tbs

Een week 14 [2]

Een laatste week op de rechtbank
voorafgaand aan een vakantie

De meervoudige strafkamer van de rechtbank in Groningen doet deze week in zittingszaal 14 welgeteld 26 zaken. Daarvan staan er 12 op de nominatie te worden behandeld. In 14 strafzaken wordt uitspraak gedaan, dat zijn zaken die twee weken geleden zijn behandeld. Er is van alles wat, het is een reguliere week die ongetwijfeld anders zal verlopen dan de rol van de rechtbank aangeeft. Een weekverslag, deel 2.

.

WOENSDAG 13 juli 2016

Schermafbeelding 2016-07-13 om 10.34.25

dagblad van het noorden, 21 juli 2005

10.00 uur
Naarmate ik langer in de rechtszaal zit, kom ik vaker oude bekenden tegen. Sommige verdachten vergeet ik nooit. Andy bijvoorbeeld nooit. Ik zag zijn naam deze week op een lijstje staan, een alledaagse en veelvoorkomende achternaam.

Er ging onmiddellijk een lampje branden. De man met het masker. De laatste (vooralsnog) bankovervaller van Groningen, de man die in de binnenstad van Groningen winkelpersoneel met klanten gijzelde. De man die niet alleen dreigde met zijn wapen, maar er ook echt mee schoot. De man die dat allemaal deed omdat hij geen geld had, maar wel cadeautjes wilde kopen voor zijn dochtertje

In december 2006 schreef ik een verhaal over hem. Hij kreeg toen 6 jaar celstraf en tbs met dwangverpleging. Ik schreef onder meer dat hij nog wel een jaar of 10 (pakweg) zou moeten wachten alvorens op vrije voeten te komen. Nu het 10 jaar later is moet Andy weer komen opdraven in zittingszaal 14.  Ligt  het aan het Openbaar Ministerie dan is zijn wachten nog niet voorbij. Naar verluidt, meer wil de advocaat er nog niet over zeggen, komt de officier van justitie vanmiddag met een vordering de tbs-maatregel met twee jaar te verlengen.

het verhaal over Andy: excuses [pdf]

15.30 uur
Het gaat iets anders. Veel beter. Andy krijgt de complimenten van de officier van justitie Pieter van Rest. Tbs is gericht op de terugkeer in de samenleving en het is mooi dat dat hier lijkt te gaan lukken, zegt hij. Ook: ‘Meneer heeft met bloed zweet en tranen een mooi resultaat bereikt. Het perspectief is positief.’

Om nog een jaar een vinger aan de pols te houden stelt de tevreden officier van justitie wel voor de maatregel met een jaar te verlengen. De dwangverpleging was vorig jaar al beëindigd. De man moet zich nog aan vijf voorwaarden houden. Dat waren er elf.

De rechtbank heeft geen twee weken – gebruikelijk – nodig om tot een oordeel te komen. Na een beraad van nog geen vijf minuten meldt de rechtbank dat ‘we’ het gaan doen zoals de officier van justitie het heeft voorgesteld.

Bij het verlaten van de rechtszaal zeg ik tegen Andy: ‘Zet’m, op.’
Waarom niet?
Hij zegt: ‘Zeker weten’
Dat ik 10 jaar geleden een verhaal over hem heb geschreven, weet hij niet meer.
Maakt hem vast ook niet uit.

De advocaat zegt weer iets anders.
Zij zegt: ‘Zie je wel, het was een totaal oninteressante zitting.’
Ik ben bang dat deze advocaat nog denkt dat de pers alleen is geïnteresseerd in slechte zaken, in negatieve dingen.

17.05 uur
Ik ga voor de krant van morgen een positief artikel schrijven. Dat het goed gaat met de tbs’er. Ik heb 65 regels toebedeeld gekregen.

00.30 uur
Ik dacht ineens, het is natuurlijk maar hoe je het bekijkt. Dat het goed gaat met de man is misschien voor de slachtoffers die hij maakte, ook na zo’n lange periode, misschien helemaal geen goed nieuws. Ik weet nog dat een van de slachtoffers haar baan opzegde, zo bang was ze om nog langer in een winkel te werken. Dat is heftig.

Schermafbeelding 2016-07-13 om 18.32.50

de krant van morgen

→  deel 1

deel 3

morgen – donderdag – is er een goed
gevulde rechtbankdag met met name
in de middag een bijzondere strafzaak 

Onaangenaam gezelschap

Weet u wel wat ze tegenwoordig
met snitchers doen?

Schermafbeelding 2016-04-23 om 23.39.08

@zittingszaal14

Mark kijkt aan het einde van de bijna zes uur durende zitting met een schuin oog naar de grote camera die rechts van hem op een statief in zittingszaal 14 staat opgesteld.
De lens loert in zijn richting.
Mark weet: televisie.
Het is Hart van Nederland, SBS.
Dat is voor hem niet gunstig.
Mompelt: ’Al die pers, heel dat circus.’

