Weliswaar schuldig

Pyrrhus, de koning van Epirus, won twee veldslagen tegen de Romeinen, maar verloor daarbij een groot aantal mannen. Toen een van zijn generaals hem met zijn overwinning wilde feliciteren zou hij hebben opgemerkt: ‘Nog één zo’n overwinning en ik ben verloren.’ [wikipedia]

 


Keurig misdaadgeld, mag je dat houden?

Schermafbeelding 2016-01-13 om 16.04.47

achterdeur

Worden de twee Bierumer wietkwekers die schuldig werden verklaard, maar geen straf kregen opgelegd, vandaag donderdag alsnog via de portemonnee bestraft?
Het zou zo maar kunnen.

Donderdagmiddag doet de rechtbank in Groningen uitspraak in de ontnemingsprocedure die het Openbaar Ministerie vorig jaar tegen hen begon.
John en Ines hebben hennep geteeld en verkocht.
Hennep telen is strafbaar en het verkopen aan koffieshops wordt niet gedoogd.
De opbrengst is dus wederrechtelijk: het is misdaadgeld.
En omdat het kwade niet mag lonen, moet het verdiende geld worden ingeleverd.
Het geld gaat dan naar de staatskas en daarmee is het van ons allemaal.

De tegenwerping van de advocaten van de Bierumers, Sidney Smeets en Tim Vis, is dat zij belasting hebben betaald over de verdiensten.
Daarmee kan niet meer gesproken worden van misdaadgeld.
Het Openbaar Ministerie ziet dit anders.
De inbreker die zijn buit opgeeft als inkomsten, kan een aanslag verwachten van de fiscus, zei de officier van justitie.
Hij zei ook: ‘De belastingdienst heeft geen moreel oordeel over inkomsten.’

Het is nog iets complexer.
John en Ines stonden terecht wegens de hennepteelt.
Ze zijn zogenaamde principiële henneptelers.
Zij vinden dat de manier waarop zij hennep telen, de manier is waarop het zou moeten.
Met hoe zij het doen, zouden ze bijvoorbeeld de criminaliteit rond hennepteelt een flinke slag toebrengen en zou de staatskas er flink van profiteren.

Nu is het net andersom.

De rechtbank ging er  in mee en oordeelde dat de twee telers zich weliswaar schuldig hebben gemaakt aan een strafbaar feit, maar dat ze daarvoor geen straf verdienen.
Wat ze deden en vooral de manier waarop, past binnen de uitgangspunten van het Nederlandse softdrugsbeleid, vonden de rechters in Groningen.
Volksgezondheid en het handhaven van de openbare orde wegen daarin zwaarder dan de strafrechtelijke aanpak van softdrugs.

De Bierumers… 

hebben openheid van zaken gegeven over het feit dat zij zich bezig hielden met de hennepteelt

hebben de benodigde elektriciteit op een verantwoorde en veilige manier afgenomen en de elektriciteitsrekeningen aan de leverancier betaald

hebben naast hun drugsinkomsten geen uitkering

hebben hun inkomsten en administratie bijgehouden, deze inkomsten opgegeven aan de belastingdienst en daarover ook belasting betaald

hebben geen chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt, er was geen sprake van een brandgevaarlijke situatie en er is geen overlast in de nabije omgeving geconstateerd

hebben enkel en uitsluitend willen afleveren en afgeleverd aan twee gedoogde coffeeshops, van grensoverschrijdende verkoop is voorts evenmin gebleken.

[uit het vonnis]

Diezelfde drie strafrechters moeten nu opnieuw met een oordeel komen over het keurig verdiende, maar vermeende misdaadgeld.
Kun je iemand geen straf opleggen omdat-ie het keurig heeft gedaan om vervolgens wel de verdiensten als misdaadgeld te bestempelen dat afgedragen moet worden?
Het gaat in deze zaak – volgens de berekeningen van het OM – om 174.988 euro.

Juridisch kan het.
John en Ines hebben de wet overtreden.
Daaraan zijn ze schuldig.
Het feit is dus bewezen en dat impliceert dat de verdiensten wederrechtelijk zijn verkregen en dus ook dat er moet worden afgerekend.
Ook keurige misdaad mag niet lonen.

