeft vieze handen gemaakt, zegt de aanklager. Een gedupeerde heeft een schadeclaim ingediend van 19.000 euro en 750 euro aan smartengeld. Dat zal RD moeten betalen. Gelet op zijn rol is een werkstraf niet op z’n plaats. De eis: 12 maanden gevangenisstraf. Advocaat Willem Schoo zegt dat de belastende verklaringen van medeverdachten, met name die van RK, ongeloofwaardig zijn.

Advocaten moeten ook wat. Bij verdachte is een Nespresso-apparaat aangetroffen en een DVD-serie van James Bond. Zo’n apparaat en diezelfde JB-serie zijn ook gestolen uit een woning in Wedde. De advocaat: ‘Ik heb ook een Nespresso-apparaat en een James Bond-serie. Zegt dus niks.’ Dat bij verdachte ook een servies  (Delftsblauw) is aangetroffen en een Ferrari-jasje, spullen die eveneens uit die woning zijn gestolen, nou dat zegt dus daarom ook helemaal niks. En die gestolen camera? Ik heb ook een zus.’

Volgens de advocaat wordt RD ook beschuldigd van heling van gestolen goederen waarvan de gedupeerden helemaal geen aangifte hebben gedaan. Zegt ook: ‘Komt nog bij, RD loopt na zijn aanhouding al weer een jaar vrij rond. Om hem dan nu nog op te sluiten, dat slaat nergens op. Ik bedoel, zijn we nou niet helemaal fout bezig?”

12.56 uur
Laatste woord RD: ‘Waar moet ik beginnen… Ik vind het ook erg.’

pauze tot 13.30 uur

13.35 uur
Verdachte KE (30) wordt verdacht van vijf feiten: heling en inbraken.

KE kocht voor 140 euro (‘in overleg met mijn vrouwtje’) een televisie van twee meter breed. ‘Ik dacht, die mensenkopen een nieuwe tv en dacht, ze hebben een oude over.’ KE kent de verkoper, een vrouw ‘bij ons uit het dorp’. De drugsverslaafde mevrouw? Ja. Het toestel lag onder een bed.

RK en XS noemden KE als een van de helers. KE: ‘RK heeft een paar spullen bij mij gebracht. Zoals een koffiemachine. Dat is zo.’ KE wilde volgens de rechters bij de politie niet praten. Zegt nu: ‘Ik vertel het liever hier bij jullie dan bij de politie.’ Verdachte is een verzamelaar, maar kocht ook spullen om weer te verkopen. KE: ‘Ik kocht op veilingen hele kaveltjes.

De buit die op de lijst van KE staat: gereedschap (met een waarde: 32.000 euro), schilderij, espresso-machine, modeltreinen (Marklin, Piko), muziekinstrumenten, kettingzaag, miniatuurauto’s, koffer met sierspullen, windbuksen, theedoos met sieraden, houtsnijwerk, aluminium koffers met inhoud, een postzegelverzameling, muntenverzameling, grammofoonplaten, 12 fietsendragers, flatscreen.

Bij een huiszoeking is 15.000 euro aan contanten in de woning van KE gevonden. Gepind bij de bank. Waarom? ‘Ik vertrouw misschien geen banken.’

Een groot deel van de  bovengenoemde spullen zijn gestolen bij een inbraak in een woning in Ter Apel . RK zegt dat de spullen naar KE zijn gegaan.

14.05 uur
KE zegt dat RK een mooiprater was, dan weer was zijn opa overledenen had hij spullen te koop. Dat soort verhalen. KE zegt dat hij ‘na die tijd pas’ besefte dat het om gestolen spul ging. Hij kwam soms met spullen die je niet eens kon tillen. Toen heb ik hem weggestuurd.’

KE zou ook betrokken zijn bij een inbraak in een schuur (opslag) in Stadskanaal, in oktober 2015.  Gestolen spullen zijn aangetroffen bij KE. Zegt (wederom): ‘RK bracht die spullen. Hij was altijd geld nodig voor brandstof.’