Hij vertelt aan de rechters, voor de zoveelste keer tijdens de zitting, dat hij een eenzame man is.
‘Niemand vindt mij leuk, daarom heb ik mezelf teruggetrokken.’
Zucht diep, veegt tranen weg.
‘En nu zit ik in de gevangenis. Nou, als je je ergens eenzaam voelt, dan is het daar wel. Ik kan… ik durf ook aan niemand te vertellen waarom ik daar zit. Ik lieg de hele dag alles bij elkaar. Als ze erachter komen dat ik voor zeden zit, dan kan ik het vergeten. Ik word nu nog door de zwaarste criminelen gevraagd om met hen te voetballen. Dat vind ik leuk, ze vinden me aardig. Maar als vanavond Hart van Nederland is uitgezonden, kan ik mij nergens meer in de gevangenis vertonen. Zit je voor zeden, dan heb je het heel zwaar.’

De rechters proberen Mark gerust te stellen.
De pers, zeggen de rechters, noemt nooit namen van verdachten.
Mark is er niet gerust op.
Het is niet de eerste keer dat hij terechtstaat en in de pers is eerder aandacht voor zijn zaak geweest.
‘Toen wist iedereen dat het over mij ging.’

Wat de officier van justitie betreft zal de van ontucht beschuldigde Mark de komende tijd moeten blijven liegen en bedriegen, want de strafeis luidt opgeteld 30 maanden celstraf en tbs met voorwaarden.
Gaat het weer fout, dan staat de deur naar tbs met dwangverpleging voor hem open.

Ook de 46-jarige Nino uit Groningen is allesbehalve gerust.
In zijn woning zijn drugs gevonden – 273 gram cocaïne en 183 gram wiet – in een lade in de slaapkamer lagen honderden plastic gripzakjes waarin drugs worden verkocht, ergens slingerde een weegschaaltje, overal mobiele telefoons (14 in totaal), een pistool van Umarex en onder het matras een BBM-revolver met patronen.
Buiten bij de voordeur hingen camera’s.

Nino kan het verklaren.
De rechters mogen best weten dat hij vroeger dingen heeft gedaan, dingen die hij nu niet meer doet.
Dat heeft hij zijn dochter die hij elke dag naar school brengt en voor wie hij kookt beloofd.
Sowieso is hij bezig jongeren die bij hem in de straat rondhangen ervan te overtuigen dat ze niet het slechte pad moeten kiezen.
Dat slecht niet stoer is.

De rechters: ‘Maar die spullen die bij u zijn aangetroffen zouden erop kunnen duiden dat bij u thuis drugs worden verhandeld. Dan geeft u niet het goede voorbeeld.’
Nino zegt dat de rechters het verkeerd zien.
Het zit zo.
Er was een vrouw die tijdelijk bij hem kwam wonen, die drugs waren van haar, niet van hem.
Een van de wapens had hij afgepakt van een vriend met slechte ideeën, daar had hij toch goed aan gedaan.
De telefoons zijn oude telefoons, tien, vijftien jaar oud, ja, die verzamelt hij, de plastic zakjes zijn er om vlees in te doen, de twee camera’s bij de voordeur hebben het nooit gedaan, die heeft hij daar stuk opgehangen.

De officier van justitie suggereert dat Nino de tijdelijke mevrouw met drugs had kunnen weigeren en dat hij in beslag genomen wapens had kunnen melden bij politie.
Had hij dat gedaan, dan was zijn verhaal misschien geloofwaardig geweest.

Nino reageert ontzet.
‘Wat? Aangeven bij de politie?’
Tegen de rechters, met stemverheffing: ‘Weet u wel wat ze tegenwoordig met snitchers doen? Praat je met de politie, dan komen ze bij je aan de deur en dan hakken ze je kop eraf. Niemand die mij beschermt.’
De rechters moeten weten dat de tijdelijke mevrouw met drugs de vrouw is van een president van een motorbende.’
De rechters: ‘Ja, dat is wel link.’

De officier van justitie eist 15 maanden celstraf.
Nino, nog steeds van slag: ‘Ik ben geen verrader.’

Verraders en plegers van ontucht genieten in gevangenschap geen aanzien.
Dat is eens begonnen in Amerikaanse speelfilms en nu is het ook in het echt zo.

In december 2014 is er in de van Mesdagkliniek in Groningen, op de afdeling resocialisatie, een feestje gaande.
Niet dat er iets valt te vieren, maar er is drank (strohrum) en er zijn drugs.
Dan wil het wel.
Bernard is niet uitgenodigd.
Bernard ligt niet lekker in de groep.
Omdat hij, zeggen ze, een pedo is.
Bernard zit alleen op zijn kamer met de deur op slot.

Halverwege het feest wordt het hem teveel en vraagt hij aan de feestgangers of de muziek wat zachter kan.
Hij krijgt verwensingen naar het hoofd geslingerd en hij keert terug naar zijn verblijf.
De feestvierders, het zijn Tim, Ben en Sjon, vinden dat het maar eens moet zijn afgelopen met die altijd zeurende Bernard, die ‘vieze pedo’.
Ze besluiten Bernard te vermoorden.

De officier van justitie: ‘We hebben het hier dus over een zuivere poging tot moord in vereniging.’

