Weer beter

na drie maanden wisten ze genoeg…

hoe-beterWim (52) heeft een probleem en niet zo’n kleintje ook.
Dat probleem is dat hij zijn huurwoning in Groningen dreigt kwijt te raken.
Als dat gebeurt, dan heeft hij niet alleen niks meer, maar wordt het nog erger.

De dreiging wordt veroorzaakt doordat Wim in de gevangenis zit.
Zijn advocaat legt het de rechters maar even voor. Wim zelf zegt niet zo veel.

De advocaat komt ook met een oplossing.
Als de rechters nou eens de voorlopige hechtenis opheffen dan kan hij de gevangenis verlaten en dan kan hij zorgen voor de huur.
Mochten de rechters hem over twee weken toch veroordelen tot een straf die zijn vrijheid beneemt, dan komt hij gewoon terug.

Het probleem is omvangrijker dan tot hier is geschetst.
Zodra Wim eenmaal zijn woning kwijt is, zal het een hels karwei worden iets anders voor hem te vinden.
Wim is pedofiel.
De advocaat: ‘Een zoektocht naar een nieuwe woning zal gepaard gaan met maatschappelijke onrust.’
Niemand die hem wil.

Wim wordt ervan verdacht dat hij tussen 2009 en maart vorig jaar een meisje seksueel heeft misbruikt.
Toen het stopte omdat hij was aangehouden, was het kind 11 jaar.
Een gezinsvoogd had aan de bel getrokken.
Het slachtoffertje maakte deel uit van een gezin waar Wim regelmatig als huisvriend over de vloer kwam.
Hij was vaker huisvriend.
Drie jaar geleden leidde een stevige verdenking tot een vrijspraak omdat de rechters twijfelden.
Tien jaar geleden niet.
Toen werd hij in een vergelijkbare kwestie veroordeeld.
Ditmaal hangt hem drie jaar celstraf en een tbs met dwangverpleging boven het hoofd.

Of een zwervend bestaan.

Het nieuwe jaar telt al twee nare strafzaken rond seksueel misbruik.
Vorig jaar is nog gezegd dat de politie te weinig capaciteit heeft om alles wat er op dit akelige gebied gaande is, adequaat aan te kunnen pakken.

De tweede zedenzaak betreft Eildert (41).
Zijn zoon van toen 14 jaar was op een dag in juli vorig jaar overstuur thuisgekomen.
Niet bij hem thuis, maar thuis bij de nieuwe vriend van zijn moeder.
Zoon vertelde in tranen dat hij was misbruikt.
Door zijn vader Eildert.
Niet een keertje, maar vaak.
De nieuwe vriend belde moeder, moeder belde de hulpverlener, de hulpverlener de politie en de politie ging met de zoon praten in een speciale verhoorstudio.
Na drie maanden wisten ze genoeg en werd vastgesteld dat de jongen geen onzin of onwaarheden vertelde.
In oktober werd Eildert aangehouden.
Sindsdien zit hij vast.

Rechters: ‘U was een gewaarschuwd mens.’
Eildert snikt, ja, dat was hij.
Rechters: ‘En toch ging u door. Waarom?’
Eildert zegt dat hij dat zelf ook niet weet.
Rechters: ‘U bent eerder veroordeeld wegens misbruik van twee meisjes, onder wie uw eigen dochter.’
Eildert: ‘Ik weet dat het fout is wat ik doe.’
Rechters: ‘Ga door.’
Eildert: ‘Het is een bepaalde drang die in mij opkomt. Ik ben er zelf ook bang voor.’

Rechters: ‘U heeft uw zoon een aantal keren beloofd dat u zelf naar de politie zou gaan. Dat heeft u niet gedaan.’
Eildert: ‘Mijn advocaat zei dat ik dat niet moest doen.’

Een psychiater en een psycholoog hebben Eildert bekeken en bevraagd en vastgesteld dat er sprake is van de ziekelijke stoornis pedofilie.
Eildert moet – net als Wim – worden behandeld om herhaling (kans daarop is groot) te voorkomen.
De officier van justitie ziet maar een mogelijkheid: tbs met dwangverpleging waar achttien maanden gevangenisstraf bij wijze van vergelding aan vooraf moeten gaan.
Eildert vindt dat te veel en veel te zwaar, maar zegt: ‘Als ’t moet, dan moet het maar. Ik wil niet dat het weer gebeurt, anders hoeft het voor mij niet meer.’
Met dat laatste bedoelt hij leven.

In de strafzaak van Wim werd door deskundigen opgemerkt dat mannen die met de ziekelijke stoornis pedofilie de tbs ingaan, er moeilijk weer uitkomen.
Soms nooit.
De officier van justitie tegen Eildert: ‘Ja, ’t kan heel lang duren.’

Wat in dit soort zaken niet heel gebruikelijk is, is dat het jonge slachtoffer het woord krijgt.
De zoon is inmiddels 15 jaar, maar hij oogt veel jonger.
En kwetsbaar.
In zijn trillende handen houdt hij een briefje vast waar de woorden staan geschreven die hij wil zeggen.
Tranen biggelen over zijn bleke wangen.
In de rechtszaal wordt het stiller dan stil.

Diepe zucht.

Dan ineens, een luide en zelfverzekerde stem: ‘Papa, luister goed. Ik vind het jammer dat het zo is. Waarom doe je dit? Je verpest je hele leven. Waarom wilde je kinderen? Je bent het niet waard.’
Een laatste zin, bedoeld voor de rechters, die raakt: ‘Ik vind dat hij een lange straf moet krijgen zodat hij weer beter wordt.’

Rob Zijlstra

UPDATE – 23 januari 2014 – uitspraak
Eildert is veroordeeld tot tbs met dwangverpleging. De gevangenisstraf die daaraan vooraf moet gaan bedraagt 2 jaar, zo oordeelde de rechtbank. De geëiste 18 maanden doet geen recht aan de ernst van de feiten.
Het vonnis is niet gepubliceerd.

Levend begraven

blog mei 2012

blog april 2012

Als Ernest zittingszaal 14 binnenschuifelt zie ik dat hij de kleren draagt die hij droeg toen hij in mei 2012 de rechtszaal binnenkwam.
Ook toen werd hij omringd door zes goedgetrainde politiemensen, anders dan toen zijn de handen nu niet geboeid.

Zijn laarzen zijn aan het geslof te horen te groot, de spijkerbroek is extreem wijd, de groene trui kan hem wel twee keer bergen.
Op zijn hoofd vormen zwarte dreads een soort waaier, de andere lokken hangen wild naar beneden.
Ik zie dat de nagels van de linkerhand rood gelakt zijn geweest.

Ernest heeft een balpen van Bic in het hoofd gestoken van een beveiliger van de Van Mesdagkliniek in Groningen.
Dat zegt het Openbaar Ministerie.
Het gebeurde toen Ernest naar Emmen moest om daar zijn elektroshocktherapie te ondergaan.
Terwijl hij klaar werd gemaakt voor transport, werd hij boos.
Hij wilde niet naar Emmen.
Hij was bang dat ze hem er een spuitje zouden geven om hem levend te begraven.

Hij pakte een pen – hoe dat kon gebeuren is niet verteld – en stak.
In zijn eerste verklaring zei hij dat het de bedoeling was de beveiliger te doden, opdat hij dan zelf ook doodgemaakt kon worden.

Ernest is 30 jaar en komt uit Congo Town, Liberia.
Hij heeft de gruwelijkste dingen meegemaakt.
Kindsoldaat.
Misschien heeft hij andere mensen, misschien ook wel kinderen en baby’s en eigen familieleden moeten afslachten.
Veel is er niet over bekend.

In 2001 kwam hij via de Verenigde Naties naar Nederland.
Vastgesteld werd dat Ernest ernstig was getraumatiseerd.
Nog steeds.
Schizofreen, chronisch psychotisch.
Altijd bang, altijd in paniek.
Hij is dat 24 uur per dag, overal loert het gevaar.
In de nacht wordt hij op vreselijke wijze verkracht, ook als de celdeur is gesloten.
Dan komen zijn verkrachters door de muren heen, en elke nacht opnieuw.

Zijn toestand maakt dat hij onvoorspelbaar en gevaarlijk kan zijn.
Wil hij iets, dan moeten er standaard vier mensen aan te pas komen om hem wat dan ook te laten doen.
Lang werd hij behandeld in een GGZ-instelling in het zuiden van het land.
Om hem zonder problemen te kunnen luchten werd speciaal voor hem een kooi gebouwd.
Kon hij af en toe even veilig naar buiten.
In vakbladen werd zijn extreme problematiek besproken, in die bladen werd hij de kooiman genoemd.

Na jaren ging er iets mis en belandde Ernest – in 2008 – in de tbs, op een extra beveiligde afdeling, met altijd de hoogste staat van paraatheid.
In 2012 zou zijn tbs-status eindigen.
Niemand wist raad tot hij op 2 februari van dat jaar in de Van Mesdag de pastor onverhoeds en met kracht een vuistslag in het gezicht gaf.
Dat kwam mooi uit.
Een jaar eerder – op 6 januari 2011 – had hij een medewerker op het achterhoofd geslagen, kort daarvoor – in december 2010 – een activiteitenbegeleidster in het gezicht.

Die drie feiten waren opgeteld goed voor een nieuwe tbs, vond het Openbaar Ministerie en vond toen ook – in mei 2012 – de rechtbank in Groningen.
De rechters zeiden dat er geen alternatief was gezien het ernstige ziektebeeld en het hoge recidiverisico.
In het vonnis: ‘Een tbs-kliniek is de enige plek waar de veiligheid van het personeel enigszins gegarandeerd is en er een humaan contact met verdachte kan zijn.’

Het gerechtshof in Leeuwarden vernietigde de uitspraak.
Ernest raakte daardoor de tbs-status kwijt.
Hij bleef wel in de Van Mesdagkliniek, want waar anders heen?
Een speciale commissie van het ministerie van justitie gaf betrokkenen een jaar de tijd met een oplossing te komen.

Op 5 april dit jaar stak Ernest de balpen in het hoofd van een beveiliger.
Getuigen zeiden dat de balpen uit het hoofd moest worden getrokken, zo erg.
De advocaat van Ernest zegt dat er slechts een oppervlakkige hoofdwond was.
Een medische verklaring ontbreekt.

Tegen de rechters zegt de advocaat dat hij wel weet waarom het Openbaar Ministerie de kwestie aandikt.
Hij zegt: ‘Het Openbaar Ministerie doet dat om opnieuw de maatregel tbs te kunnen eisen.’

De advocaat: ‘Mijn cliënt hoort niet in de tbs thuis. In tbs-klinieken – ik heb er gewerkt – draait het om protocollen en regeltjes, met sancties bij overtredingen. De druk op Ernest is daar veel te groot, dat maakt hem gevaarlijk, vooral in de ochtend wanneer hij ontwaakt uit die vreselijkste nachtmerries. Dan moet je afstand houden. Ik bezoek hem daarom altijd ’s middags, zonder problemen.’
Volgens de advocaat is plek – op een longcare-afdeling binnen een GGZ-instelling ook vanuit humaan oogpunt, beter.
De GGZ kan dat ook, ook als het om beveiliging gaat, zegt hij.

Ernest is onrustig, dan weer leunt het hoofd met die wilde haren op zijn hand, dan weer bedekt hij zijn ogen met de rechterhand, de linker om de keel.
Van onverwachte geluiden schrikt hij.
Dan kijkt hij achterom met ogen van de prooi die instinctief weet zo uiteen gereten te worden.
Dan weer vanuit het niets een harde lach.
Hij gelooft het niet, van die balpen.
Hij zegt dat hij een buitenlands wezen is, van Saturn, van Jupiter, wat achter Ethiopië ligt, in Afrika.
Hij zegt dat hij wordt misbruikt.

De officier van justitie zegt dat hij het kort zal houden vanwege de korte spanningsboog van verdachte.
Aan negentig seconden heeft de officier van justitie genoeg: tbs met dwangverpleging.
De advocaat is het er niet mee eens en Ernest mag als laatste ook nog wat zeggen.
Hij spreekt, maar niemand die zijn woorden begrijpt.
En dan gaat hij weer, sjokkend de rechtszaal uit, tussen zijn zes beveiligers, terug naar zijn wereld waar de toekomst niet bestaat.

