Surrealistische mannen

De rechters willen weten wat Adrie uit Winschoten nou voor een man is. Rolf moet dat weten want hij was met hem bevriend. Rolf, een van de verdachten, zegt: ‘Adrie was een drukke man met humor, een man die op het juiste moment de juiste dingen kon zeggen. Lachen. Behulpzaam ook. Aangenaam gezelschap.’

Met deze omschrijving komt Adrie bijzonder goed weg. Een half jaar geleden werd hij op deze plek nog neergezet als een verschrikkelijkste man met bloeddoorlopen ogen en een staart. Hij werd veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging vanwege een zieke misdaad: het seksueel uitbuiten van zijn nichtje. Toen het begon was zij 13 jaar en haar hel zou twee jaar duren.

Adrie verkrachtte het kind niet alleen zelf (wel honderd keer), maar bood het meisje ook aan aan andere mannen. Die mochten met haar doen wat ze wilden. Als het maar wreed was en als ze het maar filmden. Dat was zijn kick.

De zitting van nu gaat over de mannen die het nichtje deden.

Rolf – een 40-jarige Drentse ondernemer die van alle markten thuis is – was een van die mannen. Hij was niet alleen bevriend met Adrie, maar hij kende ook het nichtje. Hij wist dat het een meisje was met een immens trieste geschiedenis, kwetsbaar als een dwarrelende vlinder in de schemer van een avond. Wat voor een man is hij dan, hij die wist wie en wat zij was en zich desondanks liet verleiden, zoals hij het noemt. ‘Omdat ze maar bleef aandringen.’ Via de chat had hij haar laten weten dat het super was geweest.

Rolf zegt: ‘Ik heb het toegelaten dat zij een stap te ver ging.’

Het is hem dus overkomen. Rolf voelt zich slachtoffer. Hij vertelt dat hij zich geen raad wist. Hij zat in een complexe situatie, zowel privé als financieel. Dus: ‘Dan is het lastig om je loyaliteit bij je gezin te houden.’ Ten einde raad liet hij zich door het kind oraal bevredigen. Een andere keus had hij niet gehad. Tegen de rechters: ‘Het was een heel surrealistische situatie.’

De eis: tien maanden. Krijgt hij die, dan gaan – heel realistisch – zijn bedrijven failliet.

Surrealistisch zou je ook het beeld kunnen noemen van een boom in het Beersterbos waaraan het meisje is vastgebonden terwijl zij wordt misbruikt door een man (28) uit Irak die zich had aangeboden op de website ‘hot or not’. In de telefoon van het meisje staat hij opgeslagen als de ‘brute asielzoeker’. Hij filmde de vernedering met een telefoon op een bij de Action gekocht statief.

De bruut ontkent, maar volgens de officier van justitie is het een ontkenning met de moed der wanhoop. En hij komt er niet mee weg: 30 maanden (eis).

Voor hem dreigt hetzelfde als wat Hamdin (29) uit Soedan boven het hoofd hangt: het moeten verlaten van Nederland. Een veroordeling zal leiden tot een drastische wending van de asielprocedure. Hamdin wilde gaan studeren. Hij had zich tien keer in beide armen geknepen toen hij hoorde dat het meisje geen 19 was zoals ze had verteld.

Eenmaal lust, heel de toekomst verprutst.

Dan is er Joan uit Winschoten. Hij is zo’n man die wel raad weet met iemand die aan zijn stiefdochters zou zitten. ‘Dan gaat-ie eraan’, had hij bij de politie gezegd. Dood. Zo’n man is Joan.

Maar in de rechtszaal zegt hij niet zo veel. Wat moet hij ook? Zeggen dat hij spijt heeft, zoals alle mannen als het te laat is? Zachtjes: ‘Ik vind het verschrikkelijk.’

Klopt het wat de officier van justitie beweert? Dat het meisje gedurende een jaar iedere week, soms twee keer, op haar fiets bij hem kwam? En dat ze dan ruwe seks hadden?
Joan: ‘Ja.’
Rechters: ‘Sloeg u haar?’
Joan: ‘Alleen soms. Als ze er om vroeg.’
Rechters: ‘Dan sloeg u. Hard?’
Joan: ‘Ja.’

De politie onderschepte chatgesprekken over brute en wrede seksuele handelingen die het meisje met hem wilde verrichten. In werkelijkheid werden die vernederende teksten geschreven door oom Adrie. Het nichtje moest het doen.

De rechters vragen: ‘Had u nou nooit het vermoeden dat er iets niet in de haak was?’
Joan: ‘Ik dacht dat ze 19 was.’
De rechters: ‘We hebben filmbeelden gezien, van haar gezicht, we zien dat ze pijn heeft, dat ze het naar vindt.’
Joan: ‘Ze zei, het is voor mijn eigen genot.’
De rechters laten een stilte vallen.
Joan: ‘Toen heb ik niks meer gevraagd.’

En verder is Joan een man die het allemaal niet meer zo goed weet. Er was een tijd dat hij seksuele contacten onderhield met wel dertig, veertig vrouwen. Dat wil hij nu niet meer. Hij, 25 jaar alweer, wordt ook ouder en hij wil het rustiger aan gaan doen. De eis van de officier van justitie sluit op dat laatste aan: 42 maanden gevangenisstraf.

Pablo (38) is helemaal vanuit Almere zonder advocaat naar de rechtbank in Groningen gekomen. Zoals hij destijds ook per trein vanuit Almere naar Winschoten reisde. Zij had hem zoals afgesproken opgehaald van het station. Ook Pablo zegt: ‘Ze leek niet jonger.’

Pablo is een man die gelukkig is getrouwd, een eigen woning heeft en een baan. De procedure om een kind te kunnen adopteren is in een eindstadium. Toen hij het meisje op drie verschillende manieren seksueel binnendrong – zo heet een verkrachting in de rechtszaal – had hij wel een vaag vermoeden dat er iets niet klopte. Rechters: ‘Maar uw eigen lust was belangrijker op dat moment.’ Pablo knikt, beschaamd.

Rechters: ‘Voelt u zich schuldig?’
Pablo: ‘Ik ben overstuur.’
De officier van justitie: tien maanden cel.

Pablo denkt met gebogen hoofd aan zijn huwelijk, de koopwoning, zijn vaste baan, aan de lange adoptieprocedure die bijna is volbracht. Misschien heeft hij buikpijn. Bang voor een hoge prijs, de vrees alles kwijt te raken. Zijn vrouw weet iets, zijn werkgever niets.

Het slot van dit weerzinwekkende verhaal.

Iedereen weet dat je niet mag stelen, ook de rotzakken die dat desondanks toch doen weten dat. Nog nooit was er een dief in een rechtszaal die zich verontschuldigde door te zeggen dat hij niet wist dat stelen verboden was.

Maar…

Hoe kan het toch dat er nog mannen rondlopen die menen dat je bruut seks kunt hebben met kinderen zolang je maar denkt dat ze meerderjarig zijn?

Rob Zijlstra

de uitspraken zijn op 1 maart

update – 28 januari 2019
Een van de verdachten heeft  twee dagen na de zitting van vrijdag zelfmoord gepleegd. Dit heeft de rechtbank maandagochtend bevestigd. De man die zelfmoord pleegde was een vage kennis van de hoofdverdachte in deze zaak, Michel M. Tegen de man was achttien maanden celstraf geëist. Hij ontkende tijdens de zitting dat hij zich schuldig had gemaakt aan het misbruik. Hij zou, door M. valselijk zijn beschuldigd. Nu de verdachte is overleden, is de strafvervolging per direct stilgelegd. De rechtbank zal in zijn strafzaak ook geen uitspraak doen.

→ Het rechtbankverslag van de strafzaak van Adrie: De verschrikkelijke multitasker

mededeling – dit is geen advertentie, maar een betrouwbare link naar slachtofferhulp die ik hier heb geplaatst – er zijn nogal wat meldpunten op dit gebied die dubieus zijn – rob zijlstra

Lucia

even sta ik in de
rechtszaal oog in
oog met de moordenaar

Ik lees oude krantenartikelen uit Nieuwsblad van het Noorden, geschreven door collega’s die nu niet meer bij de krant werken. Ik lees uitvoerige berichten, qua tekst langer dan we vandaag de dag gewend zijn te schrijven en te lezen.

Het is 1988, de dagbladen hadden volop abonnees.

Ik lees in die oude kranten over een jonge vrouw die is vermoord, zij is gevonden in een weiland langs de Euvelgunnerweg in Groningen, nu een bedrijventerrein ten oosten van de stad. Voordat ze werd vermoord, is ze verkracht. Een vreselijker lot kan een mens nauwelijks overkomen, een ernstiger misdaad valt bijna niet te begaan.

Ik lees de oude krantenartikelen uit het archief van het Nieuwsblad van het Noorden omdat de moordenaar, bijna 29 jaar na dato, moet verschijnen in zittingszaal 14 van de rechtbank in Groningen.
Vanwege toen – om precies te zijn: 28 jaar, 9 maanden en 25 dagen geleden.

Hij heet Willem.
Hij is nu 57 jaar, is een grote man die van die stevige, zwarte werkschoenen draagt, een donkere spijkerbroek, grijze sweater, grijszwart haar, een dito baard.
Hij is moordenaar voor het leven.

Deze Willem zit gelaten in de verdachtenbank als of hij zonder recht van spreken is.
Zijn behandelaar in de tbs-kliniek waar hij nu verblijft zegt evenwel dat ik eens langs moet komen, om te horen over de goede resultaten die er worden geboekt, mooie resultaten waar zelfs niemand weet van heeft. Vierenveertig procent. Het zijn resultaten die bewijzen, anders dan overal wordt gedacht, dat geen mens onbehandelbaar is. Ik krijg een visitekaartje. Kom langs, zegt de behandelaar, dan krijg je een rondleiding. Van Willem.

Even sta ik in de rechtszaal oog in oog met de moordenaar.
We mogen elkaar geen hand geven, dat hoort niet in de rechtszaal.
We kijken elkaar kort aan, ik ontmoet een vriendelijke blik.
Geen blik om bang van te worden.
Hoe ik terugkeek, dat weet ik niet.
Ik bel wel, zeg ik tegen de behandelaar en stop het visitekaartje weg.

Daags na de moord had Willem van der S. zich op het politiebureau gemeld met de woorden: ‘Het is mis.’ Na zijn misdaad had hij nog verschillende kroegen bezocht in de binnenstad van Groningen. Het was zijn laatste avond in vrijheid.

Ik zet op grond van wat ik in de oude kranten lees wat jaartallen op een rijtje.
In 1981 is Willem vanwege verkrachtingen en pogingen tot doodslag in de regio Ridderkerk als patiënt in de Van Mesdagkliniek beland.
Hij was toen 22, dus nu 35 jaar geleden.
In 1986 wist hij te ontsnappen aan het toezicht van zijn Van Mesdag-begeleiders. Ik heb wel eens gehoord dat tbs’ers op begeleid proefverlof regelmatig wisten te ontkomen op de roltrappen van de V&D. De gevluchte Willem werd niet heel veel later getraceerd en aangehouden in zijn geboorteplaats, zoals de meeste tbs’er die er vandoor gingen: ze vluchtten rechtstreeks naar moeders.

Op 10 maart 1988 genoot Willem van der S. onbegeleid verlof, op donderdagavond, koopavond in de stad. Hij is dan 28 jaar. Dat verlof genoot hij al maanden. Willem bezocht dan in kleine zaaltjes bijeenkomsten van blije kerken. Nog altijd – hoor ik vertellen – is de koopavond een populaire avond voor hedendaagse tbs’ers om de binnenstad van Groningen te bezoeken. Alleen als je het weet, kun je dat zien.

vrouwen eisten
de nacht terug

Een paar dagen na de moord gingen in Groningen drieduizend (!) mensen de straat op om te protesteren tegen seksueel geweld. De mensen droegen fakkels en eisten veiligheid, om veilig naar huis te kunnen fietsen. Vrouwen eisten de nacht terug. Op de muren van de Van Mesdag werden boos witte woorden gekalkt: Stop seksueel geweld!

Ik lees dat de nabestaanden bezwaar maakten tegen het Nieuwsblad van het Noorden, het Algemeen Dagblad, de Volkskrant, tegen EO Tijdsein en Veronica’s Nieuwslijn omdat de naam van het slachtoffer in de berichtgeving voluit werd vermeld, terwijl de naam van Willem beperkt bleef tot Van der S. De nabestaanden hadden ook uit de krant moeten vernemen wat er was gebeurd.

Buro Slachtofferhulp zei tegen de krant: ‘Persvrijheid betekent niet dat je zomaar alles kunt publiceren.’ De verdrietige nabestaanden vingen bot. De pers had geen grenzen overschreden, maar voldoende zorgvuldig bericht, oordeelde de Raad voor de Journalistiek. De politie verklaarde later waarom ze de nabestaanden niet rechtstreeks hadden geïnformeerd: we wilden hen behoeden voor heftige emoties.