Rechters: ‘U dacht nooit, dat is gestolen spul?’
KE: ‘Ik weet niet wat die jongen in zijn vrije tijd doet.’

14.30 uur
Verdachte heeft lange celstraffen gehad in Duitsland, in verband met drugshandel. Speed. Zegt: ‘Ik was verslaafd, met de handel kon ik mijn gebruik financieren. Nu staat werk en gezin op de eerste plaats. Heb laatste  waarschuwing gehad van vriendin. Ik koop geen spullen meer op. Ga ik nog een keer in de fout, dan gaat ze weg met mijn zoontje.’ KE zegt een zwaar jaar te hebben gehad. ‘Ook de spannings naar de rechtszaak toe.’

Je kunt je handen
niet wassen in onschuld

De officier van justitie: ‘Meneer zweeg bij de politie. Waarom als je niets te verbergen hebt? Het gaat bij deze verdachte om veel goederen en dure goederen. Inbrekers konden allemaal bij KE terecht voor geld. Dat je het niet wist, dat hij niet wist dat het om gestolen spul ging, daar kom je niet mee weg. Je kunt je handen niet wassen in onschuld.’

KE (Ter Apel, 30 jaar) heeft niet voldoende verantwoordelijkheid genomen. Ook geldt: zonder heler geen steler. Eis: 8 maanden gevangenisstraf waarvan 4 maanden voorwaardelijk. De advocaat zegt tegen de rechters: ‘Maar waarom toch geloven we KE toch niet? En waarom RK wel als die met beschuldigingen komt? RK heeft alle redenen om anderen te belasten. Er is te veel onduidelijk. Doe een werkstraf. Bij celstraf verliest hij zijn baan. Niemand heeft er baat bij dat dit gezin naar de knoppen gaat.’

15.05 uur
Laatste loodjes. Woensdag staan nog twee mannen terecht bij de politierechter. De negen verdachten die vandaag en gisteren terechtstonden bij de meervoudige strafkamer horen op dinsdag 27 december (vanaf 13.00 uur) waar ze aan toe zijn.

15.15 uur
Laatste woord KE: ‘Tja. Ik vind het jammer dat RK hier niet is. Dan kan ik mij verdedigen. Ik heb al een laatste kans gekregen. Ik wil mijn woning ook wel graag houden, mijn vrouwtje, mijn kind natuurlijk… ‘

einde zitting

>> het verslag van dag 1

> > uitspraken

 

 

Ongewenste manieren

Een van de rechters:
‘Ik zou u nog geen 1,50 euro lenen.’

Schermafbeelding 2016-07-02 om 10.53.26Er zijn mannen die alles hebben, mannen die alles willen hebben en er bestaan mannen van niets.
Al die mannen kun je in de rechtszaal tegenkomen als verdachte.

Ward en Bart zijn mannen van alles.
Ward is 80 jaar, maar noem hem niet zoals de officier van justitie deed ‘een al wat oudere man’.
Want zo voelt hij zich absoluut niet.
Hij had een kwekerij van bloemen en 200 mensen in dienst.
Nu geniet hij van het schoon dat het leven hem te bieden heeft.
Dat doet hij bijvoorbeeld buitengaats en op het platte dak waar zijn jacuzzi staat.
Als het even kan met jonge vriendinnen want ook die heeft hij.