Levend begraven.

Rob Zijlstra

de kooiman [16 april 2012]

Schermafbeelding 2013-11-22 om 10.48.39

klik om het vonnis te lezen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

update – 7 juni 2017 – verlenging tbs
Het Openbaar Ministerie heeft de rechtbank gevraagd de tbs met twee jaar te verlengen. Advocaat Maurits Jansma heeft om een onafhankelijk onderzoek gevraagd. Ernest wordt niet meer behandeld omdat alles wat voorhanden is op behandelgebied is geprobeerd zonder goede gevolgen. De raadsman meent dat een out-of-the-box-denker-deskundige in de naam van prof. dr. Jan Derksen uit Nijmegen (Radbout) nog wat zou kunnen betekenen. De rechtbank vindt dat geen goed idee. Te vroeg. De zitting werd aangehouden om in juli een vervolg te krijgen: de verlenging van de tbs staat dan centraal.

Toekomstige buren

brandwinschotenKees (35), betontimmerman van beroep, ziet een behandeling in een psychiatrisch ziekenhuis wel zitten.
Al was het, zegt hij tegen de rechters, alleen maar om te laten zien dat er met hem niks aan de hand is.
Alleen attention deficit hyperactivity disorder, adhd, maar dat is het dan ook.

De officier van justitie merkt op dat Kees op zitting een heel aardige man lijkt, terwijl hij dat buiten de rechtszaal misschien helemaal niet is.
Dat het de aanklager menens is, blijkt al snel: tegen de adviezen van gedragsdeskundigen in, wordt een tbs met dwangverpleging geëist.
De jurist doet hiermee haar zwarte toga even uit om een witte jas van de medicus aan te trekken.

De reden waarom Kees onder dwang behandeld moet worden in een tbs-kliniek is nogal preventief van aard.
De officier van justitie zegt dat de toekomstige buren van de verdachte recht hebben om veilig te wonen.
Een tbs-behandeling duurt gemiddeld negen jaar.

Kees heeft brand gesticht op een dag dat hij naar eigen zeggen behoorlijk in de war was.
Hij had die dag naar Groningen gewild, om te shoppen, om samen met zijn hond olieverf te kopen van het geld dat hij had gespaard.
Het werd echter een dag met ruzie met zijn vader die hem van alles verweet.
Geëmotioneerd: ‘Het was altijd van jij dit en jij dat. Toen kwam mijn moeder er ook nog bij. Mijn leven bestond uit ruzies over niks. Ik dacht toen, ik steek de boel in brand, dan ben ik van alles af.’

Bij de politie vertelde hij dat hij papiertjes met een gevaarlijke straling, met uranium, in brand had gestoken.
Dat hij mensen uit zijn woning had weggejaagd.
En dat er ook iemand met een pistool was met een geluiddemper.

De officier van justitie zegt dat uit forensisch onderzoek is gebleken dat Kees terpentine over de vloerbedekking heeft gesprenkeld en de boel toen heeft aangestoken. Dat het klopt dat hij de buren op nummer 16 direct heeft gewaarschuwd, maar dat zoiets de ernst van de feiten niet minder maakt.

Kees heeft in de rechtszaal een andere lezing.
‘Ik zat die dagen vooral op bed, te schrijven, te schilderen. Het klopt wel dat ik die twee propjes papier heb aangestoken. Ik denk dat de hond toen de fles met terpentine heeft omgestoten. Overal in mijn huis stond terpentine. Daar maak ik mijn kwasten mee schoon.’
De officier van justitie: ‘Niet aannemelijk.’

De conclusie van de deskundigen is dat Kees volledig ontoerekeningsvatbaar is omdat er sprake is van een paranoïde psychose.
Dit betekent dat aan hem geen straf kan worden opgelegd; hij is wel schuldig, maar hij is geen strafbare dader.

Een behandeling in een psychiatrische kliniek kan wel, maar dat kan maximaal gedurende een jaar.
Daarna, zegt de officier van justitie, zijn wij van justitie de regie kwijt.
En dan komt ze weer: ‘Ik gun verdachte een toekomst met buren die zich veilig kunnen voelen.’
Oftewel: tbs met dwangverpleging.

Net als Kees zelf ziet ook de advocaat de dwangmaatregel niet zitten.
De advocaat zegt: ‘De maatregel tbs hoort een laatste redmiddel te zijn. En voor Kees zijn er nog wel wat alternatieven beschikbaar.’

Rob Zijlstra

uitspraak op 22 augustus

 Sinds 2005 heeft de rechtbank in Groningen de maatregel tbs met dwangverpleging 62 maal opgelegd. In zes van die zaken ging het om brandstichting.

Twee croissantjes

hij schrok best wel even

crfotoEen dag op de rechtbank loopt nooit op rolletjes.
Wat op het ene moment zo lijkt, blijkt even later helemaal niet zo te zijn.
De enige zekerheid is dat strafzaken (bijna) altijd te laat beginnen.

De strafzaak van de dag is niet die van Manzu die schichtig om zich heenkijkend de rechtszaal betreedt, alle aanwezigen begroet met grote vragende ogen en dan met zijn veel te grote spijkerbroek aan maar gaat zitten.
Manzu heeft last van psychoses, er is sprake van een schizofrene ontwikkeling (werd gezegd) en in de gevangenis ging het niet goed met hem.
Maar nu wel weer, klinkt het bijna blij uit zijn mond, misschien wel blij omdat hem ook eens iets werd gevraagd.

’Op maandag en vrijdag werk ik en ik voetbal elke zaterdag.’

Manzu komt uit Sierra Leone en heeft bij de Albert Heijn twee croissantjes gestolen.
Dat is de verdenking.
De officier van justitie vertelt hoe ze daar bij komt en zegt vervolgens dat het wettig en overtuigend kan worden bewezen.
Manzu zegt dat hij honger had en geen geld en toen de broodjes in zijn jaszak stopte.
Maar de kassa was hij nog niet gepasseerd.
Dus.

De officier van justitie eist een week celstraf.
En omdat hij opnieuw in de fout is gegaan, komen daar de 180 dagen bij die hij in 2012 voorwaardelijk opgelegd had gekregen.
In 2004 was Manzu ook al eens voor een winkeldiefstal veroordeeld.
De drie rechters zeggen dat ze er goed over zullen nadenken en dat ze dan over twee weken uitspraak doen.

De strafzaak van de dag is ook niet die van Wim die agressief wordt wanneer hij alcohol drinkt en cocaïne snuift.
In juli 2009 kreeg Wim in zittingszaal 14 al eens een laatste kans.
Zou hij ooit weer de fout in gaan, dan wacht hem tbs, werd toen dreigend gezegd.
Wim hield zich lang koest, maar eind vorig jaar sloeg hij weer toe.
Een andere officier van justitie: de tbs is het voorland dat lonkt, maar hij krijgt een laatste kans: tien maanden zitten.

Niet de zaak van Leo uit Bedum die inbreekt wanneer zijn dorpsgenoten te kerke gaan.

Ook de zaak van de 20-jarige Lubbe is niet de strafzaak van de dag.
Lubbe wilde nog even naar Dirk, naar zijn kameraad, maar kon de fiets niet vinden.
Dan maar de auto.
Hij had al een paar flesjes bier gehad.
En 28 rijlessen, maar nog geen rijbewijs.
De auto was van zijn vader, maar straks zou het zijn Opel Vectra zijn.
Lubbe had ruzie met zijn vader gehad, omdat hij eens stiekem toch had gereden.
Maar nu, nu was zijn vader er niet.

Bij Dirk tikte hij nog twee flesjes bier weg, ze namen wat bier mee voor in de auto en toen stapte ook Anneke in, Anneke die bloemist wil worden.
Zonder doel, maar met hoge snelheden reden ze richting Stadskanaal.

Getuigen verklaren later dat ze wel met honderd door Stadskanaal scheurden,
maar Lubbe ontkent dat, hij houdt het op zeventig, tachtig.
Maar daarna ging het weer harder, hij schrok ’best wel even’ toen hij 160 op de teller aangewezen zag staan.
Er kwam een flauwe bocht, het rechter wiel graasde door de berm en een fractie van een seconde later was Lubbe alle controle kwijt.
Lubbe: ‘Ik had het gas al losgelaten, ik reed tachtig, vijfentachtig.’
Het Nederlands Forensisch Instituut: minimaal 112, maximaal 144, voor 99 procent zeker.

Wat volgde was een crash tegen bomen over vijftien meter.

Dirk en Anneke werden zwaargewond afgevoerd, Lubbe moest met wat
kneuzingen ter controle naar het ziekenhuis.
Dirk en Anneke zijn nu, ruim een jaar later, nog altijd niet hersteld.
Anneke kan een arm niet meer gebruiken en denkt daarom geen bloemist meer te kunnen worden.
En ons Dirk, vertelt de verdrietige moeder in de rechtszaal, is niet meer ons Dirk van voor het ongeluk.

Lubbe zegt dat hij de bocht verkeerd heeft ingeschat, dat hij sowieso die dag
niet goed had nagedacht.
En dat hij spijt heeft.
De reclassering spreekt van een onbezonnen jeugddaad, maar de officier van justitie kan daar niet mee leven: ’Er is sprake van een opeenvolging van foute beslissingen. Hij heeft nota bene zelfs bier in de auto gedronken.’
Lubbe: ’Maar een paar slokjes.’

Lubbe hoopt stilletjes op een taakstraf.
Om in de rechtszaal goed voor de dag te komen, heeft hij een colbertje aangetrokken.
Het jasje hangt ruim over zijn tengere postuur en is te lang.
Daardoor lijkt het alsof hij een jurkje aan heeft.

Zijn advocaat zegt dat Lubbe een opleiding volgt en werkt.
‘Laat in vredesnaam zijn leven doorgaan en onderbreek dat niet.’

Lubbe zelf heeft dan al de beide handen voor de mond geslagen.
Hij heeft de officier van justitie zojuist horen zeggen dat hij zijn baan en opleiding maar een tijdje moet opschorten omdat hij wat de aanklaagster betreft een jaar naar de gevangenis moet.

Nee, de zaak van de dag is die van het stel, een man, een vrouw, die worden verdacht van ontucht.
Samen zouden ze een meisje van 15 jaar seksueel hebben misbruikt, zij net zo erg als hij.
De voltallige regionale en digitale pers was voor deze pikante zaak komen opdraven, want een 22-jarige ontuchtige vrouw is geen dagelijkse kost, zij is zeg maar gerust een zeldzaamheid in de rechtszaal.

Omdat de zaak van Lubbe een uur langer duurde, begon de zaak van de dag een uur later.
Na een uur wachten was het na nog geen tien minuten voorbij: de strafzaken tegen de man en de vrouw worden over een paar maanden voortgezet.
Eerst moet er een psychiatrisch onderzoek komen naar de ontuchtige vrouw van 22 jaar.
Zij heeft het verstandelijke vermogen van een 7-jarige.

Nooit kun je na een dag op de rechtbank zeggen: dit was een leuke dag.
Maar het is altijd bijzonder.

Rob Zijlstra

.

UPDATE – 30 mei 2013 – uitspraak
De rechtbank heeft vervroegd uitspraak gedaan in de zaak van Manzu: een week celstraf wegens diefstal. Maar geen 180 dagen erbij als bonus. Wel wordt zijn proeftijd met een jaar verlengd. Komt er op neer dat Manzu kort na de uitspraak is vrijgelaten.

UPDATE – 6 juni 2013 – geen uitspraak
De rechtbank heeft geen uitspraak gedaan in de kwestie Lubbe. De rechters willen twee deskundigen aan de tand voelen met betrekking tot de remsporen. Er komt een vervolg in de vorm van een extra zitting. Wanneer is onbekend.

Dirk de V. + 2 jaar

toegang tot de tbs-kelders

toegang tot de tbs-kelders

Voor maar heel weinig mensen doet de tijd niks tot nauwelijks iets.
Ja, verstrijken, maar daarmee is dan ook alles gezegd.
Dirk de V. is zo’n uitzonderlijk figuur.
Eens werd hij omschreven als een tikkende tijdbom
Dertien jaar geleden werd zijn tijd stilgezet.
Dat deed de rechtbank, maar het was zijn eigen schuld.