Er was een kort geding van vrouwen die vonden dat de Van Mesdag onrechtmatig had gehandeld door Willem van der S. met proefverlof te laten gaan. Het geding was ook gericht tegen de Staat der Nederlanden. De eis: stop met de tbs. Ook hier was bot de vangst. De Van Mesdag had niet onrechtmatig gehandeld, wel onzorgvuldig. Dat laatste was een schrale troost, stond in de oude kranten.

De directie van de Van Mesdagkliniek plaatste zeven dagen na de moord in de krant wanhopig een overlijdensadvertentie om medeleven te betuigen met de nabestaanden. De advertentie viel ik verkeerde aarde.

De rechters gingen woensdag mee met de eis van de officier van justitie: een verlenging van de tbs-maatregel met twee jaren. De rechters zeiden tegen Willem dat hij dat als iets positiefs moet opvatten. Daarna zeiden ze: ‘Wij wensen u sterkte bij wat u van plan bent. En dan zien we u hier over twee jaar weer.’’

De man die als 22-jarige, als crimineel patiënt, in Groningen terecht kwam omdat daar nu eenmaal de Van Mesdagkliniek bestond (bestaat), die op 28-jarige leeftijd met kwade lust een jonge vrouw van het leven beroofde omdat zij op het verkeerde moment op de verkeerde plaats was, vertelde woensdagmiddag in zittingszaal 14 dat hij er nog wat van wil gaan maken.
Van zijn verloren leven.
Twee jaar geleden dacht hij nog, laat maar zitten.
Maar nu, nu wil hij kijken hoe ver hij kan komen, richting vrijheid.
Om alle risico’s uit de sluiten ziet hij vrijwillig af van verloven waar hij – net als toen – recht op heeft.

Ze heette Alok Lucie Burgdorffer.
Roepnaam Lucia.
Studente, 22 jaar.
Wat ze studeerde, staat nergens geschreven.
Ook is er geen foto van haar.
Alleen een vrolijke naam, verbonden aan een gruwelijk misdrijf dat werd gepleegd op 10 maart 1988 in Groningen.
Op een donderdagavond.

Lucia fietste op haar fiets, van of naar haar huis.
Toen opeens.

Rob Zijlstra

Is dit wel waar?

Hij beschouwde haar
als zijn seksslavin
die moest doen
wat hij wilde
schermafbeelding-2016-11-23-om-14-37-36

tweet

De zaak was al bijzonder omdat het over buitenissig veel geld gaat. En omdat het verhaal achter dat geld, welgeteld 1.581.868 euro, nog veel gekker moet zijn, is dit een bizar verhaal.

Het gaat over Ivan en over Darina, vijftien jaar geleden een jonge vrouw uit het Bulgaarse Sliven. Ivan – inmiddels 44 jaar oud – was daar ooit varkensboer. Hij werd in oktober 2009 door de rechtbank in Groningen veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf omdat hij Darina jarenlang zou hebben uitgebuit. Hij beschouwde haar als zijn seksslavin die moest doen wat hij wilde: zo veel mogelijk geld verdienen.

Het Bureau Ontnemingswetgeving Openbaar Ministerie (BOOM, misdaad mag niet lonen) deed uitvoerig onderzoek naar de verdiensten van de vrouw. De uitkomst is akelig: zij zou ruim 1,5 miljoen euro hebben verdiend met het hebben van seks met mannen in de rosse buurt van Groningen.

Mocht dit kloppen, dan even voor het idee: een intiem samenzijn met Darina kostte mischien wel 50 euro per keer.
Als dat zo is, dan had deze jonge vrouw in acht jaar tijd dagelijks, zeven dagen per week, seks met tien mannen.
Als andere cijfers ook kloppen, dan moet half mannelijk Groningen haar kennen.

Groninger agenten die belast zijn met het tegengaan van mensenhandel kenden haar in ieder geval. Op hun rondgangen door de buurt was het hen wel opgevallen dat Darina vaak en lang werkte. Ze maakten wel eens een praatje met haar en uit niets wat ze dan zei kon worden opgemaakt dat ze een slachtoffer was. Maar eind 2008 meldde ze zich op het politiebureau. Ze vertelde dat ze werd uitgebuit.

De politie, aanvankelijk verbaasd want nooit iets gemerkt, begon een onderzoek (onderzoek Kolibrie) en schreef 200 pagina’s vol leed. Dat er dagen waren dat ze twintig uur werkte, dat ze wachtend op klanten altijd moest staan. Dat ze ook moest werken wanneer ze ongesteld was. Pistool op haar hoofd. Een paar keer kreeg ze een cadeautje van haar varkensboer: een keer grotere borsten, een keertje volle lippen.

Ivan streek al het geld op dat zij kreeg en hield er in Bulgarije in een grote villa een luxe leven op na met protserige auto’s en horloges. Op een deel van Ivan’s bezittingen is beslag gelegd.

In oktober 2009 werd Ivan niet alleen tot vier jaar cel veroordeeld, maar ook tot het betalen van 20.000 euro smartengeld aan Darina.
Daarnaast was gevraagd de verdiensten (1.581.868 euro) af te pakken: na aftrek van wat kosten zou Ivan – aldus BOOM – 1.441.370 euro moeten inleveren.
De rechtbank wees dit af: te ingewikkeld voor een strafzaak.
Het Openbaar Ministerie was het daar niet mee eens en begon in juni 2011 een procedure bij het gerechtshof.

En kijk, ruim vijf jaar later, donderdagmiddag om drie uur – zeven jaar na de aanhouding van Ivan en vijftien jaar nadat de jonge vrouw voor het eerst als seksslavin achter te ramen in Groningen werd gezet – is er een nieuwe rechtszaak waarin het Openbaar Minsterie die 1.441.370 euro opeist.

Misdaad kan heel lang lonen.

Rob Zijlstra

update 22december 2016 – beslissing
Ivan moet betalen. Hij krijgt 10 procent korting omdat de redelijke termijnen om zoiets af te handelen volgens de rechtbank met 15 maanden zijn overschreden. Resteert: 1.148.595 euro en 19 eurocent.

Catastrofale mannen

Twee jaar lang hoopte ze ’s avonds
huilend in bed op betere tijden, maar
haar vader bleef een gruwzaam man

schermafbeelding-2016-10-14-om-10-52-54Grote woorden verdienen het om spaarzaam te worden gebruikt.
Je kunt niet iedere misstand een drama, niet elk ongemak een ramp noemen, want dan sta je bij ware malheur met de mond vol tanden.

Het is dus niet zo dat het Noorden van Nederland op 13 november 2014 is ontsnapt aan een catastrofale explosie met gevolgen voor mens en omgeving.
Dat is te zwaar aangezet, het is te groots uitgedrukt.
Toch werd het deze week gezegd in de rechtszaal en moest de 44-jarige Pascal een beetje huilen. Want stel dat de Eemscentrale wel was ontploft door zijn schuld.
Wat dan?

Daar moet hij steeds aan denken, aan wat er misschien had kunnen gebeuren, dat er doden hadden kunnen vallen, eventueel, en hoe stom hij was geweest.
Sowieso.
Pascal moet af en toe even naar adem happen.
Dan weer veegt hij met de palmen tranen uit het gezicht.

Eerst dachten ze dat hij zo’n radicale milieuactivist was.
Op het politiebureau hadden ze dat aan hem gevraagd.
Ben jij dat?
Hij had nee gezegd, hij had geantwoord: ‘Ik ben steigerbouwer.’
Waarom had hij het dan gedaan, dat wil iedereen weten.
Pascal doet zijn best.

Het was razend druk op het werk, het ging maar door, want de klus moest af.
Het was zo druk dat hij geen vrije dag kon krijgen.
Daar had hij wel om gevraagd.
De oma van zijn vriendin was overleden.
Hij wilde graag bij de begrafenis zijn, maar dan moest hij dus vrij en zijn chef, een Duitser aan wie hij toch al een hekel had, gaf geen toestemming.
Het was frustratie.
En een vlaag van verstandsverbijstering.
‘Misschien was het een combi.’

Dat laatste willen de rechters niet zomaar geloven omdat er twee momenten waren geweest dat hij het had gedaan.
De eerste keer om 10.18 uur, de tweede keer om 13.39 uur.
Dan moeten dat twee opeenvolgende vlagen van verstandsverbijstering zijn geweest, wat een beetje apart is, menen de rechters.
Pascal knikt, haalt diep adem en zegt dat hij het ook niet meer weet.
En dat hij ontzettend veel spijt heeft.

Pascal had een hendel omgezet.
Omhoog gehaald.
Twee keer.

In de tenlastelegging staat dat hij ‘opzettelijk een ten opzichte van een elektriciteitswerk genomen veiligheidsmaatregel heeft verijdeld…’
Juristen snappen dat zelf ook maar nauwelijks, maar praten nu eenmaal zo.
Het komt erop neer dat Pascal de beveiliging van een hulpkoelsysteem uitschakelde en dat dat bloedlink was.
Ergens in de centrale zou iets cruciaals extreem oververhit kunnen raken.
Een explosie zoals Groningen die nog nooit had beleefd was dan niet uit te sluiten.
Omdat het een hulpkoelsysteem – een back-up – betrof moest het wel heel gek lopen zou dat ook echt gebeuren.
Maar toch.
Ongelukken schuilen in kleine hoeken.

Even na vier uur zei iemand in de centrale, ‘verrek, krijg het nou, de druk in het back-upkoelsysteem van eenheid 3 is gezakt tot onder de 1 bar’.
De medewerker drukte op de rode knop en razendsnel werd een crisisteam geformeerd en werd de halve Eemshaven afgezet.
Verder gebeurde er niets.

Pascal zucht.
De officier van justitie ook, evenals de advocaat.
Er verstrijken jaren zonder dat er ook maar een jurist in Nederland zich verdiept in artikel 161bis van het Wetboek van strafrecht.
Daarin staat dat wat Pascal heeft gedaan niet mag.
De advocaat merkt op dat zijn cliënt al zwaar genoeg is gestraft.
‘Hij is ontslagen en hij heeft het prachtige Groningen verlaten en verruild voor het saaie Waddinxveen. Genoeg, dunkt me.’
Ook merkt de raadsman op dat er geen catastrofe in de lucht heeft gehangen, maar dat er even sprake is geweest van een verminderde staat van veiligheid.
‘Ach.’

Rechters vragen aan Pascal of hij zich op die dag om 10.18 en 13.39 uur bewust was van de gevaren.
Pascal: ‘Ik heb daar op dat moment niet bij stilgestaan.’
De officier van justitie eist een taakstraf van 120 uur.

Maar dan Fred.
Fred is een ander verhaal.
Fred, 46 jaar, bloemenverkoper, is wereldwijd een catastrofe voor de mensheid.
Kleiner kan ik het – op basis van de rechtszaak waar Fred als tragisch figuur de hoofdrol speelde – niet maken.
Een collega van de perskamer noemde hem de smerigste hufter.
‘Geef mij een kwartiertje met hem alleen’, zei ze.

Fred heeft gedurende een jaar zijn jongste dochter misbruikt.
Hij had daar een reden voor: hij zat in een faillissement.
Daardoor had hij het dus ontzettend zwaar want veel stress en toen ging zijn vrouw ook nog vreemd met zijn beste vriend.
‘Het was een fase in mijn leven dat ik erg instabiel was.’

Fred zegt dat het natuurlijk geen excuus is.
Maar ja.
‘Een man met stress doet nu eenmaal rare dingen.’
Hij zegt ook dat hij natuurlijk spijt heeft.
En de rechters moeten niet denken dat het de schuld is van zijn dochter of zo.
Dat is niet zo.
Het is zijn schuld.
‘Ik heb een fout gemaakt. Ik ben verantwoordelijk.’

Hij vertelt dat zijn dochter een pittige dame was, niet gemakkelijk in de opvoeding.
Het was een keer begonnen met knuffelen.
En zo was het doorgegaan.
Zoenen op de mond. Hij met zijn tong.
Soms ging hij trimmen in het bos en dan mocht zij mee (‘nee, ik moest mee’).
Een keer wilde zijn dochter, toen 16 jaar, uit met vriendinnen.
Hij had gevraagd: wat heb je daarvoor over?
Hij was toen in dat bos met zijn vingers in haar vagina gegaan.
Tegen de rechters: ‘Heel spontaan.’

In 2013 vertelde ze alles aan haar moeder.
Ze wilde geen aangifte doen.
Twee jaar lang hoopte ze ’s avonds huilend in bed op betere tijden, maar haar vader bleef een gruwzaam man.
Een jaar geleden deed ze alsnog aangifte.

De rechters vragen: ‘Was u daar boos over, over die aangifte?’
Hij: ‘Nee. Maar ik was wel verontwaardigd.’
De officier van justitie citeert uit een verklaring van de dochter: ‘Op de dag dat ik aangifte deed, zei hij tegen mij: ‘dit is de dag dat ik je heb begraven’.

Fred vindt niet dat hij hulp nodig heeft.
‘Ik heb veel vrienden die psychiater zijn. Ik heb al met hen gepraat.’
De officier van justitie: ‘Het bewijs is easy. Hij bekent de beschuldigingen. Ik eis een half jaar celstraf, de helft voorwaardelijk.’

Ook Fred heeft het Noorden verlaten.
Hij verkoopt nu de meest vrolijk gekleurde bloemen in Amsterdam.
Alsof er niets is gebeurd.

