Willem

Jan Berkenbosch, horeca-adviseur te Winschoten, zegt in de hal van het gerechtsgebouw:
‘Zit je in de bajes met vier mannen te kaarten, dan ben je gemeenschapsgeschikt.
Zit je met vier mannen in een auto, dan ben je een criminele organisatie.’

Jan Berkenbosch bedoelt maar.

Hij volgt als belangstellende vanaf de publieke tribune van zittingszaal 14 van de rechtbank van Groningen de strafzaak tegen Willem.
Naast hem zijn voormalige en voormalig advocaat Orlando.
Ook belangstellende.

In april dit jaar worden Berkenbosch en Orlando gearresteerd op verdenking van deelname aan een criminele organisatie die zich bezighield met de invoer van cocaïne uit Suriname. Dat zou zijn gebleken uit telefoontaps.
Beide zaten een tijdje vast, maar werden zonder proces op vrije voeten gesteld.
Van een misdadige drugsorganisatie bleek uiteindelijk niets.

Blijft over: Willem.
Hij werd in een huurauto en op de snelweg tussen Drachten en Groningen betrapt met vijftien bolletjes cocaïne, inclusief verpakkingsmateriaal – plakband en rubber – 113 gram. Er kwam een arrestatieteam aan te pas.
Willem kwam uit Suriname en reisde via Frans Guyana naar Parijs en ‘via Breda’ was hij op weg naar Winschoten, de eindbestemming. De bolletjes kwamen er onder politietoezicht in Groningen in het ziekenhuis uit, op de afdeling interne intensive care.

Willem ontkent.
Bij de politie vertelde hij dat hij vier jaar geleden – toen hij wel drugs gesmokkeld had – bolletjes cocaïne had verstopt boven een systeemplafond van het toilet van een tankstation nabij Breda.
Toen hij daar in april dit jaar weer langsreed, herinnerde hij zich dit weer.
Dacht hé, ging kijken en tot zijn eigen verrassing lag het spul er nog.
Zodoende.
Niks geen invoer van drugs.
Hooguit bezit.
Dat scheelt fors in de misdaad.

Maar de politie prikte door het verhaal heen.
Willem werd op die dag in april vanaf de Belgische grens in de gaten gehouden.
Bij het tankstation dat hij aangaf, was hij niet gestopt.
Voor de zekerheid had de politie ook het toilet bezocht.
Geen systeemplafond.
Stucwerk.

In de zittingszaal wil Willem ditmaal zwijgen.
Logisch.
Hij vindt het Nederlandse rechtssysteem slecht en onrechtvaardig.
Wel maakt hij gebruik van zijn laatste woord.
Hij zegt: ‘Ik heb andere mensen schade berokkend.
Berkenbosch en Orlando V. treffen geen blaam.’

Willem is met zijn 140 kilo’s een figuur apart.
Hij is geboren in het Friese Lemsterland, getogen op het Groninger land, maar vertoefde vaak en lang in Suriname.

Daar was hij bijvoorbeeld directeur van het Polyestercentrum in oprichting.
Kansarme Surinamers konden daar werkervaring opdoen en een heus certificaat halen.
Het centrum kreeg lof en subsidie van de Surinaamse overheid.
De kansarme Surinamers produceerden polyester bootjes.
De eerste bootjes werden feestelijk te water gelaten.
De genodigde minister van volksontwikkeling maakte de proefvaart.
Willem verklaarde bij die gelegenheid tegenover de Surinaamse pers dat na de bootjes ook kozijnen, badkamers en keukens in productie worden genomen.
En allemaal voor de export.
De ontwikkelingsminister juichte het toe.

Niet lang daarna arriveerden de eerste bootjes in Nederland.
Er zaten dertig pakketjes in verwerkt met in totaal 20 kilo cocaïne.
De getipte politie schatte de waarde op 600.000 euro.

Vorig jaar werd Willem nog veroordeeld wegens de handel in duizenden kilo’s aceton, een goedje dat ook gebruikt wordt bij de vervaardiging van synthetische drugs.
Willem ontkende toen ook.
Hij had het spul nodig als schoonmaakmiddel voor de productie van zijn polyester boten in Suriname.
Dat duizenden kilo’s wel heel veel is voor de schoonmaak, gaf hij toe.
Maar je hebt veel nodig.
Suriname kent een nogal warm klimaat en aceton is vluchtig spul.
’t Is zo weg.

Officier van justitie Andries Jongsma eist twaalf maanden gevangenisstraf.
Een heleboel voor relatief weinig drugs, maar Willem is hardleers, zegt Jongsma.
De forse strafeis moet Willem dan ook vooral als een signaal zien.
Hem vastzetten is de enige manier hem te stoppen.

Rob Zijlstra

[dit verhaal is overgenomen van mijn oude weblog]

.

update – 3 augustus 2006 – uitspraak
Een jaar de cel in zou op zich passend zijn, maar omdat Willem anders dan de officier van justitie had beweerd alleen heeft gehandeld, moet tien maanden voldoende zijn. De leugenachtige verklaring van Willem gebruikte de rechtbank als een van de bewijzen. Niet dat het allemaal veel zal helpen, want de rechtbank zei ook: Willem is ongevoelig voor bestraffing.

Visitekaartje

Als je weer een rotstuk over mij in de krant zet, ga ik je vermoorden, beet Oletta bij wijze van spreken, maar wel met de blik van een ijskoude killer, mij toe.

Ik zei dat ze niet zo boos moest kijken.

Ze bedoelt het niet kwaad.

Het afgelopen jaar troffen we elkaar met enige regelmaat in de rechtbank.

Zoiets schept een band.

 

In dat rotstuk stond dat Oletta de auto van haar moeder gebruikte als zij moest werken.

Dat klopte niet.

 

Vorig jaar oktober was ze wel veroordeeld tot een werkstraf van 240 uur en zes maanden voorwaardelijke gevangenisstraf. Volgens de rechtbank speelde Oletta gedurende enige jaren als koerierster een essentiële rol in een organisatie die het plegen van criminele activiteiten tot doel had.

Met haar jonge kinderen op een achterbank transporteerde Oletta vanuit de stad Groningen drugs naar Noord-Duitsland.

In Noord-Nederland is dat gouden handel.

Er was twee jaar gevangenisstraf geëist, maar de rechtbank vond de zorg die ze heeft voor haar kinderen ook niet niks. De maximale werkstraf en heel streng toezicht van de reclassering zou haar moeten doen inzien dat haar rechte pad niet richting de grensovergang bij Nieuweschans loopt.

 

Vanmiddag was ze er dus weer.

De Staat der Nederlanden wil haar het geld ontnemen dat ze met haar drugsritjes heeft verdiend.

De rechtbank is het met de Staat eens.

Oletta moet 6.700 euro betalen.

 

Daarmee lijkt ze goed weg te komen.

Haar toenmalige partner in crime moet 336.300 euro aftikken.

Andere koek.

 

Bij het verlaten van het gerechtsgebouw deelt Oletta aan Jan en Alleman visitekaartjes uit.

Ze is zelfstandig ondernemer geworden.

Daar zou ik eens een positief verhaal over moeten schrijven in de krant, zegt ze nog altijd bars.