In oktober 1999 beging Dirk de V. in Groningen een gruwelijk misdrijf.
Nog voordat dat misdrijf werd ontdekt, zat hij al vast op het politiebureau in Assen.
Dat was tamelijk bijzonder en maar goed ook.

Het Openbaar Ministerie eiste in 2000 een levenslange gevangenisstraf.
Dan is de doodstraf humaner, luidde de boze reactie op de eis van De V. destijds in zittingszaal 14.
De rechtbank veroordeelde hem twee weken later niet tot de maximale straf maar tot de maximaal haalbare straf; geen levenslang maar 14 jaar en tbs met dwangverpleging.

Ik schreef vaker over Dirk de V., over zijn verrotte leven en zijn gruweldaad in Groningen, over de moord op Tjirk van Wijk, 27 jaar en een willekeurig slachtoffer.
Omdat hij de deur opendeed.
In het verhaal ‘De lastigste gedetineerde van Nederland’ staat daarover een heleboel.

De voorlaatste keer dat ik De V. zag, was in de Waalzaal van het gerechtshof in Arnhem, op 8 september 2009.
Voetje voor voetje en met de mond opengesperd schuifelde hij de rechtszaal binnen, 59 jaar, maar al een oude man, schreef ik toen.
De rechtbank had zijn tbs met twee jaar verlengd en De V. had tegen dat besluit beroep aangetekend.
Niet omdat hij van de tbs afwilde – realistisch is hij wel – maar omdat hij behandeld wilde worden.

Hij zei toen dat ieder mens het recht moet hebben om te kunnen veranderen.
Dat hij daarom niet naar een long stay-afdeling wilde want daar wordt niet behandeld.
Hij zei: ‘De long stay is als opgeven en ik wil niet opgeven.’

De raadsheren zeiden dat zij niets te zeggen hebben over de long stay.

Vervolgens eiste de advocaat-generaal dat de tbs van Dirk de V. met twee jaar moest worden verlengd en zeiden de rechters dat ze over twee weken uitspraak zouden doen.
De V. had als antwoord gegeven: ‘Tot over twee jaar.’

Het duurde iets langer, het duurde tot woensdagmiddag.
Opnieuw komt De Dirk de V. de rechtszaal binnen, nu in Groningen, weer in zittingszaal 14.
Kreunend en steunend op een rollator.
Inhalator in de hand.
Zilveren kruis aan een ketting om de nek, oorbellen, veel ringen, spijkerjas, bril, baard, kalend, slierten haar naar achteren geveegd.
Last van de longen.
Hij oogt desondanks veel kwieker dan destijds in Arnhem, maar veranderd is er nauwelijks iets.

Hij leeft nog steeds in beperking.
Dat betekent in zijn geval dat hij een half uur per dag buiten de cel mag recreëren, maar wel alleen.
Het andere verzetje is een half uur luchten in de luchtkoker.
Ook alleen.
De resterende 23 uur zit hij alleen in zijn cel, met extra zware beveiliging op een afdeling met zeer intensieve specialistische zorg.
De V. tegen de rechters: ‘Een lachertje. Het is zeer intensief opsluiten.’
De rechters: ‘U mag geen contacten hebben met medepatiënten. Zou u dat graag willen?
De V.: ‘Ja natuurlijk.’

Destijds in Arnhem zei zìjn advocaat dat De V. al jaren in afzondering zat, in eenzame opsluiting, met alleen een vogeltje.

Nu zeggen de rechters dat ze in het advies van de tbs-kliniek gelezen hebben dat er een heel klein beetje vooruitgang is geboekt, maar dat de situatie nog heel zorgelijk is.
Dat de kans op nieuwe strafbare feiten, zodra hij de vrijheid weer in de ogen krijgt, heel groot is.
Dat de maatschappij nog altijd moeten worden beschermd tegen Dirk de V.

De V.: ‘Ik wil een normale detentie, ik wil niet meer recreëren met ambtenaren die opschrijven wat ik hen in vertrouwen vertel. De situatie waarin ik mij bevind is niet menswaardig.’

De getuige-deskundige – een medewerkster van de tbs-kliniek – zegt dat de dreigementen op de zeer intensieve zorgafdeling ‘ons’ om de oren vliegen, dat De V. nog altijd te veel risico’s en te veel onrust met zich meesleept, dat er soms sprake is van levensbedreigende situaties.
De medewerkster: ‘Hij is kortom onverminderd gevaarlijk.’

Dirk de V.: ‘Ik hoor de leugens.’
Hij zegt: ‘Ik wil een behandeling als mens en erkenning voor wat ik mankeer en een daarop gerichte behandeling.’
Hij zegt ook: ‘Ik ben een oude man, ik ben 63 jaar, het is nog kort dag tot …’
Rechters: ‘Tot?’
De V.: ‘Tot ik overlij…’

De rechters zeggen dat ze niets te zeggen hebben over de behandeling.
De rechters zeggen – net als de raadsheren toen in Arnhem – dat zij gaan over de verlenging.

De officier van justitie wil een verlening met twee jaar.
Ze zegt: ‘Therapeutische interventies hebben niet geholpen. Hij wil een menswaardiger behandeling. Dan zou hij kunnen beginnen zich als mens te gedragen. Het is aan hem.’

De V. wrijft met duim en wijsvinger voortdurend over snor en ruige baard

Zijn advocaat zegt het ondertussen mooi.
Zijn advocaat zegt dat Dirk de V. onder in de kelders van de tbs zit.
En dat alle deuren voor hem gesloten zijn.
Maar dat ook De V. uit de kelder moet.
Hoe? Trede voor trede.
Ook voor hem zou de deur op een kier moeten staan, voor de tijd die hem nog rest.
De advocaat voegt toe dat ouderdom ook een rol speelt.
Ouderen worden, zegt de advocaat, doorgaans wat milder.
Ook fysiek.
Want hoe gevaarlijk is een man met een rollator en met pufjes?

De getuige-deskundige zegt ongevraagd: ‘Meneer loopt in onze kliniek zonder rollator.’
Dirk de V.: ‘Ik heb niets meer te zeggen.’

Er zullen twee jaren verstrijken.

Rob Zijlstra

 

UPDATE – 6 maart 2013 – uitspraak
Er zullen twee jaren verstrijken en in die twee jaren zit Dirk de V. vast. Zijn tbs-status is dus verlengd, zoals viel te verwachten.

 

• De lastigste gedetineerde van Nederland

spreekrecht – De nabestaanden van Tjirk van Wijk voerden een lange strijd tegen met name justitie om als slachtoffer erkend te worden. Hun inzet leidde er tien jaar geleden toe dat de postitie van nabestaanden van slachtoffers van ernstige geweldsmisdrijven op de politieke agende kwam te staan. Dat leidde uiteindelijk tot de invoering van het spreekrecht voor slachtoffers in de rechtszaal.

.

.

.

Kooiman

Op een dag, op 20 december 1982 om precies te zijn, is Ernst geboren.
Hij had de pech dat dat gebeurde in een van de armste landen ter wereld.
Liberia.
Het gebeurde ook in een tijd dat dat land in de greep was van de vreselijkste gewelddadigheden en wetteloosheid.
Ernst is nu 29 jaar en in Nederland, waar hij soms moet leven in een kooi.
Dat is ook zijn bijnaam, Kooiman.

Vanochtend moest hij voor de rechtbank in Groningen terechtstaan.
Hij was er niet, want dat zou veel te gevaarlijk zijn.
Ernst verblijft in de dr. S. van Mesdagkliniek omdat hij in 2008 de maatregel tbs kreeg opgelegd.

Hij lijdt aan chronische psychoses.
Sinds 2001 is hij dat onafgebroken.
Dat zou een gevolg van zijn afkomst zijn.
Ernst denkt dat iets hem naar deze wereld heeft gestuurd om ons te redden.
Een andere reden voor zijn bestaan heeft hij niet.

Eerst viel hij onder de vleugels van de GGZ in het zuiden van het land.
Om hem te kunnen behandelen, hadden ze een kooi voor hem gemaakt.
Daar moest hij dan in, anders was het niet te doen.

Nu, nu hij in de Van Mesdag zit, geniet hij de hoogste staat van beveiliging.
Altijd opgesloten.
Wil hij iets, dan moeten er tenminste vier mannen aan te pas komen.

Op 16 december 2010 sloeg hij een activiteitenbegeleider onverhoeds in het gezicht.
Op 6 januari 2011 mepte hij een andere medewerker op het achterhoofd.
Op 2 februari 2012 gaf hij – na kalm beraad en rustig overleg en met grote kracht, zegt het openbaar ministerie – de pastor zomaar een vuistslag in het gelaat.

De officier van justitie vindt dat er sprake is van pogingen tot het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel en dat daarom een nieuwe tbs met dwangverpleging moet worden opgelegd.
De advocaat van Ernst komt niet verder dan mishandeling, geen strafbaar feit dat tbs-waardig is.
Hij ziet liever dat Ernst weer onder de hoede komt van de GGZ.

In het dossier zit ook een advies van een deskundige.
Die rapporteert dat het inhumaan is geen tbs op te leggen.
Bij de GGZ wacht hem immers opnieuw de kooi.
De advocaat begrijpt het dilemma.

De rechtbank wil nu eerst met Ernst praten.
Daarom gaat de rechtbank volgende week, in de vorm van één rechter – de oudste rechter – naar de Van Mesdagkliniek toe.
Daarna wordt de strafzaak afgerond.

Op een dag geboren in een land vol beestachtig geweld en
belanden in een land waar een kooi voor je is gemaakt.
Hoe raar kan een leven lopen.

Rob Zijlstra

UPDATE – 2 mei 2012 – vervolg
Ernst is inmiddels in de Van Mesdag-kliniek door een van de rechters gehoord. Hij gaf daarbij aan toch naar de rechtbank te willen. Dat gebeurde vrijdag 27 april. De eis om hem tbs op te leggen, is niet veranderd. De rechtbank doet op 11 mei uitspraak.

He laatste nieuws: de rechtbank doet vervroegd uitspraak op donderdagmiddag 3 mei.

.

UPDATE – 3 mei 2012 – uitspraak
Ernst is ontslagen van alle rechtsvervolging (ovar) omdat hij ontoerekeningsvatbaar is. Wel is hem de maatregel  tbs met dwangverpleging opgelegd wegens tweemaal een mishandeling en eenmaal een poging tot zware mishandeling. Die laastse is tbs-waardig. Volgens de rechtbank is er geen alternatief gezien het ernstige ziektebeeld en het hoge recidiverisico. Een tbs-kliniek is de enige plek waar de veiligheid van het personeel enigszins gegarandeerd is en er een humaan contact met verdachte kan zijn, zo staat in het vonnis.

UPDATE – 2012 – hoger beroep
Het gerechtshof in Leeuwarden vernietigt het vonnis van de rechtbank in Groningen. De tbs-status verdwijnt, Ernest blijft wel in de Van Mesdag.

Foto’s

Nelis (46) is een excentrieke man uit Noord-Groningen.
Ziet hij een nieuw woord, een woord dat hij nog niet kent, dan zoekt hij dat op, op het internet.
Hij heeft wel zijn voorkeuren.
Vrouwen.
Dat wil zeggen: foto’s van vrouwen.
Nelis is vooral geïnteresseerd in de ontwikkeling van de vrouw en haar lichaam.
Maar ook in radioactiviteit.

Aan geweld heeft hij een broertje dood.
Daar wordt hij emotioneel van.
Een paar keer had hij een e-mail gestuurd naar de Amerikaanse ambassade.
Of ze daar wel wisten dat er vreemde dingen gebeurden op de website van Britney Spears.
Zegt: ‘Dat bracht me in verwarring.’

De rechters zeggen dat ze het verband niet helemaal begrijpen.
Nelis: ‘Ik heb het blijkbaar verkeerd gedaan.’
Rechters: ‘De harde schijf van uw computer was twee terabyte groot.’
Nelis: ‘Vroeger moest je daar honderden euro’s voor betalen, maar nu niet meer.’