Rob Zijlstra

 

update – uitspraak – 21 oktober 2016 
Pascal is veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur. Conform dus. De rechtbank volgt in de veroordeling het  Openbaar Ministerie. Dat ziet er dan als volgt uit (fragment vonnis):

schermafbeelding-2016-10-21-om-16-10-50

Naakt

de piemel is in het strafrecht
regelmatig een bron van ellende

Schermafbeelding 2016-05-21 om 00.09.25

afbeelding geleend van foksuk.nl

De rechtbank in Groningen veroordeelde afgelopen week misschien wel een van de meest wonderlijke mannen die in de voorbije tien jaar in zittingszaal 14 moest komen opdraven.
Hij heet Mark, heeft zowel kinderen als een eigen bedrijf en komt uit Veendam.
Hij is geen man om vrolijk van te worden of om grapjes over te maken.
Wat hij doet, klinkt niet heel erg crimineel, maar de gevolgen van zijn misdaden zijn akelig en vervelend.

Mark is een man die het niet laten kan: hij laat te onpas zijn broek zakken.
Dat doet hij in het openbaar en in het bijzijn van anderen, bij voorkeur in de buurt van spelende kinderen.
De eerste keer dat hij het deed was in Groningen op een bankje waarop drie meisjes zaten.
Hij was 17 jaar en toen hij het had gedaan was hij zo blij geweest.

Nu is Mark 46.
Het was afgelopen week zijn zoveelste veroordeling en steeds voor hetzelfde.
Hij moet nu 30 maanden de gevangenis in en daarna moet een stevige behandeling volgen.
Tbs met dwangverpleging ligt al op de loer.

Haperende frisdrankautomaten gaan soms weer normaal doen na een flinke optater.
Toen ik Mark voor het eerst meemaakte in de rechtszaal dacht ik (stiekem) dat zoiets voor hem misschien ook wel het beste zou zijn.
De aansteller.
Met z’n gemiep en gejank.
Toen hij een jaar later weer terecht stond, bleek er meer aan de hand en had ik (ook stiekem) wel een beetje met hem te doen.
Het moet een onaangenaam leven wezen wanneer je voortdurend de niet te bedwingen neiging hebt om overal maar in je blote kont te willen staan om je piemel te laten zien.

Mark laat zijn broek zakken vanwege de stress, de eenzaamheid, een slecht huwelijk, zwarte gaten, machteloosheid, z’n werk in de auto, zijn lege huis, vanwege zijn overtuiging te moeten leven met een gebrek aan manlijkheid, afwijzingen, gaten in zijn sokken en wat al niet meer kan.

Twee jaar geleden ging het even een tijdje goed.
Maar drie dagen voor hij zich moest melden in de rechtszaal was de stress zo hoog opgelopen dat er geen houden meer aan was.
Hij stapte in Veendam in zijn auto, reed in één streep naar Amsterdam en eenmaal daar liet hij zijn broek zakken.
Een surveillerende motoragent zag plots twee blote billen, bedacht zich niet (‘krijg nou wat’) en ging over tot arrestatie.
Mark had tegen de rechters gezegd: ‘Ik dacht, nou, in Amsterdam, daar kan zoiets wel.’
Nou, niet dus.

Afgelopen week werd de Veendammer veroordeeld wegens ontuchtige schennis in Emmen, Hoogeveen, Drachten en Leeuwarden.
Twintig kinderen, maar waarschijnlijk meer, waren getuige van zijn rare, nare fratsen.

Hij zei in de rechtszaal: ‘Ik wil graag aandacht, ik wil graag aardig gevonden worden. Als ik dan met kinderen een praatje maak, dan krijg ik die aandacht niet. Maar wanneer ik mijn broek laat zakken en mijn piemel laat zien dan heb ik de aandacht wel. Ik krijg dan het gevoel dat ze me interessant vinden. ’t Klinkt heel stom, maar eerlijker kan ik niet zijn.’

De rechters hadden gevraagd of hij zich wel realiseert waar hij die kinderen mee belast?
Mark: ‘Ik heb de plank goed misgeslagen. Ik dacht toen ik bezig was, als ik weer weg ben, dan vergeten ze me wel.’
Een van de rechters: ‘Snapt u dat ik dat niet begrijp?’
Mark snapte dat.
Hij jammerde: ’Ik ben een dikke egoïst, eigenlijk ben ik zelf nog maar een klein kind.’

De piemel is in het strafrecht regelmatig bron van ellende.

Donderdag stond een man uit Groningen terecht wegens de verdenking van onder meer een verkrachting.
Zeg maar dat hij Bram heet.
De politie verdacht hem van andere strafbare feiten en doorzocht daarom zijn woning.
Een huiszoeking behelst vandaag de dag ook dat computers worden leeggekieperd.
Op een laptop troffen agenten een filmpje aan, met privé-porno.
Dat wil zeggen, agenten zagen hoe de verdachte seks had met zijn 23-jarige vriendin.
Ze bleven maar kijken en na twintig minuten hoorden ze de vrouw ‘au’ roepen.
De agenten beseften op dat moment dat ze naar een verkrachting zaten te kijken, tenminste zo luidt in de rechtszaal de verdenking.

Zeg maar Bram is zich van geen kwaad bewust.
Hij zegt tegen de rechters die zojuist het privéfilmpje ook hebben bekeken: ‘Het ging er lekker wild aan toe. Klopt. Bij iedereen gaat het er anders aan toe in de slaapkamer, dat weet u toch wel?’

Een en ander speelde zich af in januari 2015.
Bram vertelt aan de rechters dat hij zojuist heeft gehoord dat zijn vriendin (dezelfde) zwanger is en dat hij dus voor de vijfde keer vader kan worden.
Rechters: ‘Is dat zo?’
Bram haalt zijn telefoon tevoorschijn.
Trots: ‘Ik heb een filmpje van de zwangerschapstest.’
De verdachte mag naar voren komen om het blijde nieuws aan de rechters te laten zien.
Kort daarna hoort Bram de officier van justitie 36 maanden celstraf eisen.

Wilde seks, althans de gedachte daar aan, bracht ook Nelis in de problemen.
Ook voor hem dreigt celstraf (eis: acht maanden, helft voorwaardelijk).
Na 7 jaren was een einde gekomen aan zijn relatie met L.
Hij hield nog van haar en toen hij hoorde dat zijn verse ex op Tinder zat te flikflooien en zijn beste vriend ook, begon het te borrelen en al snel daarna te koken.
Bij het huis van zijn vriend aangekomen, zag hij haar autootje.
Nelis kookte over.
Tegen de rechters: ‘Ik dacht, die liggen met z’n tweeën in bed. Ik visualiseerde dat. Het was nog maar net uit. Ik had wat meer respect verwacht. Toch? Zij is de moeder van mijn kind.’

Niet onvermeld kan blijven dat Nelis een getraind vechtsporter is, met trofeeën en bijbehorend lichaam.
De voordeur ramt hij in stukjes, stormt de trap op, verbrijzelt de slaapkamerdeur, en ja hoor.
Naakt.

Tegen de rechters zegt Nelis dat het een samenloop van emoties was en dat hij spijt heeft dat het is gebeurd.
Hij is bereid de aangerichte schade, een paar duizend euro, te vergoeden.
Maar vooral is hij blij, dat moeten de rechters ook weten, dat zijn voormalige vriend geen blijvend letsel heeft overgehouden aan de afranseling.

Rob Zijlstra

uitspraken volgen

→ de strafeis van 36  maanden tegen Bram heeft ook betrekking op een poging een vrouw te dwingen in de prostitutie te werken (poging mensenhandel).

Niet gekker

‘Normaal ben ik niet zo.
Ik moet gewoon even
nokkie zijn geweest.’

Schermafbeelding 2016-02-27 om 18.11.43Zittingszaal 14 is de zaal van het strafrecht in Groningen.
Qua woorden die er worden gesproken is het denk ik een van de meest bijzondere zalen van heel de provincie.
Je kunt het zo gek niet verzinnen of het kan in deze zaal worden gevraagd of geantwoord.
Zou ik de president van de rechtbank zijn, dan zou ik de tekst ‘het moet niet gekker worden’ ergens laten aanbrengen.
Zo groot als maar mogelijk.

Goed, koffie mag je niet mee naar binnen nemen (een flesje water wordt gedoogd), de telefoon moet op straffe van verbanning uit en het hoofd moet onbedekt.
Petje af.
Maar er bestaan geen taboes.

Zittingszaal 14 is als zaal niet heel imposant.
De ene zijkant telt tien smalle ramen, de andere acht, maar daglicht is er nooit.
Aan weerszijden hangen grote, zwarte Sony’s aan de muur, aan eentje een goedkope klok van Blokker.
De meubels die er zijn neergezet, zijn lomp, te groot voor de ruimte die er is.
Aan de hoge muur waar het publiek naar kijkt, hangen vijf panelen, die samen een kunstwerk vormen.

De maker van die werken is de Amsterdamse kunstenaar Jaap Hillenius die in 1999, fietsend in zijn stad, door een automobilist werd doodgereden.
Hij schilderde de vijf panelen in zachte, lieflijke pasteltinten.
Daarmee wilde Hillenius tegenwicht bieden aan de harde, rauwe werkelijkheid die in rechtszalen wordt besproken.

Maandag was de kunst van de maker hartstikke nodig.
Tussen de zachte panelen hing het grote oprolbare doek voor een vertoningen.
Doorgaans worden daar slechte beelden op getoond van vage figuren die cafetaria’s overvallen.
Maar nu zagen we een erg blote vrouw, liggend op een duistere bank.
In haar stak een bierflesje dat op en neer ging.
We zagen handen aan armen die dat deden.
We hoorden gelach en iets dat klonk als kreunen.
Het duurde één minuten en vijftig seconden.

Een mannenstem luidde het einde van het ranzige filmpje in.
Rauwe stem: ‘Ik vind het nou ook wel goed zo. Ik heb genoeg gezien.’

Voordat de rechters de film startten was het publiek op de tribune verzocht de zaal te verlaten. De film zou achter gesloten deuren worden getoond.
Na de vertoning mocht het publiek weer binnenkomen.
Net toen ik wilde opstaan, sprak de rechter dat was besloten een uitzondering te maken voor de pers, dit in het belang van de openbaarheid van de rechtspraak.
En zo keek ik op maandagochtend op een doek van 3 bij 4 meter naar een bierflesje in het blote kruis van Anneke.

Er zijn drie verdachten.
Femke (26) en haar stiefmoeder Connie (42).
De armen met handen zijn van hen.
Connies hoofd komt een paar keer herkenbaar in beeld.
De derde verdachte is Ko (34).
Hij is de man van de stem en de maker van het filmpje.

De rechters zeggen dat het allemaal nogal gênant is.
Ze zeggen: ‘Maar we moeten er toch over praten.’
Femke kijkt strak voor zich uit, haar linkerhand ligt op haar zwangere buik.
Connie huilt.
Femke zal dat straks ook gaan doen.
Ko is niet komen opdagen.

Het verwijt dat aan de twee vrouwen wordt gemaakt is dat zij seks hebben gehad met iemand die wilsonbekwaam is, met iemand die onmachtig is.
Plat en niet-juridisch gezegd: ze hebben een laveloze vrouw verkracht.
En daar heeft Ko met zijn telefoon een filmpje van gemaakt.
Het was ook op zijn bank in zijn woning in het oosten van Groningen.

De rechters: ‘In hemelsnaam, waarom?’
Connie heeft het nu niet meer, haar stem stokt.
Femke komt met een gedeeltelijke bekentenis: ‘Lichamelijk was ik erbij, maar geestelijk totaal niet.’

Een en ander gebeurde in oktober 2014.
Niet lang daarna gingen er geruchten door het dorp.
En toen nog erger: het filmpje werd verspreid.
Het duurde niet lang of het halve dorp keek naar Anneke op de bank.
Zij wist zelf toen nog van niks.
Een kennis van haar vond het te gortig en stapte met zijn telefoon waarop ook hij het filmpje had ontvangen naar de politie.
Buurtagenten bekeken het, ze zagen Anneke en herkenden de stem van Femke en toen ze nog een keer keken herkenden ze ook Connie.

In maart werden ze aangehouden.
Ko ook.
Bij de politie werden uitvoerig verklaringen afgelegd.
Connie: ‘Ik wist niet dat het zo erg was.’
Femke: ‘Normaal ben ik niet zo. Ik moet gewoon even nokkie zijn geweest.’
Ko had bij de politie verteld dat hij filmde in opdracht van Connie.
Connie had ruzie met Anneke, ze hadden elkaar die avond ook geslagen, in de gang bij hem thuis. Ze waren toen al aangeschoten.

Connie: ‘Ik had ruzie met Anneke, Ko gaf mij toen een pilletje, om rustig te worden.’
Femke denkt dat ze flink wat cocaïne heeft gesnoven.
Ze zegt: ‘Ik weet helemaal niets meer.’
Connie: ‘Ik ook niet, maar ben wel vol in beeld op dat filmpje.’
Op haar werk hadden ze dat ook gezien.
Ze mocht vrijwillig ontslag nemen, dan kreeg ze een beetje geld mee.