Het wordt een nare gebeurtenis.
Met een smoes weten ze Bernard te bewegen de deur te openen en dan gaan ze los.
De afranseling heeft veel weg van een marteling.
Hij wordt geslagen, geschopt, met een schaar bewerkt, met een bot broodmes dreigen ze zijn keel open te snijden, met een koord uit een kledingstuk proberen ze hem te wurgen.
Af en toe nemen ze even pauze.
Na een uur gaat Sjon (met bloed besmeurd) bij een mede-patiënt een sigaret roken.
Die zegt dat het geen goed idee is, zo’n moord op de afdeling.
Sjon laat zich overtuigen en waarschuwt kort daarna via de intercom de slapende beveiliging.
Tim zal later toegeven dat als de beveiligers niet waren gekomen, Bernard het niet zou hebben overleefd.

Sjon zegt dat hij meedeed, juist om te voorkomen dat de situatie zou escaleren.
Ben zegt hetzelfde.
Tim had laten weten ontzettend veel spijt te hebben van wat er is gebeurd (hij stond in januari al terecht).
De officier van justitie gelooft geen van allen.

Tim kreeg een nieuwe tbs met dwangverpleging.
Die hij had vervalt.
Ben en Sjon, die al jaren tbs’ers zijn, horen gevangenisstraffen eisen van 24 en 30 maanden.
De officier van justitie: ‘Wie tbs heeft, heeft geen vrijbrief tot straffeloosheid.’

Misschien moet Mark alvast zijn foto’s van Facebook verwijderen.

Rob Zijlstra

uitspraken volgen

ik schreef eerder over Mark: de schennispleger [2014]

 

Lichtsnelheid en rommelzooi

Ze hadden cannabis, een fles
Stroh Rum en xtc-pillen.
Genot dat in de Van Mesdag
eenvoudig is te verkrijgen.

 

Schermafbeelding 2016-01-08 om 00.33.12Een strafzaak verloopt in de zalen van het recht volgens een vast stramien.
Zo krijgt de verdachte bij aanvang altijd allereerst te horen dat hij niet verplicht is antwoord te geven op vragen die aan hem worden gesteld.
Helemaal aan het einde van de strafzaak geeft de rechter aan de verdachte het hem wettig gegunde laatste woord.
Dat moet ook altijd.

Kennelijk is dit de meest effectieve manier om grip te krijgen op de onvoorspelbare wereld van de misdaad die zich juist niet laat vangen in orde en regelmaat.
De misdaad, hoe klein die ook is, kenmerkt zich door ordeloosheid.
Misdaad is vaak maar een rommelzooi.

Neem de 33-jarige Yousef uit Herat, Afghanistan.
Hij was de eerste verdachte die dit jaar in zittingszaal 14 terecht moest staan.
Yousef had in tien jaar tijd zijn honderdste misdaad gepleegd.
Bij de Plus-supermarkt in Groningen had hij een blikje vis en een zakje vissaus in de jaszak gestopt.
Plus-medewerksters zagen dat.

Yousef heeft het zo druk met stelen dat hij nooit is toegekomen aan het eigen maken van de Nederlandse taal.
Zo komt hij geen steek verder.

In 2014 jatte hij vijf bierkratten vol lege flessen uit een tuin van studenten.
De officier van justitie verzocht de rechtbank toen de twee jaar durende veelplegersmaatregel isd op te leggen.
De Groninger rechters vonden twee jaar voor vijf kratten buiten de proporties.
Yousef kreeg drie weken celstraf.
Er volgde hoger beroep.
En wat?
De rechters van het gerechtshof vonden twee jaar isd heel gepast en legden die ook op.
Deze kwestie ligt nu ter boordeling bij de Hoge Raad.

Voor de nieuwe misdaad, het blikje vis met de saus, eiste de officier van justitie opnieuw de isd-maatregel.
De kans is daarmee vrij groot dat Yousef straks met twee isd-veroordelingen zit opgescheept.
Het zal de Afghaan vast worst wezen, maar zoiets kan helemaal niet. De wet voorziet er niet in.
De officier van justitie kwam met een voorstel: als hij er twee krijgt, executeren (voltrekken, uitvoeren) we er maar eentje.

Dat is niet netjes, maar wel praktisch opgelost.

Of neem de 28-jarige Wessel uit Oostrum, Friesland.
Wessel is tbs’er die in december 2014 in de Van Mesdagkliniek in Groningen met twee mede-patiënten flink aan de tetter was gegaan.

Ze hadden cannabis, een fles Stroh Rum en xtc-pillen.
Genot dat in de Van Mesdag eenvoudig is te verkrijgen, mompelde Wessel.
Hoe het zo kon gebeuren, dat andere, bleef tijdens de rechtszaak vaag.
Het varieerde van ‘het was gewoon uit de hand gelopen’ tot aan een geplande actie waarbij medeverdachte Bob een spel had gewonnen met als prijs dat hij diegene was die de moord mocht plegen.
Hoe dan ook, ze waren met een smoes de kamer van mede-tbs’er Willem binnengedrongen.

Omdat Willem een pedo is.
En van pedo’s worden wij niet vrolijk, zegt Wessel.
Een uur lang beukten ze kachel op hem in.