‘Of ben ik soms niet boeiend genoeg?’

 

Ik denk aan iets met mode.

Heeft de reclassering goed werk geleverd.

In de perskamer bekijk in het visitekaartje en tik het vermelde internetadres in.

 

Niks mode.

Alleen voor heren met nummerweergave.

Basistarief per uur: 100 euro.

 

En ze smokkelt nog steeds, stel ik vast.

Maar nu met haar leeftijd.

 

Rob Zijlstra 

 

dit verhaal is verplaatst van mijn oude weblog naar deze plek

Kus

Er zijn niet veel rechtszaken die met een kus beginnen.

Donderdag gebeurde dat wel en dat kon eigenlijk ook niet anders.

Ze hadden elkaar immers al een tijd niet gezien.

Hij zit al drie maanden in het huis van bewaring in het verre Ter Apel.

Zij verblijft na ruim een maand opgesloten te hebben gezeten in een verslavingskliniek.

 

Een kliktip bij het Meldpunt M (meld misdaad anoniem) lapte hen er bij.

Die twee dealen, kreeg M te horen.

Heroïne.

De politie hield vervolgens een tijdje een oog in het zeil en op 7 februari dit jaar waren ze aan de beurt. Eerst zij en toen Martin thuis kwam, met honderd gram in zijn jaszak, hij ook.

 

Dat ze dealden, ontkennen ze niet.

Sterker nog, ze waren – vooral Andrea – eigenlijk wel blij dat ze waren gepakt.

Eindelijk.

 

Meer dan twintig jaar zijn ze verslaafd aan heroïne.

En twintig jaar zijn ze samen.

Zo in zittingszaal 14 te zien, niet ongelukkig.

Ze hebben veel gemeen.

Slechte longen en mooie principes bijvoorbeeld.

 

Een daarvan: we mogen dan wel heroïnejunken zijn, overlast willen we niet veroorzaken.

En dus werd er beslist niet gedeald vanuit hun woning.

Er werden thuis geen klanten ontvangen.

Bij een deal gingen ze naar de super of naar de sluis waar het altijd rustig is.

‘We wilden het netjes houden.’

 

Nooit waren er klachten.

Sterker nog: Sandra was in haar meer dan twintig drugsjaren nimmer met de politie in aanraking geweest.

Martin slechts één keertje. Voor een bezitje.

Een hele prestatie, zei de officier van justitie met enige bewondering.

 

Maar ze konden het nog wel sterker vertellen.

Ze verkochten alleen aan vrienden en goede kennissen die ook nog nooit een politiecel van binnen hadden gezien. Aan mensen die wel verslaafd zijn, maar die gewoon een baan met een eerlijk salaris hebben.

Die bestaan.

 

Crimineel geld was er nooit aan te pas gekomen.

En hun dealen was evenmin uit winstbejag.

Martin toog twee, drie keer per maand – afhankelijk van de beschikbare financiën – naar Amsterdam waar hij of bij Roy of bij Jeroen inkocht. Van de vriendenverkoop konden ze in de eigen behoefte voorzien.

 

Ja, ja.

Er worden wel meer sterke verhalen in zittingszaal 14 verteld.

Maar ditmaal leek niemand te twijfelen aan het uitzonderlijke verhaal van Sandra en Martin.

Dat voelde je, ook onder de rechters.

Menigeen zou die twee als buren wensen.

Sandra en Martin hebben een groot deel van hun leven verkloot, maar het blijven wel gewoon twee aardige mensen.

Dat bestaat eveneens.

Dat zagen de rechters ook wel.

 

De officier van justitie had een middag zitten te rekenen.

Wie twee, drie keer per maand en dat zeker twee jaar lang naar Roy en Jeroen in Amsterdam gaat, kan op grond van de strafrichtlijnen van het openbaar ministerie zo 26 maanden de bak indraaien.

Drugshandel is een ernstig feit.

Maar de officier van justitie zei: ‘Dit is een bijzondere zaak.’

 

Tegen Sandra eiste ze daarom 187 dagen gevangenisstraf waarvan 150 dagen voorwaardelijk. Wat dan netto over blijft is de tijd die Sandra al heeft vastgezeten. Op Martin – die nog vastzit – werd een soortgelijke formule losgelaten: 263 dagen cel waarvan 150 voorwaardelijk. Voor hem betekent dit dat hij over twee weken, op de dag dat de rechtbank uitspraak doet, naar huis zou kunnen.

 

Niet dat ze er daarmee zijn.

De officier van justitie: ‘Hoe netjes ze hun handel ook hebben gedreven, handel in heroïne blijft wel strafbaar.’

Daarom eiste ze voor beide een bonus in de vorm van een werkstraf van 240 uur.

 

Ondertussen gaat het met Sandra – los van de last van de longen – ‘op zich redelijk goed’. Vanuit de verslavingskliniek werkt ze op een zorgboerderij. Onder begeleiding wil ze straks graag naar huis. ‘En dan hoop ik nog eens een normale baan te krijgen.’

 

Martin is ietsje somberder. Zei: ‘Ik word straks vijftig. En om dan nog aan een carrière te beginnen?’ Ook hij wil het liefst naar huis. ‘Ik ben een echte huismus.’ Thuis wil hij op eigen kracht de heroïne laten voor wat het is.

‘Ik sta niet te popelen mij op te laten nemen, maar als het nodig is, dan moet het.’

 

Zijn advocaat voegde daar aan toe dat Martin zich heel goed realiseert dat als hij blijft door-chinezen hij niet alleen zijn huis, maar na al die jaren samen ook Sandra kwijtraakt.

Toen de advocaat dat zei, knikte Sandra.

Ze zei: ‘Joh, je moet het gewoon proberen.’

Dat zei ze liefdevol.

 

Het was een echte kus waarmee dit verhaal begon.

 

Rob Zijlstra

 

ps – dit verhaal heb ik van mijn oude blog overgezet op dit blog vanwege het arrest in hoger beroep

 

 

update – 1 juni 2006

De rechtbank is gevoelig gebleken en heeft de keurige dealers mild gestraft. Beide moeten 240 uur werken. Martin die nog in voorlopige hechtenis zat, mag vandaag naar huis. 

 

update 14 januari 2008

Anderhalf jaar na de zitting, zaten Martin en Sandra opnieuw in zittingszaal 14. Het gaat hen redelijk tot goed, zo te zien en horen. Ze zaten daar vanwege de ontnemingvorderingen. Justitie eist het genoten voordeel op van hun drugswinsten: in totaal ruim 42.000 euro. Beide zeiden wel te begrijpen dat de Staat wil afrekenen, maar dat het bedrag hen wel erg hoog voorkomt. We hebben nooit in luxe geleefd, maar door een beetje te handelen konden we ons eigen gebruik bekostigen. De advocaat van Sandra: ‘Ze zijn Zwolsman niet.”

 

update 28 januari 2008

Martin moet 23.964 euro betalen aan de Staat, Sandra 26.664. Als zei zeggen dat dit hen erg hoog voorkomt, dan doelen zij op deze bedragen.

 

update 21 april 2009

Het gerechtshof in Leeuwarden heeft zich over de zaak gebogen en komt, bijna drie jaar na de eerste zitting bij de rechtbank, tot dezelfde conclusie dan ‘Groningen’: Martin en Sandra moeten de twee bedragen betalen die hen veel te hoog voorkomen.