Het vermoeden is dat iemand iets in het drankje van Anneke heeft gedaan.
Misschien wel GHB, raar spul dat Ko altijd in de koelkast had, wordt gezegd.

Anneke heeft geen aangifte willen doen.
Ze is bang voor represailles.
Maar de officier van justitie heeft geen aangifte nodig om de drie verdachten te kunnen vervolgen.
De beelden spreken voor zich.
Duidelijk is te zien, vindt zij, dat Anneke bewegingloos is, dus onmachtig.
Ze spreekt van ontzettend ernstige feiten die ze met alle officieren van justitie had besproken.

Gezamenlijk waren ze tot de conclusie gekomen: 24 maanden celstraf waarvan acht voorwaardelijk. Dus ook voor Ko die alleen maar filmde, ook voor Femke die hoogzwanger is.

De advocaten doen wat ze moeten doen.
Ze proberen de scherpe kanten eraf te halen.
Misschien bewoog Anneke toch wel een beetje en was ze helemaal niet zo laveloos van de drank en drugs.
Misschien was het wel een seksueel experiment van volwassenen met een slokje op.
Strafbaar is het dan niet, zegt de ene advocaat.
De andere: ‘Het is gebeurd, iedereen dronken, iedereen onder invloed, dan dient straf geen doel.’

Zij die weten dat ik in zittingszaal 14 kom vragen soms wat nou de ergste zaak is geweest, de meest heftige zaak, die ik heb gevolgd.
Dat is moeilijk te zeggen, antwoord ik dan.
Omdat ik inmiddels weet: het kan altijd nog gekker.

Rob Zijlstra

De hufter

leeswaarschuwing: dit is tamelijk heftig

Ik ben niet van de zwaarste straffen.
En liever ook niet van geroeptoeter.
Ik vind de uitspraak dat je soms (vaker) moet zwijgen omdat je anders niet hoort wat anderen te zeggen hebben, een heel waardevolle.
Ik vind ook dat bijzondere momenten niet stil verzwegen, maar benoemd moeten worden.
Donderdag had ik een bijzonder moment.

Ik zat achter een van de allergrootste hufters die ik ooit heb moeten meemaken in de rechtszaal.
Uren na de zitting hoopte ik nog steeds dat de rechtbank over twee weken een veel zwaardere straf oplegt dan de eis van de officier van justitie.

Zo, dat is eruit.

Naast mij zaten de vader en de moeder.
Knokkend tegen het bijna onmogelijke in de gegeven omstandigheden: rustig blijven, rustig blijven.
Toen de vader zich eenmaal even liet gaan, hij sprak één woord, een woedewoord dat aan zijn mond ontsnapte, werd hij direct terechtgewezen door de rechters.
Bars klonk het: ‘U moet uw mond houden.’

Rustig blijven.

De moeder vocht om niet te schreeuwen, zij liet haar tranen stromen.
Dat mocht nog wel.
De moeder en de vader hielden, onzichtbaar voor de rechters, elkaars handen vast.
De vader balde zijn vrije vuist, een vuist die hij op het tafelblad liet rusten, die hij soms wel door het blad leek te willen duwen.

Rustig blijven.
Mond houden.

De hufter die voor mij zat, die ook vlak voor de vader en de moeder zat, is misschien wel de allerergste Groninger die bestaat zonder dat ik daar enig bewijs voor heb.
Hij gaf het zelf wel toe: ‘Ik heb het gedaan.’

Rechters: ‘Waarom?’
Jakob: ‘Achteraf bezien had het niet mogen gebeuren.’
Rechters: ‘Nee. Ja. Nogmaals, waarom?’
Jakob: ‘Ze vond het geen probleem.’
Rechters: ‘Ze was 12.’
Jakob: ’Ik dacht 13’
Rechters: ‘Waarom? Was het geilheid?’
Jakob: ‘Ja, ik denk het wel.’

Jakob, een man van 44 jaar, heeft een meisje van 12 jaar verkracht.
Hij deed dat drie keer op één dag.
Als de rechters vragen of er niet één moment is geweest die dag, een moment waarop hij dacht, waar ben ik godsnaam mee bezig, zegt hij: ‘Nee, niet op dat moment.’

Jakob heeft geen vrienden.
Gelukkig maar.
Wel heeft hij al tien jaar een eigen onderneming met een vergunning van de gemeente Zuidhorn.
Hij heeft een escortbureau.
Hij is er, zegt hij, 24 uur per dag mee bezig.

Op een dag plaatse hij een advertentie op een website voor meer voor mannen
Gezocht: een tienerhoer en een seksslavin.
Hoe bizar, maar zij reageerde.
En hij weer op zijn beurt.
Ze schreef dat ze 17 was, al bijna 18.
Hij schreef terug dat ze dan niet voor zijn escortbureau kon werken.
Dat ze nog twee maandjes moest wachten.
Jakob had een ander voorstel: ze kon privé wel iets betekenen, dan werd ze zijn kindhoer.

Het kleine meisje, met grootse kinderproblemen, zei dat ze dat wel wilde.
Ze schreef een briefje voor haar ouders dat ze zelfmoord ging plegen en stapte bij Jakob in de auto.
Dat was in Amersfoort.
Samen reden ze terug richting Groningen, richting Zuidhorn en dan naar waar hij woont.

Op de eerste de beste parkeerplaats na Amersfoort richting Zwolle verkrachtte hij haar in de auto.
Daarna reden ze verder.
Ter hoogte van Spier gingen ze samen het bos even in.
Het regende.
Staand tegen een boom moest ze hem pijpen.
Hij trok aan haar lange haren.
Rechters: ‘Ze moest uw sperma doorslikken.’
Jakob: ‘Dat had ik vooraf gevraag, of ze dat wel wilde. En dat wilde ze wel.’

Rustig blijven.

Toen ze in zijn woning kwamen, stuurde Jakob zijn Poolse slavin naar buiten – ga de hond uitlaten! – om zich op zijn kamer met sm-attributen voor de derde keer die dag te vergrijpen aan het meisje van 12 jaar.
Terwijl hij dat deed ging in Nederland een Amber-alert de lucht in.

Jakob zegt tegen de rechters dat het meisje thuis problemen had.
Door haar daar weg te halen had hij haar toch ook een beetje geholpen.
De rechters zeggen dat hij wist van het briefje over zelfmoord.
Ze vragen: ‘Er niet bij stilgestaan dat haar ouders doodsangsten uitstonden?
Jakob: ‘Nee, dat kwartje is niet gevallen.’

Niets zeggen.

Toen hij klaar was met verkrachten bracht hij het meisje terug naar huis.
Ze mocht niks zeggen.
Gelukkig deed ze dat wel.
Ze vertelde alles.
Daarna moest ze naar het ziekenhuis.

Moeder zegt in de rechtszaal: ‘Ik had een dochter met twinkelingen in haar ogen. Nu is mijn dochter een rugzakje.’
Moeder zegt dat ze er alles aan zal doen om haar kleine dochter een mooie jonge vrouw te laten worden.
De vader zegt niets.
Hij probeert nog steeds rustig te blijven

Deskundigen zeggen dat de kans op herhaling op korte termijn gemiddeld hoog is, maar op lange termijn hoog.
Jakob zegt dat hij het heel erg heeft gevonden dat zijn moeder is overleden terwijl hij in de gevangenis zat.
Het is een narcistische man, zeggen de deskundigen.
De officier van justitie zegt dat er naast straf een behandeling moet komen.
Ze zegt: ‘Hoe geringer de interne motivatie, hoe groter de externe justitiële druk moet zijn.’
Jakob zegt dat hij het daar mee eens is: ‘Ik sta daar wel open voor.’
.
De officier van justitie eist 42 maanden celstraf.
Waarvan 12 voorwaardelijk.
Dat is dertig maanden netto.

Rustig blijven.

Rob Zijlstra

update – 3 december 2015 – uitspraak
Jakob is veroordeeld. De rechtbank acht verkrachting niet bewezen, maar wel de ontuchtige handelingen. Maar hoewel de rechtbank de gebeurtenissen juridisch een iets lichtere kwalificatie geeft, heeft dat geen gevolgen voor de straf: die is conform. Om daarmee de ernst van de zaak te onderstrepen. 42 maanden waarvan 12 voorwaardelijk, wat betekent dat Jakob netto dertig maanden moet zitten. Die 12 voorwaardelijke maanden blijven hem gedurende de proeftijd van vijf jaren bovenste hoofd hangen.

Het logeerbed

Schermafbeelding 2015-10-01 om 21.08.30

dvhn, pagina 18

Een vliegtuig dat opstijgt, is en blijft een wonderlijke gebeurtenis, maar het is al lang geen nieuws meer.
Stort datzelfde vliegtuig uren later neer, waar ook, dan is dat wel nieuws, hoe groot hangt af van het aantal inzittenden, nationaliteiten en natuurlijk de plek van de ramp.

Nieuws heeft vooral ook met afstand te maken.
Nieuws is vaak maar raar.
Wanneer u zich fataal verslikt in een graatje, dan haalt dat niet de voorpagina van de krant van morgen.
Dat wordt anders wanneer de betreurde de verkoper van de vis is.

De verdronken zwemleraar, een horlogemaker die te laat komt, de scheidende trouwambtenaar, kale kapper, rijdende rechter, een wanhopig filosoof.
Een valse noot en het is nieuws.

Piet z’n huwelijk dreigde op de klippen te lopen en daar zat hij vreselijk mee.
Hij had het verteld aan een goede collega met wie hij er tenminste over kon praten, niet alleen na het werk, maar ook tijdens de diensten die ze samen draaiden.
Jannie snapte het tenminste want ze luisterde goed.
Het was dan ook helemaal niet raar dat Jannie hem uitnodigde voor het verjaardagsfeestje bij haar thuis.
Hij mocht ook blijven slapen, dan kon hij een borreltje drinken, wel zo gezellig.

Hetty vond het best.
Hetty is de vrouw van Jannie en andersom.

Er waren die avond nog een paar vriendinnen geweest en er was bier gedronken en wijn.
Toen het feest was afgelopen waren ze niet lam geweest, maar wel flink een beetje teut.
Lachen ook.
Piet zou in het logeerbed slapen.
Toen ze zich klaarmaakten voor de nacht troffen ze elkaar in de krappe badkamer.
Om er nog even te plassen, om de make-up weg te vegen, tanden te poetsen, om er bloot slaapshirts aan te trekken.
Piet tegen de rechters: ‘Meer is er daar in de badkamer niet gebeurd.’

Het licht ging uit en werd het duister en donker

De volgende dag gingen Piet en Jannie volgens het rooster samen aan het werk.
Het eerste wat ze samen deden was een ontbijtje scoren bij de McDonald’s.
Deden ze vaker samen.
Piet was toen een beetje emotioneel geweest.
Alsof er iets was gebeurd.

Zelf zei hij dat het was vanwege dat klotenhuwelijk met zijn vrouw van wie hij hield.
En vanwege ook de kinderen, wat deed hij ze aan?
Kom op Piet, troostte Jannie.

Daarna gingen maanden voorbij, juni werd herfst.
Jannie was, merkte hij wel, gaandeweg afstandelijker geworden.
Toen het oktober was, deed ze aangifte en lag er ineens een heel ander verhaal op tafel.
Jannie beweerde dat Piet haar had aangerand.
Hij had dat gedaan die avond in de badkamer, toen ze daar gedrieën de nacht stonden voor te bereiden

Piet had, vertelde Jannie bij de politie, ineens aan haar blote boxershort getrokken.
Ze had zijn vingers op haar schaambeen gevoeld.
Ze had geroepen: ‘Dit kun je vergeten Piet’.
Toen waren ze gaan slapen.
Tenminste, dat dacht Jannie.
Terwijl Jannie sliep, beleefde Piet stiekeme seks met Hetty.
Dus met de vrouw van Jannie.

Een lang verhaal.
Een kort verhaal.

Toen Jannie in de herfst hoorde over dat van Piet en Hetty deed ze aangifte.
En Hetty?
Hetty toonde zich solidair met haar vrouw.
Zij zei na maanden stellig: ‘Piet heeft mij die nacht verkracht.’

Piet werd per direct door zijn werkgever geschorst.
Jannie en Hetty waren door aangifte te doen ineens slachtoffers geworden.
De officieren van justitie wikten en wogen.
De uitkomst: We seponeren Piet. Er wordt van alles gezegd, maar er is geen bewijs.

Hetty legt zich daar bij neer.
Jannie niet.
Jannie dient een klacht in – artikel 12 – en het gerechtshof oordeelt dat er een strafzaak moet komen.
En zo kan het gebeuren dat de rechtbank in Groningen zich in september 2015 moet buigen over een verjaardagsfeestje in juni 2013.

De officier van justitie spreekt van een precaire zaak.
De officier van justitie zegt over die toestand in de badkamer dat hij wel wil aannemen dat er tanden werden gepoetst en slaapshirts werden aangetrokken, maar dat hij in alle redelijkheid niet kan bewijzen dat de hand in de onderbroek is gegaan.
Hij eist vrijspraak.
En daarmee is ook de vordering van 500 euro die Jannie indiende wat de aanklager betreft van de baan.