Willem overleefde de aanslag.
Waarom?
Wessel zegt dat hij daar niet om heen wil draaien: ‘Omdat de beveiliging kwam.’
Wat als die niet was gekomen?
Dan was Willem waarschijnlijk nu dood, antwoordt Wessel.
Hij zegt: ‘Dat is simpel zat.’
Was dat ook de bedoeling?
Wessel: ‘Nee, we wilden hem niet dood hebben. We wilden hem alleen maar waarschuwen. Was hij wel doodgegaan dan had ik dat verschrikkelijk gevonden.’

Behalve slaan en schoppen hadden ze Willem met een mes in de pols gestoken, dreigden ze zijn keel open te snijden en hadden ze een koord om de nek strak getrokken, zo strak dat Willem niet alleen dacht, maar ook voelde dat het over en uit was.
Wessel: ‘Klopt. We hebben hem flink toegetakeld.’

En dan is het even na drieën.
Buiten de orde om zeggen de rechters dat ze even willen bekijken hoe buiten de buien erbij hangen.
Er is nog meer ijzel op komst en iedereen moet veilig thuis kunnen komen.
Nog altijd code rood?
De rechters besluiten de strafzaak stil te leggen om ergens later dit jaar verder te gaan.

Ho, zegt de advocaat van Wessel: ‘Probleem.’
Wessel zit nog tot 31 januari in de tbs.
Daarna moet hij de kliniek verlaten, dan is hij klaar.
Maar hij heeft niks, hij zal op straat belanden en dakloos verder moeten leven.
Komt bij dat Wessel zelf liever gewoon tbs’er wil blijven.

Weer wordt praktisch nagedacht.
De rechters stellen voor om aanstaande maandag verder te gaan met Wessel.
De twee medeverdachten kunnen gerust later dit jaar.
Mocht de officier van justitie maandag een nieuwe tbs eisen (is de verwachting) dan kan de rechtbank nog voor de 31ste uitspraak doen.
Kan Wessel mooi blijven zitten waar hij zit.

Zo moet het niet, maar de oplossing is efficiënt en toepasbaar.

En dan was er op die eerste zittingsdag van het nieuwe jaar ook nog de 20-jarige Maron.
Hij wordt verdacht van een serie van 25 serieuze woninginbraken, gepleegd in 2014 in vooral Sappemeer, Hoogezand en Zuidlaren.
Begin 2015 werden Maron en vijf van zijn kompanen gearresteerd.
De medeverdachten zijn al eerder op vrije voeten gesteld, want de inhoudelijke behandeling van de strafzaak laat nogal op zich wachten.
In maart – dat is dus ruim een jaar na de arrestaties – moeten nog getuigen worden gehoord.
Pas daarna wordt een datum bepaald waarop de verdachten zich moeten komen verantwoorden.

De rechters zeggen tegen Maron dat ze flink hebben zitten rekenen en uiteindelijk tot een conclusie zijn gekomen.
Ze zeggen: ‘Uw tijd zit erop. U mag naar huis.’
De rechters hebben uitgerekend dat de straf die Maron uiteindelijk zal krijgen niet langer zal duren dan de tijd die hij nu al heeft vastgezeten.
En als dat zo is, dan wil de wet dat het mooi genoeg is geweest.

Niets kan sneller bewegen dan het licht, sprak Albert Einstein.
En waarom kan dat niet?
Albert Einstein: ‘Omdat anders oorzaak en gevolg verwisseld raken.’

In zittingszaal 14 heerst de orde van het recht, maar in de praktijk kun je met het vaste stramien alle kanten op.
Twee opgelegde straffen tegelijk kan, want eentje wordt toch niet uitgevoerd.
Moet ik weg?
Doe dan nog maar een tbs.
Of – geval Maron – dat je eerst je straf uitzit en dat pas daarna het strafproces volgt.
Eerst de uitslag, daarna de wedstrijd.

In de rechtszaal kunnen de vaste elementen sneller bewegen dan het licht.
Of dat geen mooi begin is van een nieuw jaar.

Rob Zijlstra

update – 11 januari 2016 – vervolg
Het Openbaar Ministerie heeft – zoals de verwachting was – tbs met dwangverpleging geëist tegen Wessel. De rechtbank doet op 25 januari uitspraak. Dat is een paar dagen voor de afloop van de gemaximeerde tbs van vier jaar die Wessel aan de broek had hangen. De nieuwe tbs is niet gemaximeerd. De officier van justitie zei dat Wessel daarom een ongewisse toekomst tegemoet gaat.

update – 25 januari 2016 – uitspraak
Wessel is – geen verrassing – veroordeeld tot tbs met dwangverpleging zonder einddatum.

De naam

het recht om te weten
het recht om te vergeten

Kan iemand eisen dat zijn of haar naam wordt verwijderd van het internet?
Dat kan.
Eisen kan altijd.

Er is een man die deze eis heeft ingediend bij de rechtbank in Groningen.
Hij eist dat zijn naam onverwijld wordt verwijderd uit een artikel dat gaat over het verwijderen van namen uit de zoekmachines van Google.
De man had Google verzocht dit te doen.
Op ongelukkige wijze kwam dit verzoek met naam een toenaam op het internet te staan.