In de geest van de uitspraak ‘wel schuldig, geen straf’ kan de rechtbank de hoogte van het ‘wederrechtelijk verkregen voordeel’ bepalen om vervolgens de terugbetalingsverplichting op nul euro vast te stellen.
Dat doen rechters wel eens vaker.

citaat ag

Of…
Het Openbaar Ministerie ging tegen de schuldigverklaring zonder straf in hoger beroep.
Het gerechtshof in Leeuwarden verklaarde de Bierumers eveneens schuldig, maar legde ook een straf op: drie maanden voorwaardelijke celstraf, gekoppeld aan een proeftijd van drie jaar.
De rechtbank in Groningen kan aansluiting zoeken bij dit arrest van de hogere rechters.
Dan zeggen de Groninger rechters dat een straf via de portemonnee bij nader inzien passend en geboden is.

De uitspraak is rond 13.00 uur en via @zittingszaal14 ‘live’ te volgen.

Rob Zijlstra

update – 14 januari 2016 – uitspraak
Het gaat bijna altijd (vaak, soms) weer anders dan je vooraf inschat. De rechtbank heeft het onderzoek heropend want voelt zich onvoldoende geïnformeerd, sprak de voorzitter. Het komt erop neer dat de rechtbank  de uitkomst van de lopende cassatie bij de Hoge Raad wil afwachten. Zodra er duidelijkheid is in de hoofdzaak, kan dan een beslissing worden genomen in de ontnemingsprocedure.  Een en ander kan nog wel een jaar op zich laten wachten. Eerste reactie van in rechtbankgebouw loslopende juristen: ‘Ja, eigenlijk wel logisch.’ Ook John laat weten zich te kunnen vinden in het tussenvonnis. ‘Ik begrijp het wel.’

het tussenvonnis 

 

update – 15 december 2017 – uitspraken ontneming
De Bierumer wiettelers moet hun met hennep verdiende geld inleveren, zo oordeelt de rechtbank. Het gaat om 175.000 euro. Het hoger beroep is aangekondigd. Het hoe en waarom van de uitspraak staat in het vonnis (zie hieronder).

vonnis

 

 

Schermafbeelding 2016-01-13 om 16.16.43

Haalt Bierumer wietproces de geschiedenisboeken? [dvhn, 2 april 2014] link
Verslag strafzitting rechtbank Groningen [blog, 12 oktober 2014] link
Vonnis rechtbank Groningen [rechtspraak.nl, 16 oktober 2014] link
Arrest hof Leeuwarden, hoger beroep [rechtspraak.nl, 9 november 2015] link
Zitting ontnemingsvordering rechtbank Groningen [blog, 3 december 2015] link

 

Hetzelfde liedje

de belastingdienst heeft geen
moreel oordeel over inkomsten

Schermafbeelding 2015-12-03 om 23.45.49Het is steeds maar weer hetzelfde liedje.
De verkoop wordt gedoogd, de inkoop is strafbaar en wordt ook vervolgd omdat de rechtsorde nu eenmaal dient te worden gehandhaafd.

Jawel, er is volop discussie, de officier van justitie is ook niet doof, zegt hij tegen hen die horen willen.
Hij zegt: ‘Er is veel discussie in de kranten en op sociale media. Maar er zit geen lijn in die discussie. Welke kant gaat het op? Wat vindt Nederland?’

De officier van justitie vervolgt: ’Ik kies voor de klassieke benadering. De discussie over de regulering van de wietteelt dient niet gevoerd te worden in de rechtszaal. Wij kennen een scheiding der machten en die machten moeten elkaar niet in de weg gaan zitten. De discussie is aan de wetgever.’

De officier van justitie concludeert: ‘Pas na een breed gevoerd en uitgekristalliseerd debat kan de hennepteelt worden gedoogd.’

En dus vindt de aanklager dat de twee Bierumer wietkwekers de winst die ze in de voorbije jaren hebben gemaakt, moeten afdragen aan de staat.
Het gaat – zou gaan – om 175.000 euro.
Misdaad mag immers niet lonen, daar is in Nederland wel een breed draagvlak voor.