Nelis is ook een eenzame man.
In de afgelopen veertien maanden, vertelt hij, had hij tien naasten weg moeten brengen.
Ook daardoor is het gekomen dat zijn huis zo vol staat met inboedel, er kan nauwelijks nog iets bij.
Het is er ook een beetje vies.

Zegt: ‘Oude vrouwen kunnen heel mooi zijn. Je hebt ook lelijke jonge vrouwen die dan een bloeiperiode meemaken. Maar het mooiste is een serie, van baby tot oude vrouw.’

Zijn computer was kapot gegaan.
Niet zo heel vreemd, want Nelis zat vaak achter de computer.
Zo’n negentien uur per dag.

Hij had de kapotte computerkast naar Saturn in Groningen gebracht.
Saturn seinde de politie in.
Kinderporno.

Onderzoek wees uit dat Nelis 2,4 miljoen foto’s van het internet moet hebben gedownload.
Een flink deel daarvan had hij ook weer verwijderd.
Opgeteld stonden er nog zo’n 800.000 foto- en filmbestanden op harde schijf.
De politie vond tienduizenden foto’s met het predicaat ‘verdacht’.
Uiteindelijk werden 16.000 foto’s aangemerkt als kinderporno.

Een paar foto’s hingen bij hem thuis aan de muur.
Nelis: ‘Kunst.’
De aanklaagster: ‘Ook kinderporno, de meest ernstige vorm van kindermisbruik.’

Nelis zegt dat hij er nooit bewust naar op zoek is geweest.
Wel naar het woord.
Nelis: ‘Ik heb zelfs de universiteit gebeld en gevraagd naar de betekenis van het woord kinderporno. Ik bedoel, een woord kan meerdere betekenissen hebben. Op een kussen kun je zitten, maar kussen kan ook erotiek zijn.’

De rechters: ‘U gebruikte zoektermen die gerelateerd zijn aan kinderporno. Bijvoorbeeld Lolita.’
Nelis: ‘Ja. Daar is zelfs een boek over geschreven.’

Zelf denkt Nelis dat het cultuurgebonden is. Dat als je in Japan zou zijn geboren, het dan weer anders is. Een nudistische opvoeding hoeft op zich niet schadelijk te zijn. Of neem dat socialistische meisje dat in Groningen studeerde en nu bij de FARQ zit in Peru.’
Rechters: ‘Colombia.’

Nelis: ‘Die 16.000 foto’s moeten er tussendoor zijn geglipt.’

De officier van justitie zegt dat Nelis wil doen geloven dat hij tegen geweld en kinderporno is, maar dat zijn computer iets anders bewijst.’
Nelis stelt voor dat er een schaduwcomputer aan zijn ip-adres wordt gekoppeld, zodat hij een beetje in de gaten kan worden gehouden.

De officier van justitie heeft andere voorstellen.
Zij vreest op basis van de rapporten van psychiater en psycholoog het ergste.
Dat Nelis met zijn impulsiviteit, zijn parafilie, zijn depressiviteit en zijn eenzaamheid wel eens een echte kinderverkrachter kan worden als de druk te groot wordt.

Er volgt een verhandeling over het leven van Nelis tot nu toe, over zijn immer dronken en agressieve moeder die hem altijd kleineerde, over de hervormde en de gereformeerde de kerk.
Nelis is overgestapt op Bhagwan.
Zegt: ‘Met liefde en respect kun je meer krijgen dan met onderdrukking.’
Rechters: ‘U komt niet veel buiten de deur.’
Nelis: ‘Ik heb tot mijn 23ste in de kroeg gezeten. Toen was het geld op.’

De reclassering denkt met wat controle en begeleiding Nelis onder de duim te kunnen houden.
De officier van justitie denkt van niet.
Zij zegt dat de reclassering misschien wat te optimistisch is en stelt voor Nelis een tbs met voorwaarden op te leggen.
Zegt dat dat kader de beste garanties biedt.

De advocaat: ‘Daar ben ik absoluut op tegen. Als je de samenleving zo veilig wilt maken zoals de officier van justitie wil, dan moet je Nelis voor altijd opsluiten in een hut, het liefst ver buiten de stad en zonder computer. Dan doet ie het nooit weer.’
De officier van justitie: ‘Mee eens. Je kunt geen mensen opsluiten en dan doen alsof het probleem is opgelost. Maar ik zoek een balans tussen recidivebeperking en veiligheid.’

Mocht de rechtbank niets in het tbs-met-voorwaarden-voorstel van de officier van justitie zien, dan moet Nelis wat het openbaar ministerie betreft een gevangenisstraf krijgen van twee jaar, waarvan acht maanden voorwaardelijk met een proeftijd van tien jaar.

Nelis heeft het laatste deel van de strafzitting met gebogen hoofd en de handen gevouwen aangehoord.
Hij merkt op dat hij veel op het internet had gezocht, maar dat de wetgeving zeer moeilijk bereikbaar is voor de gewone burgerij.

Rob Zijlstra

.

extra
tbs met voorwaarden
Bij een tbs met voorwaarden wordt iemand niet onder dwang behandeld in een kliniek. Wel krijgt zo iemand allerlei voorwaarden opgelegd waaraan hij zich moet houden. Vaak is dat een verplichte (ambulante) behandeling in een psychiatrische kliniek, aangevuld met andere voorwaarden, bijvoorbeeld een verbod op het gebruiken van alcohol of drugs. Wie zich niet aan de afspraken houdt, kan – na tussenkomst van de rechter – alsnog de maatregel tbs met dwangverpleging opgelegd krijgen.

.

UPDATE – 1 maart 2012 – uitspraak
De rechtbank ziet het heel anders. In beginsel, staat in het vonnis, is een langdurige gevangenisstraf passend, maar in dit geval kan worden volstaan met een taakstraf van 240 uur en 12 maanden voorwaardelijke celstraf met een proeftijd van 4 jaar. De reclassering krijgt de opdracht toezicht te houden waarbij Nelis openheid moet geven over zijn internetgebruik.

De AH-groep

tekening: annet zuurveen / dvhn

Het was een bijzondere strafzaak.

Toen de verdachten waren opgepakt, in oktober vorig jaar, vertelde de politie aan de krant dat veel mensen in de omgeving van de verdachten al lang wisten wie de daders waren.
Maar dat de mensen de mond hielden, met het oog op mogelijke represailles.

Ietwat opmerkelijk mag zijn dat de man die nu wordt gezien als hoofdverdachte, de 21-jarige Hans, in januari 2011 al bij de politie in beeld was.
Agenten hadden hem op nieuwsjaardag aangesproken bij een brand in een voormalig schoolgebouw in Winschoten.
Hij had roet om de kop en stonk naar benzine, wat gezien de situatie ter plaatse enigszins verdacht was.
De agenten hadden toen alleen zijn naam opgeschreven, natuurlijk niet wetende dat Hans in de maanden die zouden volgen voor miljoenen euro’s schade ging aanrichten.

Bijzonder was de opmerking van de rechters dat deze kwestie in omvang vele malen groter is dan de kwestie van Johnny B. destijds.
Destijds was heel de Nederlandse pers uitgerukt naar zittingzaal 14 om Johnny B. te zien en te horen.
Nu was er, op mezelf na, niemand van de pers.
Het was de rechters opgevallen: ‘Sommige zaken gebeuren in betrekkelijke stilte en andere zaken juist niet.’

Er gebeurde vorig jaar van alles in Winschoten en omgeving.
Veel diefstallen en veel branden, groot en klein.
Het begon een plaag te worden en de mensen onrustig.
Er kwamen ’s nachts buurtwachten.
Kortom: de burgemeester moest wat doen.

Agenten zeiden: ‘We moeten die ene jongen in de gaten houden, die jongen in de witte trui en roet om de kop die op nieuwjaarsdag zo naar benzine stonk.’
De agenten zeiden ook dat deze jongen in een groepje zit, in een groepje hangjongeren dat altijd staat te nietsnutten bij de Albert Heijn.

De burgemeester zei: ‘We zetten een speciaal team op die AH-groep.’
En zo geschiedde.
In de omgeving van de hangplek werden uitdagende containers geplaatst.
Met camera’s.
Hangjongeren met eigen auto’s werden in de gaten gehouden met behulp van peilzenders die onder de auto’s waren geplakt.
Zo had de politie het destijds ook in ’t Zandt gedaan.

In oktober werden tientallen hangjongeren opgepakt en ondervraagd.
De politie kwam al snel om in de informatie en bekentenissen.
Uiteindelijk bleven tien verdachten over, de helft minderjarig.
Het aantal misdrijven dat aan de groep wordt toegeschreven: 150.
Het gaat om brandstichtingen, inbraken en diefstallen.
Schade: miljoenen euro’s.

Maandag zaten Hans en mede-hoofdverdachte Ron (23) in de rechtszaal.
Als geslagen honden.
Veel hadden ze niet te melden.
Wat ze wel zeiden, was nauwelijks te verstaan.
Rechters: ‘Kennen jullie Johnny B?’
Ze knikken.

Rechters: ‘Dachten jullie wel na over al die ellende die jullie veroorzaakten?’
Hans: ‘Ik dacht wel na, maar niet al te goed,’

De advocaat zegt dat Hans nooit dingen in brand stak als er gevaar was voor mensenlevens.
Dat wilde hij niet.
Rechters: ‘Aha. Dus toch nog wel een beetje nagedacht.’

Hoewel hoofdverdachten, zijn Hans en Ron niet de grote leiders van de AH-bende.
Eerder waren ze de sukkels die geen nee durfden te zeggen.
Hans zou vijftig euro krijgen van de groep als hij het Nationaal Busmuseum in Winschoten in de fik zou steken.
Hij wilde er niet met zijn eigen auto naar toe, dus bracht Ron hem wel eventjes op de brommer.
De 15-jarige Micky leverde de benzine die hij bij de pomp voor 7,95 euro had gekocht.
Het werd een dikke fik waarbij veel museumstukken verloren gingen.
Inclusief een oude Ford uit 1936.

Uit het gemaal bij Scheemda werden eerst compressors gestolen.
Dingen die 8.000 euro per stuk kosten.
Ron kocht er eentje van Hans voor 30 euro.
Rons’s vader had gezegd, weg met dat ding.
Ron had ‘m toen in een kruipruimte gekieperd.

Om de inbraak te maskeren, werd er brand in het gemaal gesticht.
De eerste keer mislukte dat, zo ontdekte iemand uit de AH-groep toen zijn brandweerpieper maar niet afging.
De tweede keer was het raak.
De schade: gigantisch.
Het waterschap moet nog beslissen of het gemaal herbouwd moet worden.
De schade tot nu toe: 800.000 euro.

Ze stichtten brand in een container met daarin gasflessen.
De brandweer had laten weten dat er tijdens het blussen doden hadden kunnen vallen, omdat gasflessen bij brand ongeleide projectielen worden.

Behalve twaalf branden waren heel veel inbraken en diefstallen.
Aanhangwagentjes werden gejat of gehuurd, in stukken geflext en ingeleverd bij de schroothandel.
Hans liep daar de deur plat.
Vaak ook met koper.

Uit gebouwen, gebouwtjes en containers werden dompelpompen, aggregaten, trilplaten, heel veel gereedschap, beveiligingscamera’s, beamers, laptops, mobiele airco’s , flatscreens, bouwstofzuigers, matrixborden, zuurstofflessen, verkeerslichten, gasmeters, accu’s en heel veel kabels gestolen.

Rechters: ‘En allemaal voor het geld. Veel mee verdiend?’
Ron: ‘Nee. Eigenlijk niks.’

Rechters tegen Hans: ‘U heeft geen strafblad. En dan ineens dit. Hoe kan dat nou?
Hans: ‘Ik ben met de verkeerde mensen omgegaan.’

Psychiaters en psychologen hebben, zeggen de rechters, ‘dikke’ rapporten over de twee verdachten geschreven.
Hans had het moeilijk op school, kreeg niet alles mee.
Veel gepest en eigenlijk altijd alleen.
Ron heeft in zijn jeugd iets vreselijks meegemaakt, waardoor hij heel beschermend is opgevoed.
Zonder vrienden.

