Loodzware ballonnen

Schermafbeelding 2015-10-03 om 10.45.33Ik schreef dat Bram geen taartjes had meegenomen naar de rechtszaal, waar geen kleurrijke slingers en ballonnen hingen en dat de rechters ook niet voor een keertje gingen staan om hem in hun armen te sluiten, dan toch op z’n minst stevig zijn hand te drukken.
Bram zat 25 jaar in het vak en kondigde in de rechtszaal aan dat het mooi was geweest.
Nooit, maar dan ook nooit zouden ze hem weerzien.
Het besluit met de criminaliteit te stoppen was niet genomen tijdens de cursus ‘christelijk geloven’ die hij volgde.
De ware reden: Bram was zo vreselijk moe.
Het drugsverslaafde lichaam was doodop van een kwart eeuw jachtig leven op straat.

De rechters zeiden niet ‘nou Bram, heel veel succes en we gaan je missen na al die jaren’.
Wat werd uitgesproken was de strafmaatregel isd (inrichting stelselmatige daders), bedacht voor veelplegers als Bram: isd is twee jaar met hulpverleners achter de tralies.

Deze week zat Bram er weer.
’t Is mislukt.
Had hij de vorige keer een partij moerdoppen gestolen bij de Praxis, ditmaal moest hij zich verantwoorden voor de diefstal van vier flessen Robijn (wasmiddel) bij de Coop en tien pakken koffie bij de Jumbo in Groningen.

Bram is begin dit jaar 50 geworden en nog altijd is hij onverminderd moe.
Niet alleen van het leven, maar hij is inmiddels ook moe van de hulpverlening.
Alles wat het hulpgilde de voorbije dertig jaar heeft bedacht de wereld te verbeteren, is op Bram losgelaten.
’t Hielp niets.

Bram heeft ook niet veel tekst meer.
Hij kent de rechterlijke riedels.
Laat hem maar weer twee jaar zitten, laat hem dan wel een beetje met rust en, als het even kan, wil hij ook graag zijn methadon blijven gebruiken.
Zo zal het gaan.
De officier van justitie eiste voor de vierde keer in acht jaar tijd de twee jaar durende isd-maatregel en de rechtbank zal die over twee weken opleggen.

Wat Bram is, probeert Nick (25) te worden.
Hij gebruikt heroïne en cocaïne en heeft ter financiering tachtig tot honderd euro per dag nodig.
Dat is dagelijks een loodzware opgave want hij heeft ook veel schulden.
Op een dag van hoge nood pikte hij de mobiele telefoon van zijn 16-jarige zus.
Hij verpatste het toestel voor een paar tientjes.
Tegen de rechters: ’t Klopt helemaal. Ik heb er natuurlijk wel spijt van.’

In de rechtszaal zit ook Nick’s moeder.
Ze zegt, bijna verontschuldigend, dat Nick toch haar zoon blijft.
Namens haar dochter heeft ze wel een schadeclaim ingediend.
Droef: ’Ik heb hem zo vaak de hand boven het hoofd gehouden, maar dat kan ik niet meer.’

Nick had een tijdje in het metaal gezeten.
Van de daken van het winkelcentrum en de scholen in Hoogezand had hij lood gestolen.
De schade bij het winkelcentrum alleen al bedroeg 14.000 euro.
Lood stelen is zwaar werk.
Zo heel raar was het dus niet dat hij na de nachtelijke arbeid even was gaan rusten.
De volgende ochtend hadden ze hem slapend aangetroffen in het struikgewas bij de basisschool Het Ruimteschip (aan de Astronautenlaan).
Naast hem honderd kilo lood.

Ook daar heeft hij natuurlijk spijt van.
De man van het winkelcentrum die de schade komt verhalen (2500 euro eigen risico) zegt tegen de rechters dat hij naar de rechtbank is gegaan met het idee heel boos te zullen worden op de verdachte.
‘Maar ik zie een man die tussen wal en schip is gevallen. Ik wens hem heel veel sterkte en ik hoop dat hij het redt.’

Moeder slaat van schrik de handen voor haar mond en begint te huilen.
De winkelman troost haar.
Nick ruikt zijn kans en zegt dat hij nog wel een tip heeft voor de winkeliers: ‘Draai alle hekken eens op slot, dan kan ik ook niet binnenkomen.’