De eiser is niet zomaar een man.
In 2015 2005 bracht hij zijn partner Simone van Kleeff in Barendrecht om het leven.
De man werd voor deze misdaad veroordeeld tot 12 jaar celstraf en tbs met dwangverpleging.
Hij verblijft momenteel in de Van Mesdagkliniek in Groningen.

Wat hij heeft gedaan vindt hij vreselijk, maar hij moet wel verder met zijn leven.
En dat lukt niet wanneer zijn naam – bijvoorbeeld via Google – gekoppeld blijft aan die nare geschiedenis.

Deze week diende voor de Groninger rechtbank een kort geding dat hij heeft aangespannen tegen de Federatie Nabestaanden Geweldslachtoffers (FNG).
Het gewraakte artikel staat op de site van de federatie.
De federatie wil het recht behouden om de namen van moordenaars van hun dierbaren te blijven herinneren.

De man vindt dat de koppeling tussen hem en de moord ongeoorloofd is.
Er is sprake, vindt hij, van ongeoorloofde eigenrichting.
Het vermelden van zijn naam is niet proportioneel en het dient geen doel.
Ook geen artistiek of journalistiek doel.
Oftewel: de streep er door.

Geen denken aan, zegt de tegenpartij die wordt bijgestaan door slachtofferadvocaat Richard Korver.
Volgens Korver is er een recht om te vergeten, maar ook een recht om te weten.
Alles afwegende dient dat laatste te prevaleren.

Immers – nog steeds Korver – heeft de maatschappij het recht te weten wat voor vlees zij in de kuip heeft, hebben de kinderen van Simone van Kleeff het recht te vinden over hun vader wat ze willen en ook de toekomstige partners en vrienden van de moordenaar hebben het recht te weten met wie ze te maken hebben.
Richard Korver: ‘Meneer probeert de sporen van zijn daad achteraf te verdoezelen.’

Of dit laatste mogelijk is, is overigens maar zeer de vraag.
Naar aanleiding van het kort geding hebben diverse websites zijn volledige naam gepubliceerd.

De kortgedingrechter doet op vrijdag 1 mei uitspraak.

Rob Zijlstra

update – 1 mei 2015 – uitspraak
De rechter heeft gewikt en gewogen en stelt dat het belang van de vrijheid van meningsuiting zwaarder moet wegen dan het belang van bescherming van de privacy. In dit geval: de nabestaanden winnen het van de moordenaar.

Schermafbeelding 2015-05-01 om 11.08.00

klik op afbeelding

Schermafbeelding 2015-04-16 om 10.55.58

Silly walks 1

de meeste mensen
overvallen geen Albert Heijn
bij onvoldoende saldo 

+ UPDATE

 

Schermafbeelding 2015-04-01 om 17.13.47

Om te kunnen worden veroordeeld tot bijvoorbeeld een gevangenisstraf is het wenselijk dat de verdachte de dader is.
Het probleem is vaak de waarheid.
Het is vrijwel onmogelijk achteraf de waarheid te reconstrueren.
Hooguit kan bij benadering in kaart worden gebracht wat er mogelijk is gebeurd.
En wat waarschijnlijk niet.
Die twee, dat wat mogelijk is en wat waarschijnlijk niet bij elkaar opgeteld, moet in de rechtszaal vaak het bewijs zijn.

De officier van justitie zegt dat Gerrit (50) op 11 januari vorig jaar in Groningen een filiaal van de Albert Heijn heeft overvallen.
Ze zegt dat ze dat ook kan bewijzen.
Onmogelijk, reageert Gerrit die beweert dat hij het plegen van overvallen juist heeft afgeleerd toen hij in tbs-klinieken verbleef.
Tegen de rechters: ‘In de tbs heb ik geleerd andere keuzes te maken.’
Gerrit vreest ook dat zijn burgerrechten worden geschonden.

Het gaat om een rot-overval.
Een man met een eng Afrikaans masker voor zijn gezicht komt om 09.35 uur de Albert Heijn binnen, richt een matzwart wapen op de 16-jarige stagiaire en beveelt haar uit verschillende kassa’s bankbiljetten te halen en die aan hem te geven.
Kleingeld wil hij niet.
Met een ‘sorry’ rent hij om 09.36 uur de super uit met 1300 euro.

Tijdens de overval valt een plastic tas uit de schoudertas die de overvaller draagt.
Op die tas worden biologische sporen aangetroffen waar een dna-profiel van kan worden afgeleid.
Dat profiel wordt vergeleken met de 200.000 opgeslagen profielen van personen in de dna-databank.
Het is van Gerrit.

De rechters: ‘Bij de politie heeft u ontkend ook maar iets met deze overval te maken te hebben. Vindt u dat nog steeds?’
Gerrit: ‘Uiteraard.’
Voor het dna op de tas heeft hij een verklaring.
Zegt: ‘Ik ken dat tasje wel. Ik had op een regenachtige avond zo’n tasje om de zadel van mijn fiets. Blijkbaar heeft iemand het er afgehaald.’

Zoiets kan.

Onderzoek wijst verder uit dat Gerrit een half uur voor de overval geld heeft gepind op het Hereplein in Groningen.
Hij probeert honderd euro te pinnen, dan zeventig, dan veertig.
Hij pint uiteindelijk dertig euro.
Meer laat het saldo niet toe.
Even later is er tussen de telefoon van Gerrit en een telefoon van een ander contact.
Die andere persoon is een bij de politie bekende drugsdealer.