En alle twee PDD-NOS.

En dan waren daar die hangende nietsnutters bij de Albert Heijn met hun auto’s en hun meetings.
Ineens hoorden ze ook ergens bij, dat was nog nooit eerder zo.
Maar de druk was groot, want om er bij te mogen blijven, deden ze dingen die ze anders nooit zouden doen.
Een school in de brand steken of voor vijftig euro een museum.

Hans moet waarschijnlijk de rest van zijn leven worden begeleid.
Ron begint binnenkort met een cova-training, waar hij leert eerst na te denken en dan pas te doen.
Nu doet hij denken en doen net andersom.

De gedragswetenschappers stelden ook vast: geen aanwijzingen voor pyromanie.

De rechters zeggen: ‘Op zich helemaal niet erg wat er in die dikke rapporten staat. De een kan nu eenmaal beter leren dan de ander. Dat geeft niks.’
Een van de rechters: ‘Iedereen is wel goed in iets. U heeft bijvoorbeeld veel verstand van techniek en van motoren. Kijk, dat heb ik nou weer niet.’

Hans en Ron knikken.
Wanneer de rechters vragen of ze het allemaal een beetje meekrijgen, blijven ze knikken.

De officier van justitie doet haar verhaal.
De heren, zegt ze, hebben alles bekend, dus dat is niet zo moeilijk.
Ze verhaalt over het gevaar van vuur, dat je vuur niet in de hand hebt.
En over de enorme schade die is aangericht, niet alleen in geld, maar ook de emotionele schade bij de gedupeerden is aanzienlijk.
De officier van justitie vertelt dat ze zich heel veel zorgen maakt, omdat sommige stoornissen maar beperkt behandelbaar zijn, terwijl de kans op herhaling groot is.
Ze zegt dat de verdachten misschien minder goed in staat zijn na te denken, maar dat de gepleegde misdrijven wel zijn gepleegd over een lange periode.
Dat zegt ook wat.

Kortom.

Ron hoort vier jaar gevangenisstraf eisen waarvan zestien maanden voorwaardelijk.

Voor Hans is er een ander verhaal.
De officier van justitie zegt op een toon die niet veel goeds belooft: ‘Hans is een jaar lang een groot gevaar voor de samenleving geweest. Ambulante behandeling zoals de deskundigen adviseren, volstaat niet.’
Hans hoort vier jaar celstraf eisen, gevolgd door de maatregel TBS met dwangverpleging van maximaal vier jaar (dat kan tegenwoordig).
Mocht de rechtbank geen TBS willen opleggen, dan moet de strafeis luiden: acht jaar de gevangenis in.

Rechters: ‘Hebben jullie de eisen begrepen?’
Hans en Ron knikken, maar ditmaal iets minder instemmend.

Rob Zijlstra

uitspraak op 20 februari

.

extra
Sinds 2004 heeft het openbaar ministerie in zittingszaal 14 zestien maal een gevangenisstraf van acht geëist.
In vijf van die zaken ging het om moord en om doodslag. Zeven maal om pogingen tot moord.
Negen keer werd er in deze periode door de rechtbank acht jaar celstraf opgelegd.
Zes keer betrof het moord en doodslag, drie maal pogingen daartoe.

De hoogste straf die voor brandstichting in Groningen is opgelegd was zes jaar, in 2009.
Er was toen vijf jaar en tbs met dwangverpleging geëist.
De eis tegen Hans laat zich hier niet vergelijken omdat ‘zijn’ eis is gebaseerd op brandstichting, inbraken en diefstallen.

Op brandstichting staat een maximale gevangenisstraf van twaalf jaar.
Wanneer er levensgevaar of zwaar lichamelijk letsel is te duchten, dan geldt een maximum van vijftien jaar.
Komt iemand te overlijden als gevolg van brandstichting, dan kan levenslang worden opgelegd.

artikel 157 Wetboek van strafrecht

.

 

UPDATE – 20 februari 2012 – uitspraken
Gezien de verstandelijke beperkingen van verdachte Hans ligt een veroordeling tot de maatregel tbs niet in de reden, vinden de rechters. Een behandeling buiten een kliniek kan volstaan. Wel moet Hans eerst een tijd zitten: geen acht jaar zoals het openbaar ministerie dat graag had gezien, maar vijf jaar.
Medeverdachte Ron is veroordeeld tot 24 maanden celstraf waarvan acht voorwaardelijk. Ook hij moet zich laten behandelen.

De rechtbank stond niet alleen stil bij de forse financiele schade die is aangericht, maar houdt hen ook verantwoordelijk voor het feit dat er door hun toedoen goederen verloren zijn gegaan die onvervangbaar zijn.

Houden van Sofie

In de rechtszaal wordt wel eens gezegd dat jongvolwassenen nog volop in ontwikkeling zijn.
Dat jonge mensen voor hun 23-ste nog niet alles tussen de oren hebben zitten wat nodig is om een echte volwassene te kunnen zijn.
In de rechtszaal kun je dan ook overwegingen optekenen dat jeugdige verdachten van ernstige misdrijven een stevige straf verdienen, maar dat – aan de andere kant – ook rekening moet worden gehouden met de nog jonge leeftijd.

Dit laatste heeft met dat eerste te maken.

En dan kan het gebeuren dat zo’n jeugdige verdachte een (iets) lagere straf krijgt dan hij eigenlijk verdient.
Omdat we hem (nog) niet willen afschrijven.

Kay is 20 jaar.
Hij heeft een droom: hij wil auto’s verkopen.
Het openbaar ministerie heeft andere ideeën over zijn toekomst.
De officier van justitie eist naast vijftien maanden gevangenisstraf de maatregel TBS met dwangverpleging.
TBS wordt, of het waar is of niet, wel het afvoerputje van het Nederlandse strafrechtsysteem genoemd.

Mochten de rechters de eis overnemen, dan zal Kay zijn droom voor de toekomst bijstellen.
Dan pleegt hij zelfmoord.
Wanneer hij dat aankondigt, wijst hij met een priemende vinger naar de drie rechters. Zegt, heel boos: ‘Dan zijn jullie daar verantwoordelijk voor.’

In 2009 ontmoette Kay in Stadskanaal zijn huidige vriendin Sofie.
Ze gingen samenwonen.
Eerst was dat leuk, maar toen het 2010 was geworden, werd het allemaal anders.
Steeds vaker hadden ze ruzie en na een tijdje hadden ze samen elke dag mot.
Daarbij vielen klappen, soms ook over en weer, want Sofie is de gemakkelijkste niet.

Maar Kay sloeg harder en nadat hij ook was gaan schoppen, tegen Sofie, door deuren en kasten en tegen keukenlaatjes, tegen ruiten in hun woning, stond regelmatig de politie voor de deur.
Sofie was dan in tranen, had zichzelf opgesloten in de kelder beneden of in de badkamer boven.

Dan deed ze haar verhaal, dat ze na de zoveelste klappen dagenlang suizende oren had, dat ze zo vreselijk bang was voor Kay, bang dat hij haar zou vermoorden.
Daarom wilde ze geen aangifte doen.
Om dan weer monter uit te leggen dat ze helemaal niet bang was.
Ja, wel heel verdrietig.

Een paar keer liep het flink uit de hand, zoals op een dag bij het busstation in Appingedam.
Of die keer op het perron van het treinstation in Scheemda.
De politie moest er aan te pas komen.

In augustus vorig jaar ging het echt mis.
De ruzie liep zo hoog op, dat heel de straat was uitgelopen.
Kay werd aangehouden en de politie maakte foto’s van de ravage in de woning.
De rechters houden de foto’s in de lucht en merken op: ‘Een windhoos is er niets bij.’

Sofie deed haar verhaal, deed aangifte, kwam vervolgens weer met een ander verhaal en trok de aangifte in.
Dan vertelde ze dat ze alles een beetje had overdreven.
Dat ze alleen de nare dingen had verteld, niet de fijne die er ook waren.

Kay tegen de rechters: ‘Ze overdrijft niet. Ze liegt. Van alles wat zij zegt, is 95 procent gelogen.’
Hij zegt dat Sofie hem wekelijks in de gevangenis opzoekt.
Dat Sofie nooit letsel heeft bekomen.
‘Als ik sla, zou ze wel letsel hebben.’
Zegt ook: ‘Ik hou van haar.’

Bijna twee uur lang zagen de rechters Kay door.
Tientallen keren antwoordt hij dat het niet klopt.
Het wordt hem niet gemakkelijk gemaakt.
‘Het klopt niet. Moet ik dat dan blijven zeggen?’

Deskundigen: ‘Hij denkt zeer naïef vooruit.’
Rechters: ‘Bent u een luchtfietser?’

De officier van justitie zegt op zijn beurt dat hij de dossiers die bol staan van huiselijk geweld wel kent.
Dat in die dossiers liefde en haat hand in hand gaan en dat alles in zo’n dossier haaks op elkaar staat.
Maar dat hier sprake is van buitengewoon ernstige feiten, omdat Kay zijn Sofie stelselmatig heeft bedreigd en mishandeld gedurende een lange periode.
‘Sofie heeft het zwaar te verduren gehad.’

Dat Kay een behandeling moet ondergaan, staat voor de officier van justitie als een paal boven water.
Want dat zegt hij.
Hij zegt ook dat Kay zich niet wil laten behandelen.
Want dat zegt Kay zelf.
Hij zegt dat Kay zegt, ik deug, ik functioneer prima, aan mijn lijf geen polonaise, laat mij maar gaan en auto’s verkopen.
Vervolgens formuleert hij zijn strafeis.

Ditmaal wordt niet – aan de andere kant – in overweging genomen dat ook rekening moet worden gehouden met de nog jonge leeftijd van de verdachte.

Het is niet de eerste keer dat Kay tegenover rechters zit.
Hij is vaker veroordeeld wegens geweldsdelicten.
Een deel van zijn jeugd, een keer vier jaren achtereen, heeft hij opgesloten gezeten.
Kay zegt: ‘Ik heb mijn hele jeugd weggegooid. Op een wekelijks gesprekje na, was er nooit iets van behandeling. En nu, nu ik onschuldig ben, moet ik naar de TBS?’

Eerst wijst die priemende vinger richting rechters, daarna volgt een snijdende beweging langs zijn keel.

Op de tribune zit Sofie.
Nadat die nare TBS-eis is gevallen, roept ze: ‘Maar het is gewoon niet waar.’
De rechters roepen bars terug dat het publiek zich stil moet houden.
Kay, wanhopig: ‘Maar zij is geen publiek.’

In zijn laatste woord verzoekt hij de rechters om Sofie opnieuw te horen.
Omwille de waarheid en de leugens.
De rechtbank heeft daar geen trek in.

Met gebogen hoofd, met de grote mensenproblemen tussen de oren, verlaat Kay zittingszaal 14.

Rob Zijlstra

.

UPDATE – 2 februari 2012 – uitspraak
Kay is schuldig, maar niet aan alles wat door het openbaar ministerie ten laste is gelegd. Wat overblijft is te weinig voor het opleggen van de maatregel tbs. En omdat minder wordt bewezen dan was tenlastegelegd, moet ook de straf lager, vindt de rechtbank: 15 maanden waarvan 10 voorwaardelijk met een extra lange proeftijd van 3 jaar. Verder moet Kay aan zijn vriendin 230 euro en 15 cent betalen.

.

 

Gebakken peren

Wij schreeuwen graag ons gelijk van de daken.
Het gevaar van dat geschreeuw, schreef de dichter, is dat we dan niet kunnen horen wat de ander te zeggen heeft.

Een ander zou Ronald kunnen zijn.
Ronald is 36 jaar en crimineel.
Hij heeft iets te melden, want hij zit met de gebakken peren.
De kans dat wij roepen, eigen schuld, dikke bult, is groots aanwezig.
Zit maar op de blaren.

Ronald is crimineel omdat hij – zijn laatste misdaad – in februari 2009 in dertien dagen tijd acht gewapende overvallen pleegde op tankstations.
Het wapen was een mes.
Het ging om de Gulf in Groningen, de Shell bij Ten Post, de Gulf en Texaco in Putten, de BP in Barneveld, Easyfill in Grace, de Gulf in Hoevelaken en de BP in Maasdriel.