Na de strafzaak wordt Nick teruggebracht naar de psychiatrische kliniek waar hij momenteel verblijft en waar hij – mocht de rechtbank de strafeis van 180 dagen waarvan 135 voorwaardelijk met voorwaarden overnemen – nog wel anderhalf jaar zoet is met de hulpverleners.

Dan stuitert de 30-jarige Patricia met een luid ‘hallo’ de rechtszaal binnen.
De diefstal van de telefoon en een armband bekent ze.
Geen probleem.
Nee, de portemonnee uit de kerk toen het koor zong niet.
Zeker weten van niet.

Rechters: En de diefstal van de telefoon uit het Vrijdag Theater?
Patricia: ‘Heb ik niet gedaan.’
Rechters: ‘Goed, dan gaan we de beelden bekijken.’
Patricia: ‘Ik heb het wel gedaan.’
Rechters: ‘Mooi, dan hoeven we de beelden ook niet te bekijken.’

Patricia is eigenlijk als Bram, alleen is zij – veel jonger – nog vol levenslust.
Voordat het proces goed en wel is begonnen, roept Patricia: ‘Luister, we kunnen hier natuurlijk een hele discussie aangaan. Maar kijk, voor mij ligt het gemakkelijk. Geef me alsjeblieft isd. Klaar.’

De rechters zijn een beetje beduusd.
Zo werkt het natuurlijk niet.
De rechters willen eerst de strafbare feiten die aan de verdachte ten laste zijn gelegd zorgvuldig bespreken, daarna willen ze praten over de persoonlijke omstandigheden en dan moet de officier van justitie er nog iets van vinden.

Praktische Patricia: ‘Toe nou mevrouw de rechter. U heeft mij al zo vaak veroordeeld. Ik ben hier zo vaak geweest. Het heeft geen zin. Straks geven jullie me een jaar of zo. Daar heb ik dan weer schijt aan. Dus. Geef me isd. Ik weet dat er een plekje vrij is, kan ik morgen aan de slag.’

De rechters: ‘Maar…’
Patricia die nu haar geduld begint te verliezen: ‘Ik ben gebruiker, jullie zijn rechters. Jullie begrijpen het niet. Ik heb hulp nodig in mijn kop. Als ik nu weer buiten kom, denk ik alleen maar aan geld, geld, geld. Dan gaat het weer fout.’

De officier van justitie zegt dat hij dit nog nooit heeft meegemaakt.
Normaal gesproken vrezen veelplegers de isd.
Hij wikt en weegt.
Zegt dan: ‘Ik eis isd.’
Om praatjes achteraf te voorkomen: ‘Dat had ik ook geëist als verdachte het niet zou willen.’

Tja, zeggen de rechters op hun beurt: ‘Normaal doen wij altijd twee weken later uitspraak. Maar nu u zo aandringt veroordelen wij u tot de maatregel isd, 2 jaar.’

Patricia is blij.
Ze zou slingers en ballonnen willen ophangen, of haar rechters even in haar armen sluiten voor een knuffel.
In grote tevredenheid verlaat ze zittingszaal 14 en roept: ’Bedankt mensen. Doei.’

Rob Zijlstra

uitspraken Bram en Nick op 12 en 15 oktober

Reinier S. – herziening ?

Schermafbeelding 2015-03-24 om 15.00.27achtergrond +  update 

Advocaat Geert Jan Knoops wil dat de Hoge Raad besluit tot een nieuw strafproces rond de dood van Gonda Drent (Smit). Volgens de advocaat zijn er nieuwe gegevens die onbekend waren toen het gerechtshof in Leeuwarden Reinier S. in hoger beroep veroordeelde tot 15 jaar celstraf.

Gonda kwam in op 11 december 1996 om het leven bij een brand in haar woning aan de Hoofdstraat in Hoogezand. De verdenking is dat Reinier de brand heeft gesticht nadat hij zijn partner Gonda met geweld om het leven had gebracht. Met de brand zou hij sporen hebben willen vernietigen.

Reinier werd eerst tot 12 jaar en in hoger beroep tot 15 jaar celstraf veroordeeld.