Zo ging het er aan toe in de rechtszaal.
Is dit nou nieuws?
Overleg met de redactie.
Redactie neigt naar niet.
Ik zeg dat het vermeende slachtoffer politieagente is.
En de verdachte politieagent.
De redactie: Oei, dat is wel relevant, dan is het wel nieuws.

De volgende dag staat er een stukje in de krant, op pagina 18.
Met het oog op de geëiste vrijspraak doen we dat ten aanzien van de verdachte die in een klein en onwetend dorp woont, ietwat terughoudend.

Rob Zijlstra

uitspraak op 9 oktober

Ons dorp

                                                    Waar is, van iets dat zo is, te zeggen dat het zo is, en van iets dat niet zo is, te zeggen dat het niet zo is.

Wie liegt is een leugenaar.
Maar hoe heet iemand die de waarheid spreekt?
Voor de spreker van de waarheid hebben we nooit een mooi woord bedacht.
We laten dat wat we hoog achten onbenoemd.

Of heet de waarheid misschien Henk?
Henk (46) zegt dat wat wordt beweerd, niet is gebeurd.
Hij heeft het gewoon niet gedaan.
Zijn vrouw gelooft hem en steunt hem, want zo zijn ze getrouwd.

Of moet de waarheid Sandra van 17 jaar heten?
Sandra zegt dat het wel is gebeurd, dat ze geur van zijn after shave nooit zal vergeten, hoe vies ze het vond en hoe erg nu nog steeds.
Haar vader gelooft haar, twijfelt niet.
Topvader.
Hij had Henk, daarvoor een vriend, gebeld en gezegd dat hij met zijn poten van zijn dochter af moet blijven.

Sandra en Henk kennen elkaar goed.
Henk en zijn vrouw zijn bevriend met haar ouders, ze wonen in hetzelfde dorp, in dezelfde straat.
Sandra en Henk hadden wel eens gebbetjes op Facebook.
Of ze met leuke vriendjes uitging vanavond?
Niet?
In dat geval zou ze dan kunnen oppassen?
Dat wilde Sandra wel.
Ze chatte dat ze 20 euro per uur kostte.
Daar had Henk dan gedachten bij.

Ze spreken af.
Henk en zijn partner spreken af om met de ouders van Sandra naar het plaatselijke café te gaan.
Met Sandra spreken ze af dat zij bij Henk thuis op de kinderen past.

In het dorpscafé is er vrolijkheid en vertier en wordt het na middernacht vanzelf half een.
Op dat tijdstip stuurt Henk een sms’je naar Sandra.
Of ze al slaapt?
Dat is niet het geval.
De vrouw van Henk zegt dat ze nog even wil blijven.
Henk zegt dat hij alvast gaat want morgen moet immers de auto ingepakt omdat ze overmorgen naar Ameland gaan.

Rechter: ‘Had u gedronken?’
Henk: ‘Bier. Stuk of tien.’
Rechter: ‘Amsterdammertjes?’
Henk: ‘Fluitjes. Maar ik was niet dronken of zo.’
Rechter: ‘Een geoefende drinker dus.’

Henk komt thuis.
Samen met Sandra drinkt hij een biertje en ze roken allebei een sigaret.
Niks aan de hand.
Beiden zeggen dat het zo ging, maar daarna lopen hun verhalen uiteen.
Henk zegt dat het niet is gebeurd.
Sandra: ‘Hij drukte me ineens tegen de bank aan en begon onstuimig te zoenen en te tongen. Ik dacht eerst, een geintje, maar hij ging maar door – ik was daar niet van gediend, dat zei ik ook, maar het was tegen dovemansoren gericht. Hij greep me bij de borsten, zat aan mijn buik en probeerde de knoop van mijn broek los te maken.’

Henk: ‘Het is niet waar.’
Rechters: ‘Merkwaardig. Waarom zou een jong meisje met wie u een goed contact had zoiets zeggen?’
Henk: ‘Het is verzonnen.’
De officier van justitie: ‘Sandra heeft geen motief iets te verzinnen. En haar verhaal is betrouwbaar.’
Henk: ‘Het is knap verzonnen.’
Rechters: ‘Dat kan. Wij moeten ook kritisch kijken naar het verhaal van een jonge vrouw.’

Het is zoals zo vaak in dit soort strafzaken: ja tegen nee.
De leugen tegen de waarheid.
De rechters: ‘En wij waren er niet bij.’

Henk had, toen heel het dorp erover sprak, zijn sociale activiteiten schriftelijk beëindigd.
De rechters vragen aan hem of dat niet een beetje raar is. Als je niets hebt gedaan, dan doe je dat toch niet?
En er is nog iets, nog iets geks, zeggen de rechters.

Een paar dagen na die avond die zo anders liep dan (achteraf) iedereen had gewild, stuurt Henk een sms-bericht naar de ouders van Sandra.
Een van de rechters leest het bericht voor.
Henk had geschreven dat hij dacht dat er niks was gebeurd, maar dat nu blijkt dat er toch iets is gebeurd.
Hij tikte: ‘Ik schaam mij diep.’

Henk zegt tegen de rechters dat ze het bericht anders moeten lezen.
Hij zegt dat hij heel graag in gesprek wilde met de ouders van Sandra.
Om het erover te hebben.
De rechters: ‘En wat gebeurde er toen?’
Henk knikt, zucht diep en zegt te weten waar de rechters naar toe willen.
Zegt: ‘Ik heb toen ook een sms-bericht naar Sandra gestuurd.’
Rechters: ‘Precies. U schrijft aan Sandra dat u het vreselijk vindt wat er is gebeurd. En dat u ervan uitgaat dat zij de waarheid vertelt. U schrijft: Ik heb je niet willen kwetsen. Het spijt me als dit is gebeurd. Drank, het moet en mag nooit een excuus zijn.’

Rechters: ‘Hoe moeten we dit sms’je begrijpen?’
Henk: ‘Het is niet gebeurd.’
Rechters: ‘Wat is niet gebeurd?’
Henk: ‘Alles is flink aangedikt.’
Rechters: ‘Aangedikt? Wat is aangedikt?’
Henk: ‘Het hele verhaal dat ze heeft verzonnen.’
Rechters: ‘Maar waar schaamt u zich dan diep voor?’
Henk: ‘…’
Rechters: ‘Lastig als u dingen opschrijft die u niet zo bedoelt.’

In het dorp vol praat kennen ze de waarheid ook niet.
Sandra schrijft in een verdrietige brief die de officier van justitie in de rechtszaal voorleest dat veel mensen in het dorp haar niet meer groeten.
Dat veel dorpelingen Henk geloven, omdat hij actief is en mooie praatjes heeft.
Ze schrijft: ‘Wie nou gelooft een meisje van 17?’
Ze schrijft dat ze in heel haar leven nog nooit iets naars had meegemaakt en dat uitgerekend iemand die ze goed kent, alles stuk heeft gemaakt.
Dat ze walgt en dat angst zich van haar meester maakt zodra ze een auto ziet rijden die hij ook heeft.

Er bestaan landen waar meisjes en vrouwen die zijn aangerand en verkracht akelig worden gestraft omdat ze de man en zijn familie in verlegenheid hebben gebracht. Gelukkig is het hier anders.
Sandra tegen de rechters: ‘Zodra ik kan, zal ik mijn dorp verlaten.’

Wat een nare geschiedenis, ook als die niet is gebeurd.
Wordt Henk vrijgesproken dan blijft een taakstraf van 150 uur – dat is de eis – hem bespaard.
Maar veel meer ook niet.
Vinden de rechters dat de waarheid Sandra moet heten, dan kan ze misschien eens terugkeren naar haar dorp en groeten de dorpelingen terug.

De leugen is snel, de waarheid is vaak een lang verhaal.

Er is nog een lelijk staartje.
Als de strafzaak bijna ten einde is vraagt een van de rechters aan de officier van justitie hoe het toch mogelijk is dat het onderzoek in deze kwestie op 18 maart 2013 was afgerond en de zaak nu pas (afgelopen week) aan de rechtbank is voorgelegd.
De officier van justitie komt niet met de waarheid op de proppen, maar ze liegt ook niet.
Ze zegt: ‘Het is bijzonder onwenselijk.’

Het strafrechtsysteem faalt door niet alleen een verdachte, maar ook een slachtoffer – ja zelfs een heel dorp – zonder opgaaf van reden langer dan anderhalf jaar te laten bungelen in ongemakkelijke onzekerheid.
Dat is ook een uitspraak, hoe het vonnis ook zal luiden.

Rob Zijlstra

.
extra Aristoteles (384-322 v.Chr.), een leerling van Plato, stelde een klassieke definitie van waarheid op: ‘Waar is, van iets dat zo is, te zeggen dat het zo is, en van iets dat niet zo is, te zeggen dat het niet zo is.’ [wikipedia]

 

update – 10 november 2014 – uitspraak
Henk is veroordeeld. Er zijn onvoldoende aanwijzingen in het dossier te vinden die erop duiden dat er sprake is van een onbetrouwbare verklaring, staat in het vonnis. Sandra heeft volgens de rechters de waarheid gesproken.  De verstuurde sms’jes zijn geen harde bekentenissen, maar telen als steunbewijs wel mee. De opgelegde straf is conform de eis: een taakstraf van 150 uur. Daarnaast moet Henk een schadevergoeding betalen van 1025 euro.

Meest onveilige plek

cropped-zwijgniet.pngAls je er niet over schrijft, is het alsof het ook niet bestaat.
Dan is het onzichtbaar.
Maar het bestaat wel.
Nog erger: het is overal.
Het is misschien wel de meest voorkomende misdaad om ons heen.
Het aantal inbrekers valt er bij in het niet en uitgaansgeweld is in vergelijking niet meer dan maar wat stoeien.
Als het overal is, dan kun je het niet negeren.
Dan moet je er wel over schrijven.

Over bijvoorbeeld Klaas die 71 jaar is en met zijn looprek de rechtszaal in schuifelt.
Hij oogt allesbehalve gevaarlijk, maar toch zit hij opgesloten in de penitentiaire inrichting De Marwei in Leeuwarden, op de zorgafdeling.
Hij friemelt nadat hij moeizaam is gaan zitten aan de apparaatjes achter zijn oren.
De rechter: ‘Kunt u mij verstaan?’
Klaas: ‘Wel wat.’

Klaas heeft zijn zoon die nu rond de 50 jaar is, seksueel misbruikt.
En niet zo’n beetje ook.
Het gebeurde in het schuurtje, tijdens het vissen, waar niet en heel vaak.
Het is niet de reden dat Klaas zich moet verantwoorden in de rechtszaal.
De misdaad tegen zijn zoon is verjaard, het is te lang geleden.

Rechters vragen desondanks: ‘Is het waar, dat van uw zoon?’
Klaas: ‘Kan wel hoor, maar ik weet er niks meer van.’
Rechters: ‘Of liegt uw zoon?’
Klaas: ‘Denk het niet.’
Rechters: ‘Uw vrouw heeft u een keer betrapt hè?’
Klaas: ‘Daar kan ik mij niks van herinneren.’

Klaas heeft ook drie dochters, inmiddels veertigers.
Joke, nu 49 jaar, heeft aangifte gedaan.
Jarenlang, luidt de beschuldiging, werd zij in de schuur door hem te grazen genomen.
De officier van justitie zegt dat Klaas zijn dochter niet zag als een mens, niet als een kind. ‘Hij zag haar als vlees.’
De vrouw van Klaas wist het wel, maar zij sloot haar ogen waardoor het leek alsof het onzichtbaar was en niet gebeurde.
De rechters: ‘Het heeft nooit geleid tot een echtelijke crisis.’

Klaas begint te huilen.
Rechters: ‘Waarom wordt u nou verdrietig?’
Klaas snikt: ‘Van dit allemaal.’
Rechters: ‘We gaan het er toch over hebben.’

In het uur dat volgt, wordt hem het vuur na aan de schenen gelegd.
De rechters staan niet toe dat hij zich verschuilt achter ‘het kan wel zo wezen’ of achter een ‘ik weet het niet’.
Hij zegt dat hij niet wist dat het hebben van seks met je eigen kinderen verboden is.
De rechters zeggen dat ze het idee hebben dat hij de boel voor de gek zit te houden.
Rechters: ‘Moeten we u echt geloven?’
Klaas: ‘Echt wel.’

De officier van justitie zegt dat deze verdachte normbesef mist en dat hij nog steeds niet snapt dat hij het leven van zijn zoon en dat van een van zijn dochters naar de filistijnen heeft geholpen.
De officier van justitie zegt dat de leeftijd van Klaas geen beletsel is voor het eisen van een lange gevangenisstraf: 48 maanden waarvan 12 maanden voorwaardelijk.
Dat is 3 jaar zitten.

Klaas is de enige niet.
Ard (48) zat er omdat hij negen jaar lang zijn dochter verkrachtte, soms twee tot drie keer per week.
Ja, schrik maar even van die zin.
Nu het veel te laat is, heeft Ard vreselijke spijt.
Hij had zich gemeld bij de politie nadat zijn dochter alles had verteld aan de vrouw die daarna zijn ex werd.
Ook hij huilt en zegt dat hij er alles voor over heeft om wat er is gebeurd terug te draaien.