Het kan dus best zo wezen dat Gerrit drugs wilde kopen, bij de pin ontdekte dat hij te weinig geld had voor wat hij aan drugs nodig wilde hebben en om die reden besloot naar de Van Lenneplaan te fietsen om daar de Albert Heijn te overvallen.

Gerrit: ‘Het hele strafdossier is een grote hypothese.’
Zoiets kan ook.

De meeste mensen overvallen geen Albert Heijn bij onvoldoende saldo.
Nu behoort Gerrit niet tot de meeste mensen.
Gerrit is eerder met politie en justitie in aanraking geweest.
De meeste mensen hebben dergelijke aanrakingen niet.

Anders gezegd, Gerrit zou je op grond van zijn veroordelingen met recht een overvaller kunnen noemen.
In 1994 kreeg hij daar 7 jaar gevangenisstraf voor, in 1999 2 jaar en tbs met dwangverpleging voor overvallen in zijn geboorteplaats Dordrecht.
Zijn laatste veroordeling: 6 jaar en tbs.
Ook voor overvallen.
Gerrit verbleef naast 15 jaren in gevangenissen lange tijd in de Van Mesdagkliniek.
Toen hij werd ontslagen van de tbs-status bleef hij in Groningen hangen.

Nu is het niet zo dat veroordelingen uit het verleden, garanties bieden voor de toekomst.
Zoiets kan weer niet.

Gerrit vertelt dat het scenario van de politie – dat hij uit roven ging uit geldgebrek – niet klopt.
Had hij niet te lang in de tbs verbleven en om die reden een schadevergoeding van 43.000 euro van de staat der Nederlanden ontvangen?
Nou dan.
In mei 2013 had hij dat geld van de bank gehaald en in eigen beheer genomen.
Thuis had hij dus geld zat.

Terzijde: een aantal overvallen dat hij pleegde, pleegde hij op banken.
De reden dat hij het geld van de rekening haalde: ‘Ik vertrouw banken niet.’

Geld speelde dus geen rol bij Gerrit.
En dat geldt ook voor het Openbaar Ministerie.
Er vanuitgaande dat het politieonderzoek niet is gesponsord door Albert Heijn, heeft ook het Openbaar Ministerie kosten noch moeite gespaard bewijs te vergaren.

Het was agenten die de camerabeelden van de overval bekeken, opgevallen dat de overvaller een raar loopje had.
Toen Gerrit was aangehouden vroegen ze zich af of hun verdachte ook een gek loopje zou hebben.
In dat geval zou het bewijs wel eens sluitend kunnen worden.
Een van de agenten had eens gelezen over een Engelsman die deskundig is in loopjes.

De Engelse loopjesdeskundige – hij heet Barry Francis – kreeg beelden toegezonden om te analyseren.
Afgelopen week zat hij in zittingszaal 14 om zijn bevindingen toe te lichten.
Zijn eerste vraag aan de rechtbank: ‘Kan ik vanavond nog wel terug naar Engeland?’
Dat kon.

Francis kan niet alleen loopjes herkennen, maar ook voetstappen en de manier waarop de mens voetstapt benoemen.
Een mensenloopje is niet gelijk een vingerafdruk of aan dna, maar het kan wel een boel zeggen (verraden).
In Engeland zit podoloog Francis vaker in rechtszalen.
Eenmaal eerder trad hij op in Nederland, bij een rechtszaak rond een overval in Amsterdam.
En in 1984 en 1988 was hij lid van de medische staf van het Engelse Olympisch team, eerst in Los Angeles, vier jaar later in Seoul.

En?
Barry Francis zegt dat het loopje van Gerrit bewijs oplevert dat hij de man is die ook op de beelden staat van de beveiligingscamera.
En hoe moet dat bewijs worden gekwalificeerd?
Francis: ‘Als sterk.’

Het pinnen vlak voor de overval, het telefoontje met die bekende drugsdealer, zijn dna op de plastic tas, de conclusies van de loopjesdeskundige.
De officier van justitie: ‘Tel dat bij elkaar op en dan heb je overtuigend bewijs.’
Ze eist een gevangenisstraf van 36 maanden en het betalen van 1500 euro aan de 16-jarige stagiaire die nog maanden nachtmerries had waarin enge gezichten opdoken.

Gerrit is een ervaren verdachte.
Hij heeft over de loopjesspecialist gelezen en vraagt zich af of dergelijk onderzoek in Nederland wel is toegestaan.
Tegen de rechters: ‘Hoe rechtmatig is dit? Is er voldoende juridische basis? Ik bedoel, straks worden mijn burgerrechten nog geschonden.’

Ook heeft hij een Engels onderzoeksrapport gevonden waarin staat dat wetenschappelijke deskundigen in strafzaken het in 71 procent van de gevallen bij het juiste eind hebben.
Tegen de rechters: ‘Ik ben waarschijnlijk wat kritischer dan u bent omdat het om mezelf gaat. Maar u zit tegenover 29 procent.’