Soms te jong, zegt de officier van justitie.
Ward zou zes jaar geleden in de jacuzzi seks hebben gehad met een 16-jarige werkneemster die hij verleidde met cadeautjes en geld.
Ward ontkent.
Ze was 18 toen het was gebeurd.
Want daar lette hij scherp op.
Zegt: ‘Ik had ze nooit onder de 18. Ik wachtte altijd. En dat vond ik heel moeilijk.’
Rechters: ‘Want u wilde wel eerder?’
Ward, enthousiast: ‘Jaaaa.’
De officier van justitie eist een dag celstraf en een taakstraf van 100 uur.
Wat Ward was, is Bart (66) nog steeds: directeur/eigenaar van een groot bedrijf met vestigingen in Duitsland, Oostenrijk en met de Verenigde Staten in beeld.
Sponsor van lokale activiteiten.
Hij bewoont een van de duurste woningen van Drenthe, zij het dat hij thuis de boel wel ‘flink in de war heeft’ zoals hij het zelf uitdrukt.
Zijn echtgenote maakt namelijk thuis de post open.
Toen ze las dat haar man zich voor de rechtbank in Groningen moest verantwoorden wegens aanranding van de eerbaarheid was het riante huis zowaar te klein.

Bart zucht verongelijkt.
Ziet een vrouw er leuk uit, dan zegt hij dat.
Want hij is van nature een jager.
Tik op de bil Schermafbeelding 2016-07-01 om 00.00.24erbij, knijpje in de zij, niks mis mee.
Tenminste, dat dacht hij altijd.
Hij weet inmiddels beter.
Zoiets mag tegenwoordig niet meer.
Kennelijk.
Ook al zijn de rokjes nog zo kort, zo kort dat ‘ze’ om aandacht vragen, ja er zelf om vragen, de handjes blijven nu thuis.
Hij heeft zijn lesje geleerd.
Zo praat Bart die volgens zijn advocaat niet alleen authentiek is, maar ook een ‘amicale vrijbuiter’.

Twee werkneemsters deden aangifte wegens amicale vrijbuiterij: van ontuchtige handelingen.
Ze waren bang geweest omdat hij de baas was en namen uiteindelijk zelf ontslag.
De officier van justitie: meneer dwong deze vrouwen handelingen te dulden.
Meneer wilde met zijn seksueel getinte gedrag meer dan alleen maar een goede werkgever zijn.
Hij maakte misbruik van zijn positie.
De eis: een taakstraf van 120 uur en twee maanden voorwaardelijke celstraf.
Gerrit (64) is een man die alles wil hebben, bij voorkeur wat van anderen is.
Gerrit had kennis van zaken, kende veel financiële termen uit het hoofd, voorspelde dat heel de bliksemse boel zou instorten, dat banken zouden omvallen en dat hij redder in nood kon zijn.
Vijf echtparen met geld, hypotheken en overwaarde op hun woningen gaven Gerrit – het is dan 2007, 2008 – opgeteld een miljoen euro in beheer.
In ruil kregen ze maandelijks 12 procent rente.
Dat kreeg je nergens.

In 2012 ging het mis.
Plots kwam er aan het einde van de maand geen geld.
Gerrit leek verdwenen, in werkelijkheid leefde hij als een god in Frankrijk die graag ging shoppen in Amsterdam.
Er werd aangifte gedaan en na veel gedoe en weinig prioriteit bij de politie stond Gerrit deze week dan eindelijk terecht.Niks aan de hand, zei hij tegen de rechters.

Nog een maSchermafbeelding 2016-07-01 om 00.04.00and en hij is miljonair.
Hij is namelijk de zoon – denkt hij – van een vermogende mevrouw uit Zwitserland die is overleden.
Er loopt een procedure en als DNA uitwijst dat deze mevrouw (die nog wel opgegraven moet worden) zijn moeder is, dan zijn de miljoenen die zij naliet aan neven en nichten van hem.
En het eerste wat hij dan zal doen, is die vijf mensen betalen.
‘Want ik heb dat geld geleend en dan moet je het ook teruggeven.’

Quatsch, zegt de officier van justitie.
Ook de rechters geven er blijk van bedenkingen te hebben bij de solvabiliteit van de verdachte. Een van de rechters: ‘Ik zou u nog geen 1,50 euro lenen.’
De officier van justitie: 18 maanden celstraf, daarvan 6 voorwaardelijk.