 

 

Patat

Ik had willen schrijven over P. die met zijn vadsige vingers door middel van ontucht zijn 6-jarig zoontje voor misschien wel jaren in therapie heeft doen belanden.

Over P. die vindt dat vooral hij slachtoffer is.

Over P. die ook niet van een klasgenootje van zijn zoontje had kunnen afblijven.

En dat P., nota bene computerdeskundige, niet wist dat er 6000 kinderpornofoto’s op zijn harde schijf stonden.

Dat P. met droge ogen zei dat zijn ex dat misschien wel had gedaan.

En hoe P. in zijn gekreukte krijtstreeppak genereus had aangeboden de kosten van de therapie wel te willen betalen.

Dat de officier van justitie hem een leugenaar noemde.

 

In de hal van het gerechtsgebouw kom ik een krantencollega tegen.

Of er nog wat leuks te doen was vandaag op de rechtbank, vroeg Cees.

Ach, zei ik, het is vandaag huis-, tuin- en keukenwerk: een veelpleger, brandstichting, een zware mishandeling, kleine poging doodslag, diefstalletje met geweld en wat ontucht met kinderporno.

De collega verzuchtte met alle respect: al die verhalen over kinderporno, ik lees het niet meer.

Ik zei dat ik dat wel snapte.

 

Roelof dan maar.

Veelpleger in Groningen met topstatus.

 

Na een veroordeling van twee jaar en een verblijf van zeven maanden in een verslavingskliniek was Roelof begin dit jaar weer op vrije voeten gekomen.

Hij was gemotiveerd tot op het bot, zei hij, om er ditmaal iets van te maken.

De kliniek had hij – niet voor het eerst – met vlag en wimpel doorlopen.

En er zou ditmaal iets geregeld worden in de sfeer van begeleid wonen.

 

Maar al op de eerste vrije dag zakte Roelof door het ijs.

Tijdens proefverloven in het weekeinde was hij menigmaal langs dealpanden gelopen en nooit was toen de coke-wekker afgegaan.

Hij kon het dus wel.

 

Niet dus.

 

Roelof begon zijn vrijheid met een terugval.

En daar baalde hij vreselijk van.

Daar baalde hij zo vreselijk van dat hij er heel verdrietig van was geworden.

Ineens was daar weer de leegte en de eenzaamheid, die klotengevoelens die hij herkende van eerdere vrijheden en die hem in de gevangenis en kliniek niet hadden geteisterd.

 

Hij vertelde de rechtbank dat hij zich had voorgenomen om het ditmaal gewoon maar eens te gaan doen. Gewoon te gaan functioneren in de maatschappij.

 

Maar in plaats van te functioneren, dompelde hij zijn hoofd onder in de drugs.

Zoiets kost geld.

En dus ging hij op pad, zoals hij dat als veelpleger gewend was te doen.

Zijn specialisatie is het binnenwandelen van kantoorgebouwen.

Op werkkamers liggen portemonnees, mobiele telefoons en af en toe een laptop voor het grijpen.

In drie weken tijd sloeg hij – ook op het stadhuis – zeker vijftien keer zijn slag.

Begin februari werd hij gepakt.

 

Tijdens de zitting bekende Roelof lang niet alles.

De pest voor hem is dat menig kantoorwerknemer hem achteraf had herkend als die vreemde man die door de gangen had gelopen.

Sportschooltype, kale kop, zonnebank gebruind.

En dat klopte wel.

In de verslavingskliniek had Roelof veelvuldig gebruik gemaakt van de zonnebank.

Dat had de officier van justitie nagetrokken.

En de kop was zonder meer kaal.

 

Wat moet er nu met Roelof gebeuren, vroeg de justitie-officier zich hardop af.

Roelof zelf ziet een nieuwe behandeling in een kliniek niet zitten.

‘Niet weer die groepsgesprekken.

In de kliniek gaat het altijd goed met mij.

En zo zal het weer zijn.

Het probleem is buiten, daar gaat het altijd mis.

En zo zal het weer gaan.’

 

Toen stokte het in de keel.

Happend naar adem en daarna tranen met tuiten.

De veelpleger huilt.

‘Op 6 januari werd ik ontslagen uit de kliniek.

Ik moest afscheid nemen van de jongens daar.

Dat vind ik zo moeilijk.

Ik heb moeite met veranderingen.’

 

Of Roelof zelf een oplossing ziet?

Hij knikt, veegt met de binnenkant van zijn handen de tranen uit het gezicht en zegt dan, monter: patat bakken.

 

?

 

In de gevangenis had Roelof een man leren kennen die patat bakt.

En een eigen zaak heeft.

Een snackbar.

Daar kan hij komen werken.

De snackbarman heeft ook woonruimte voor hem.

En nog iets: de snackbarman heeft een vriendenkring zonder drugs.

Zo’n drugsvrije vriendenkring zou zijn leegte kunnen vullen.

Dat zouden drie vliegen in een klap zijn.

 

De officier van justitie vond het allemaal maar vaag.

Bovendien dient er eerst met de veelpleger Roelof te worden afgerekend.

 

Roelof’s raadsman vroeg om mildheid en enige krediet.

De justitie-officier piekerde daar niet over.

De rekening die zij presenteerde: 24 maanden gevangenisstraf.

En de tenuitvoerlegging – tul zeggen ze op de rechtbank – van acht maanden die hij bij een eerder vonnis voorwaardelijk opgelegd had gekregen.

 

Ik zag Roelof zittingszaal 14 teleurgesteld verlaten.

Misschien dacht hij wel: met zo’n eis had ik net zo goed alles kunnen bekennen en heeft huilen ook geen zin.

 

Over twee weken doet de rechtbank uitspraak.

Roelof is dan jarig.

 

P. was in maart jarig.

Hij hoorde twaalf maanden cel waarvan zes voorwaardelijk eisen.

Maar dit terzijde.

 

 

Rob Zijlstra

 

 

UPDATE – roelof – 2 april 2009

Ineens was daar Roelof weer, bijna drie jaar na zijn laatste keer in zittingszaal 14. Het is weer misgegaan: justitie heeft nu de isd-maatregel geëist.

(dit verhaal – gepubliceerd op 11 mei 2006 – is afkomstig van mijn oude weblog) 

Prinses

Het jaar 2006 is drie uur en twintig minuten jong als bij de politie in Groningen een steekpartij wordt gemeld.

Marsmanlaan.

Het slachtoffer is met een mes geraakt in hand en keel.

Strijdvaardig komt Eddie zittingszaal 14 binnenstappen.

Bajesbaardje.

Heel het paasweekeinde heeft hij buikpijn gehad, maar nu zal hij het wel eventjes vertellen.

‘Ik heb nooit een mes bij me. Nooit.

Ik heb hem een duw gegeven.

Meer is er niet gebeurd.’

 

Hoe het slachtoffer dan aan die verwondingen is gekomen?

Dat weet Eddie ook niet.

Of wel.

Hij denkt dat ze hem een oor willen aannaaien.

Die mensen daar hebben oordelen over mij, zegt hij een paar keer.