Knoops heeft het verzoek tot herziening al in februari ingediend bij de Hoge Raad. Die zal naar verwachting over enkele maanden een besluit nemen.

Volgens Knoops is er een belangrijke getuige die terugkomt op een eerder afgelegde (belastende) verklaring. Ook zijn er nieuwe aanwijzingen die Reinier S. een alibi zouden verschaffen. Op basis van een nieuw tijdpad kan S. zijn partner niet hebben gedood, aldus Knoops.

Of zoals Knoops het stelt: het onschuldscenario is waarschijnlijker dan het schuldscenario. Het gerechtshof oordeelde ondanks de veroordeling dat het politieonderzoek geen schoonheidsprijs verdient. In april dit jaar verschijnt het boek De Hoogezandse brand (tijdlijn als alibi) van o.a. rechtspsycholoog Peter van Koppen die de zaak opnieuw heeft onderzocht. Van Koppen en de zijnen doen zoiets vaker: gerede twijfel.

Ik volgende de strafzaken voor de rechtbank in Groningen en bij het hof in Leeuwarden. Hieronder de links naar de verslagen.

28 mei 2008
verslag van proces rechtbank Groningen → chocolademelk

10 juni 2008
het vonnis rechtbank Groningen → vonnis

1 juli 2009
verslag proces hof Leeuwarden – 1 → hoger beroep

3 december 2009
verslag proces hof Leeuwarden – 2 → verrassing

17 december 2009
de uitspraak → 15 jaar
analyse → genekt door eigen verzinsels
de uitspraak → het arrest

rob zijlstra

UPDATE – 29 maart 2016 – herzieningsverzoek

Gelijk het advies in oktober 2015 heeft de Hoge Raad het herzieningsverzoek van Reinier S. en zijn advocaat Geert Jan Knoops afgewezen. De door Knoops en de zijnen (onder wie Peter van Koppen) aangedragen ‘nieuwe feiten’ hebben de Hoge Raad geen aanleiding gegeven te besluiten dat de zaak opnieuw tegen he licht moet worden gehouden.

Het besluit is hieronder te lezen (klik op afbeelding)

De samenvatting van de uitspraak staat hier

Schermafbeelding 2016-03-29 om 13.06.15

Straffeloos

geen spoedOp vrijdagavond 25 maart 2011 heeft een van de ernstigste misdrijven van de afgelopen jaren in de provincie Groningen plaats.
Op die avond wordt in Hoogezand de Turkse avondwinkel Perya Impex overvallen.
Twee gemaskerde mannen met beide een wapen in de hand denderen tegen kwart voor negen de zaak binnen.
Een van de overvallers springt op de toonbank en eist geld.
De 37-jarige zoon van de eigenaar roept dat er geen geld is, verzet zich en wordt neergeschoten.

Een kogel doorboort zijn linkerschouder.
De overvallers gaan er – zonder buit – vandoor.
Vlak voordat ze het winkelpand verlaten, wordt nogmaals op de dan al zwaargewonde zoon geschoten.
Een tweede kogel raakt de buik.
Met levensbedreigende verwondingen wordt hij overgebracht naar het ziekenhuis.

De gebeurtenissen hebben een enorme impact in de buurt.
De burgemeester komt ’s avonds poolshoogte nemen.
Het is niet het eerste gewelddadige incident in Hoogezand.
De burgemeester wil daarom extra politie.
De krant meldt de volgende dag dat de daders voortvluchtig zijn en dat van hen ieder spoor ontbreekt.

Wat daarna volgt moet bizar heten.
Eerst verstrijken weken.
Dan meldt de politie, halverwege mei 2011, dat met de aanhouding van twee mannen de overval op de Turkse avondwinkel is opgelost.
De media nemen dat zomaar over.
Soms doen wij samen met de politie alsof het leven eenvoudig is: dat met de aanhouding van mannen misdrijven worden opgelost.
Zo’n aanhouding is in een rechtstaat natuurlijk nog maar het begin.

De aangehouden mannen zijn 19 en 24 jaar oud.
De jongste heet zeg maar Charles, de oudste Gianni.
Ze ontkennen.

