De aanslag

Tijdens de lunchpauze, rond half een, besluit Guus (26) een ommetje te maken.
Hij kan als alles goed gaat als management trainee aan de slag bij Theodorus Niemeyer. Hij doet een assessment en er staat hem een zwaar middagprogramma te wachten.

Wat frisse lucht zal hem goed doen.
Bij de kruising ziet hij een man staan.
Het lijkt wel of hij de weg zoekt.
Hij loopt door, de man voorbij.

Zelfde dag, ergens anders in de stad Groningen.

David is niet naar school gegaan, bewust niet.
Hij gaat naar de binnenstad en drinkt ergens een glas cola.
Dan pakt hij de bus naar het zuiden van de stad.
Hij weet wat hij daar moet doen en ook waar.

Bij de kruising ziet hij een man lopen.

Die man past bij de beelden in zijn hoofd.
Want het moest geen oude man, vrouw of kind zijn.
Het moet iemand zijn die aan hem is gewaagd, geen zwak persoon.
Op de kruising houdt hij zijn pas een beetje in, zodat de man hem wel moet passeren.

Een seconde later roept David ‘godverdomme, ja’ en steekt een mes met kracht in de hals van Guus.
Dan rent hij weg.

Guus voelt hevige pijn, hij voelt hard metaal in zijn nek.
Met zijn hand voelt hij een gat onder het rechter oor.
De punt van het mes – dat is afgebroken – voelt hij naast zijn adamsappel.
Hij wil schreeuwen, maar er komt geen geluid.
Hij denkt dat hij doodgaat.
De plas bloed wordt groter.
Hij vecht om niet buiten bewustzijn te raken.
Bang dat hij zal stikken in bloed legt hij het hoofd op de stoeprand.
Een bus van Arriva stopt, de chauffeur verleent eerste hulp.
Toevallig passeert een ambulance.

Als de officier van justitie de gebeurtenissen op die klaarlichte dag schetst, is het beklemmend stil in zittingszaal 14 waar al veel akelige verhalen zijn verteld.
Ik zie dat een van de rechters zijn hand even over zijn eigen hals laat glijden.
De advocaat zegt dat ook hij er koude rillingen van krijgt.

David zit onbeweeglijk in zijn stoel, de vingers gespreid op de knieën, het hoofd gebogen.

Hij was weggerend, terug naar de binnenstad.
Hij zegt: ‘Ik wilde iets voelen. Ik dacht als ik zo iets ergs doe, dan moet er wel een gevoel naar boven komen.’
Rechters: ‘Maar dat gebeurde niet.’
David: ‘Nee.’

Even later zegt hij: ‘Ik moet eerlijk zijn. Zodat ik een terechte straf krijg. Ik vind het een laffe actie. Ook voor de nabestaanden vind ik het heel erg. Ik baal van mezelf.’

In het Pieter Baancentrum had hij gezegd dat hij ontzettend veel straf moet krijgen.
De gedragsdeskundigen verklaren David sterk verminderd toerekeningsvatbaar.

De rechters: ‘U kon het met uw eigen wil niet voorkomen.’
David: ‘Nee. Ik zal elke straf accepteren.’

Toen het gebeurde, was hij net twee weken 18 jaar.
David wordt omschreven als een intelligente jongen, zonder strafblad, maar vol spanningen.
Hij was bang, bang dat hij een stoornis had.
Hij had gelezen en ontdekt dat hij misschien wel autistisch is.

Zo was het idee in zijn hoofd ontstaan.
Hij zou iemand, iemand die het goed heeft, iets moeten aandoen.
Neersteken.
Desnoods vermoorden.
Dan zou hij iets voelen.

Dit idee had zich in zijn hoofd vastgezet.
En omdat het in zijn hoofd zat, moest het gebeuren.
Hij kon zijn voornemen wel uitstellen, maar niet afstellen.

Heel bewust was hij die dag niet naar zijn school gegaan, bang dat hij een medeleerling iets zou aandoen.
Daarom pakte hij de bus naar zuid, naar daar waar de mensen wonen die het in zijn beleving goed hebben.