 

Eddie gaat met Diane.

“Diane is mijn prinsesje”, zegt hij trots.

Probleem is: de vader van de prinses ziet in Eddie geen prins.

De vader had het al eens recht in zijn gezicht gezegd: sinds mijn dochter met jou omgaat, gaat het bergafwaarts met Diane.

Eddie vindt zoiets niet normaal, toch?

 

Op oudejaarsnacht willen Eddie en Diane de stad in.

De vader probeert dat te voorkomen.

Vader en dochter ruziën stevig.

“Ik hou van hem. Wanneer accepteer je hem nou eens?”, roept Diane.

 

Dan komen er twee mannen aanlopen.

Ze moesten lachen, vertelt Eddie aan de rechters.

En ja, heel goed mogelijk dat hij toen geroepen heeft, ‘Wegwezen, hier valt niets te zien.’ En ook: ‘Niemand fuckt met Eddie.’

 

Eddie: ‘Toen heb ik geduwd. Ik duw problemen het liefst van mij af.’

De officier van justitie: ‘Toen pakte hij zijn mes en maakte daarmee zwaaiende bewegingen. Het slachtoffer voelde direct een branderig gevoel in de hals en daarna dat hij in de hand werd geraakt.’

 

Vijf dagen later vindt de politie een mes in de woning van Eddie die een getuige herkent als het mes waarmee hij stond te zwaaien.

De politie heeft echter verzuimd het mes te onderzoeken.

Op bloedsporen bijvoorbeeld.

 

Het slachtoffer is niet naar een dokter gegaan.

Een pleister op de wonde aan de hand was voldoende.

De verwonding aan de keel bleek uiteindelijk een schram.

 

Misschien had het slachtoffer al een wondje aan de hand, oppert raadsman Erik de Mare. En een schram is zo gemaakt.

 

Waarom?

Omdat de wereld gekker in elkaar steekt dan we wel eens denken, oppert De Mare verder.

Hij zegt: Om Eddie een oor aan te naaien.

Het slachtoffer is een bekende van de vader van Diane.

En die zal het vast wel prettig vinden als de onverhoopt toekomstige schoonzoon een tijdje moet brommen.

 

Eddie knikt.

Zo zit het en niet anders.

Hij erkent dat hij wel eens agressief overkomt.

Beetje ad rem.

Beetje ADHD.

Daarvoor wil hij best worden behandeld.

Want hij wil zo snel mogelijk met zijn prinsesje gaan samenwonen om dan, met een vaste baan, aan heel de wereld te bewijzen dat hij goed voor haar kan zorgen.

 

De officier van justitie vindt dat een goed idee, zo’n behandeling.

Maar eerst dient er afgerekend te worden, eerst moet Eddie boeten voor zijn poging tot doodslag. Haar strafeis: dertig maanden celstraf waarvan tien voorwaardelijk.

Rob Zijlstra

 

update – uitspraak  – 2 mei 2006

Met een welgemeend godverdomme neemt Eddie zijn straf in ontvangst: 15 maanden cel waarvan vijf voorwaardelijk. Je ziet hem rekenen. Hj informeert bij de rechter nog naar zijn mogelijkheden in het geval van goed gedrag. De rechter: “Ik hou er niet van dat u hier vloekt.”

Klantgericht opgelicht

R37 staat heel groot – groter kan niet – op zijn gekreukte zwarte T-shirt.

Op zijn voorhoofd zou ‘oplichter’ kunnen staan.

Zou, want het staat er niet.

Maar R37 doet zijn best.

 

Het openbaar ministerie is er van overtuigd dat hij een oplichter is.

In 2004 was hij naar Turkije gevlogen met achterlating van 40.000 euro aan schulden bij de KPN, een creditcardmaatschappij en een internetbedrijf.

In het Turkse Alanya leek hem het leven even beter.

Goedkoper ook.

Samen met zijn huidige ex begon R37 vanuit een appartement een webwinkel.

Hij knutselde vier websites in elkaar, registreerde die op niet bestaande adressen, en bood computerspellen tegen stuntprijzen te koop aan.

 

Sommige van die spellen waren illegaal, andere van inferieure kwaliteit of bestonden niet eens. Hij beloofde na betaling een levertijd van drie tot vijf dagen. De meeste van zijn klanten wachten nu nog.

 

Het geld moest worden overgemaakt naar een Nederlandse bankrekening.

Een tussenpersoon sluisde dit geld door naar Turkije.

Dat dat duur was, gaf niks.

Er kwam toch genoeg binnen.

 

Het duurde niet lang of het stroomde klachten.

Op internetforums werd gewaarschuwd voor de praktijken van R37.

Tros Opgelicht zette hem in het zonnetje.

 

Er is een hetze tegen mij gevoerd, klaagde de beklaagde tegen de rechtbank.

Hij noemde zichzelf een klantgerichte ondernemer.

Met goede intenties.

Probleem was dat leveranciers hem in de steek lieten.

Die leverden niet.

 

Een rechter zei dat hij dan het geld terug had moeten storten.

Simpel.

Een klantgericht ondernemer incasseert èn levert.

Een oplichter incasseert alleen.

Dat is het verschil.

Maar zo simpel bleek het niet.

Mijn gezin gaat voor, vaderde R37.

‘Mijn gezin moet eerst eten. Dan hunnie.’

 

De officier van justitie zei beter te weten.

Het strafdossier in niet voor niks een meter dik.

Het geld ging op aan vooral luxe goederen, aan een pracht van een badkamer en de rest vergokte hij. De persoonregistratie van Holland Casino was opgevraagd en daaruit bleek dat R37 in een jaar tijd er 108 keer een bezoek had gebracht.

Dat riekt naar een gokverslaving, meende de officier van justitie.

Niks, zei R37. Dat waren verzetjes.

 

Van hunnie geld.

 

Hij leek niet onder de indruk van alle aantijgingen.

Dat tientallen mensen aangifte tegen hem hebben gedaan, daar was hij juist blij mee.

Nu had hij tenminste weer de beschikking over klantgegevens die hij met een raar verhaal zei kwijt te zijn geraakt.

 

‘Ik zal iedereen terugbetalen. Daar heb ik geen officier van justitie of een rechter voor nodig’, beloofde hij. Dat hij nu geen geld meer heeft – ook zijn wajong-uitkering is stopgezet – is een ander probleem.

 

Andere probleem is ook dat de recherche tijdens het onderzoek de opgedeelde harde schijf van zijn computer tegen en licht hield. Op de D:/ stond van alles, privé-foto’s bijvoorbeeld van zijn pasgeboren kind. Op de C:/ stonden ook foto’s van kinderen, een stuk of 700 die de officier van justitie niet anders kon kwalificeren dan kinderporno.

De betrokken digitaal rechercheur verklaarde tijdens de zitting dat alleen R37 toegang had tot de C. En niet die vier Turken zoals R37 opperde nadat hij had gezegd met kinderporno niets te maken te hebben. ‘Ook moreel gezien niet.’

 

Na ruim drie uur aanklagen mocht R37 terug naar zijn cel waar hij sinds 28 oktober vorig jaar verblijft. Hij zei er van overtuigd te zijn dat de rechtbank hem zal vrijspreken.