De slachtoffers zijn de medewerkers en –sters.
Onder wie een jongen van zestien en een zwangere vrouw, noteert het gerechtshof in Leeuwarden fijntjes in het arrest.
Ronald kwam binnen, met zijn NY-petje op, mes in de hand, vroeg dan eerst om een pakje Marlboro en riep dan plots nare dingen, als ‘geld, geld’.
En ook: ‘Als je binnen vijf minuten de politie belt, kom ik terug en maak ik je dood.

Zo kreeg hij zijn zin.
Daarna vluchtte hij, in steeds dezelfde auto, een rode Suzuki Swift.
Toen dat begon op te vallen, kregen ze hem in de smiezen.
En werd hij aangehouden.
De auto stond gewoon op zijn naam.

Het openbaar ministerie in Groningen eiste vorig jaar voor die acht overvallen vijf jaar gevangenisstraf.
Zijn advocaat van toen repte van tunnelvisie en over een mogelijke onbekende Hagenees als dader.
Vrijspraak dus.
De rechtbank dacht van niet en veroordeelde Ronald conform de eis tot vijf jaar celstraf.

De ontkennende Ronald ging in hoger beroep, want hij zei dat hij er niets mee te maken had.
In afwachting van het appel, belandde hij in de gevangenis van Heerhugowaard.
Daar zette hij zijn strijd vol onschuld door.
Hij hopte van de ene na de andere topadvocaat van Nederland en besteedde een fors deel van zijn energie aan klachtenprocedures.
Een aanzienlijk deel van zijn beltegoed ging op aan dagelijkse telefoontjes aan zittingszaal 14.

Gedragsdeskundigen gingen met hem aan de slag en na een tijdje achter de tralies werd hij overgeplaatst – doorgefaseerd in gevangenistermen – naar de forensisch psychiatrische kliniek in Heiloo.
Daar vond Ronald rust in zijn onrustige kop.
Daar had hij het in al zijn onschuld ook best naar zijn zin.
Hij mocht dieren verzorgen.
Soms schreeuwde hij, waardoor anderen hem niet konden horen.
Het besef dat hij hulp nodig had om te overleven, om het criminele milieu te verlaten, groeide uit tot een overtuiging.

Tot begin dit jaar.
Toen kreeg hij te horen dat was besloten tot terugplaatsing – terugfasering? – naar de gevangenis.
Ronald protesteerde en procedeerde en toen dat niet hielp, bedacht hij een wanhoopsdaad: hij nam de benen.

Hij stapte op de trein naar Polen en hield zich daar weken schuil.
Hij belde iedere dag en tot slot ook de politie.
Op 24 februari dit jaar meldde hij zich op een bureau in Amsterdam.
Amsterdam bracht de gevlogen vogel terug naar de gevangenis van Heerhugowaard.

Twee weken geleden diende zijn zaak in hoger beroep voor het gerechtshof in Leeuwarden.
Er zijn geen wettige en overtuigende bewijzen, sprak de advocaat.
Vijf jaar onschuldig vast, is niet eerlijk, had Ronald tegen de raadsheren gezegd.

De gedragsdeskundigen brachten in dat verdachte in de zin van een ‘Stoornis van Asperger’ in verminderde mate toerekeningsvatbaar is.
Zonder een behandeling is er een de kans op herhaling.
Ronald had geknikt, hij zei dat hij een stok achter de deur best zou kunnen gebruiken.

De advocaat-generaal eiste, alles overwegende, een gevangenisstraf van vijf jaar.

Afgelopen vrijdag kwam het gerechtshof met de uitslag.

Acht overvallen zijn ernstige feiten, vinden de raadsheren van het hof.
Het zijn ook feiten die grote angst en onrust veroorzaken en de samenleving schokken.
Het hof merkt in het arrest op dat de oriëntatiepunten voor dit soort delicten twee jaar per delict voorschrijven.
Dat zou simpel opgeteld zestien jaar cel zijn.
Maar, redeneert het hof dan, de rechtbank van Groningen heeft maar vijf jaar opgelegd en de
officier van justitie in hoger beroep heeft ook vijf jaar cel geëist.
Het hof: wie zijn wij dan om van vijf, zestien te maken?

Maar dan, de stoornis.
De raadsheren lazen in het dossier over beïnvloedbaarheid, sociaal onvermogen, externe stressoren, rigide denkpatronen, impulsief, structurele kwetsbaarheid, een stevig behandel- en begeleidingskader, kans op recidive vrij hoog, langdurig en steunend behandelklimaat.

Het hof ‘in onderling verband en samenhang bezien’ oordeelt: vijf jaar celstraf plus tbs met dwangverpleging.

De tbs-maatregel was niet door adviserende deskundigen bepleit en ook niet door het openbaar ministerie geëist.
Maar het is wel opgelegd.
Had Ronald niet in hoger beroep gegaan tegen het vonnis van de rechtbank Groningen, dan was hij met zijn vijf jaren volgend jaar vrij man geweest.
Nu wacht hem een jarenlang verblijf in een tbs-kliniek.
Gemiddelde behandelingsduur tegenwoordig: 9 jaar.

Gebakken peren.

Wie roept dat verdachten ‘steeds vaker ‘ tbs eenvoudig weten te ontlopen door simpelweg te zwijgen, heeft het mis.

Ik zeg dat er ook mensen zijn die vinden dat zestien jaar celstraf nog beter was geweest.
Ronald zegt dat hij dat weet.
Zegt: ‘Dat kan ik nog begrijpen ook.’
Zegt dan: ‘Maar ik ben niet gek, niet gestoord.’
Zegt: ‘Ik heb mij dommer voorgedaan dan ik ben. Maar dat was verdedigingsstrategie. Tbs is nooit aan de orde geweest.’

Twee jaar lang ontkende hij de overvallen te hebben gepleegd, aan de telefoon, bij de politie, misschien wel tegen zijn advocaten en zeker in de rechtszalen van de rechtbank en het gerechtshof.

Nu zegt hij: ‘Ik heb het gedaan. Ik geef het toe. Ik heb die acht tankstations overvallen, ik kan alle details herinneren, ik ben niet gek. Ik heb er staan posten, ik heb vooraf de vluchtroutes uitgedacht. Bij volle verstand. Ik heb het gedaan en ben volledig toerekeningsvatbaar.’

En dan: ‘Ik heb spijt. Ik wil dan ook publiekelijk mijn excuses aanbieden aan de slachtoffers. Door mijn ontkenningen heb ik hen altijd en veel te lang in onzekerheid gelaten. Nu ik beken hoop ik dat de slachtoffers er een streep onder kunnen zetten.´

Het klinkt als een laatste woord.
Maar hij zal wel blijven bellen.

Rob Zijlstra

• Suzuki Swift
 Gevlogen

.

Noodweer in de jungle

Ze zijn er: mannen en vrouwen die door de straten van de stad kruipen.
Niet om rare records te vestigen of om gek te doen ten bate van een inzamelingsactie, maar omdat het hun lot is.
Drinkend en drugsgebruikend proberen ze te overleven.

Ze zijn er altijd geweest: jaren geleden zaten er eens twee mannen en een vrouw flessen jenever en bier te ledigen aan een tafel in een bovenwoning in Groningen.
Zolang ze dronken, waren ze niemand tot last.
Ze dronken dag in en dag uit en waren minimaal twee keer per dag zat.
Plots kreeg een van de mannen daar aan die tafel een epileptische aanval.
De andere twee schrokken zich een ongeluk, maar wisten wel raad: water, dachten ze, heel veel water.

En dus pakte de ene wijze weter zijn schokkende kameraad stevig bij het hoofd en goot de ander liters water naar binnen.
De kameraad verdronk ter plaatse.
Doodslag, zei justitie.
De rechtbank kwam twee weken later tot een ander oordeel: falend medisch ingrijpen. De twee gingen vrijuit.

Ze zullen ook altijd blijven.
Voor hen is Groningen geen fair trade-stad, geen fietsstad, veiligste stad of beste stad met de beste binnenstad, voor hen is de stad een jungle.

Op 25 juni vorig jaar zaten Eddie, Michel en Klaas in hun Noorderplantsoen te doen wat ze daar altijd doen: beetje hangen, beetje drinken, beetje drugs.
Michel gooide om de sleur wat te doorbreken af en toe steentjes naar vrouwen die passeerden.

Eddie (42) heeft het op een gegeven moment wel gezien.
Hij pakt de fiets van de protesterende Klaas en verdwijnt.
Hij fietst naar zijn moeder en zegt tegen zichzelf dat Klaas niet moet zeuren.
Jaren geleden had hij aan Klaas eens een cassetterecorder geleend.
Nooit teruggekregen.
Nu had hij zijn fiets.

Tegen de rechters: ‘Stonden we weer mooi quitte.’

Als Eddie al een tijdje thuis bij zijn moeder is, is er plotseling lawaai buiten op straat.
Het zijn Klaas en Michel.
Ze willen de fiets terug.
Eddie: ‘Ik had nooit verwacht dat ze zouden komen.’

Hij vertelt hoe Michel met een woest hoofd de trap op stormde en dat hij bang was dat hij de woning, waar ook zijn moeder is, binnen zal denderen.
Zegt dat woeste Michel een groot mes in zijn handen had.
Om te duiden hoe groot, houdt hij zijn handen uit elkaar, een visserman zou er jaloers op zijn.
Zegt dat Michel ook een gewelddadige reputatie heeft.

Eddie: ‘Ik riep dat ze moesten opdonderen. Ik pakte mijn kruisboog en toen Michel de deur openduwde, schoot ik in een flits, niet gericht of zo.’

Getuigen vertellen iets anders.
Michel was niet de trap op gestormd, maar stond buiten op straat met Klaas lawaai te maken.
Toen kwam Eddie met zijn kruisboog, riep lelijke dingen, richtte op Klaas en schoot.
Hij schoot, juist op het moment dat Michel er tussen sprong.
Om te sussen.

Eddie:’Tuurlijk zeggen ze dat. Ze zijn vrienden, ze hebben hun verklaringen op elkaar afgestemd. Maar ik heb binnen geschoten, omdat Michel mij met dat mes wilde aanvallen. Zelfverdediging, noodweer.’

Hoe het ook zij, binnen of buiten, de pijl van de kruisboog raakt vol het rechteroog van Michel.
Erger nog, de pijl gaat ook in het hoofd, raakt hersenen.
Michel, wel wat gewend in de jungle, trekt de pijl uit het hoofd.
Veel bloed.
Eddie zegt dat hij naar het ziekenhuis moet gaan, maar Michel wil dat niet.
Hij wil heroïne.
Eddie regelt wat.

De volgende dag heeft Michel hoofdpijn en lotgenoten zien nare dingen in zijn gezicht.
Ze bellen een ambulance en Michel wordt in het ziekenhuis met spoed geopereerd. Behalve ernstig oogletsel (komt nooit meer goed), constateren artsen een hersenvliesontsteking.

Waarom, willen de rechters weten, bezocht hij Michel een paar keer in het ziekenhuis?
Eddie: ‘Nou, ik wilde natuurlijk weten of hij wraakzuchtig was. Maar het klopt niet dat ik hem toen heb bedreigd. Ja, ik wist dat hij aangifte had gedaan. Nee, dat had ik nooit verwacht. Maar ik snapte het wel. Ik zei tegen hem, bij de rechter ga ik het winnen, want het was zelfverdediging.’

Eddie vertelt dat hij een keertje fruit had meegenomen naar het ziekenhuis.
‘Ja, ook drugs. Daar vroeg hij om. Heroïne. Ik wilde hem ook een beetje tevreden stellen.’

Michel eist 300 euro vergoeding voor materiële schade.
En 20.000 euro smartengeld.

Michel zegt tegen de rechters dat het kantje boord is geweest, dat hij nu veel vlekken ziet en dat hij, muzikant die ooit prijzen had gewonnen, nu alleen nog maar een beetje slaggitaar kan spelen.
In het belang van zijn linkeroog zal hij nooit meer ergens tussen springen om te sussen.
Michel: ‘Ik was nooit bang, nu ben ik een watje geworden.’