Hassan en Mohamud vormen een schril contrast met Ward, Bart en Gerrit, zo schril dat het zeer doet aan de ogen.
Hassan en Mohamud zijn mannen van niets.
Ze hebben geen geld, geen uitkering of verzekering, geen dak boven het hoofd, dus ook geen jacuzzi, ze hebben geen status anders dan ongewenst, geen toekomst, geen vrijheid, geen dingen om te doen, nooit vakantie.
Wat ze hebben zijn strafbladen, alcoholproblemen, verstandelijke beperkingen, een uitzichtloos en onzeker bestaan, gedachten vol treurnis.

Het feit dat ze ongewenst zijn verklaard en hier toch zijn, maakt dat ze continu de wet overtreden zolang ze ademhalen.
Probleem is dat ze het land niet uitgezet kunnen worden.
Hun pech is dat ze zijn geboren in Somalië.
Dat nekt ze nu.
Somalië is een land zonder autoriteit.

Op koopzondag had Hassan een leren tas gestolen uit de etalage van Dicapolavori in de binnenstad van Groningen.
Het ding kostte 140 euro.
Mohamud zegt dat hij niets heeft gestolen, maar dat hij er wel bij was.
Een voorbijganger zag de mannen lopen met de tas, hij profileerde wat, maakte toen een foto en stapte de winkel binnen.Schermafbeelding 2016-07-01 om 00.10.18
Zo werd de diefstal ontdekt.
De politie deed de rest.
Dit was in april.
Sindsdien zitten ze vast.
Het was een diefstal op bestelling, want bij de aanhouding was de tas al verkocht.
Het geld was bedoeld voor eten.

De twee mannen hebben al veel veroordelingen op naam staan en de maat is vol.
De officier van justitie eist de twee jaar durende veelplegersmaatregel isd.
Voor ongewensten betekent dit dat ze twee jaar in de gevangenis zitten.
De aanklager: het betekent dat ze twee jaar lang een dak boven het hoofd hebben, te eten en dat ze twee jaar lang niets kunnen stelen.
Dat is de winst.

Strafzaken met elkaar vergelijken brengt het gevaar met zich mee dat er verkeerde conclusies worden getrokken.
Het is dus niet zo dat wie het minst heeft, per definitie de hoogste straf krijgt.

Rob Zijlstra

update – 8 juli 2016 – uitspraken
Ward is vrijgesproken. Uit het dossier kan niet met duidelijkheid worden opgemaakt of de vrouw 16 was toen hij seks met haar heeft gehad. dat ze toen al 18 jaar was kan niet worden uitgesloten. Bart is wel veroordeeld: een werkstraf van 80 uur. De rechtbank is het met het OM eens dat hij misbruik heeft gemaakt van zijn positie als directeur. De straf valt iets lager uit dan de eis omdat Bart heeft aangegeven dat hij vrouwvriendelijk is geworden.

Aanstormend miljonair Gerrit moet zitten, conform de eis een jaar cel met nog eens een half jaar voorwaardelijke celstraf als waarschuwing. Voor de oplichtingskwestie is hij vrijgesproken. De straf is vanwege de verduistering van de gelden van de Eindhovenaren.

Hassan en Mohamud krijgen de komende twee jaar een bed met bad en brood, maar raken wel twee jaren vrijheid kwijt opdat ze de middenstand niet kunnen duperen.  De isd-maatregel dus. Ik vraag me af of dit wel in de haak is met de bedoelingen van de maatregel.

Cheb. Wordt vervolgd.

Meneer heeft zijn kansen gehad
Elke dag dat u vastzit
kunt u niets stelen
En dat is winst

 

Schermafbeelding 2016-02-11 om 23.17.02Ik schreef vaker over Cheb (38).
Dat komt omdat hij een vaste klant is van zittingszaal 14.
Cheb wordt al jaren vervolgd en zo ook de verhalen over hem.