 

De officier van justitie denkt aan iets anders.

Zij eiste 24 maanden gevangenisstraf waarvan acht maanden voorwaardelijk als stok achter de deur.

 

Rob Zijlstra

 

Dit verhaal is verplaatst van mijn oude weblog naar deze plek

 

update – uitspraak

Het vonnis is conform de eis: 24 maanden cel waarvan 8 voorwaardelijk.

Klik hier voor het vonnis van de rechtbank.

 

Tolbert

Ze kenden elkaar een week of acht.
Eventjes woonde ze met haar twee kinderen in bij haar broer.
Toen ontmoette ze Avi en het klikte.
Met Damaris (4) en Daniel (2) trok ze bij hem in.
Avi zei dat er trouwplannen waren.
Zij zei dat hij opvoedkundig heel goed was, beter dan zijzelf.

Achteraf kun je je afvragen waarom het klikte?
Of waardoor.

De officier van justitie suggereerde iets.
‘Op 8 juli trok ze met de kinderen bij Avi in. Hij bewoonde een bovenwoning, een eenpersoonsflatje volgestouwd met computers en randapparatuur. Er was nauwelijks ruimte voor twee jonge kinderen. En Avi en zij waren op hun beurt vooral met drugs bezig.’

Avi gebruikte een jaar of vier. Hij was verslaafd. Overdag gebruikte hij om de vier uur, ’s nachts om de twee. Zij deed mee. De laatste keer dat ze inkochten merkten ze dat het goedje – speed – anders was. Het brandde in de neus. Dat was beide opgevallen en ze hadden het er over gehad. De dealer – Geert uit Hoogezand die in december tot vier maanden cel is veroordeeld – had honderd procent zuivere speed geleverd. Avi had het betaald met een dvd-speler.

Maandag 1 augustus.
’s Middags.
Avi snuift in de badkamer met een rietje zijn goedje.
Zij ziet hem met rode ogen en verdrietig uit de badkamer terugkomen.
De kinderen spelen.

Er ontstaat ruzie. Avi zegt dat zij aan andere mannen denkt. Avi zei wel meer die dagen. In de auto had hij haar verteld dat de CIA geheime boodschappen uitzendt via de radio. Zij ontkent de andere mannen.
Avi omhelst haar en zegt dat hij geestelijk één met haar wil worden.
Ze vallen en hij begint haar heftig te zoenen.
Hij probeert – het is niet anders – met zijn tong zijn kunstgebit in haar mond te duwen.
Zij spartelt tegen en als hij stopt, hoort ze hem zeggen: ‘ik wil dood’.

Dan ineens zegt hij: ‘Jij bent de duivel’.
En begint te slaan met een ijzeren stang. Zij weet te vluchten, klimt over de reling van het balkon en springt van één hoog naar beneden. Hij roept haar na: ‘Je bent toch al dood.’ Zij slaat alarm bij een buur.

Avi, nu alleen met de twee spelende kinderen, verkeert op dat moment volgens de deskundigen in een drugspsychose. Tegenover de politie zal hij later zeggen dat de kinderen, twee schatjes zoals hij ze noemt, op het verkeerde moment op de verkeerde plaats waren.

Vijfendertig minuten later arriveert de politie.
De buurtagent kent Avi en gaat naar binnen.
Hij ziet hem in de kleine gang liggen, bovenop de 2-jarige Daniel.
Avi prevelt Hebreeuwse teksten.
Er zijn drie agenten nodig om hem te overmeesteren.
In de woonkamer vinden ze dan het 4-jarige meisje.
Overal bloed, een mes en een kapotgeslagen kandelaar.
De onderbuurvrouw zal later bij de politie verklaren dat ze dacht dat het plafond naar beneden zou komen.

De officier van justitie zegt dat het jongetje waarschijnlijk getuige is geweest van de moordpartij op zijn zusje. Uit een bloedspat-analyse (dat bestaat) van het NFI wordt opgemaakt dat het jongetje nog heeft geprobeerd zich te verstoppen in de badkamer.

Tevergeefs.

Dit moet genoeg zijn.

Avi zegt zich niets te kunnen herinneren van het geweld.
Hij kan zich herinneren dat hij – toen zij was gesprongen – haar achterna wilde gaan en in de woning tegen de kinderen was aangebotst.
De officier van justitie gelooft daar niets van. Selectief geheugen.

Kan de duivel in u hebben gezeten, vraagt de officier.
Avi zegt het niet te weten.
Was u kwaad?
‘Weet niet.’
Ontkent u?
‘Ik neem de volledige verantwoordelijkheid.’

Volgens de psychiater en psycholoog van het Pieter Baan Centrum lijdt Avi aan een ernstige narcistische persoonlijkheidsstoornis. Op de psychopathie-checklist (bestaat ook) scoort hij 21. Een gemiddeld mens doet 0 tot 1. Hij is te behandelen, maar het zal moeilijk worden, zeiden de psychiater en psycholoog. ‘Een lange weg.’

De psychiater die naar Avi had gekeken in opdracht van het openbaar ministerie had een licht afwijkende opvatting. Mogelijk faked hij. Wij noemen dat playing crazy. Niet uit te sluiten is dat er sprake is van een nagebootste stoornis.

Er is nog een theorie.
Avi kan heel overtuigend praten, maar draaft snel door. Hij denkt dat hij is uitverkoren om het kwade te bestrijden. Dit grootheidsdenken staat in schril contrast met de lage maatschappelijke positie die hij heeft. Van zijn leven heeft hij niets gemaakt. Ter compensatie vlucht hij in drugs, om zich toch sterk en bijzonder te kunnen voelen. De drugs werken als een turbo op zijn ernstige persoonlijkheidsstoornis.

Dat leidt op 1 augustus, even na drie uur ’s middags als de kinderen spelen, tot een acute psychose.

Was hij varkensboer geweest, dan had hij wellicht roze varkentjes gehallucineerd.
Maar hij was uitverkoren.
En zag de duivel.

Tweemaal moord en een poging daartoe zegt de officier van justitie niet te kunnen bewijzen. Er is geen sprake van kalm beraad.
Tweemaal doodslag en een poging daartoe wel.

De officier zei: ‘Als je wordt geconfronteerd met de gewelddadige dood van twee zulke jonge kinderen is het eerste wat je denkt: zo iemand moet nooit weer vrijkomen. Toch zal het recht, ook in een moeilijke zaak als deze, zijn loop moeten hebben (…). Nu de verdachte door het Pieter Baan Centrum als sterk verminderd toerekeningsvatbaar wordt beschouwd, verplicht de wet en de jurisprudentie, maar ook het rechtsgevoel, daar rekening mee te houden (…).

De eis: 12 jaar en TBS.

UPDATE – 16 februari 2006 – uitspraak
Avi C. is vanmiddag door de rechtbank veroordeeld tot 18 jaar gevangenisstraf en TBS. Het openbaar ministerie eiste twee weken geleden 12 jaar en TBS. De rechtbank gaat uit van een tweevoudige moord en een poging tot moord.

dit verhaal is overgezet van mijn oude weblog naar deze plek

Tolbert

Ze kenden elkaar een week of acht.

Eventjes woonde ze met haar twee kinderen in bij haar broer.