Het had hem verbaasd dat hij niet direct werd aangehouden, maar na wat formaliteiten het politiebureau moest verlaten.
Dat was in juli 2012.
De dochter, nu een jonge vrouw, laat weten het vreselijk te vinden dat het twee jaren heeft moeten duren voordat haar vader (die ze niet meer zo noemt) tegenover de rechters zit.
De officier van justitie – verantwoordelijk – probeert het goed te maken met de strafeis.
Ze zegt: ‘Deze jonge vrouw leefde jarenlang op de meest onveilige plek ter wereld, uitgerekend op de plek waar zij zich het meest veilig zou moeten voelen, bij haar vader, bij haar moeder.’
De strafeis: 7 jaar gevangenis.

Harrie (43) is de derde, de zoveelste, maar heus de laatste niet.
Hij is een man zonder vrienden met ook nauwelijks nog contact met de familie.
De psychiater die in gevangenis Norgerhaven werkt, rapporteert dat Harrie een dominante man is en niet altijd even prettig is in de omgang.
Harrie ziet dat anders.
Hij vertelt dat als hij thuiskomt van het werk zijn vrouw altijd een kopje koffie voor hem maakt, maar als hij ’s avonds wat wil drinken hij dat hij dan zelf pakt.

De eerste keer doet altijd pijn, je moet gewoon volhouden, zou hij tegen zijn stiefdochter van 12 jaar hebben gezegd.
Wat de eerste keer niet lukte, lukte nog diezelfde week wel.
Toen zij vele keren verder ontdekte dat het helemaal niet normaal is dat je seks hebt met je stiefvader, wilde ze het niet meer.
De officier van justitie zegt dat er toen thuis een afspraak werd gemaakt.
Niet meer om de dag, zoals het jarenlang was gegaan, maar drie keer in de week.
Toen de stiefdochter in 2002 een jonge vrouw met bijna altijd buikpijn was geworden, was hij verder gegaan met zijn jongste eigen dochter die zichzelf met mesjes begon te verwonden, nu 16 jaar is en van huis is weggelopen.

Is Harrie een hufter?
Zijn vrouw – de moeder van de kinderen – zegt dat Harrie eerlijk is en trouw, een steun en toeverlaat.
Zij gelooft dat haar man onschuldig is.
Harrie ook.
Hij ontkent alles.
Waarom de twee vrouwen hem dan van zulke vreselijke dingen beschuldigen?
Hij weet het niet.
Bij de politie had hij de beschuldigingen gelul genoemd.

De officier van justitie vindt een gevangenisstraf van 5 jaar passend.
Ze vindt dat het niet anders kan dan dat de verklaringen van de twee vrouwen op waarheid berusten.
Want waarom zouden ze liegen?
Overweldigend is het bewijs niet.
Harrie mag als laatste wat zeggen.
Tegen de rechters: ‘Het is wel even genoeg geweest.’

Schrikt u van deze verhalen, dan is het goed.

Rob Zijlstra

uitspraken op 25 en 29 september

update – 20 september 2014 – vervroegd
De 71-jarige Klaas is ondanks de eis van 48 maanden, 12 voorwaardelijk op last van de rechtbank in vrijheid gesteld. Er is evenwel nog geen uitspraak  gedaan, die is op 29 september.

update – 23 september 2014 – vervroegde uitspraak
De rechtbank heeft Harrie vrijgesproken. Er zou pas volgende week uitspraak worden gedaan maar omdat de rechters oordelen dat er onvoldoende bewijs, is de verdachte onmiddellijk in vrijheid gesteld.

De officier van justitie had over het bewijs gezegd:
‘De(ze) verklaringen ondersteunen elkaar over en weer en kunnen gelden als bewijs voor het misbruik. Er is geen ander motief of belang te bedenken voor het feit dat zij aldus hebben verklaard, dan dat zij de waarheid vertellen. De aangifte en de getuigenverklaring komen ook op veel punten overeen. Niet gebleken is dat zij elkaar hebben beïnvloed in hun verhaal. Verdachte had ook de gelegenheid om het misbruik te plegen. Het gedrag van X is achteraf te verklaren nu het past bij het misbruikt zijn.’

De rechtbank schrijft in het vonnis dat iemand niet veroordeeld kan worden op basis van één verklaring (bewijsminimum): ‘Bij zedenzaken gaat het in de meeste gevallen om een aangifte, waar de (ontkennende) verklaring van de verdachte tegenover staat. Kenmerkend voor dit soort zaken is dat er geen directe getuigen zijn en vaak ook geen ander, bijvoorbeeld forensisch, bewijs. Dat geldt ook voor deze zaak.’

En: ‘De rechtbank stelt voorop dat zij geen aanleiding heeft om aan de betrouwbaarheid van de aangifte van X te twijfelen. De rechtbank is met de officier van justitie van
oordeel dat in dit geval een ander motief voor het doen van aangifte van seksueel misbruik
dan het vertellen van wat haar is overkomen niet voor de hand ligt, met name gelet op het
moment waarop zij voor het eerst over het misbruik heeft verklaard, vervolgens aangifte
heeft gedaan en de omstandigheden waaronder zij daartoe is gekomen.’

Maar omdat de betrouwbaar geachte verklaring geen steun vindt in andere bewijzen, komt de rechtbank tot het oordeel dat de verdachte moet worden vrijgesproken ‘van al het aan hem ten laste gelegde’.

vonnis 3l

het vonnis – klik op de afbeelding –

 

update – 25 september 2014 –  uitspraak
Ard is veroordeeld tot 5 jaar celstraf. → meer info volgt

dit verhaal is ook gepubliceerd in de zaterdagbijlage van Dagblad van het Noorden
⇒ hoe je seksueel misbruik herkent bij kinderen > slachtofferhulp
⇒ eerdere overpeinzing na afloop van zo’n rotrechtbankdag > rotdag

Eis tegen niemand

Juridisch bezien zou

de prostitutie van vandaag

de dag ook wel verkrachting kunnen heten

 

.

Schermafbeelding 2014-07-12 om 03.20.40Een nu 34-jarige man uit Tsjechië stond afgelopen donderdag terecht voor de rechtbank van Groningen wegens mensenhandel.
Dat wil zeggen: hij stond op papier.

De aanpak van mensenhandel – met als doel die te bestrijden – heet een speerpunt te zijn.
Dat betekent dat deze vorm van zware misdaad extra aandacht krijgt en als het even kan met grote voortvarendheid wordt aangepakt.
Ook in Noord-Nederland.

Op 26 januari 2006 deed een jonge vrouw uit Tsjechië aangifte bij de politie in Groningen.
Wat ze deed – de hoer spelen achter de ramen in de Groningen (en soms ook in benauwde kamertjes in Leeuwarden) –  deed ze omdat ze daartoe werd gedwongen door een man die haar met een grote grijze Citroën naar Nederland had gebracht.
Ze moest 450 euro per week voor haar peeskamertje betalen, het geld dat ze verdiende – soms wel 2.000 euro in de week – moest ze afdragen.
Ze werkte vijftien, zestien uur per dag, ook wanneer ze ziek was of ongesteld.
Ze werd gecontroleerd en regelmatig in elkaar geslagen.
Dat hoorde er gewoon bij.

De man die al dit naars op zijn geweten zou hebben, had haar gekocht van zigeuners in Tsjechië.
Zij had zich op 18-jarige leeftijd bij hen aangesloten omdat ze te oud was geworden voor het kindertehuis waar ze haar rotjeugd had versleten.
De zigeuners beloofden haar van alles, maar ze belandde in seksclubs.
Toen was die man gekomen.
Hij had duizend euro voor haar betaald.
Daarmee was hij haar vriend geworden.

Drie jaar had ze voor hem gewerkt in een bordeel.
Op een dag zei haar ’vriend’ dat ze naar Nederland zouden gaan, naar Groningen waar ze bergen met geld zouden verdienen aan Groninger mannen.
Op de dag van aankomst in Groningen moest ze direct aan de slag.
Op de eerste werkdag verdiende ze 800 euro, maar ze bleef met lege handen zitten.
Ze moest alles afdragen.

Een ernstig verhaal, dat politiemensen die zich bezighouden met de bestrijding van mensenhandel niet heel vreemd voorkomt.
Zij kennen dit soort verhalen, soms nog veel erger.

Juridisch bezien zou prostitutie van vandaag de dag ook verkrachting kunnen heten.
Legale verkrachting, want de burgemeester – de overheid – heeft er een vergunning voor verstrekt.
Wie legaal een vrouw wil verkrachten, een vrouw seksueel binnen wil dringen, is vijftig tot zestig euro kwijt.
Wie zoiets spotgoedkoop wil, kan zieke vrouwen verkrachten op de gemeentelijke tippelzone (Groningen, Bornholmstraat).
Ook dat is daar door de overheid goed geregeld.

Dit terzijde.

Het verhaal van de jonge vrouw leidt in 2006 tot een onderzoek dat de codenaam ‘Vleugel’ krijgt. Vleugellam was misschien een betere benaming geweest.
Als gevolg van andere onderzoeken in dezelfde sfeer wordt Vleugel in de loop van 2006 stilgelegd om in 2009 weer te worden opgepakt.
En dan is het snel raak.
De verdachte in dit verhaal heet Richard D., in 1979 geboren in Chomutov.
De politie weet hem rap op te sporen: op 21 juni 2010 wordt hij op verzoek van de Nederlandse autoriteiten in Tsjechië aangehouden.
Hij ontkent.
Jawel, hij heeft in 2005 en ook in 2006 wel eens meisjes naar Nederland, naar Groningen gebracht, maar verder is zijn naam haas.
Hij is geen mensenhandelaar, hij handelt in autobanden, dat is heel iets anders.

Hij zit een paar dagen vast voor verhoor en mag dan gaan.
Op 25 januari 2012 is er de rechtszaak in Groningen.
Richard D. komt niet opdagen.
Hij is in Tsjechië waar hij altijd is.
Naar Groningen kwam hij alleen om geld op te halen.

De advocaat wil nieuwe getuigen horen wat tot vertraging leidt.
Groninger politieagenten reizen af naar Tsjechië, horen de getuigen en zetten alles op papier.
Er wordt een nieuwe rechtszaak gepland op 27 juni 2013.
Die gaat niet door omdat niemand weet waar de verdachte dan is.
En hij moet wel weten dat er een rechtszaak tegen hem is, dat vereist de wet.

Afgelopen donderdag ging de rechtszaak wel door.
De vrouw die Richard D. als een slavin zou hebben uitgebuit zit met een tolk in de rechtszaal.
Richard D. is er weer niet.
Op de dagvaarding staat dat hij ‘zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland’ is.

De rechters zeggen ambtshalve te weten dat Richard D. in Tsjechië bij zijn moeder woont ‘op een bekend adres’.

De officier van justitie reageert daar niet op, maar zegt dat het inderdaad allemaal veel te lang heeft geduurd, ze zegt dat de redelijke termijn is overschreden.
Niet goed, dat moet een kleine consequentie hebben.

Ze zal daarom geen achttien maanden gevangenisstraf eisen, maar een jaar.
Verdachte heeft recht op korting.
Daarnaast moet verdachte, vindt de officier van justitie, nog wel 15.000 euro aan de vrouw betalen die hij heeft uitgebuit.
De slavin zelf heeft een claim van 100.000 euro ingediend.

De advocaat vindt dat het Openbaar Ministerie het recht op vervolging heeft verspeeld. Wanneer in januari 2006 aangifte wordt gedaan en de verdachte vervolgens ruim vier jaar later, in juni 2010, wordt aangehouden kun je weer vier jaar later, juli 2014, niet nog eens een vrijheidsstraf van een jaar eisen tegen iemand die niet eens in Nederland woont.
Dus…

De rechters hebben twee weken nodig om uitspraak te doen.

Rob Zijlstra

.

naschrift voor het idee
Deze veel te late strafzaak zonder verdachte duurde bijna drie uur.
De zitting werd beroepsmatig bijgewoond door vijftien mensen, in de vorm van personen.
Er was een officier van justitie [1], drie strafrechters [4], een griffier [5], een bode (gerechtsdeurwaarder) [6], een advocaat (jan boone, toegevoegd) [7], een tolk (voor het slachtoffer) [8], een parketwachter (politie) [9], drie rechercheurs (politie) [12] en drie verslaggevers [15].
De drie verslaggevers zaten er op eigen kosten – zij het dat een [1] van hen werkt voor een door de overheid gesubsidieerde (regionale) omroep.
De overige twaalf beroepsmatig aanwezigen zijn (of worden) betaald door de overheid.

 

UPDATE – 24 juli 2014 – uitspraak
Richard D. is veroordeeld tot 18 maanden celstraf. Aan twee van zijn slachtoffers moet hij opgeteld 30.985 euro betalen.

De stiefvader

Het is in dit verhaal het een of het ander.
In het ene geval is Tom (44) het slachtoffer van een heel akelig spel.
In het andere geval is Tom een heel akelige man.

Zelf zegt hij dat er sprake is van het eerste.
Hij zegt: ‘Het verwijt dat ik mij schuldig heb gemaakt aan seksueel misbruik heeft mij diep geschokt. Niets is erger, het heeft mij kapot gemaakt.’