Rob Zijlstra

update – uitspraak – 13 april 2015
Gerrit is vrijgesproken omdat het bewijs dat er ligt, de rechters niet heeft weten te overtuigen. DNA is, zo blijkt weer eens, niet een tovermiddel. En Engelse deskundigen ook niet.

update – 22 april 2015 – hoger beroep 1
Het Openbaar Ministerie legt zich niet neer bij de vrijspraak en gaat in hoger beroep.

update – 31 maart 2016 – hoger beroep 2
Het hof komt er niet uit. Het zou arrest wijzen, maar heeft besloten de zaak aan te houden voor nader onderzoek. Er moeten opnieuw sporen worden onderzocht en ook het loopje wordt weer tegen het licht gehouden. Of Francis opnieuw moet komen opdraven weet ik niet. Er komt dus een vervolg.

update – 26 oktober 2017 – hoger beroep 3
Nieuwe datum voor de inhoudelijke behandeling met een nieuwe deskundige

 

vonnis van de rechtbank in Groningen, 13 april 2015

Daniella – uitspraken

update – uitspraken

Geert W. is veroordeeld tot 18 jaar celstraf en tbs met dwangverpleging wegens moord en pogingen tot moord. De straf valt 4 jaar hoger uit dan de eis. > de rechter [wav.]
Karin S. is veroordeeld tot 8 jaar celstraf wegens medeplichtigheid aan moord en medeplichtigheid aan pogingen tot doodslag. Tegen haar was 4 jaar geëist.

In beide gevallen zegt de rechtbank dat de strafeisen geen recht doen aan de ernst van de feiten.
Klik op de onderstaande afbeeldingen om de vonnissen te lezen.

vonnis karin s (klik)

vonnis karin s

vonnis geert w (klik)

vonnis geert w

om te begrijpen is hij
tot monster gemaakt

tekening: annet zuurveen (fragment)

tekening: annet zuurveen (fragment)

De rechtbank doet vandaag (13.00 uur) uitspraak in een van de meest bizarre strafzaken in jaren in Groningen: de zaak Daniëlla.

De zaak Daniëlla is een strafzaak.
Een zaak met een strafdossier.
Een zaak die door de politie is onderzocht.
Een zaak met een strafproces in een rechtszaal die vier dagen duurde, met twee verdachten, met deskundigen, veel media-aandacht en afschuw.
Een zaak die zich alleen laat vergelijken met andere afschuwelijke zaken.
Een zaak die mensen heeft geraakt.

Daniëlla zelf was geen zaak.
Daniëlla was een vrouw van 20 jaar, een jonge vrouw met een verstandelijke beperking.
Net als haar twee jongere broertjes.
Ze woonde in instellingen, in het weekeinde was ze thuis bij haar zwakbegaafde moeder die na jaren weer een relatie kreeg met een zwakbegaafde man die ze had leren kennen toen hij nog in de gevangenis zat vanwege het seksueel misbruiken van kinderen in zijn vorige relatie.

Die man heet Geert, 46 jaar.
In de rechtszaal zit hij als een verschrompeld hoopje mens, bevend en angstig, het hoofd vooral gebogen, te zwijgen.
De weinige woorden die hij zal spreken (’t was niet de bedoeling’) kosten hem zichtbaar moeite.
Het is bijna niet voor te stellen dat deze man buiten de rechtszaal zoveel angst inboezemde.
Om te begrijpen is hij tot monster gemaakt.

De zwakbegaafde moeder is Karin, 50 jaar.
Ze praat en praat, een hele procesdag vol.
In het laatste woord toont ze zuinige emoties.
Ze deed niks toen Geert haar dochter misbruikte en misbruikte en ze deed niks toen hij aankondigde dat hij Daniëlla dood ging slaan met een knuppel en een kapotte stoel.

Moeders moeten dan wel wat doen, sprak de officier van justitie.
Ze zei: ‘Maar Karin offerde haar kind op voor haar relatie met Geert.’
Het is bijna niet de geloven dat deze vrouw verlamd was door angst voor Geert.
Voor een man die ze wel zag zitten, met wie ze de dodelijk gewonde Daniëlla vanuit de woonkamer naar de gang sleepte, onder aan de trap legde en toen tegen de politie zei dat haar dochter van de trap was gevallen.
Ze zegt dat ze net zo goed slachtoffer is.

Tegen Geert W. is 14 jaar celstraf geëist en TBS met dwangverpleging.
Karin S. hoorde vier jaar eisen waarvan een jaar voorwaardelijk waaraan een verplichte behandeling is gekoppeld.
Ze zullen misschien iets meer krijgen, wellicht iets minder.
Daarna volgt mogelijk een hoger beroep.
En misschien ook wel niet.
Dan is het klaar.

De uitspraak vanmiddag is het oordeel, de waarheid, van het strafrecht.
De zaak Daniëlla kent daarnaast een andere waarheid: die van de hulpverlening die gezamenlijk toekeek toen het gebeurde.
Ieder keek naar zijn eigen specialisme, of net even de andere kant, want samen zagen ze niks.
Dat verhaal van Daniëlla van Bergen moet nog worden verteld.