De Bierumer wietkwekers John (50) en Ines (40) zaten vorig jaar oktober tegenover dezelfde drie rechters waar zij donderdag ook tegenover zaten.
Het ging ook donderdag om hetzelfde liedje, over de hypocrisie van de achterdeur, over de hypocrisie van het failliete gedoogbeleid rond softdrugs, een beleid dat de georganiseerde misdaad in de kaart speelt en dat maakt dat de fiscus miljoenen euro’s misloopt.

Nog even in het kort kort: Jonn en Ines deden het netjes.
Ze deden geen overlast, geen brandgevaarlijke toestanden, wel biologisch, geen diefstal van de stroom (maar gewoon betalen), zo ook het betalen van belasting, ze deden een transparante boekhouding, inclusief facturen. Ze leverden alleen aan door gemeenten gedoogde coffeeshops, ze leverden van hoge kwaliteit, maar niet tegen de hoogste prijs. Weg met de criminaliteit.

De rechtbank in Groningen oordeelde dat een dergelijke gezonde manier van hennep kweken past binnen het gedoogbeleid.
John en Ines werden wel schuldig bevonden (vonden ze zelf ook), maar de rechtbank legde geen straf op.
Even zag het er naar uit dat dit een doorbraak zou zijn in het Nederlandse hennep- en coffeeshopbeleid, maar de gelukkigen die die dat riepen, juichten te vroeg.
Het Openbaar Ministerie ging in hoger beroep en het gerechtshof in Leeuwarden maakte korte metten met het Groninger vonnis: schuldig met straf.

En nu is er dus de ontnemingsvordering van het wederrechtelijk verkregen voordeel: 175.000 euro.
De Amsterdamse advocaten Sidney Smeets en Tim Vis vinden de vordering niet terecht.
Sowieso klopt de hoogte van de vordering bij lange na niet.
Maar principiëler, Bierum, het lichtende voorbeeld, heeft niks misdaan.
Het geld dat werd verdiend, is niet wederrechtelijk verkregen.
Er is, zeggen Smeets en Vis, immers belasting over betaald.

In koor tegen de rechters: ‘Twee idealistische wietkwekers moeten bloeden omdat een moedige wetgever ontbreekt. John en Ines leverden een bijdrage aan een oplossing. De vordering moet dus worden afgewezen. En rechters, dat is geen politiek statement, maar een bevoegdheid die u van de wetgever heeft gekregen.’’

De officier van justitie schudt het hoofd.
Hij weet: ‘De belastingdienst heeft geen moreel oordeel over inkomsten. Het betalen van belasting betekent dus niet dat inkomsten automatisch legaal worden. De inbreker die zijn buit opgeeft als inkomsten, kan een aanslag verwachten van de fiscus.’

Smeets en Vis zeggen dat Jon en Ines na het arrest van het hof zijn gestopt met het telen van wiet. Zij hebben nu geen inkomsten. Ze kunnen die vordering dus nooit betalen. Ze raken na zo veel inzet zelfs aan de bedelstaf.’

De officier van justitie haalt de schouders op, dat hoort hij vaker van wietkwekers.
Zegt, standaard: ‘Nu kunnen ze misschien niet betalen, maar in de toekomst wellicht wel. Ze zijn nog jong.’

Er zijn laatste woorden.

John zegt dat justitie hen het leven behoorlijk zwaar heeft gemaakt. ‘Er is een probleem waarvoor wij de oplossing hebben. Door open en transparant te zijn hebben we onze verantwoordelijkheid genomen.’
Ines vult aan: ‘Wij hebben geen schade berokkend, wij hebben geprobeerd de situatie te verbeteren.’

De officier van justitie heft zijn armen niet ter hemel.
Wel zegt hij: ‘Ja. Het moet anders. Maar de grote vraag is: hoe dan? Dat is aan de wetgever.’

De drie Groninger rechters zeggen dat ze voor 14 januari 2016 vonnis zullen wijzen en trekken zich terug.