De laatste keer dat hij werd vervolgd kreeg hij anderhalf jaar celstraf, maar daarvan mocht een jaar voorwaardelijk.
Dat was zo ongeveer de tiende allerlaatste kans die hij kreeg in zijn carrière die zich uitstrekt over 25 jaren.

Nooit maakte hij promotie, maar hij ontwikkelde wel een specialisme.
Hij wandelt kantoorgebouwen binnen, groet iedereen vriendelijk, houdt deuren open die normaal voor anderen gesloten moeten blijven, kijkt hier en daar wat rond en gaat dan weer weg.
De op bureaus rondslingerende laptops, mobiele telefoons en portemonnees neemt hij mee.
Zo kan Cheb de gretige dealers betalen.

Waar hij ook goed in is: studentenpanden.
Met een stukje hard plastic flippert hij zo de doorgaans slecht onderhouden voordeuren open.
Ook in studentenpanden slingeren laptops en aanverwanten nogal eens vrolijk rond.

Het is verleidelijk en ook wel gemakkelijk om over Cheb een leuk verhaaltje te schrijven. Want Cheb is nu eenmaal een heel aardige crimineel.
Nooit zal hij een vlieg fysiek kwaad doen.
Als de rechters hem vragen of hij nog weet wat hij nu weer heeft uitgevroten, schudt hij langzaam het hoofd en zegt dan, bedachtzaam: ‘Wat ik mij specifiek kan herinneren is dat ik geen geweld heb gebruikt.’

De vorige keer was hij de synagoge in de Folkingestraat in Groningen binnengewandeld.
Er was daar een tentoonstelling waar entree werd geheven.
Cheb had ‘entree’ onmiddellijk geassocieerd met contant geld.
Eenmaal binnen had hij het geldkistje zo te pakken.

Cheb wordt zelf ook altijd gepakt.
In de rechtszaal had hij zijn hoofd gebogen en gesproken: ‘Ik vind het vreselijk dat ik zo laag ben gezonken, zo laag om in te breken in de synagoge, ook gezien de historie en het feit dat ik Marokkaans ben.’

Cheb deed de rechters toen een voorstel.
Hij had gezien dat de synagoge wel een likje verf kon gebruiken, zowel van binnen als van buiten.
Als hij dat nou eens zou doen, dan deed hij a, iets terug voor de samenleving en b, het zou hem een verblijf in de gevangenis kunnen besparen.
Cheb vertelde ook dat hij had besloten sowieso te stoppen met de criminaliteit.
De reden: Anna.
Smoorverliefd.
Dat was eind 2013.

Veel regelmatige klanten van zittingszaal 14 wijten hun criminele inborst aan foute vrienden.
Een goede remedie tegen dit karakter: verhuizen, zo ver als mogelijk bij het vriendengespuis vandaan.
Ook Cheb had dat gedaan.
Na een kwart eeuw wandelen door Groningen, had hij besloten een nieuw leven op te bouwen in Leeuwarden.
Helaas niet met Anna, met Anna was het uit.

In oktober vorig jaar liep Cheb in zijn nieuwe woonplaats langs het Centrum Infectieziekten Friesland (Izore).
Uitgerekend toen hij het gebouw passeerde, ging het alarm af.
Hij werd aangehouden en meegenomen naar het politiebureau waar hij had gezwegen.
Waarom?
Cheb: ‘Het was zo overweldigend. Ik voelde zoveel frustratie en teleurstelling. Dat het weer mis was gegaan. En ik was onder invloed. Zo erg dat die agenten het raampje van de politieauto opendraaien, zo stonk ik.’
Is hij ook in het pand geweest?
Cheb: ‘Het is vaag, maar het kan zijn dat ik een paar spulletjes heb meegenomen.’