De ware schuldigen zijn in zijn beleving die drie rotkinderen van zijn partner van wie hij net is gescheiden na een geweldig huwelijk.
Die kinderen hebben het bedacht en dat hebben ze gedaan met maar een doel: geld.
En dat terwijl hij zo zijn best had gedaan hen op te voeden, wat ook niet gemakkelijk was geweest.
Hij was streng geweest doch rechtvaardig.
Nu krijgt hij stank voor dank.

Aan het huwelijk lag het niet, want hij had een heel goed huwelijk.
Ze hadden elkaar op het internet ontmoet.
Het had niet heel lang geduurd en zij kwam al naar Groningen om met haar drie kinderen bij hem in te trekken.
Dat was in 2000.

Toen zij vorig jaar zei dat ze wilde scheiden was dat rauw op zijn dak gevallen.
Zegt tegen de rechters: ‘Ik heb het niet zien aankomen, familie en bekenden ook niet.’
Hij had haar toen wel een klap gegeven.
Goed, dat had hij eerst ontkend, maar later toen hij met de camerabeelden werd geconfronteerd, met de beelden van zijn eigen beveiligingscamera’s in de winkel, gaf hij het toe.
Tegen de rechters: ‘Fout. Punt uit. Het had niet mogen gebeuren.’

De drie kinderen, inmiddels grote tieners en jong volwassen, eisen ruim 20.000 euro schadevergoeding.
Tom ziet daarin zijn gelijk: ‘Daar is het hen om te doen.’

Dit is kort gezegd de ene kant van het verhaal.
De andere kant is het verhaal van de twee dochters en de zoon van zijn ex.

Coby – de middelste – was 9 jaar toen ze in 2000 in Groningen kwam wonen.
Tom leek een leuke, nieuwe vriend voor moeder, een leuke nieuwe vader ook voor hen.
Heel lang duurde dat niet.
Het seksueel misbruik was al na een paar maanden begonnen en zou acht jaar voortduren.

Vier jaar geleden was ze naar de politie gestapt en had ze alles verteld.
Dat heette een informatief gesprek.
Haar moeder bleef bij hem, zodat Coby er alleen voor stond.
Dat trok ze niet en ze zette de aangifte niet door.

Toen ze vorig jaar 18 werd, deed ze alsnog aangifte.
Haar zus en broertje deden dat ook.

Coby van seksueel misbruik, broer en zus van stelselmatige mishandeling.
Ook de ex deed aangifte.
Ze was in al die jaren veel vaker dan die ene keer geslagen en geschopt.

De officier van justitie zegt dat het een verschrikkelijk strafdossier is met de meest vreselijke details.
Verkrachting en vernedering gaan er hand in hand.

De kinderen kregen vaak straf.
Dan werden ze geschopt, geslagen, geknepen, aan de haren getrokken de trap op, of aan de oren er af.
Zij kon strafvermindering verdienen in ruil voor seks.
Jarenlang – maand in, maand uit – was Coby bang dat ze zwanger zou raken.
Ook toen ze nog kind was.

In de rechtszaal spreekt ze de rechters toe.
Ze zegt: ‘Ik onderging het, om te overleven.’
Het gebeurde twee, drie keer in de week, soms vaker,
Op vakanties, tijdens ritjes met de auto, langs de kant van de weg.
Ze zegt dat ze nog steeds bang is, ook nu hij in de gevangenis zit.
Ze zegt ook dat het heel veel over haar gaat, dat dat niet helemaal eerlijk is, omdat hij ook het leven van haar broertje en zus kapot heeft gemaakt.

Ze zei het niet zoals het hier staat.
Ze sprak met hartverscheurende woorden.

Tom zegt zelfverzekerd: ‘Ik kan hier niets mee. Ik sta machteloos in dit verhaal. Zij zeggen het en ik kan mij niet verdedigen. Ik heb het niet gedaan en wat niet is gebeurd, is niet gebeurd.’

Volgens de officier van justitie is Tom een narcistische en dominante man die op alles een antwoord heeft en altijd een leidende rol wil hebben.
Tom knikt: ‘Dat laatste klopt wel. Dat is het ondernemerschap, dat zit in mij.’

Enigszins verbaasd is hij dat hij vanuit de gevangenis niet in de gelegenheid wordt gesteld zich bezig te houden met de boekhouding van zijn twee winkels.
Zegt: ‘Ik heb een complexe boekhouding, met 6, 12 en 21 procent btw. Dat kan ik eigenlijk alleen zelf doen. Nu wordt de financiële situatie steeds nijpender. Dit kan echt niet te lang meer duren.’

De officier van justitie: ‘Bekennen ligt niet in de rede van deze verdachte. Ik eis een gevangenisstraf van 6 jaar.’

Rob Zijlstra

.

UPDATE – 28 oktober 2013 – uitspraak
Tom is conform de eis van het Openbaar Ministerie veroordeeld: 6 jaar celstraf. Al hetgeen hem ten laste is gelegd acht de rechtbank bewezen.

de rechtbank heeft het vonnis niet gepubliceerd

Meester Jan

bord2In het maandbulletin van de school deden ze het af met een leugen.

Er stond dat meester Jan heeft besloten niet terug te keren in het onderwijs en dat hij gebruik gaat maken van zijn pensioenrecht.
De collega’s schrijven aan de ouders van de leerlingen dat ze het besluit van Jan na een 40-jarige diensttijd respecteren.
En dat ze in hem een collega verliezen waar ‘we altijd prettig mee hebben samengewerkt’.

Maar Jan (61) had helemaal niks besloten.
Er viel ook niets te respecteren
Jan moest, Jan kon niet anders.

Op 27 juli vorig jaar kreeg het leven van meester Jan een drastische wending.
Wat hij die avond nou precies aan het doen was, zal wel altijd onbekend blijven.
Misschien danste hij wel op de tafel.
Hoe dan ook, hij viel met een omgeklapte enkel tot gevolg.
Wat dat ook is, het deed ontzettend veel pijn.
Hij schreeuwde het uit.

De buren hoorden het.
Waarom is ook onbekend, maar de buren belden de politie.
Er kwamen twee hulpverlenende agenten die de voordeur forceerden en zich ontfermden over meester Jan op de grond.

Naast de kermende schoolmeester lag een flesje met daarin een stroperig goedje.
Een van de agenten herkende het van de opleiding: dat is de partydrug GHB.
De agenten vroegen of ze een beetje in het huis mochten rondsnuffelen.

Meester Jan, onder invloed en vol pijn, vond dat goed.
In de schuur werd een jerrycan met wel 5 liter GHB aangetroffen.
Een van de agenten keek niet per ongeluk ook in de computer, klikte wat in het rond, opende eens wat en riep: bingo!
Hij was in de computer op zoek naar informatie over de GHB-dealer, zo heette het officieel
Maar de agent zag 2565 foto’s en 723 filmpjes met kinderporno.

Misschien dat Jan op dat moment al besefte dat besloten moest worden dat hij niet voor de klas terug zou keren.
Hij moest mee naar het politiebureau en zat 15 dagen achter de tralies.

De GHB was, zegt hij, voor eigen gebruik geweest.
Hij had de laatste jaren groep 7 en 8 en dat viel hem zwaar.
De drug bracht wat verlichting.

Op het politiebureau werd meester Jan geconfronteerd met de andere vondst.
Hij was er erg van geschrokken.
Het vermoeden is – op basis van onderzoek – dat meester Jan in 2002 is begonnen met downloaden.
En dat hij dat meerdere keren per week deed.

De schoolmeester denkt zelf dat het minder frequent was: ‘Af en toe gewoon een keer. Soms ook wel maanden niet.’

Hij ruilde ook foto’s en films.
Zegt: ‘Ik ruilde foto’s en filmpjes die ik niet leuk vond.’
Officier van justitie: ‘Dus wat u wel leuk vond, dat bewaarde u?’

De schoolmeester verklaarde dat hij geen foto’s wilde met kinderen en volwassenen.
Zijn voorkeur ging uit naar jongens van 12, 13 jaar en die het dan met elkaar deden (moesten doen).
Een van de rechters: ‘We hebben ook iets met dieren gezien. Heel bizar.’

Meester Jan spreekt – zachtjes – van een dubbele moraal.
Dat hij wel wist dat het niet kan, wetende hoe die foto’s en films worden gemaakt, dat kinderen worden gedwongen dingen te doen die kinderen nooit zouden doen.
Zegt: ‘Maar dat stop je dan weg.’

Meester Jan zegt dat er nooit iets is gebeurd buiten de ranzige foto’s en films om.
Hij zegt: ‘Geen haar op mijn hoofd die iets met kinderen zou willen uitrichten. Ik heb nooit de behoefte gehad iets in die richting te ondernemen.’

Na vijftien dagen werd zijn detentie geschorst.
Voorwaarde was dat hij zich moest melden bij de reclassering en moest meewerken aan een nader onderzoek naar de fundamenten van de problematiek.
Zo werd het gezegd.
Misschien is meester Jan namelijk wel een pedofiel.
Als dat zo is, dan willen ze dat weten.

De schoolmeester: ‘Ik heb ook heel erg zoiets van ja, dit is zo dramatisch, dat ik, ja, dat dit, dit moet nooit weer gebeuren.’
Dan begint hij te huilen.
Huilt: ‘Ik weet wel dat het mijn eigen schuld is, en dat ik niet moet zeuren, maar…
het doet je geestelijk zo veel en ook lichamelijk, dat je alleen maar kan hopen, dat ik weer in rustiger vaarwater kom, zodat ik ook weer van het leven kan genieten, want dit hou ik niet vol. Ik ben niet stokoud, maar wel redelijk op leeftijd…’

Daar zit je dan.
Veertig jaar in het onderwijs, vele honderden kinderen,  misschien wel meer dan duizend,  heb je leren lezen en schrijven en dan beëindig je je prachtvak jankend in de verdachtenbank van een rechtszaal omdat je opgewonden raakt van beelden waarop is te zien hoe kinderen van diezelfde leeftijd  gruwelijk worden misbruikt, worden verkracht.

Natuurlijk stelt de advocaat – en terecht – de manier waarop de kinderporno is gevonden aan de kaak.
Is dat wel volgens het boekje gegaan?
Zij zegt van niet.
De agenten handelen buiten hun bevoegdheden om.
De agenten hadden toestemming van Jan om in de woning te snuffelen, om zoekend rond te kijken, maar nergens in.
Er was geen toestemming om in zijn computer te kijken en bestanden te openen.

Onrechtmatig verkregen bewijs telt niet en moet dus worden geschrapt wat in dit geval, zegt de advocaat, moet leiden tot vrijspraak.
De officier van justitie zegt dat altijd het risico bestaat dat de politie meer vindt dan de bedoeling was.
De rechters kunnen wat hem betreft volstaan met de constatering dat het ook anders had gekund.
Klaar.

Normaal gesproken eist het Openbaar Ministerie in deze gevallen forse gevangenisstraffen.
De officier van justitie: ‘Meneer werkt niet meer in het onderwijs, gebruikt al langere tijd geen GHB meer, volgt therapie en wil meewerken aan nader onderzoek. Om die reden wil ik hem niet terugsturen naar de gevangenis waar hij al 15 dagen heeft doorgebracht.’

De eis: 255 dagen celstraf waarvan 240 dagen voorwaardelijk.
Doet meester Jan niet wat de reclassering zegt, dan wacht hem 240 dagen zitten.
Daarnaast moet hij een taakstraf uitvoeren van 240 uur.

In het maandbulletin van de school wordt de mededeling aan de ouders afgesloten met een wens.
De collega’s wensen meester Jan voor de toekomst alle goeds toe (met uitroepteken)!

Rob Zijlstra.

 GHB

.

UPDATE – 18 april 2013 – uitspraak
Meester Jan is veroordeeld tot de celstraf die hij al heeft uitgezeten (255 dagen waarvan 240 voorwaardelijk). Betekent ook dat hem nog 8 maanden voorwaardelijk boven het hoofd hangen. De taakstraf is teruggebracht tot 120 uur. De rechtbank heeft een korting verleend vanwege de onherstelbare fout van de politie. De agenten hadden niet in zijn computer mogen kijken. Nu ze dat wel hebben gedaan is de verdachte in zijn belangen geschaad, een fout die niet is terug te draaien. De compensatie is dan in d evorm van strafkorting.

HET VONNIS (zodra beschikbaar)

Internet, vloek en zegen

Geert is een man van 40 jaar en om het maar eens luid en duidelijk te zeggen, hij is niet de meest sympathieke verdachte die deze eeuw in zittingszaal 14 moest komen opdraven.
Dat is niet omdat hij een beetje lijkt op zo’n noeste Engelse voetbalhooligan, want dat moet hij zelf weten.

Het is ook niet zijn falsetstem die maar niet wil rijmen met zijn verschijning.
’t Zit ‘m in iets anders.

Geert zegt tegen de rechters dat hij stom is geweest, dat hij het nooit zo ver had moeten laten komen.
Rechters: ‘Ja, dat zegt u nu, nu u hier zit. Dat is lekker makkelijk.’
Geert: ‘Bij de politie heb ik dat ook verteld.’