De advocaat: ‘Het was noodweer.’

Poging tot moord, meent de officier van justitie en eist drie jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging.
Ze vreest dat Eddie zonder dwangbehandeling een ongeleid projectiel blijft, ook gezien zijn indrukwekkende strafblad.

Eddie: ‘Misschien in het wat, tbs om uit dit wereldje te stappen. Een nieuwe uitdaging.’
De advocaat: ‘Een tbs-behandeling duurt vandaag de dag minimaal acht jaar. Plus die drie, dan is hij elf jaar onderweg.’

Eddie: ”t Is wel veel, ja.’

Rob Zijlstra

.

UPDATE – 25 maart 2010 – uitspraak
Eddie is veroordeeld tot 30 maanden celstraf en tbs met dwangverpleging. Zijn verhaal dat hij binnen werd aangevallen, is volgens de rechtbank niet geloofwaardig. Ook van noodweer (zelfverdediging) is geen sprake omdat Eddie buiten niet werd aangevallen. Aan het slachtoffer moet hij 10.300 euro betalen.

HET VONNIS

Van Mesdag – porno

foto: marcel jurian de jong /dvhn

In de rechtszaal oordeelt de bovenwereld over de onderwereld.

In die onderwereld gebeurt van alles.
Een deel van de onderwereld, een klein deel weliswaar, staat onder redelijke controle van boven.
Dat is het deel dat zich afspeelt in de huizen van bewaring, in de gevangenissen en in tbs-klinieken.
Maar ook daar gebeurt onder toezicht van alles en nog wat, ook wat niet de bedoeling is.

In de Grittenborgh in Hoogeveen staat (of stond) in die lange gang een vitrinekast.
Keek je door het glas dan kon je zien hoe van oud brood en druivensap alcohol werd gemaakt.
Want natuurlijk is er alcohol in het ingesloten deel van de onderwereld.

Zoals er nog meer drugs binnen zijn.
Verdachten zeggen dat tijdens rechtszaken regelmatig tegen rechters.
Wat je buiten kunt kopen, is binnen te krijgen, net zo gemakkelijk.
Soms zeggen verdachten dat ze overplaatsing hebben aangevraagd naar de drugsvrije afdeling, waarmee ze dan maar willen zeggen dat ze goed bezig zijn.

In het oude, inmiddels afgebroken huis van bewaring in Groningen, aan de Hereweg, hing jarenlang een bordje aan de muur met de tekst dat wie drugs naar binnen smokkelde, onmiddellijk uit de gevangenis zal worden verwijderd.
Er is geen ander land ter wereld waar bordjes met dat soort teksten in gevangenissen hebben gehangen.

In de Van Mesdagkliniek wordt in porno gehandeld.

Donderdag stonden vier bewoners van de Van Mesdag terecht in zittingszaal 14 op verdenking kinderporno in bezit te hebben gehad.
Een van hen vertelde dat 97 procent van alle tbs’ers in de kliniek porno bezit.
Soms mag dat ook.
Het mag wel als het past in het behandelplan zoals de bovenwereld dat heeft opgesteld.

Maar kinderporno mag – net als buiten – nooit en te nimmer.
Het is strafbaar en wie wordt betrapt riskeert gevangenisstraf.
Veel verdachten – dat zeggen ze dan – downloaden op het internet kinderporno uit nieuwsgierigheid.
Voor wie niet nieuwsgierig is, maar het wel wil weten: kinderporno is wat u niet voor mogelijk wilt houden.

In de Van Mesdag doken filmpjes op met grote, akelige mannen met bivakmutsen op en kleine, blote meisjes van 3, 4, 8 en 10 jaar.

Er circuleerden in het patiëntencircuit verhalen dat er wapens in de kliniek waren. Dat vonden ze boven toch wat al te gortig en dus kwam er in januari vorig jaar een grote actie.
Alles werd doorzocht en dat leverde behalve drugs dus kinderporno op, heel nare filmpjes op dvd’s en op cd-roms.
Vier maanden later – soms duren dingen even – werden allerlei mensen door rechercheurs ondervraagd en daarbij vielen ook namen: Karel, Jos, Peter en Mark.

Niet toevallig pedoseksuele zedenpatiënten van wie er twee al eens eerder waren veroordeeld wegens het in bezit hebben van kinderporno.

Mark zou de initiator zijn, de handelaar, want hij had een computer met brander in zijn kamer.
Maar Mark zei dat het Jos en Karel waren.
Karel zei dat iedereen hem een oor wil aannaaien, dat altijd leugens over hem worden verteld. Dat het allemaal kletskoek is.
Karel had wel porno, 35 volle dvd’s verstopt onder de koelkast, maar met gewone porno.

Jos vertelde dat hij een gebrande cd had gekocht (15 euro) van Mark in de veronderstelling dat er muziek op stond.
Was dus niet zo, maar wist hij veel.
Zijn oude dvd-speler had het schijfje niet gemoeten.
Hij had dus ook niks gezien.
Komt bij dat Jos net zo opgewonden raakt van meisjes als van bakstenen.
Hij wil alleen piepkleine jongetjes.

Peter had als enige signalen opgevangen dat een controle op handen was en had zijn twee dvd’tjes door midden gebroken en in de prullenbak gegooid.
Weg bewijs.
Maar daarna vertelde hij wel wat er op de twee schijfjes had gestaan.
Tegen de rechters: ‘Want je moet eerlijk zijn.’

Officier van justitie Marcel Wolters – een tbs-specialist – stak vier keer hetzelfde verhaal af.
Dat kinderporno niet mag, niet in de onder- en bovenwereld, maar helemaal niet in een gevoelige omgeving van een tbs-kliniek.
Dat hij normaal gesproken, op basis van landelijke richtlijnen, gevangenisstraffen zou moeten eisen, maar dat dat in deze bijzondere gevallen averechts zal uitpakken.
Een tbs’er die in de gevangenis zit, wordt niet behandeld en daar schiet niemand iets mee op.
De wet staat toe dat een tbs’er zijn gevangenisstraf mag uitzitten in de kliniek.
Maar daar merkt dan niemand iets van.
Een werkstraf kan sowieso niet.

Rest, nog steeds Wolters, een aanslag op de portemonnee, maar dan wel naar draagkracht.
Anders is het niet eerlijk, zei de officier namens de bovenwereld.

Karel heeft eigen vermogen, Peter en Mark hebben een spaarpotje met geld voor later. Zij hoorden een boete van 2000 euro eisen.
Jos heeft niks (meer) en krijgt per maand 60 euro zakgeld.
Bij hem volstaat een eis van 200 euro.

Daarnaast werden vier maanden voorwaardelijke celstraf geëist die gaan tellen zodra ze tbs’er af zijn.
Dat kan voor Karel, Jos en Mark nog jaren duren.
Peter, met 50 jaar de oudste van het stel, zal waarschijnlijk altijd tbs’er blijven.
In potentie is hij longstayer.

Over een kleine twee weken zal de bovenwereld – hoewel daar ook van alles aan de hand is – oordelen.

Rob Zijlstra

.

UPDATE – 11 maart 2010 – uitspraken
De rechtbank heeft drie van de vier verdachte tbs’ers veroordeeld tot boetes van 750 euro wegens het in bezit hebben van kinderporno. Alleen Peter (‘ want je moet eerlijk zijn’) werd vrijgesproken. Hij kan wel zeggen dat er kinderporno op de twee door midden gebroken schijfjes stond, maar zijn bekentenis wordt door niks en niemand ondersteund. En dan is er te weinig voor een veroordeling.

De rechtbank hekelde de Van Mesdagkliniek omdat de kliniek kennelijk niet in staat is te voorkomen dat er kinderporno aanwezig is.

HET VONNIS (een van de vier)

Dollemannen

Het is een bijzonder stel dat de rechtszaal binnen wandelt.
Cryson (36) uit Paramaribo die nu in Groningen woont en Rocky (35) uit Amsterdam.
Ze zijn kennissen van elkaar, geen vrienden.
De rechtbank heeft een hele middag voor hen uitgetrokken.

Rocky werd in 2001 al eens tot acht jaar gevangenisstraf veroordeeld en in 2007 tot drie jaar wegens gewapende overvallen.
Cryson deed het zo mogelijk nog gekker.
Hij kreeg op jonge leeftijd tbs en zat acht jaar een kliniek toen hij op een onbewaakt moment de benen nam.
Drie jaar lang wist hij uit handen te blijven van de politie.
In 2006 liep hij ergens tegen de lamp.

Eenmaal weer binnen werd hij direct onder handen genomen door psychiaters en psychologen.
Die stelden vast dat de drie voortvluchtige jaren hem goed hadden gedaan.
Cryson werd genezen verklaard en zijn tbs-status werd opgeheven.

Het ging wel weer mis.

In november vorig jaar gingen ze samen wat rondjes rijden in een auto.
Zo kwamen ze in Winsum terecht bij het bouwbedrijf Formido.
Rocky tegen de rechters: ‘Ik heb thuis in Amsterdam een dakterras. Ik wilde kijken of ze wat artikelen hadden die ik kon gebruiken.’

Rechters: ‘Nee.’
Rocky: ‘Nee. Via een zijdeur kwamen we in het magazijn. Toen zijn we doorgelopen naar een kantoortje.’
Rechters: ‘Want u had schulden.’
Rocky: ‘Ik had een baan in een callcenter. Ik verdiende 1100 euro en loste 250 euro per maand af.’
Rechters: ‘U kon dus wel een extraatje gebruiken.’

Rocky ontkent dat niet.
In het kantoortje werden ze overlopen door de Formido-baas en ze gingen er hollend vandoor met ongeveer 1500 euro uit kassa-lades.
Justitie denkt dat Rocky iets soortgelijks heeft gedaan in het kantoor van Martiniplaza in Groningen.
Daar verdween tijdens een voorstelling een geldkistje met kleingeld.
De dief liet een bloedspoortje achter.
Met het dna-profiel van Rocky.
Tja, heel gek vindt hij dat, want hij is nog nooit in Martiniplaza geweest.

In de kern, schrijft de reclassering, is Rocky een goeie vent, maar hij heeft wel wat hulp nodig om dat te blijven.
Rocky knikt, hij gaat zeker weten zijn afgebroken opleiding afmaken en dan gaat hij doen waar zijn hart ligt.

Rechter: ‘En dat is?’
Rocky: ‘Werken met kinderen met overgewicht.’

De officier van justitie eist tien maanden gevangenisstraf waarvan vijf voorwaardelijk.

Cryson was die dag met Rocky naar de bouwmarkt gegaan, maar stond vooral terecht voor iets heel anders: voor pogingen tot doodslag in 2008.
Eerst op zijn vriendin en daarna op de halve binnenstad van Groningen.

Hij was met haar naar Saturn geweest en in de auto kregen ze ruzie.
Toen zij op de A28 niet stopte, wat Cryson wel wilde, trok hij hard aan de handrem.
Tegen de rechters: ‘Tja, iedereen heeft wel eens ruzie. De een slaat dan met zijn vuist op tafel, de ander trekt aan de handrem.’

De auto slipt, spint en knalt tegen de vangrail.
Een buschauffeur moet vol in de remmen.

Een maand later gaat het nog gekker.
Cryson rijdt dan in Haren in een gestolen auto, had wat gedronken en cocaïne gesnoven. Agenten zien dat hij links richting aangeeft, maar rechts afslaat.
Ze geven het stopteken.
Dat is het begin van een dollemansrit.

Cryson stuitert door de winkelstraten van Haren en scheurt vervolgens via Glimmen naar de A28 waar hij eerst als spookrijder richting Assen rijdt, een afrit neemt en dan als spookrijder de andere kant op naar Groningen koerst.
Met veertien agenten en zwaailichten achter hem aan weet hij via het Julianaplein de binnenstad van Groningen te bereiken.

Daar dendert hij over de Vismarkt en de Grote Markt.
Uiteindelijk rijdt hij de Poelestraat in waar het op dat moment druk is.