En zo ging het bij scholen, in het woonzorgcentrum Abbingahiem.
Over de insluiping bij een tandartsenpraktijk heeft hij zijn twijfels.
‘Volgens mij zocht ik daar gewoon medische hulp.’
Veel spijt heeft hij van de diefstal van negen dure laptops, gestolen uit een rolcontainer bij Wetsus.
Tegen de rechters: ‘Ik heb gelezen dat er wetenschappelijk onderzoek verloren is gegaan. Dat is echt schandalig van mij, ik heb hier geen woorden voor.’
Wat er met de computers is gebeurd?
Ingeleverd bij zijn inhalige dealers, als aflossing van een eeuwig durende schuld.
Cheb: ‘Voordat ik het in de gaten had, zat ik alweer in de vicieuze cirkel.’

Komt het ooit nog goed?
Cheb veert een klein beetje op.
En of.
Hij is smoorverliefd.
Op Marijke.
Met haar zal hij gelukkig kunnen zijn.
Marijke moeten de rechters weten, is een hoogopgeleide vrouw die niet eens weet wat drugs zijn.
Zij komt niet uit het wereldje.
Marijke zoekt Cheb op in de gevangenis en samen volgen ze systeemtherapie wat volgens Cheb nu al vruchten afwerpt.

Cheb: ‘Ik heb de vrouw van mijn leven ontmoet. Zij heeft de waarden die altijd al in mij zaten naar boven gehaald. Al die jaren hunkerde ik daar naar. Het leven dat ik heb geleefd, haat ik. Mijn verleden stond in het teken van ontkennen. Maar ik heb nu het punt bereikt, dat ik helemaal klaar ben.’

De officier van justitie plengt geen tranen van ontroering en ook niet van grote vreugde nu een van de hardnekkigste justitieklanten op het punt staat een brave burger te worden. Hadden de rechters net niet opgemerkt dat bij Cheb sprake is van een hardnekkig terugvalpatroon?
Eén emotionele tegenslag en het gaat weer mis?
Dat staat in de rapporten, geschreven door de mensen die tien jaar geleden al rapporteerden zich geen raad te weten met deze verdachte.

Cheb mag dan een vriendelijke crimineel zijn waar je een verhaal met een glimlach over kunt schrijven, zij die door hem zijn bestolen, zullen daar heel anders over denken.
Zij zullen vinden dat Cheb niet om te lachen is en geef hen eens ongelijk.

Dat vindt ook de officier van justitie.
Zij zegt: ‘Meneer heeft zijn kansen gehad. Elke dag dat u vastzit, kunt u niets stelen. En dat is winst. Ik eis vijftien maanden celstraf plus die twaalf maanden die u in 2013 voorwaardelijk opgelegd heeft gekregen.’

Cheb kijkt bedenkelijk.
Kan hij niet iets terugdoen voor de samenleving?
Hij zou bijvoorbeeld de maximaal op te leggen werkstraf kunnen uitvoeren en dat dan tweemaal.
Hij zegt bang te zijn Marijke te verliezen als hij te lang in de gevangenis moet zitten.

Er valt even een stilte in de zittingszaal.
Cheb pakt de kans die hij niet krijgt van de officier van justitie.
Hij zegt dat hij als Marokkaan geen tweederangsburger wil zijn.
En dat hij graag met alle respect koning Willem-Alexander wil citeren: ‘Niet iedereen kan een Epke Zonderland zijn…’

Wordt vervolgd.

Rob Zijlstra

update – 22 februari 2016
Cheb is veroordeeld, maar heeft nog wel een kans gekregen. De rechtbank heeft een deel van de straf voorwaardelijk opgelegd: 15 maanden waarvan 6 voorwaardelijk. De bonus van 12 maanden krijgt hij ook. De rechters achten alles bewezen met uitzondering van de insluiping bij de tandartsenpraktijk.

 

cheb de flipper

 

‘ Eenheid zonder verscheidenheid is verstikkend. Verscheidenheid zonder eenheid is los zand. Nederland is meer dan zeventien miljoen selfies. We hebben elkaar nodig, sterker dan we vaak zelf beseffen. Ieders gaven en vaardigheden zijn waardevol en belangrijk.

