Publieke werken

publiqIn de toekomst wordt de geschiedenis van het nu geschreven.
Vast en zeker worden dan enige alinea’s geschonken aan de crisissen van vandaag.
Aan de banken- en financiële crisis, de normen en waarden crisis, over graaiende mannen en vrouwen en het waarom in historisch perspectief.
Zoals vaker over vroeger gaat de aandacht uit naar de groten, naar de allergrootste grabbelaars in dit geval.
Naar de heren van de banken en de fondsen die het land ontvluchtten, naar de mannen van de semipublieke sector die zich als koningen mochten gedragen.

Die geschiedschrijving zal geen recht doen aan de mannen (en vrouwen) die in de onderste regionen hun graantjes meepikten.
De kans dat bijvoorbeeld Boudewijn van de plantsoenendienst in Winschoten de boeken zal halen is niet groot.

Ambtenaren doen, ook in Oost-Groningen, soms mallotige dingen.
In Winschoten ging de plantsoenendienst eerst gemeentewerken heten en moest toen zo nodig worden geprivatiseerd.
De schoffelbrigade was plots in dienst van NV Winschoten Publieke Taken.
Afgekort: Publiq.
Met een q.
In Winschoten.

Boudewijn kon er via een uitzendbureau aan de slag als financieel administratief medewerker met een bijbehorend salaris.
Dat was in april 2003.
Het zou daarna snel gaan en acht jaren duren.
Hij schopte het tot financieel manager en hij mocht al snel alle belangrijke beslissingen nemen.

Boudewijn jammert tegen zijn rechters dat het niet had mogen gebeuren.
En dat hij het niet terug kan draaien.
Hij wilde zijn gezin beschermen, tegen de enorme schulden die er waren.
Zegt dat hij alleen nog maar aan het overleven was, terwijl het geheim dat hij meedroeg steeds groter en zwaarder werd.
Veel vrienden van toen, hebben hem de rug toegekeerd, zijn vrouw is nu na 25 jaar zijn ex.

De officier van justitie had een rekensom gemaakt, vanaf het moment dat Boudewijn als uitzendkracht in dienst kwam tot aan de ontmaskering.
Iedere maand grabbelde hij 5.000 euro extra aan inkomsten bijeen en dat ruim acht jaar lang. Opgeteld: een half miljoen euro.
Gemeenschapsgeld, benadrukt de officier van justitie.
Boudewijn: ‘Het was gewoon te gemakkelijk.’

Als financieel manager verhoogde hij voortdurend zijn salaris en gaf hij zichzelf gratificaties, met listige kunstgrepen schreef hij grote geldbedragen van de Publiq-rekening naar zijn privé-rekening, afgedekt door valse facturen die met knip- en plakwerk in elkaar waren geflanst.
Ook graaide hij 20.000 euro uit een kas waar contant geld in zat.
Ging hij op vakantie naar Denemarken of Tsjechië, dan pinde hij met heel het gezin met zijn (ons) Publiq-pasje.

Zo leefde Boudewijn vrolijk en op grote voet.

De rechters merken op dat Boudewijn heeft verklaard dat hij ging stelen om zijn schulden af te lossen. Dat dat zijn motief was.
Maar dat hij in al die jaren nauwelijks schulden afloste.
In plaats daarvan kocht hij een keer een dure auto.
Boudewijn luistert met het hoofd gebogen.

Rechters: ‘Het gaat om enorme bedragen. Waar is al dat geld gebleven?’
Boudewijn zegt dat hij daarop het antwoord schuldig moet blijven.
Rechters: ‘Toe nou.’
Boudewijn: ‘Ik weet het niet.’
De rechters blikken: en-dat-moeten-wij-geloven?

De rest van Publiq-Winschoten keek kennelijk acht jaren lang toe met de ogen dicht.
Was dat zo?
Wat zegt de man die directeur was van Publiq?
Hij is als getuige opgeroepen en moet in de rechtszaal onder ede de waarheid vertellen.
De man zegt dat hij van beroep directeur is, op tal van plaatsen en plekken.
De burgemeester van Winschoten had hem persoonlijk gevraagd Publiq onder zijn hoede te nemen.

De beroepsdirecteur kan de rechters niet veel vertellen, laat staan wijzer maken.
Eerder wilde hij niet meerwerken aan het onderzoek.
Nee, hij bemoeide zich niet met salarissen.
Wat de manager deed?
Geen flauw idee.
Misschien wel ballonnetjes opblazen.
Daar bemoeide de algemeen-directeur zich dus niet mee.
Deed hij de functioneringsgesprekken?
Nee, zegt de algemeen-directeur van Publiq, ik hield niet van functioneringsgesprekken.’

De rechters: ‘Verdachte beweert dat u op de hoogte was van zijn salarisverhogingen en gratificaties.’
De getuigende directeur: ‘Zeker weten van niet.’
Verdachte: ‘Hij zei, jij bent de baas en daar hoort een passend salaris bij, regel het maar.’
De rechters: ‘Zit de algemeen-directeur dan te liegen onder ede?’
Verdachte: ‘Misschien is hij het vergeten?’

Boudewijn zegt dat hij nog veel schaamte voelt over wat er is gebeurd, maar dat hij langzaam weer aan het opkrabbelen is.
Hij moet 693.000 euro aan de gemeente Winschoten terugbetalen, dat is inclusief wettelijke rente en proceskosten.
Om niet bij diezelfde gemeente de hand op te hoeven houden, is hij voor zichzelf begonnen.
Met een eigen bedrijfje, niet ontevreden, hoopt hij zijn toekomst in te gaan.

De officier van justitie wil iets anders: ‘Ruim 5.000 euro per maand extra, acht jaar lang een extreem luxe leven, alleen een lange gevangenisstraf is dan op z’n plaats: 24 maanden, 8 voorwaardelijk.’
De kans dat Boudewijn de geschiedenisboeken zal halen, is zoals gezegd bijzonder klein.
Maar hij heeft wel zijn best gedaan.

Rob Zijlstra

 

UPDATE – 1 maart 2013 – uitspraak
De rechtbank heeft gesproken: alle feiten bewezen. De afrekening: 24 maanden celstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk. Dat is twee maanden meer dan er was voorgesteld door het Openbaar Ministerie. Een groot deel van het onderzoek is gedaan door een particulier onderzoeksbureau. Dat onderzoek bracht de fraude aan het licht waarna de gemeente aangifte deed. Het strafrechtelijk onderzoek is gebaseerd op de bevindingen van het particuliere bureau. De advocaat van de verdachte had om die reden vrijspraak gevraagd omdat het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk moet worden verklaard. De rechtbank heeft dit verweer verworpen. Het staat de politie (en justitie) vrij om gebruik te maken van bevindingen van particuliere bureau’s.

HET VONNIS