De rechtszaak dient op 17 november 2011. De verdenkingen zijn gebaseerd op verklaringen van getuigen.
En er is een DNA-match die niets bewijst, maar wel belastend is.
Charles en Gianni blijven ontkennen.
De een zegt over de verklaringen van getuigen: ‘Mensen praten poep.’
De ander: ‘We worden er ingeluisd.’

Het slachtoffer mag de rechters toespreken en vertelt hoe bang hij is, hoe hij vreesde voor zijn leven, hoe bang zijn ouders op leeftijd zijn.

Ook getuigen zouden angstig zijn.
Afgelegde verklaringen worden herroepen, anderen weigeren, bang voor represailles, te verklaren.
Een getuige ontkent getuige te zijn en wordt vervolgd wegens meineed.
Er is een getuige opgeroepen op de zitting, maar die is niet komen opdagen.
Dat is een probleem.
De rechters besluiten dat de strafzaak moet worden aangehouden om die getuige alsnog te kunnen horen.

De twee advocaten vinden dat best, mits Charles en Gianni naar huis mogen om het vervolg van het proces in vrijheid af te wachten.
De vertraging is immers niet hun schuld.
Het Openbaar Ministerie verzet zich tegen vrijlating, maar de rechters besluiten dat Charles en Gianni nog diezelfde dag de gevangenis mogen verlaten.
Ze hebben dan een half jaar vastgezeten.

Daarna wordt het stil en zal het heel lang stil blijven.
Er gaan drie maanden voorbij, acht maanden, een jaar.
Twee jaar en een paar weken.
De getuige die nog gehoord moet worden, woont gewoon naast de avondwinkel.

Op 13 december 2013 – 26 maanden na de onderbreking – krijgt de strafzaak eindelijk een vervolg.
Charles is overigens in 2012 nog wel in zittingszaal 14 geweest in verband met een straatroof waar hij (netto) achttien maanden celstraf voor krijgt.
Die straf heeft hij al uitgezeten.

Tegen Charles wordt acht jaar gevangenisstraf geëist, tegen Gianni die geen strafblad heeft zeven jaar, beide wegens een poging tot doodslag en een poging tot afpersing.
Verklaringen van getuigen geven het wettige en overtuigende bewijs, vindt het OM.
Charles en Gianni zijn niet aanwezig, ze kijken wel link uit.

Dat het zo lang heeft geduurd, vindt de officier van justitie vervelend.
Dat zegt hij tegen de rechters.
Vervelend voor de verdachten, maar zeker ook voor de slachtoffers.
De reden van de lange duur, zegt de officier van justitie, is dat het OM in 2012 en 2013 is overspoeld met grote onderzoeken.

Het was gewoon te druk.
Zou dat nou echt waar zijn?
Dat politie en justitie twee jaar lang geen tijd hebben gehad om een van de ernstigste misdaden in jaren goed te onderzoeken?

Deze week deed de rechtbank uitspraak.
Het verzamelde bewijs is weliswaar wettig verkregen, maar het overtuigt niet.
Er zijn alternatieve scenario’s denkbaar, het is niet uit te sluiten, oordelen de rechters, dat anderen dan Charles en Gianni de overval hebben gepleegd.
Het gebrek aan overtuiging moet leiden tot vrijspraak.
En dat is ook de uitspraak.

De rechters leveren kritiek op de kwaliteit van het politieonderzoek: er heeft (te) veel tijd gezeten tussen de overval en het horen van getuigen.
Betrokkenen hebben daardoor verklaringen op elkaar kunnen afstemmen.
Daarnaast is het de rechters gebleken dat de politie van diverse contacten met getuigen geen proces-verbaal heeft opgemaakt.
Rechters: ‘Dat is niet acceptabel.’

Tot slot wordt opgemerkt dat het OM geen plausibele reden heeft opgegeven voor het lange tijdsverloop sinds de zitting van november 2011.

Eind 2013 moet de conclusie luiden dat de overval op 25 maart 2011 op de Turkse avondwinkel niet is opgelost.
De burgemeester van Hoogezand moet nog maar eens ergens poolshoogte nemen.