Niet iedereen kan een Epke Zonderland of Gijs Tuinman zijn. Niet iedereen kan uitblinken als leraar, dokter, wetenschapper of hulpverlener. Maar de kracht van Nederland omvat veel meer dan individuele talenten. De kracht zit in wat we er samen van maken (…)

fragment kersttoespraak 2014 van Willem-Alexander waaruit Cheb citeert  

Belazerd en bedonderd

Je hebt me belazerd, je hebt me bedonderd
En wat me nu na al die jaren nog verwonderd
Dat ik dat nooit vergeten zal al word ik honderd
Je hebt me belazerd, je hebt me bedonderd

 

Schermafbeelding 2016-01-14 om 23.06.07Wim is belazerd door een liefdeloze vrouw van plezier, terwijl Bart zo goed als zeker weet dat hij wordt bedonderd door die ellendige Wim met z’n malle praatjes.
Als het op belazeren en bedonderen aankomt, is de rechtszaal een waar lieglustoord.

Vier maal was de 54-jarige Wim uit Heerenveen op die zomerse dag in augustus (vorig jaar) bij Jennifer geweest, in de rosse buurt in Groningen.
Vier keer had hij haar ook betaald, tweehonderd euro per keer.
Ze had haar prijs.
Toen hij laat die nacht, vroeg in de ochtend, voor de vijfde keer voor haar raam stond, ging het mis.
Hij vroeg of hij mocht slapen op haar bed omdat hij moe was.
Maar de snode Jennifer peinsde er niet over en zei dat-ie maar ergens onder een brug moest gaan liggen.
De gek!

Wim zegt tegen de rechters: ‘Ik was teleurgesteld. Ik dacht dat het liefde was, maar het ging haar alleen maar om mijn geld. Ik voelde me besodemieterd.’
Rechters: ‘U was boos.’
Wim: ‘Nou ja, boos? Ik deed in ieder geval alsof. Ik laat mij niet in de maling nemen.’
Rechters: ‘U riep dat u uw geld terug wilde, dat u anders de boel in elkaar zou slaan.’
Wim: ‘Zij sloeg me op mijn kop.’
Rechters: ‘Ja, logisch, u pakte haar geld.’
Wim: ‘Haar vriend stond buiten.’
Rechters: ‘Is het waar dat u een bijl had meegenomen?’
Wim haalt de schouders op: ‘Nuchter val ik best mee.’

Dat van die bijl klopte.
Wim zegt dat hij ook wel begrijpt dat dat achteraf gezien wat raar overkomt.
Dat je dan rare dingen kunt denken.
Want wat doet een man met een bijl?
En het was natuurlijk ook niet netjes om haar geld te pakken.

Rechters: ‘Want daar had ze voor gewerkt.’
Wim: ‘Agenten zeiden tegen mij dat ik het geld terug moest geven. Dat heb ik toen ook gedaan.’

De rechters: ‘Vier keer tweehonderd euro op één dag, dat is best veel. Toch?’
Wim: ‘Ik had het gespaard over de jaren heen.’
Rechters: ‘Om het dan in een keer uit te geven?’
Wim die met zijn vinger een vuiltje van zijn mouw veegt: ‘Och, dat maakt mij niets uit.’

Er is nog meer aan de hand met deze verdachte.
Een maand eerder zou hij geld hebben gestolen uit een woning aan de Dorpsstraat in Drenthe. Volgens de aangifte gaat het om 8.275 euro.
Bart, de bewoner, zegt dat er in totaal zo’n 13.000 euro is verdwenen, op verschillende momenten.
Hij licht toe: ’Ik kan niet bewijzen dat hij het hele bedrag heeft gestolen’.

De bedonderde bewoner is handelaar in oud en ambulant goed, in oude tractoren bijvoorbeeld.
Het gaat vooral om contante handel waarvan niet zoveel op papier komt.
De contanten lagen verstopt in de woning.
Wim kwam vaak bij Bart over de vloer, gewoon voor de gezelligheid.
De gedupeerde handelaar zegt tegen de rechters: ‘Ja, hij vond het gezellig, maar ik niet. Ik vind hem een rare kerel.’