Op de camerabeelden die in de rechtszaal worden getoond is te zien hoe het uitgaanspubliek wegspringt, hoe mensen elkaar wegtrekken.
Cryson komt een kilometer verderop buiten de diepenring tot stilstand tegen een geparkeerde auto.
Twee politieauto’s lopen bij de achtervolging forse schade op.
Een man doet aangifte omdat Cryson over diens schoenen zou zijn gereden.

De officier van justitie spreekt van een ‘verkeersfurie’.

Rechters: ‘U reed als een dolleman. Het had allemaal heel anders kunnen aflopen. En dan?’
Cryson: ‘Grote problemen.’
Rechters: ‘Dat mag je wel zeggen. Het halve politiekorps zat achter u aan.’
Cryson: ‘Ik heb het van kwaad tot erger gemaakt. Ik had in Haren gewoon moeten stoppen, dan had ik alleen een boete gekregen of zo.’

De officier van justitie zegt dat de verdachte het risico op de dood van anderen bewust heeft genomen. Hij eist twee jaar gevangenisstraf en een rijontzegging van vijf jaar. Betekent dat Cryson, die geen rijbewijs heeft, tot 2015 geen rijlessen kan nemen.

De advocaat probeert de scherpe kantjes er van af te halen.
Zegt dat van pogingen tot doodslag op de halve binnenstad geen sprake kan zijn. Probeert: ‘Wie door het rode licht rijdt, maakt zich ook niet schuldig aan pogingen tot doodslag, maar begaat een overtreding.’

Cryson grijpt het laatste woord dat hij krijgt aan om excuses te maken.
‘Aan die meneer van de Formido en aan de stad Groningen.’

Rob Zijlstra

UPDATE – 18 januari 2010 – uitspraken
Cryson heeft pech. Hij moet langer zitten dan de officier van justitie graag had gezien: 3,5 jaar gevangenisstraf en een rijontzegging van 5 jaar.  Rocky kan lachen, ondanks dat de rechtbank de diefstal bewezen acht: 4 maanden celstraf waarvan 2 voorwaardelijk.  Hij moet zich nu melden bij de reclassering die hem de komende twee jaar in de gaten gaat houden.

TBS-liefde (3) – uitspraak

NIEUWS

Voorwaardelijke celstraf voor therapeute Van Mesdagkliniek

IMG_1951

Het gerechtshof in Leeuwarden heeft de 35-jarige ex-medewerkster van de Van Mesdagkliniek veroordeeld tot drie maanden voorwaardelijke gevangenisstraf wegens ontucht. Er was een onvoorwaardelijke werkstraf van 150 uur geëist.

De vrouw had begin 2006 een kortstondige seksuele relatie met een tbs’er die op de afdeling zat waar zij als sociotherapeut werkte. De twee waren verliefd op elkaar geworden. Ruim een half jaar nadat de relatie was beëindigd, klapte de tbs-patiënt uit de school en deed aangifte.

Het hof acht ontucht bewezen. In maart dit jaar werd de vrouw nog door de rechtbank in Groningen vrijgesproken. Volgens de rechtbank was er geen sprake van een strafbaar feit omdat de relatie gelijkwaardig zou zijn. Justitie stelde hoger beroep in.

De tbs’er claimde 3500 euro van de vrouw als voorschot op geleden schade. Het hof heeft dit afgewezen.

HET ARREST

Artikel 249,  Wetboek van Strafrecht

Het verslag van de zitting van twee weken geleden
Het verslag van de zitting bij de rechtbank (maart 2009)

TBS-Liefde (2)

Florence zit in haar uppie op de harde, houten stoel voor het ijzeren hek. Ze is omringd door zes mannen en een vrouw in toga. Drie raadsheren, een griffier (de vrouw), de advocaat-generaal en twee advocaten van wie er een voor haar is, de ander tegen.
Vanaf een grote foto kijkt een nog jonge koning Beatrix toe.

Als je daar zo zit, in die hoge, statige zittingszaal in het Paleis van Justitie in Leeuwarden, dan voel je je vast heel alleen. Het galmt er ook een beetje.

Zij zit daar omdat ze zeggen dat zij zich schuldig heeft gemaakt aan een ernstig feit.
Florence heeft zich schuldig gemaakt aan de liefde.

Begin dit jaar zat zij al eens schuldig te zijn in zittingszaal 14 van de rechtbank in Groningen.
De officier van justitie eiste toen een werkstraf van 150 uur, maar die geheel voorwaardelijk.
Het moest niet te gek worden.
Het slachtoffer had toen ook een schadevergoeding ingediend van 3.500 euro.
Maar dat vond de officier van justitie wat al te dol.
Hij verzocht de rechtbank daarom die claim af te wijzen.

De rechtbank oordeelde anders.
Die dolle schadeclaim werd wel conform afgewezen, Florence zelf werd vrijgesproken van het ernstige verwijt.
Het openbaar ministerie riep wel potverdorie en ging in hoger beroep.

Zo kwam het dat Florence deze week in haar uppie met al die rechtenmannen om haar heen opnieuw terechtstond.
En kennelijk is er sinds de zitting in Groningen iets gebeurd dat het openbaar ministerie op andere gedachten heeft gebracht.
De eis in hoger beroep luidt ineens 150 uur werkstraf.
Onvoorwaardelijk.
Dat is 150 uur meer.
En het betalen van die schadevergoeding, 3.500 euro, als voorschot op meer, is ineens niet meer te dol, maar heel billijk.

Of zij hem had gepijpt en hij haar, willen de raadsheren in die statige zaal weten.
Florence knikt.
Dat ene wel, dat andere niet.
Eh juist ja, zeggen de mannen.

Het verhaal is wel zo’n beetje bekend.
Zij werkte als socio-therapeute in de Van Mesdagkliniek, als enige vrouw op de afdeling zeden.
Zwaar werk.
Hij zat daar als patiënt.
Zij had drie jaar ervaring, hij had al eens eerder een tbs gehad.
De tweede tbs kreeg hij toen hij in de fout ging tijdens de eerste.

Hij vond haar leuk en zij hem.
Eindelijk eens een normaal iemand, dacht zij.
Wederzijds en oprecht verliefd.
Het duurde, in 2006, drie maanden en in die maanden overschreed Florence grenzen.
Als professioneel hulpverleenster had ze weerstand moeten bieden.
Of ze had het, misschien nog beter, vroegtijdig moeten melden, dan had ze overgeplaatst kunnen worden.
Of hij.

Waarom heeft u dat niet gedaan, aan de bel getrokken, willen de raadsheren weten.
Florence: ‘Ik denk uit eigen belang. Ik zou daarmee aangeven dat ik een grens was overgegaan en dat wilde ik niet. En ik wilde mijn baan niet kwijt.’

Ze zegt: ‘Er was ook weinig ruimte binnen de kliniek om te praten over dit soort zaken. Als er over seksuele relaties werd gesproken tussen medewerksters en tbs-patiënten, dan was het vaak wat op een sensationele manier. Dan werden er foto’s bij gezocht. En dan was het van, tjeetje, die met die… Op die manier.’
Zegt: ‘Ik vond dat wel moeilijk. Ik had soms meer last van collega’s dan van tbs-patiënten.’

Advocaat Tjalling van der Goot zal even later inbrengen dat de Van Mesdag ook geen deugdelijk protocol heeft over hoe met elkaar om te gaan. De inspectie voor de gezondheidszorg heeft de kliniek daar recent nog over op de vingers getikt. Er was wel een huisregeltje, een A-viertje. Daar stond op dat intieme relaties met tbs’ers ‘sterk worden ontraden’.
Van der Goot: ‘Zie daar, het was er dus niet verboden, er was enige ruimte.’

Een deel van de behandeling van de strafzaak bestaat uit het herhalen van argumenten die in Groningen zijn uitgewisseld.

Wat opviel was dat het openbaar ministerie nu nauwelijks repte over wat de officier van justitie in Groningen nog als bijzonder ernstig had gekwalificeerd. Door haar gedrag, zei de officier in maart, had zij ook de veiligheid, ook die van haar collega’s, ernstig in gevaar gebracht. Zo had ze hem niet alleen een cd, maar ook een telefoon gegeven. Hij had de kliniek wel kunnen gijzelen.

In Leeuwarden wordt hier nauwelijks een woord aan vuilgemaakt.
Duidelijk wordt ook dat toen de tbs-man die mobiele telefoon kreeg, hij er al eentje had. Via de normale ondergrondse handelsroutes in de Van Mesdagkliniek.
Die tweede voegde qua onveiligheid dus niks toe.

De raadsheren vragen aan Florence: ‘U was zeker wel blij toen u werd vrijgesproken?’
Florence: ‘Ja, eerste instantie wel, maar later niet meer. Ik had toen liever straf gehad, dan had ik er een punt achter kunnen zetten. Nu zit ik hier weer.’
De raadsheren knikken.
Misschien snappen ze dat wel.

De aanklager zegt dat de rechtbank Groningen met die malle vrijspraak een verkeerde toets heeft gebruikt.
Volgens de rechtbank was er geen sprake van druk of dwang, dus niet van ontucht, dus niet strafbaar, dus vrijspraak.
Maar, zegt de aanklager, druk of dwang is helemaal niet nodig voor strafbaarheid.
Punt is dat hij, de tbs’er, als patiënt afhankelijk is van zijn behandelaars van wie Florence er een was. Zij had bovendien de mogelijkheid de mogelijkheid – een kamertje – te creëren.
Hij niet.

De seksuele relatie bestond dus mede bij de gratie van afhankelijkheid.
En de wet zegt dan kwetsbare personen in een afhankelijke positie beschermd moeten worden.
Aanklager tegen aangeklaagde: ‘Dus ontucht.’

De aanklager vervolgt – vrij vertaald – dat het vrij onzinnig is een voorwaardelijke straf te eisen tegen iemand die het zo goed als zeker – Florence werd ontslagen – nooit weer zal doen. En dat in een voorwaardelijke straf het element vergelding ontbreekt.
Dus daarom nu 150 uur onvoorwaardelijk.

De aanklager motiveert niet waarom hij, anders dan de aanklager in Groningen, vindt dat de tbs-minnaar recht heeft op schadevergoeding.
Zegt: ‘Of hij schade heeft geleden, is natuurlijk erg moeilijk te bepalen. Daarom acht ik 3.500 euro als voorschot reëel.

Advocaat Niek Heidanus van de verliefde tbs’er zegt dat het eigenlijk te bizar voor woorden is dat hij moet aantonen dat zijn cliënt schade heeft geleden. Mijn cliënt is een ernstig, getraumatiseerde man, angstig en kwetsbaar.
Hij is overgeplaatst, zijn behandeling heeft achttien maanden vertraging opgelopen.
Hij is geen zeurpiet die hier een slaatje uit wil slaan, hij is geen gewone burger, hij is een zieke patiënt. Seksueel misbruik heeft een grote impact, ook op de langere duur. Of geldt dat weer niet voor een man of een tbs’er?
Advocaat Heidanus dacht van wel.

Advocaat Van der Goot dacht van niet.
Hij zegt dat de vervolging van Florence willekeur is, eenzijdig en gericht. Van haar is een kop van jut gemaakt. Het is bij justitie bekend, de officier van justitie in Groningen heeft het zelf gezegd, dat seksuele relaties tussen medewerksters en tbs ‘ers in de Van Mesdag vaker voorkomen. Maar alleen mijn cliënt wordt vervolgd. Het gelijkheidsbeginsel is hier in het geding.
Van der Goot vindt dat justitie daarom niet gerechtigd is Florence te vervolgen.
En als het hof daar anders over denkt, dan moet Florence worden vrijgesproken omdat er geen sprake is van ontucht.
Er was sprake van wederzijdse gevoelens van verliefdheid.
Hij vond het fijn en ontspannend.

De mannen van het hof moeten het nu zeggen.

Rob Zijlstra

uitspraak op 6 oktober

zitting in Groningen (maart 2009)

HERSTEL
Het recente onderzoek naar de Van Mesdagkliniek is niet zoals ik in mijn verhaal schrijf  gedaan door de Inspectie voor de Gezondheidszorg, maar door de Inspectie voor de Sanctietoepassing. [r.z]