Toen ontmoette ze Avi en het klikte.

Met Damaris (4) en Daniel (2) trok ze bij hem in.

Avi zei dat er trouwplannen waren.

Zij zei dat hij opvoedkundig heel goed was, beter dan zijzelf.

 

Achteraf kun je je afvragen waarom het klikte?

Of waardoor.

 

De officier van justitie suggereerde iets.

‘Op 8 juli trok ze met de kinderen bij Avi in. Hij bewoonde een bovenwoning, een eenpersoonsflatje volgestouwd met computers en randapparatuur. Er was nauwelijks ruimte voor twee jonge kinderen. En Avi en zij waren op hun beurt vooral met drugs bezig.’

 

Avi gebruikte een jaar of vier. Hij was verslaafd. Overdag gebruikte hij om de vier uur, ’s nachts om de twee. Zij deed mee. De laatste keer dat ze inkochten merkten ze dat het goedje – speed – anders was. Het brandde in de neus. Dat was beide opgevallen en ze hadden het er over gehad. De dealer – Geert uit Hoogezand die in december tot vier maanden cel is veroordeeld – had honderd procent zuivere speed geleverd. Avi had het betaald met een dvd-speler.

 

Maandag 1 augustus.

’s Middags.

Avi snuift in de badkamer met een rietje zijn goedje.

Zij ziet hem met rode ogen en verdrietig uit de badkamer terugkomen.

De kinderen spelen.

 

Er ontstaat ruzie. Avi zegt dat zij aan andere mannen denkt. Avi zei wel meer die dagen. In de auto had hij haar verteld dat de CIA geheime boodschappen uitzendt via de radio. Zij ontkent de andere mannen.

Avi omhelst haar en zegt dat hij geestelijk één met haar wil worden.

Ze vallen en hij begint haar heftig te zoenen.

Hij probeert – het is niet anders – met zijn tong zijn kunstgebit in haar mond te duwen.

Zij spartelt tegen en als hij stopt, hoort ze hem zeggen: ‘ik wil dood’.

 

Dan ineens zegt hij: ‘Jij bent de duivel’.

En begint te slaan met een ijzeren stang. Zij weet te vluchten, klimt over de reling van het balkon en springt van één hoog naar beneden. Hij roept haar na: ‘Je bent toch al dood.’ Zij slaat alarm bij een buur.

 

Avi, nu alleen met de twee spelende kinderen, verkeert op dat moment volgens de deskundigen in een drugspsychose. Tegenover de politie zal hij later zeggen dat de kinderen, twee schatjes zoals hij ze noemt, op het verkeerde moment op de verkeerde plaats waren.

 

Vijfendertig minuten later arriveert de politie.

De buurtagent kent Avi en gaat naar binnen.

Hij ziet hem in de kleine gang liggen, bovenop de 2-jarige Daniel.

Avi prevelt Hebreeuwse teksten.

Er zijn drie agenten nodig om hem te overmeesteren.

In de woonkamer vinden ze dan het 4-jarige meisje.

Overal bloed, een mes en een kapotgeslagen kandelaar.

De onderbuurvrouw zal later bij de politie verklaren dat ze dacht dat het plafond naar beneden zou komen.

 

De officier van justitie zegt dat het jongetje waarschijnlijk getuige is geweest van de moordpartij op zijn zusje. Uit een bloedspat-analyse (dat bestaat) van het NFI wordt opgemaakt dat het jongetje nog heeft geprobeerd zich te verstoppen in de badkamer.

 

Tevergeefs.

 

Dit moet genoeg zijn.

 

Avi zegt zich niets te kunnen herinneren van het geweld.

Hij kan zich herinneren dat hij – toen zij was gesprongen – haar achterna wilde gaan en in de woning tegen de kinderen was aangebotst.

De officier van justitie gelooft daar niets van. Selectief geheugen.

 

Kan de duivel in u hebben gezeten, vraagt de officier.

Avi zegt het niet te weten.

Was u kwaad?

‘Weet niet.’

Ontkent u?

‘Ik neem de volledige verantwoordelijkheid.’

 

Volgens de psychiater en psycholoog van het Pieter Baan Centrum lijdt Avi aan een ernstige narcistische persoonlijkheidsstoornis. Op de psychopathie-checklist (bestaat ook) scoort hij 21. Een gemiddeld mens doet 0 tot 1. Hij is te behandelen, maar het zal moeilijk worden, zeiden de psychiater en psycholoog. ‘Een lange weg.’

 

De psychiater die naar Avi had gekeken in opdracht van het openbaar ministerie had een licht afwijkende opvatting. Mogelijk faked hij. Wij noemen dat playing crazy. Niet uit te sluiten is dat er sprake is van een nagebootste stoornis.

 

Er is nog een theorie.

Avi kan heel overtuigend praten, maar draaft snel door. Hij denkt dat hij is uitverkoren om het kwade te bestrijden. Dit grootheidsdenken staat in schril contrast met de lage maatschappelijke positie die hij heeft. Van zijn leven heeft hij niets gemaakt. Ter compensatie vlucht hij in drugs, om zich toch sterk en bijzonder te kunnen voelen. De drugs werken als een turbo op zijn ernstige persoonlijkheidsstoornis.

 

Dat leidt op 1 augustus, even na drie uur ’s middags als de kinderen spelen, tot een acute psychose.

 

Was hij varkensboer geweest, dan had hij wellicht roze varkentjes gehallucineerd.

Maar hij was uitverkoren.

En zag de duivel.

 

Tweemaal moord en een poging daartoe zegt de officier van justitie niet te kunnen bewijzen. Er is geen sprake van kalm beraad.

Tweemaal doodslag en een poging daartoe wel.

 

De officier zei: ‘Als je wordt geconfronteerd met de gewelddadige dood van twee zulke jonge kinderen is het eerste wat je denkt: zo iemand moet nooit weer vrijkomen. Toch zal het recht, ook in een moeilijke zaak als deze, zijn loop moeten hebben (…). Nu de verdachte door het Pieter Baan Centrum als sterk verminderd toerekeningsvatbaar wordt beschouwd, verplicht de wet en de jurisprudentie, maar ook het rechtsgevoel, daar rekening mee te houden (…).

 

De eis: 12 jaar en TBS.

De uitspraak: 16 februari.

 

Rob Zijlstra

(Dit verhaal is overgenomen van mijn oude weblog)

 

AANVULLING

De rechtbank veroordeelde Avi C. op 16 februari 2006 wegens tweevoudige moord  en een poging tot moord tot 18 jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging.

Het gerechtshof ziet de zaak anders. In hoger beroep is C. op 17 april 2007 veroordeeld wegens doodslag (twee maal) een en poging tot doodslag tot 18 jaar celstraf. Zonder tbs dus. Van voorbedachte rade is geen sprake geweest, zo vindt het hof. Ook stelt het hof dat C. handelde in een psychose na amfetaminegebruik. 

 

Beide partijen hebben cassatie ingesteld bij de Hoge Raad.

  

C. zegt dat hij niet opzettelijk handelde, maar als gevolg van de psychose niet wist wat hij deed.

Justitie is van mening dat er wel degelijk sprake is van moord.