Op de kruising keek hij om zich heen, alsof hij de weg zocht.
Maar hij zocht een slachtoffer.
En zag toen Guus die hij nooit eerder had gezien.

Nadat David was weggerend en gevoelens uitbleven, rende hij door, naar zijn moeder en vertelde haar alles.
Hij zei dat ze de politie moest bellen.
Moeder belde 112 en bracht haar zoon naar het bureau.

De politie onderzocht zijn computers en zag dat hij recent in Google vooral zoektermen als moord en tbs had gebruikt.
Gedragsdeskundigen vermoeden het syndroom van Asperger. Als gebeurtenissen in het leven van David niet verlopen volgens een vast patroon, leidt dat tot enorme spanningen die hij niet kan omzetten.
Agressieve films geven hem rust, die verlossen hem van zijn kwellingen.
Fictie en werkelijkheid kan hij niet scheiden.

Deskundigen adviseren een tbs met voorwaarden.
In Warnsveld bestaat een speciale kliniek. David kan er op 16 november al terecht.
Want dat is het beste voor hem, dat hij zo snel als mogelijk kan beginnen met een intensieve behandeling.

De advocaat zegt dat dit uiteindelijk ook het belang is van de maatschappij, dat David snel wordt behandeld.

Dat vindt de officier van justitie ook wel.
Maar zij zegt dat ze in een spagaat zit.
Dat ze de belangen van David (snel naar Warnsveld) moet afwegen tegen het belang van vergelding die recht doet aan het slachtoffer en die de maatschappij verlangt.

Dat de kans op herhaling volgens de deskundigen klein is, noemt ze nogal verbazingwekkend.
Ook in detentie – David zit sinds 23 februari vast – zijn er twee incidenten geweest.
Ze eist daarom vier jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging voor een poging tot moord.

Hoewel David het een paar keer heeft over nabestaanden, gaat het met Guus naar omstandigheden redelijk.
Hij was niet aanwezig in zittingszaal 14 om een confrontatie met de man die hij op de kruising passeerde, maar nooit heeft gezien, te voorkomen.
Dat wil hij zo houden.
Hij kan weer praten, zij het met moeite en met zachte, hese stem die misschien altijd zo zal blijven.

Rob Zijlstra

UPDATE – 16  november 2009 – uitspraak
De rechtbank heeft geen uitspraak gedaan omdat ze zich onvoldoende voelt geïnformeerd. De rechters willen meer weten over de persoon van de verdachte. Er was een advies hem tbs met voorwaarden op te leggen, de officier van justitie eiste een tbs met dwangverpleging. Tijdens detentie zijn er twee incidenten geweest waarbij David aangaf een medegedetineerde iets aan te willen doen. Dat meldde hij. Nadat hij was overgeplaatst verwondde hij zichzelf. Voor de rechtbank zijn deze incidenten reden om aan de gedragsdeskundigen van het Pieter Baancentrum nadere vragen te stellen. Een en ander betekent dat het onderzoek wordt heropend en dat er een nieuwe zitting komt.

Met dit tussenvonnis geeft de rechtbank aan een tbs met  dwangverpleging vooralsnog een stap te ver te vinden.

.

UPDATE – 22 februari 2010 – uitspraak
David is veroordeeld tot 3 jaar celstraf en tbs met dwangverpleging. De celstraf is iets lager dan de eis (4 jaar) vanwege de jonge leeftijd van de verdachte. Een tbs met voorwaarden – behandeling buiten een kliniek – ziet de rechtbank niet zitten. Uit het oogpunt van de veiligheid is het geboden dat David een tbs met dwangverpleging wordt opgelegd. Hiermee gaat  de rechtbank in tegen het advies van het Pieter Baancentrum. Het advies luidde om een tbs met voorwaarden op te leggen. Volgens de deskundigen zou David moeten worden behandeld in een kliniek die is gespecialiseerd in de problematiek van de verdachte. David  lijdt aan het syndroom van Asperger.

Hij mag zijn detentie wel in een (beveiligde) psychiatrische inrichting ondergaan. Aan het slachtoffer moet hij 9600 euro betalen.