Rob Zijlstra

HET VONNIS 

Op stap

Schermafbeelding 2013-05-10 om 22.28.00Ze zien er niet gevaarlijk uit, Ronnie van 18 jaar en Ronald die al 19 is. Integendeel.
Zie zien er met hun hippe kapsels uit als twee heel gewone jongemannen uit Hoogezand.
Ronnie van 18 wil automonteur worden en doet een opleiding in die richting.
Hij woont nog thuis en heeft een bijbaantje in de supermarkt.
Ronald volgt een mbo-opleiding die ertoe moet leiden dat hij op een dag accountmanager is.

Er zijn geen noemenswaardige politie- of justitiecontacten stellen de rechters vast.
Gezien de gebeurtenissen doen ze dat enigszins verbaasd.
Een van de rechters, wel wat gewend: ‘Het is toch heel bijzonder wat jullie hebben gedaan. En nou ik ben zo nieuwsgierig naar het waarom?’

Het antwoord blijft uit, zodat er na de strafzaak een groot vraagteken boven het Groninger gerechtsgebouw hangt.
Misschien is het antwoord heel eenvoudig te geven en als dat antwoord klopt, gaat dit verhaal over misschien wel de gevaarlijkste jongemannen van Groningen terwijl je dat niet zou zeggen.

Ronnie en Ronald doen dingen, terwijl ze niet weten waarom.
Ze zitten al drie maanden vast, maar ook in die periode is het lichtje niet gaan branden.
Wie doet zonder te weten, kan tot alles in staat zijn.
Dat is bloedlink.

In Hoogezand is alles al gesloten en omdat ze nog zin hebben, besluiten ze met een laatste trein naar Groningen te gaan.
Met z’n drietjes, want de minderjarige Paul gaat ook mee.
Ze willen whisky en bier drinken in de stad.

Zo’n reis per trein duurt zestien minuten.
In die tijd stellen ze vast dat ze niet veel geld bij zich hebben, vijftien, twintig euro.
Een probleem is dat niet want ze hebben een panklare oplossing.
Zodra ze in Groningen zijn, gaan ze eerst even mensen die ze tegenkomen slaan in ruil voor geld.

Het is 26 januari 2013.
Om een uur ’s nachts, om elf minuten over een en om 21 minuten over een komen bij de meldkamer van de politie berichten binnen van mensen die zijn geslagen, geschopt en beroofd.
Er zijn drie daders van wie redelijk goede signalementen beschikbaar zijn.
De politie gaat op zoek en tegen vier uur die nacht worden Ronnie, Ronald en de minderjarige Paul op het station aangehouden.
Ze hebben flink gedronken.

Ze belanden in de politiecel.
De volgende dag ontkennen ze alles, draaien er vervolgens om heen om uiteindelijk te bekennen dat ze drie personen hebben mishandeld en beroofd.
Het had 115 euro opgeleverd en van dat geld waren ze vrolijk op stap geweest.

Een van de rechters zegt dan dus dat het zo bijzonder is wat ze hebben gedaan.
Dat je besluit naar Groningen te gaan om onderweg af te spreken dat je mensen gaat mishandelen en beroven omdat je zelf te weinig geld hebt.
Rechter: ‘Leg mij nou eens uit hoe dat kan, hoe zoiets werkt bij jullie.’

Maar Ronnie en Ronald weten het dus niet.
Na lang aandringen zegt Ronald vragend: ‘Omdat we geld nodig hadden, om uit te gaan?’
Rechter: ‘Waarom drie berovingen, waarom niet vier, of twee, of vijf? Waarom zijn jullie na die derde gestopt?
Ronnie: ‘Toen hadden we ons doel bereikt, toen hadden we geld.’

De rechters geven niet op: ‘Maar hoe werkt zoiets dan?’
Het blijft stil.
De rechters: ‘Wie kwam op het idee?’
Wanneer de stilte onhoudbaar wordt, zegt Ronnie: ‘Het hoort niet, het is slecht.’
Rechters: ‘En wanneer heeft u dat inzicht gekregen?’
Ronnie: ‘Een dag later, op het politiebureau.’
Rechters: ‘Dus niet toen u met het geroofde geld op stap ging, toen vond u het nog niet slecht.’ Ronnie: ‘Klopt.’

Ronald zegt dat hij veel spijt heeft, maar dat hij vooraf ook al veel had gedronken.
Hoeveel? Hij heeft geen idee. Een gok? Tien. Blikjes? Nee, flesjes.