 

De Hoge Raad doet op 9 december 2008 uitspraak.

 

r.z.

 

 

de uitspraak (9 december 2008, rechtspraak.nl)

 

Een moordenaar

Als een militair die op orders wacht, staat Karel voor het verdachtenhekje. Benen iets uit elkaar, handen op de rug. Hij is een kleine man, draagt grote witte gympen, gemillimeterd grijs haar, dito baardje, de mouwen van zijn te ruime trui opgestroopt. Op zijn rechter onderarm een tatoeage van een draak.

Deze Karel is een moordenaar.
Dat is hij elf jaar geleden geworden.
Dat zegt niet alleen de officier van justitie – die kan wel meer zeggen – maar dat zegt Karel zelf ook.
Hij heeft Maja van Vloten vermoord, in de nacht van 13 op 14 september 1994.
Met 26 messteken in de hals, nek, borst en rug.

Drie maanden lang deed de politie destijds onderzoek. Er werden meer dan 300 passanten, mensen die regelmatig door de Meeuwerderbaan lopen en rijden, ondervraagd. PSV voetbalde die avond tegen Leverkussen meldde de politie in een advertentie in de krant, maar ook dat hielp niet. Wel werd nog een man aangehouden, maar die was Karel niet. Na drie maanden werd het rechercheteam ontbonden. De zaak Maja ging op de plank.

En terwijl die zaak daar lag te liggen, stond Karel wel tweehonderd keer op de Rademarkt voor het politiebureau, met de bedoeling naar binnen te gaan en dan alles te vertellen. Er is geen nacht voorbijgegaan dat hij er niet aan moest denken. Hij ging er onder gebukt. Na tweehonderd keer niet, stapte hij in augustus dit jaar wel naar binnen en vroeg of hij een agent kon spreken. Hij mocht blijven en werd in de daarop volgende weken veertien maal langdurig verhoord. Dat leverde een dossier op van 110 pagina’s tekst.

Vol raadsels.
Even is gedacht dat Karel de boel besodemieterde.
De politie zei: Iedereen kan wel zeggen dat ‘ie iemand heeft vermoord, wij moeten dat dan nog wel zien te bewijzen. En dat was nog niet meegevallen.
Raar vond de politie het bijvoorbeeld dat hij sommige zaken wel kon herinneren en andere niet.
Da’s wel gek, zeiden ook de rechters.
En waarom weigerde Karel mee te werken aan een verhoor onder hypnose?
“Omdat ik”, antwoordde hij de rechters toen die daar naar vroegen, “niet geloof in die hocus-pocus.”
Ook het gegeven dat Karel nooit eerder met de politie in aanraking is geweest, niet te boek stond als een gewelddadig man, riep argwaan op. Want wie doet nou nooit wat en dan ineens een bloederige moord?
Da’s ook raar.
Tot slot berichtten de psychiater en psycholoog nadat ze tussen de oren van Karel hadden gekeken, weinig abnormaals. Anders gezegd: hij is niet gek en gestoord.

De twijfel werd wat minder toen duidelijk werd dat celmateriaal afkomstig van een koordje dat weer was gevonden in het bed waarin Maja was aangetroffen, een DNA-profiel bevatte. Een summier profiel, dat aantoonde dat Karel ‘er geweest zou kunnen zijn’. Als overtuigend bewijs volstrekt onvoldoende om er iemand op te kunnen veroordelen, maar als ondersteunend bewijs is het bruikbaar.

Maar de raadselen bleven.

Niet voor Karel van O.
Wat is er nou op die avond gebeurd, vroegen de rechters.
“Ik was zwervende. Ruzie gehad met m’n ex. Toen zag ik een deur openstaan. Een slaapplekkie, dacht ik en ging naar binnen. Er was niemand in de kamer en in het keukentje. Dat vond ik wel vreemd, wie laat nou ’s avonds laat de deur openstaan? Ik liep richting de slaapkamer, plotseling springt er iemand omhoog. In een flits. Er ontstond een worsteling. Ik pakte mijn mes en stak.”

Een paar dagen later las hij in de krant dat het slachtoffer een vrouw was.
“Nee, dat wist ik toen niet. Het was er donker.”

Waarom, wilden de rechters weten, waarom heeft u het gedaan?
Karel: “Tja, dat vraag ik mij al elf jaar af. Ik had daar nooit naar binnen moeten lopen.”

Rechters: U hebt verklaard vier tot vijf keer te hebben gestoken. Er is sectie op het lichaam verricht en daaruit blijkt dat ze 26 keer is gestoken. Kunt u dat verklaren?
Karel: “Nee, het ging allemaal heel snel.”

Rechters: Waarom heeft u zich gemeld? Heeft dat te maken met uw ziekte?
Karel: “Ik heb darmkanker, maar dat is niet de hoofdzaak geweest. Misschien net het druppeltje. Het werd me gewoon te veel.”

Rechters: Hoe ziet u uw toekomst?
Karel: “…”
Op een dergelijke vraag had hij duidelijk niet gerekend.
Rechters: U zegt, zet mij maar vast.
Karel: “Ja.”

Rechters: Het is moeilijk echt contact met u te krijgen. De psychiater zegt dat u vervelende dingen vaag maakt, dat u die welbewust verzwijgt. U bent een vrij oppervlakkige man.
Karel, na een korte stilte: “Ik ben niet zo’n dikke prater.”

De rechters knikten.
Ze wisten genoeg, hadden bovendien meer te doen.

In ruim een uur was de rechtszaak dan ook ten einde.
Het Nederlandse strafrecht kenmerkt zich door een efficiënte aanpak, maar een moord in een uur afhandelen is toch tamelijk zeldzaam.

Officier van justitie Ger Souër had ook niet veel tijd nodig gehad om zijn strafvoorstel te motiveren: ernstig delict, onherstelbaar leed nabestaanden. Met het verstrijken van de tijd is het delict niet minder ernstig geworden. Dat hij de nabestaanden elf jaar in onzekerheid heeft gelaten, neem ik niet mee in de hoogte van mijn eis. Niemand hoeft mee te werken aan zijn veroordeling. Wat wel strafverzwarend moet zijn is de totale onschuld van Maja van Vloten en dan ook nog eens in haar eigen woning.
Ik vorder de rechtbank de verdachte vrij te spreken van moord, en de verdachte acht jaar gevangenisstraf op te leggen wegens doodslag. Dank u wel.

Karel had de rechtsbijstand van advocaat Cees Eenhoorn een bijzaak genoemd.
Eenhoorn schikte zich in die bijrol, maar is er de raadsman niet naar om dan maar helemaal niets te zeggen. Hij zei zo ongeveer: er zijn in Groningen nog meer oude niet opgeloste moordzaken. De rechtbank zou een signaal kunnen afgeven. Een niet al te hoge straf kan ertoe leiden dat meer daders te biecht gaan op het politiebureau. Anders gezegd: een lage straf helpt oude zaken oplossen. In dat licht, is acht jaar een verkeerd signaal. Dank u wel.

Rob Zijlstra

UPDATE – 22 december 2005 – uitspraak 
Karel is conform de eis veroordeeld tot 8 jaar celstraf

HET VONNIS

EXTRA >> TWIJFEL AAN JUISTHEID BEKENTENIS >> herziening?
.