Elders draait Armand zich om in het graf.
Niettemin, er is nog hoop.

Rob Zijlstra

 

het rechtbankverslag van eerdere zitting [okt ’14, inclusief vonnis rechtbank] 

 

Over wijsheid en een invaljuf

cropped-charlie.pngAls het waar is dat de misdaad bestreden moet worden middels het strafrecht dan heeft braaf Groningen een beroerde week achter de rug.
Het aantal strafzaken dat in het voormalige doveninstituut aan het Guyotplein werd behandeld, was nog nooit zo laag als deze week.
De oorzaak mag inmiddels bekend zijn: de politie heeft het zo druk dat er geen tijd overblijft boeven te vangen en misdaadonderzoek te doen waardoor het Openbaar Ministerie te weinig dossiers krijgt aangeleverd waarmee officieren van justitie naar de rechtbank kunnen lopen.
Gevolg: lege rechtszalen en schaterlachende slechteriken.
Geen nood, in de loop van 2016 wordt alles beter, zo is beloofd.

De strafrechtweek begon maandagochtend ook nog eens met een ontzettend lelijke strafzaak bij de politierechter.
Klas 4 van het Hogeland College uit Warffum was er met de invaljuf getuige van.
De verdachte heette Appie.
Hij moest terechtstaan omdat hij zijn vrouw, ex, had bedreigd met geweld.
Hij had tegen haar geroepen: ‘Ik maak je hele gezicht kapot.’
Een mevrouw die op de fiets passeerde, hoorde het en stapte verontwaardigd af.

Terwijl Appie riep – geroepen zou hebben – trok hij aan zijn dochtertje van 7 jaar dat hij acht maanden niet had gezien.
Zijn ex trok tegelijkertijd aan de andere kant van ook haar dochter.
De mevrouw op de fiets zei tegen de politie: ‘Hij keek heel woest.’
Appie ontkent de lelijke woorden, maar de officier van justitie zegt dat als twee vrouwen beweren dat het zo is, dat dan het wettige en overtuigende bewijs is geleverd.

Deze kleine misdaadgeschiedenis speelde zich af op 29 december 2012.
Het lelijke is dat het Openbaar Ministerie welgeteld 646 dagen, dat is afgerond 22 maanden, nodig had deze kwestie voor te leggen aan de rechter.
De ex had nog een e-mail gestuurd waarin stond dat het allemaal goed is gekomen, dat hij weer lief voor haar is en andersom, dat Appie zijn dochter die hij toen zo lang niet had gezien alleen maar even een knuffel had willen geven, dat ze het nu samen weer proberen, ook al omdat ze samen wijzer zijn geworden.

De officier van justitie is niet geroerd, maar spreekt streng van een ernstig feit.
Ze dreigt met een werkstraf, maar eist een boete van 350 euro.
De politierechter denkt niet na maar weet direct wat wijsheid is.
Hij zegt dat twee vrouwen samen wettig en overtuigend zijn en dus dat Appie zich schuldig heeft gemaakt aan bedreiging met geweld.

De rechter: ‘U bent dus schuldig, maar ik leg u geen straf op, het is veel te lang geleden, straf heeft dan geen enkel zin. Dat was het, ik dank u voor uw komst.’

De invaljuf moet het in de klas maar eens uitleggen.

Schermafbeelding 2014-10-12 om 00.55.49Wel schuldig, maar geen straf is ook de inzet van een strafzaak waarin de rechtbank de komende week uitspraak doet.
Deze zaak kenmerkte zich door grote schoonheid.
Het is echt niet alleen kommer en kwel in de rechtbank.

De schoonheid zat in de twee verdachten die principieel de wet overtreden om de wereld (in Nederland) iets beter en aangenamer te maken, in de prettige wijze waarop de rechters deze twee verdachten ondervroegen en vooral in het pleit van de twee advocaten, Smeets en Vis.
Die twee proberen het Nederlandse coffeeshopbeleid omver te kukelen.