De drie slachtoffers, willekeurige passanten onder wie een maaltijdbezorger op een scooter, zijn flink toegetakeld.
Ze werden hard geslagen, met vuisten op de monden en toen ze op de grond vielen, werden ze overal hard geschopt.
Er braken tanden en er vloeide bloed, extra zichtbaar omdat er ook witte sneeuw lag.
Ronnie zal later nog zeggen dat hij flink was geschrokken van al dat rode bloed.
De maaltijdbezorger werd van zijn scooter geschopt toen hij nog reed.

Twee slachtoffers willen geld zien, ze eisen opgeteld 2500 euro.
De aankomende automonteur begrijpt dat wel, als je schade aanricht, dan moet je dat betalen.
De accountmanager in spe ziet het iets anders.
Hij begrijpt het ook wel, maar vindt het niet helemaal eerlijk.
Hij heeft wel geschopt, maar niet met vuisten op monden geslagen.
En om dan te moeten betalen voor tandartskosten?

De officier van justitie: ‘Het valt mij op dat deze verdachten, die tot 26 januari dit jaar heel gewone jongens waren, liegen, bedriegen, er om heen draaien en hun eigen aandeel zo klein mogelijk maken. Voor mij staat vast dat ze alle drie (dus ook de minderjarige Paul) geweld hebben gebruikt. Ze hebben op grove wijze inbreuk gemaakt op de privélevens van hun slachtoffers van wie het leven nooit meer hetzelfde zijn.’

Ronnie en Ronald horen de officier van justitie zeggen dat het heel goed is dat ze allebei een opleiding volgen.
Maar dat nu eerst moet worden afgerekend.
Ronnie hoort dat de officier van justitie wil dat Ronald 18 maanden in de gevangenis gaat zitten, Ronald hoort dat er 20 maanden worden geëist tegen Ronnie.

Ze staren voor zich uit.
Wat anders kunnen ze ook?
Wisten ze het maar.

Rob Zijlstra.

• minderjarige Paul moet zich (achter gesloten deuren) verantwoorden bij de kinderrechter

.

UPDATE – 17 mei 2013 – uitspraken
Ronnie en Ronald mogen in de handen knijpen of een taart naar de rechtbank sturen: beide zijn veroordeeld tot 15 maanden  celstraf waarvan zeven maanden voorwaardelijk. Samen uit, samen thuis. Hoewel de straffen lager uitvallen, acht de rechtbank wel alles wat het Openbaar Ministerie heeft aangevoerd, wettig en overtuigend bewezen.

 de rechtbank heeft de vonnissen niet gepubliceerd

Crimineeltje

Om zijn rechterpols draagt hij een zweetbandje – groen, geel, rood. Het een rastazweetbandje met een hennepblaadje er op.
Wanneer hij vanuit de verdachtenbank even achterom kijkt, zie ik zijn gezicht.
Grote ogen, een jongensgezicht nog.
Maar hij is al 18 jaar en dus volwassen voor het recht.

Hij, Alex, heeft een rotstreek uitgehaald.
Op 4 februari dit jaar was hij met twee vriendjes in Hoogezand het criminele pad opgegaan.
Ze wilden auto’s kraken en als dat niet zou lukken, zouden ze een mens pakken.
Dat laatste gebeurde.

Op het hoekje zagen ze een man staan.
Een opa, zeiden ze tegen elkaar.
Ze zetten de man, die 64 jaar is, een Bibi-gun op het hoofd en zeiden: ‘We willen je geld.’
De man dacht, daar ga ik.
Dat laatste schreef hij in een brief aan de rechters.

Met zijn portemonnee gingen ze er laf vandoor.
Er zat geen geld in.

In de brief schreef het slachtoffer ook dat hij altijd vrolijk was, maar nu niet meer.
Hij is nu bang op straat, bang ook als hij donkere jongens ziet.
Eerst was dat nooit zo.
Wanneer hij overdag weggaat, wordt hij gehaald door vrienden.
Die brengen hem ook weer thuis.
Hij heeft besloten te verhuizen.
‘Ik heb hier elf jaar met veel plezier gewoond, maar nu wil ik er zo snel mogelijk weg.’

Alex reageert: ‘Pijnlijk. Ik heb er geen woorden voor.’