 

Paradijs

Tussen Panka jr. en de stad bestaat een stilzwijgende afspraak.
De stad laat hem met rust, hij de stad.
Zo is dat in de loop der 25 verslaafde drugsjaren ontstaan.
Het komt nooit weer goed met Panka jr., maar dagbestedingsprojecten en de beste hulpverlener van Groningen houden hem op de been en normaliter uit de rechtbank.
Naar omstandigheden is Panka jr. een gelukkig mens.

Vorig jaar ging hij op verzoek van een kennis boodschappen doen bij het winkelbedrijf Prijzen Paradijs. Het was er druk en hij had geen zin te wachten op het verplichte winkelmandje. Een flesje parfum gleed in zijn jaszak. De rest van de boodschappen, waaronder een flesje antikalk, betaalde hij. Toen hij het Paradijs wilde verlaten, piepten de poortjes. Shit. Hij bood nog aan het flesje te betalen, maar het Paradijs vond het al te laat. De politie werd gebeld en Panka jr. moest mee naar het bureau.

De officier van justitie geloofde niet dat hij vergeten was de parfum te betalen.
Zelf zegt hij van wel.
Het flesje kostte één euro en 99 eurocent en is wederrechterlijk toegeëigend, zei de officier van justitie.
Politierechter Depping corrigeerde: “Eén euro en 94 eurocent bij Prijzen Paradijs.”

De officier wilde wel rekening houden met het feit dat Panka jr. de afgelopen drie jaar niet met de politie in aanraking is geweest. Maar er is wel een strafbaar feit gepleegd en dus vindt de officier een geldboete gepast: 140 euro. Maar omdat hij het niet breed heeft en spaart voor een reis naar Suriname, mocht dat voorwaardelijk.

Panka jr.’s advocaat stipte nog even aan dat het juridisch gezien nog maar de vraag is of er sprake is van wederrechtelijke toe-eigening. De poortjes piepten dan wel, maar hij had de winkel nog niet verlaten.

Politierechter Depping ging er niet op in: “Ik vind het diefstal en dat mag nu eenmaal niet. U heeft een omvangrijk strafblad, met tal van veroordelingen voor alles en nog wat. Eén straf staat er nog niet bij en die krijgt u nu van mij: ik verklaar u wel schuldig, maar ik geef u daarvoor geen straf.”

Buiten scheen de zon.

De officier van justitie vroeg bedenktijd op de vraag of het openbaar ministerie van zins is hoger beroep aan te tekenen.

Panka jr. was tevreden en opgewekt vertelde hij de rechter dat hij nu weer naar zijn dagbesteding ging om te werken. De rechter bedankte hem voor zijn komst.

Maar buiten de rechtszaal wachtte op de gang de verrassing: medewerkers van de parketpolitie hadden ontdekt dat er nog twee boetes openstonden. Panka jr. werd aangehouden en voor de keuze gesteld: betalen of mee en een paar dagen zitten.

Toen kwam de beste hulpverlener van Groningen.
Had hij Panka jr. niet op het hart gedrukt vooral naar de rechtbank te gaan om zijn strafzaak bij te wonen? Met een beetje de wind mee levert dat doorgaans de laagste straf op.
Dat klopte ook, maar er was buiten de parketpolitie gerekend.
Panka jr. stond er wat beteuterd bij: 200 euro had hij nooit.

De beste hulpverlener van Groningen restte maar een ding.
Hij pakte zijn bankpasje en vroeg: “Kan ik ook pinnen?”

Dat kon.

Rob Zijlstra
(dit verhaal is afkomstig van mijn oude blog)

.

Panka jr. is woensdag 19 januari 2011 om 13.00 uur in het UMCG (ziekenhuis) overleden. In Suriname is hij nooit meer geweest.
De VPRO heeft een documentaire (1999) uitgezonden over de vader van Panka jr. – Frank en Eva

zwarte lijst

Pal voor de ingang van de rechtbank van Groningen staat een glimmende Mercedes. Sportmodel. Dat zegt niets, hoewel parkeren daar erg verboden is.

Binnen dient een kort geding. De Vereniging van Kamers van Koophandel en Fabrieken (VVK) is gedaagd door het bedrijf Infosite BV uit Groningen. De Kamer van Koophandel heeft op haar website een zwarte lijst (‘signaallijst’)gepubliceerd waarop ook de naam Infosite pronkt.

Infosite is daarover niet te spreken.

Infosite is een keurig bedrijf dat via speciaal daarvoor opgeleide telefonisten vanuit een callcenter, advertenties lospeutert bij ondernemend Nederland. Die advertenties (of naamsvermeldingen) worden dan weer gepubliceerd op internetsites. Dat is goed voor de handel.

Er gaan miljoenen euro’s om in deze branche. Honderden miljoenen zelfs, schreef de KvK begin maart in een persbericht. Een aanzienlijk deel van al dat geld komt in malafide handen terecht. Bij bijvoorbeeld de mannen van Infosite.

Beweert de VVK.

Infosite is helemaal niet zo’n keurig en correct bedrijf, zo hield de VVK-advocaat de kort gedingrechter voor. Hij gaf een voorbeeld: Bedrijven worden ongevraagd benaderd met het verzoek of zij voor ongeveer honderd euro een vermelding willen in een digitale bedrijvengids. Veel ondernemers willen dat. Ongeveer honderd euro is te overzien en zo diep zit ondernemend Nederland nou ook weer niet in het dal. Maar, zo ging de VVK-advocaat verder, als puntje bij paaltje komt blijkt de ondernemer sluw te zijn misleid; hij moet iedere maand ongeveer honderd euro betalen. En dat drie jaar lang. Daarmee is een vermelding op een internetsite wel weer heel erg duur. De advocaat zei: “De ondernemer loopt in een zorgvuldig uitgegraven valkuil.”

De Infosite-advocaat vindt het allemaal maar de wereld op de kop. De als zeer betrouwbaar bekendstaande organisatie als de Kamer van Koophandel heeft de verplichting heel zorgvuldig om te gaan met het plaatsen van bedrijven op zwarte lijsten. Zodra ze een bedrijf aan de schandpaal nagelen, moeten ze ook de harde bewijzen hebben dat zo’n bedrijf de kluit belazert. Kunnen ze dat niet hard maken dan is een vermelding op een zwarte lijst onrechtmatig, schandelijk en schadelijk.

De Infosite-advocaat zei dat het niet zo kan zijn, zoals nu het geval wil, dat een bedrijf haar eigen onschuld moet aantonen. Maar om toch een beeld te geven: Infosite probeert zich juist door allerlei interne gedragscodes te onderscheiden van de malafide branchegenoten. Het moederbedrijf van Infosite, Website Services BV, is nota bene shirtsponsor van de voetbalclub Veendam (eerste divisie). Nou dan.

Kortom: kort geding. De uitspraak is op 5 april.

Niet lang na afloop van de ruim twee uur durende zitting rijdt de glimmende Mercedes, sportmodel, zonder bon van de verboden parkeerplek. Niet relevant, maar snelle jongens zijn het wel, die advertentieverkopers.

Rob Zijlstra

dit verhaal is overgenomen van mijn oude website