Rob Zijlstra

update – 7 april 2015 – inspectie
het bericht van de inspectie

→ het verslag van het strafproces van dag tot dag

de hulpverlening  

                           ↓


ondersteuning onvoldoende passend voor situatie – ondersteuning niet in relatie met calamiteit – problemen niet effectief en in samenhang opgepakt – op signalen van onveiligheid van de kinderen is onvoldoende gehandeld – signalen onvoldoende bij elkaar opgeteld – geen totaalplaatje – niet één regisseur – verschillende ideeën over casemanagement – partijen spraken zorgen onvoldoende uit – geen checks – onvoldoende hun eigen verantwoordelijkheid – onvoldoende focus op veiligheid van de kinderen – belang kinderen niet expliciet voorop gezet – onvoldoende focus op veiligheid kinderen – geen gezamenlijke ondergrens veiligheid – geen structureel zicht op de thuissituatie – geen risicotaxaties – onvoldoende oog voor de chroniciteit van de problematiek – mijden van zorg door moeder is onvoldoende als patroon herkend – partijen pakken onvoldoende door – geen gezamenlijke evaluaties  

bovenstaande regels komen uit het nog vertrouwelijke rapport van de gezamenlijke inspectiediensten waarvan de conclusies door rtv-noord naar buiten zijn gebracht – het definitieve rapport moet nog verschijnen en geniet de warme belangstelling van het openbaar ministerie 


→ rechtbanktekeningen: annet zuurveen 

dvhn / donderdag

dvhn / donderdag

TBS: minder krampachtigheid graag

o p i n i e

 

Schermafbeelding 2014-06-27 om 00.38.01De criminaliteit neemt al jaren gestaag af en een goed functionerend TBS-systeem levert een wezenlijke bijdrage aan veiligheid.
Een overeenkomst tussen de daling van de misdaad en een functionerend TBS-systeem is dat maar weinig mensen het willen geloven.
Liever zien we (kennelijk) meer misdaad en als het even kan, moeten die lelijke daden worden gepleegd door TBS’ers op verlof.
Dat past beter omdat ons beeld soms wat scheef staat.

De gezamenlijke TBS-klinieken hebben nu het voornemen gelanceerd om de duur van de TBS-behandeling te verkorten door soepeler om te gaan met het verlenen van verloven.
Daar worden vast mensen heel onrustig van.
Maar het is een goede zaak.

Op grond van oneigenlijke argumenten – niet in de laatste plaats gevoed door een paar trieste incidenten met TBS’ers op verlof – is de forensische psychiatrie (wat TBS is) in het verdomhoekje terechtgekomen.
Het imago is beroerd en niet alleen aan de borreltafel.
Ook onder officieren van justitie en strafrechters is de maatregel niet heel populair.
In Groningen wordt de dwangverpleging drie tot vier keer per jaar opgelegd.
Dat is wel eens anders geweest.

Maar ook de TBS-sector zelf was in een kramp geschoten.
Harry Beintema, directeur behandelzaken van de Van Mesdagkliniek in Groningen, beaamt dat.
Hij zegt: ‘Niemand wilde meer de laatste beoordelaar zijn als het ging om het verlenen van verlof. De angst dat het toch mis zou gaan was te groot. De druk vanuit de samenleving werd gevoeld. Hierdoor bleven TBS’ers onnodig lang binnen.’

Het gevolg: in tien jaar tijd steeg de gemiddelde behandelduur van een TBS’er van vijf tot zes jaar naar tien tot elf jaar.
Beintema: ‘En de politiek vond dat niet erg. Als er maar niets gebeurde.’

Binnen de TBS-sector is er de overtuiging dat door soepeler om te gaan met het verlenen van verloven, de behandelduur uiteindelijk korter wordt.
Een gemiddelde duur van acht jaar is nu het streven.
Dat moet het vertrouwen in het systeem doen toenemen.
En iets minder peperduur maken.

Maar niet alleen daarom.
Minder TBS betekent in de praktijk dat meer mensen met ernstige psychische stoornissen – en die mensen bestaan echt – in de gevangenis belanden en vervolgens zonder behandeling op vrije voeten komen.
Zo iemand wil je ’s avonds liever niet tegenkomen.

Het voornemen is dat iemand die de TBS-maatregel krijgt opgelegd, binnen twee jaar na de opname onder begeleiding op verlof mag.
Binnen vier jaar kan een onbegeleid verlof worden toegekend.
Binnen zes jaar zou de TBS’er onder begeleiding, maar buiten de kliniek moeten gaan wonen, binnen acht jaar volgt dan het ‘echte’ proefverlof.
TBS’ers die te boek staan als ‘te gevaarlijk’ krijgen niks.
Dat was al zo en dat moet ook zo blijven.

De TBS-klinieken hebben het gelijk aan hun kant, maar het blijft een lastige boodschap.
Het is ook daarom te hopen dat andere partijen – de politiek voorop – in navolging van de sector zelf het lef hebben minder krampachtig te zijn.
De borreltafel volgt daarna wel.

Rob Zijlstra

dit artikel stond donderdag 26 juni ook in Dagblad van het Noorden en op vrijdag 27 juni in de Leeuwarder Courant

.

nieuwsbericht tbs

dagblad van het noorden, woensdag