Op een dag wordt Wim slapend in zijn auto nabij het treinstation in Meppel aangetroffen door de politie.
Hij stond geregistreerd om aangehouden te worden in verband met die diefstal in de Dorpsstraat. Het kenteken klopt en in de auto vindt de politie het rode petje met daarop de naam Valentino Rossi.
Zo’n petje was ten tijde van de diefstal in de Dorpsstraat gesignaleerd.

De rechters: ‘MotoGP.’
Wim: ‘Rossi is mijn favoriet.’

Onder de bijrijdersstoel vinden de agenten nog iets.
Een plastic zakje met daarin 23.970 euro.
Wim zegt dat hij oude tractoren koopt, restaureert en weer verkoopt.
Beste handel.
Hij droomt van een Lanz Bulldog, een tractor met een liggende één-cilinder tweetakt gloeikopdieselmotor.
Het is de koning onder de tractoren en kost al gauw 30.000 euro.
Vandaar dat geld onder de bijrijdersstoel.
Wim: ‘Mijn spaargeld.’

In de Drentse Dorpsstraat was hij nooit geweest, vertelde hij eerst aan de politie.
Later zegt hij dat dat een leugentje was, dat hij er wel is geweest.
Maar nooit was hij in de woning, laat staan dat hij geld heeft gestolen uit het afgesloten kabinet in de woonkamer.

De rechters vinden het maar raar.
Sowieso.
Zo veel geld, terwijl hij officieel een inkomen geniet van 900 euro per maand.
Wim meent dat ze wel meer kunnen zeggen.
Hij rekt zich iets uit en zegt: ‘Ik, deze man, deed ooit op een racefiets 18 kilometer in 25 minuten.’
Met niet minder trots merkt hij op dat hij geen medicijnen gebruikt.
‘Ik ben anti-tablet.’

Goed, de drank was wel een probleem.
Maar, zegt hij: ‘Ik doe geen drank meer in de auto. Daar ben ik mee gestopt.’
Dat er aan zijn goede verstand wordt getwijfeld, vindt Wim hoogst merkwaardig.
‘Ooit heb ik in Drachten een hoogleraar ontmoet. We hebben gepraat en hij schatte mij in op een gemiddeld niveau. Ik sta open voor een behandeling, maar kom mij dus niet aan met psychiaters.’

De officier van justitie vindt dat er 8.275 euro aan Bart teruggegeven moet worden.
Dat Wim de dief van de Dorpsstraat is geweest, dat staat voor haar vast.
Hij is er met zijn rode petje gesignaleerd en hij belazert en bedondert de boel.
Eerst zegt-ie dat hij Bart niet kent, later geeft hij toe er regelmatig op bezoek te komen.
En al helemaal is er geen twijfel over de diefstal in de kamer van Jennifer, waarbij ook nog eens geweld is gebruikt.

De advocaat van Wim meent dat er amper van diefstal bij Jennifer gesproken kan worden.
‘Hij is maar heel even heer en meester van het geld geweest, geld dat hij heeft teruggegeven. En duwen is geen heus geweld. De misdaad in de Dorpsstraat kan niet worden bewezen, want er zijn slechts verklaringen opgetekend uit de mond van de bewoner. Dat is onvoldoende en dat betekent vrijspraak.’

De officier van justitie eist negen maanden celstraf waarvan er zes op de lat mogen komen te staan.
Als waarschuwing.
Met die drie maanden die overblijven is de tijd verrekend die Wim in voorarrest heeft gezeten. Neemt de rechtbank de strafeis over, dan kan iedereen overgaan tot de orde van de dag.

Bart van de Dorpsstraat verlaat hoofdschuddend de rechtszaal.

Rob Zijlstra

uitspraak op 28 januari