Misschien dat de rechters voorafgaand aan de zitting in de geheime raadkamer hadden afgesproken deze verdachte tijdens de ondervraging hard te zullen aanpakken.
Wellicht, want je kunt zoiets niet weten, zeiden de rechters tegen elkaar: ‘We moeten er voor zorgen dat ie niet om de hete brij heen gaat draaien.’

Rechters: ‘Wanneer een meisje van 14 jaar naar u toekomt en zegt ‘ik wil je pijpen’, wat zegt een normale man dan?

De toon is gezet en na vijftien minuten beuken door de rechters knapt Geert en springen de tranen uit zijn ogen.
Huilt: ‘Ik weet het niet meer. Het is zo veel allemaal.’
Rechters: ‘Neem een slokje water want we moeten verder. De volgende vraag komt er al weer aan.’
Geert snottert dat hij zijn best zal doen.

Rechters: ‘Op uw computer stonden foto’s, kinderporno.’
Geert: ‘Dat is correct.’
Rechters: ‘En wat zag u op die foto’s?’
Geert probeert niet te huilen en zwijgt.
Rechters: ‘Wij zagen een meisje, een kind nog, vastgebonden op een bed. Wat zag u nog meer op die foto?’

Stilte.

Dan, diep zucht: ‘Een hond.’

De rechters zuchten op hun beurt: ‘Juist ja. Het internet, vloek en zegen van deze tijd. Wat een ellende.’
Ze houden de verdachte nu voor: ‘U gebruikte geen condooms.’
Geert: ‘Nee, want dat wouden ze niet.’

Een van de rechters: ‘Hou nou toch op man. Dit doet uw zaak geen goed. U moet goed opletten wat u hier zegt. Wij moeten straks over u oordelen. Dan denken wij straks, wat is dat nou voor een man die zoiets zegt.’

Geert is een man die is geboren en getogen in Hoogezand.
Toen hij 17 jaar was, kreeg hij een wajong-uitkering en dat is nu nog steeds zo.
Nooit gewerkt, hij slijt de dagen achter de computer.
Doet hij dat even niet, dan is hij liefhebber van Friese paarden.
Geert is ook een man die vroeger op school werd gepest.
Behalve dat hij momenteel midden in een strafzaak zit, zit hij ook in een scheidingsprocedure omdat hij is getrouwd.
Hij huwde in 2005.

Twee jaar later kocht bij Neckermann een laptop.
Toen was het begonnen.
Volgens gedragsdeskundigen is Geert een man met een beperkte verstandelijke ontwikkeling, bang voor mensen van zijn eigen leeftijd.
Hij heeft een lage zelfwaardering, een beperkte motivatie om aan zijn problemen te werken wat maakt dat de kans op recidive hoog is.

Geert is een man die zich heeft vervreemd van volwassenen en het zoekt in een andere categorie: kinderen.
De berichtgeving over de Amsterdamse zedenzaak rond Robert M. volgde hij met buitengewone belangstelling.

De rechters vragen hoe het nu met hem is.
Hij antwoordt dat het niet goed gaat, zegt dat hij nu zit opgesloten, heel de dag achter de deur.
Rechters: ‘Tja, ’t zijn wat ze in Nederland vaak denken, geen hotels hè.’

Geert was na 2007 op zijn Neckermann geraffineerd te werk gegaan.
Hij had ergens op het internet een account aangemaakt en dan was hij Jan en nog maar 17 jaar.
Jan chatte met meisjes dat het een lieve lust was.
Soms kwam het tot een afspraakje.
Dan spraken ze af op een station.
Geert kwam dan opdagen en vertelde dat hij de oom was van Jan en dat zijn neefje pech had met de scooter.
Dan gingen de meisjes met oom Geert mee.

Er waren ook meisjes die zich thuis, voor hun webcam, lieten verleiden door de zogenaamde Jan.
En dan nog verder gingen.
Zogenaamde Jan maakte daar, thuis achter zijn computer, foto’s van waarmee hij de meisjes chanteerde.
Soms stelde zogenaamde Jan zijn vriendinnetjes voor dat ze eerst zijn oom moesten verwennen en daarna hem.
Jawel ouders, er waren meisjes bij die daar gehoor aan gaven.
Omdat ze zogenaamde Jan niet wilden teleurstellen.

Rechters: ‘U paaide die meisjes. Nu bent u niet het prototype van een loverboy, maar u kunt zo de boekjes in over die types.’
Geert: ‘Het had nooit zo ver mogen komen.’
Rechters: ‘Ach wat, u wilde gewoon seks met die meisjes. U gelooft toch niet echt dat u uw neefje Jan bent?’

De officier van justitie somt de droeve feiten op: het bezit en het vervaardigen van kinderporno waarbij ook heel jonge kinderen op de meest grove wijze worden misbruikt; misleiding, ontucht en verkrachting van Els, 15 jaar; ontucht en verkrachting van Mieke, 13 jaar, ontucht in Tynaarlo met Annie, 15 jaar. Licht verminderd toerekeningsvatbaar.

De eis: vier jaar gevangenisstraf, waarvan een jaar voorwaardelijk met een proeftijd van tien jaar.

U moet nu nog steeds denken aan die hond?
En vindt dit maar een naar verhaal?
Dan dit: een officier van justitie zei onlangs in de rechtszaal dat het aanbod aan zedenzaken momenteel zo groot is, dat de politie in Groningen het niet meer aankan.

Het is dichterbij dan u denkt.
Het is nog veel erger.

Rob Zijlstra

UPDATE – 15 juni 2012 – uitspraak
Geert is conform de eis veroordeeld: 4 jaar waarvan eentje voorwaardelijk. De proeftijd is vastgesteld op 5 jaar (in plaats van de geeiste 10). Het gaat, zegt de rechtbank, om zeer ernstige feiten. Dat vindt de samenleving en dat vindt de rechtbank, staat in het vonnis. Van de twee verkrachtingen die hem ten laste zijn gelegd, is er een door de rechtbank bewezen. De andere ‘verkrachting’ is gekwalificeerd als ontucht met iemand die de leeftijd van 12, maar nog niet die van 16 heeft bereikt. Voor de strafmaat maakt dit geen verschil.

HET VONNIS zodra beschikbaar

Afslag Leek

Op de dag dat Achmed zijn vermeende misdaad pleegde, kozen de Fransen in een referendum met krap 51 procent voor Europa, reageerden de valutamarkten daar rustig op, stortte in Hoogeveen een vliegtuig neer (vier doden), meldde de NS maar weer eens dat een tariefsverhoging onvermijdelijk was, bestond er gedoe rond Ruud Gullit en het Nederlands elftal en gleed bij afrit Leek (A7) een auto in de sloot.

Met Achmed achter het stuur.

Twintig jaar later, donderdagmiddag, zit Achmed, 72  71 jaar oud en inmiddels gepensioneerd, in zittingszaal 14.
Vlak voordat hij de rechtszaal betreedt, knoopt hij het colbertje dicht.
Wanneer de rechters het woord tot hem richten, gaat hij staan.
Dat hoeft niet.

Achmed zou graag teruggaan naar Marokko, om daar op zijn dood te wachten.
Zijn kinderen willen dat hier blijft, in Venlo waar hij nu woont.
Wat hij zo heel de dag doet?
De rechters willen het weten.
Vegen, het huis schoonhouden.
Alleen als hij wat doet, dan kan hij het vergeten.

Op 19 september 1992 zou hij in de auto die in de sloot gleed, de toen 15-jarige Monica hebben verkracht.
Let wel, met zijn vingertopje, want dat kan juridisch gezien ook.

Hij zegt: ‘Het is niet waar.’
Monica, al 20 jaar geen 15 meer, zegt van wel.
Twee jaar geleden deed ze aangifte.
Bij het openbaar ministerie in Groningen moet je soms even in de rij staan wachten voordat ze je in behandeling nemen.

Monica had verteld dat zij met Achmed in Groningen was geweest en dat ze ’s avonds laat terugreden naar huis, naar Drachten.
Bij de afslag Leek had hij de snelweg verlaten en was de naastgelegen parallelweg opgereden.
Bij ’t Mienscheer.
Daar stopte hij.
Achmed had toen de gordels losgemaakt en vervolgens met veel geweld haar broek losgetrokken.
Met zijn hand had hij tussen haar benen gezeten.
Ze had zich heftig verzet en met moeite was ze er in geslaagd te vluchten.
Ze had over een slootje moeten springen, moeten rennen en had toen een echtpaar aangesproken.

Sindsdien heeft Monica nachtmerries, is ze depressief en vaak verdrietig.
Ze droomt naar over auto’s met koplampen die, terwijl zij door de weilanden rent, haar dood willen rijden.
In een brief aan de rechters laat ze weten te hopen dat de nachtmerries na de rechtszaak verdwijnen.
Ze wil ook 680 euro schadevergoeding.

Achmed, hij klinkt radeloos: ‘Allemaal leugens.’
Wanneer hij dat zegt, legt hij de beide handen op het hoofd.
Hij zegt: ‘Ik word gek. Dat meisje, die vrouw is levensgevaarlijk.
Ze heeft mij in mijn hoofd kapotgemaakt door deze verhalen te vertellen.’

De waarheid is zijn verhaal: hij was die avond met zijn dochtertje in Groningen, het was later geworden dan de bedoeling was.
Ze reden naar huis, naar Drachten.
Halverwege de rit zei het dochtertje, toen 6 jaar, dat ze moest plassen.
Bij de afslag Leek was hij van de snelweg gegaan, de parallelweg op.
Daar was de auto, hij had wat gedronken, in de sloot gegleden.
De politie was er nog aan te pas gekomen.
Monica had nooit bij hem in de auto gezeten.

Er is een proces-verbaal uit die tijd uit het archief gehaald.
Daarin staat dat Achmed samen met zijn dochtertje in de auto had gezeten.
Hij had, vanwege de wijn, een geldboete gekregen en een rijontzegging.

Waarom vertelt Monica zo een naar verhaal?
Achmed: ‘Het is haar wraak.’

Monica – als kind uit huis geplaatst, weggelopen, pleeggezin, kwetsbaar – speelde in die tijd vaak met zijn kinderen.
Ze sliep en at ook bij zijn gezin.
Achmed zelf woonde verderop, een kwartiertje lopen door Drachten.
En hij moest Monica niet.
Sterker nog, hij had het verboden dat zijn kinderen met haar speelden, want Monica had een slechte invloed.
Ze deed al seksuele dingen met grotere jongens en liet zijn kinderen stelen in winkels. ‘Zij gaf ons een slechte naam.’

Jaren verstreken, Europa veranderde, evenals de valutamarkten, treinkaartjes werden nog duurder, Achmed verhuisde naar Venlo en Ruud Gullit knipte zijn wilde haren kort.

Twee jaar geleden stapte Monica naar de politie.
Eerst vertelde ze dat Achmed had geprobeerd haar te verkrachten, in 1992 in de auto, maar dat dat niet was gelukt.
Toen ze kort daarna officieel aangifte deed, was het wel gelukt.

De advocaat van Achmed zegt dat het relaas van Monica nou niet bepaald betrouwbaar is.
Eerst een poging, daarna echt.
Dan kun je ook gaan twijfelen aan de geloofwaardigheid.

Maar de officier van justitie noemt de aangifte van Monica en haar verklaringen consistent.
Ze zegt: wat Achmed ons wil doen geloven – in de auto met zijn dochtertje dat moest plassen en dat ook nog zo laat op de avond – juist dat is niet te geloven.
Achmed verontschuldigend: ‘Het was later geworden dan de bedoeling was.’
De officier van justitie bits: ‘Dat zijn uw woorden.’

Daarna maakt de officier van justitie het af: ‘Het is twintig jaar geleden, maar dat maakt niet dat het feit minder ernstig is geworden. Ik zal daarom ook geen rekening houden met het tijdverloop. Wel zal ik rekening houden met de slechte gezondheid van meneer. In zijn voordeel. Ik eis vijftien maanden gevangenisstraf.’

Achmed zegt geëmotioneerd tegen zijn rechters: ‘Ik ben helemaal geblokkeerd. Het zit me boven het hart. Waar is de waarheid dan?’

Zijn Limburgse advocaat maakt zich na afloop geen zorgen.
‘Er is slechts een aangifte die door niets wordt ondersteund, een aangifte van bijna twintig jaar na dato, out of the blue. Geen getuigen, niets. Groninger rechters weten hier echt wel raad mee.’

Rob Zijlstra

UPDATE – 14 juni 2012 – uitspraak
De waarheid van dit verhaal is niet meer te achterhalen en daarom is Achmed  vrijgesproken. De aangifte wordt ook onvoldoende ondersteund door bijwijsmiddelen. De rechtbank stelt verder dat niet kan worden uitgesloten dat Achmed de waarheid spreekt: dat hij met zijn dochter in de auto zat en niet met Monica. ‘De stelling van de officier van justitie dat deze verklaring ongeloofwaardig is, deelt de rechtbank niet’, zo staat in het vonnis.

Overigens is Achmed 71 jaar en niet zoals ik meldde 72.

HET VONNIS