Alex is ook niet een jongen van veel woorden.
Wat hij gedaan heeft, vindt hij niet kunnen.
Waarom hij het dan heeft gedaan?
Stress.
Hij wil zijn excuses maken.
Nee, dat heeft hij nog niet gedaan.
Nog niet de kans gehad.

De rotstreek kwam uit.
Een vriendje biechtte de boel op.
Ongeveer gelijktijdig meldde zich een moeder op het politiebureau met het verhaal dat haar zoon zijn Bibi-gun – zijn balletjespistool – had uitgeleend en dat met dat lelijke ding een overval was gepleegd.

Alex zegt dat hij de angst in de ogen van de man had gezien.
Hij herkende dat.
Het was de angst die hij vroeger ook had gevoeld, wanneer hij zelf bang was.

De reclassering ziet geen heil meer in Alex.
De reclassering had met hem gepraat en in een rapport aan de rechtbank een beeld geschetst.
De rechter met de langste staat van dienst in Groningen zei dat hij nog nooit eerder zo’n negatief rapport had gelezen.

Het beeld: Alex brengt zijn dagen door met blowen, whisky drinken, eten en slapen.
Voor werken, had hij gezegd, is hij niet gemaakt.
Alex heeft andere plannen: hij wil crimineel worden.
Dat wil zeggen, de komende twaalf jaar.
Daarna, wanneer hij 30 jaar is, wil hij dood, als het even kan door een kogel.
Want, zo redeneert hij, vanaf 30 takelt het lichaam af, dan heeft alles toch geen zin meer.

Ook wil hij het record jointjesroken verbreken.
Dat staat nu op naam van Rasta: 25 op één dag.
Het persoonlijk record van Alex is momenteel twaalf.

Rechters: ‘Leuk. Komt u in het Guinness book of records.’
Alex: ‘Nee, ik ben gestopt met blowen in detentie.’
Rechters (verbaasd): ‘Goh. Hoe bent u zo op dat idee gekomen?’
Alex: ‘Ik wil straks weer naar school. Dan is dat niet goed.’

Rechters: ‘U drinkt ook veel. Twee jaar geleden lag u in het ziekenhuis in verband met comazuipen.’
Alex: ‘Ik stop ook met drinken. Dat heb ik met mijn moeder afgesproken.’
Rechters: ‘De reclassering noemt u een crimineeltje in de dop.’
Alex: ‘?’
Rechters: ‘Ze bedoelen dat u kunt uitgroeien tot een echte crimineel.’
Alex zegt dat hij in de gevangenis heeft horen spreken over de cursus ‘kiezen voor verandering’.
Dat wil hij wel.
Rechters: ‘U bent 180 graden gedraaid?’

Alex vertelt met weinig woorden dat hij heeft nagedacht.
En dat het anders moet met zijn leven.
Een beetje sarrend vraagt een van de rechters: ‘Heeft u ook nagedacht over dat zweetbandje dat u draagt? Nagedacht over de vraag of u zo’n bandje nou wel moet dragen als u naar de rechtbank gaat?’
Nee, dat had hij niet.
Rechter: ‘Ik heb geen verdere vragen.’

Soms, heel soms, zou je willen dat er eens een harde, ja een bikkelharde, crimineel in zittingszaal 14 opduikt.
Zo’n crimineel die het leven leeft zoals Alex dat misschien wel ziet in zijn stoutste dromen.
Eens iemand die geen beroerde jeugd heeft gehad, maar puur uit slechtheid en gewetenloosheid het criminele pad heeft gekozen.
Een keer wat anders.

Alex is niet anders.
Hij is als een van de velen die in zittingszaal 14 moeten komen opdraven na een onbezonnen misdaad waar ze later spijt van hebben.
Jongens met gemankeerde levens waar ze ook niet om hebben gevraagd.

Alex groeide op op Curaçao en werd door zijn moeder gedwongen naar Nederland te gaan. Omdat moeder vriendinnen had, ontbrak een mannelijk rolmodel in zijn leven (zei de advocaat). Later zat zijn moeder in de gevangenis wegens drugs en moest de kleine Alex zelf de bonen doppen.