Heel verhaal, te boek gesteld op 48 A-viertjes.
De twee verdachten telen al jaren hennep onder de rook van de grote, vieze kolencentrale in de Eemshaven.
Ze telen biologisch, zonder brandgevaar, ze betalen de hoge energierekening, heel veel belasting en leveren aan twee coffeeshops die door de overheid worden gedoogd.
Het is het verhaal dat de overheid toestaat dat er wiet wordt verkocht, maar het niet toestaat dat er wiet wordt geteeld om te kunnen verkopen aan coffeeshops.

Uitademen mag, maar inademen niet. Zoiets.

Smeets en Vis hebben argumenten bedacht die de rechters ertoe moeten bewegen dat ze de twee eigenwijze wiettelers wel schuldig verklaren (ze bekennen ook), maar dat er geen straf wordt opgelegd.
Dat moet dan de doorbraak zijn: wiettelers kunnen met zo’n uitspraak mits ze het netjes doen, hun gang gaan.
De legalisatie van de ‘achterdeur’ is daarmee een stapje dichterbij, iets waar onder anderen burgemeesters al lang op aandringen.

Smeets en Vis zeiden bijvoorbeeld dat de twee verdachten leveren aan de coffeeshop in Stadskanaal die daar door de gemeente in het leven is geroepen.
De overheid is daarmee uitlokker en medepleger.
En het kan toch niet langer zo wezen dat diezelfde overheid datgene wat ze uitlokt en medepleegt strafbaar stelt.

Komt bij dat de twee telers zich in hun bedrijfsvoering gedragen als een bedrijf (inclusief een ordentelijke administratie) en door de overheid – de Belastingdienst – ook zo worden behandeld.
Een ander argument is dat de twee wiettelers met hun handelwijze de hennepteelt uit de criminele sfeer halen, kwaliteit garanderen en geen overlast veroorzaken: de twee eigenwijzen zijn kortom de ideale oplossing.

Smeets en Vis voegen daar nog aan toe dat als ook de nette hennepteelt verboden blijft, de brandgevaarlijke teelt op zolderkamertjes door criminelen dan blijft voortbestaan, niet in de laatste plaats gestimuleerd door het Openbaar Ministerie.
Ze zeggen: ’De door de overheid gedoogde coffeeshop verwordt met huidig beleid tot een doorgeefluik van de georganiseerde criminaliteit.’

De officier van justitie kijkt niet vooruit, maar roept de hulp in van vroeger, van Charles de Montesquieu (1689 – 1755 – ’vrijheid is het recht om alles te doen wat de wet toestaat’) en de trias politica (scheiding der machten).

De officier van justitie zegt dat als het beleid van de overheid anders moet, de rechtszaal dan niet de plek is om dat voor elkaar te boksen.
Ga dan maar naar Den Haag, naar de Tweede Kamer, naar de wetgevende macht.
Die moet de uitvoerende macht dan in een andere richting sturen.
Een scheidsrechter, wil de officier van justitie maar zeggen, bepaalt de spelregels immers ook niet.
Ieder zijn rol, dat zijn de regels, zo is het afgesproken.

Smeets en Vis zijn het daar niet mee eens.
Rechters gaan over de strafwaardigheid en een moedige rechterlijke macht kan in de rechtszaal heus besluiten twee eigenwijze wiettelers schuldig te verklaren, maar hen geen straf op te leggen.

Voor klas 4 van het Hogeland College in Warffum: ook dit kan de invaljuf wel even uitleggen.

Rob Zijlstra

cropped-charlie.png Charlie

 

UPDATE – 16 oktober 2014 – uitspraak
De Bierumer wiettelers zijn schuldig, maar verdienen geen straf. Wat zij doen en hoe ze het deden past in het Nederlandse coffeeshopbeleid, vinden de rechters. De advocaten Smeets en Vis: ‘Dappere rechters.’

Het vonnis is hier te lezen

.

update – 26 augustus 2015
Het Openbaar Ministerie heeft na een herhaling van haar standpunten opnieuw werkstraffen (180 en 120 uur) en voorwaardelijke celstraffen (6 en 3 maanden) geëist tegen de twee Bierumer wiettelers. De verdediging (Smeets & Vis) bepleitten een niet-ontvankeliheid van het OM.  → dvhn