De advocaat zegt: ‘Het beeld dat over hem wordt geschetst is onjuist. Er zit meer in hem dan alleen laksheid. Hij is niet levensmoe en hij wil de schade ook wel betalen.’

De officier van justitie kiest de kant van de reclassering
De officier van justitie zegt: ‘Op mensen die een leven willen leven zoals hij , zit niemand te wachten. Parasiteren op anderen. Slapen, eten, drinken en blowen en op z’n dertigste maakt ie er een einde aan. De tijd die hij nog in vrijheid leeft, moeten met 24 maanden worden bekort. Dat is mijn eis.’

Alex, 18 jaar.
Afgeschreven.

Rob Zijlstra

.

UPDATE – 25 juni 2012 – uitspraak
Alex is conform de eis veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf wegens afpersing. Aan het slachtoffer moet hij 1019 euro betalen

HET VONNIS [zodra beschikbaar]

Loopschoenen

Bij de politie was vanuit het criminele inlichtingennetwerk informatie binnengekomen dat Alex een drugshandelaar is.
De drugs zou hij verkopen vanuit zijn woning in Hoogezand.
Dat zou hij al jaren doen, klikten de netwerkers.

Nu zit de politie niet echt te wachten op dit soort informatie.
Drugs zonder overlast heeft in de bestrijding niet heel veel haast.

Dus toen er even wat tijd over was, werd Alex stelselmatig geobserveerd.
Dat deden ze op 7 september en op 15 september van dit jaar.

Mannen en vrouwen die de woning van Alex bezochten, steeds maar voor heel even, werden als ze weer naar buiten kwamen, aangehouden.
Afgevangen, zeggen ze bij de politie.
Stuk voor stuk verklaarden ze dat ze zojuist drugs bij Alex hadden gekocht.
De een zei dat hij al vijf jaar vaste klant van hem is.
Een ander had het over acht jaar.

Aan het einde van de tweede observatiedag deed de politie een inval.
De snuffelhond vond heroïne en cocaïne, de agenten in een kluis 22.897 euro – in kleine coupures – een pistool met kogels, horloges en elders in de woning overdreven veel schoenen.

Alex (32) ontkent drugsdealer te zijn.
Waarom mensen anders beweren, weet hij ook niet.
Hij geeft wel toe drugsgebruiker te zijn.
De drugs die is gevonden, is zijn gebruikersdrugs.

Al die mensen aan de deur voor maar heel even?
Alex zegt dat mensen bij hem kwamen om te gebruiken.
Als wederdienst kreeg hij het restantje.

22.897 euro?
Rechters: ‘Dat is wel veel geld voor iemand die geen legale inkomsten heeft.’
Alex zegt dat het geld van iemand is van wie hij de naam niet wil noemen.
Hij wil iemand niet in de problemen brengen.
Die iemand had hem gevraagd dat geld even te bewaren.

Schulden.
Rechters: ‘Uit de stukken blijkt dat u 35.000 euro schuld had. En ineens was dat nog maar 800 euro. Hoe heeft u dat geflikt.’
Alex zegt dat bij de sociale dienst iemand werkt die dat voor hem regelt.

Horloges, overdreven veel schoenen?
Alex: ‘Op mijn verjaardag gekregen.’
Rechters: ‘Die stonden op uw verlanglijstje en toen kwam iedereen met horloges en schoenen aanzetten?’
Alex: ‘Niet allemaal tegelijk.’

Pistool met kogels?
Alex zegt dat hij wordt bedreigd in verband met die vorige zaak.
Rechters: ‘Rapper Rel.’
Zijn advocaat: ‘Die is in zijn armen gestorven.’

De rechters vragen door, maar Alex heeft gezegd wat hij wilde zeggen.
Het zwijgrecht past hem nu beter.

De advocaat zegt dat anderen een beetje misbruik maken van Alex.
Hij vindt het eigenlijk helemaal niks, al dat bezoek.
Ze komen bij hem om te drinken, te praten, te gebruiken, om te gamen.
En dan durft hij geen nee te zeggen.
En wat dat geld in de kluis betreft: geld hoort in een kluis en uit niets blijkt dat het misdaadgeld is.

Voor de officier van justitie is Alex een een-tweetje.
Er zijn drugs bij hem gevonden, veel te veel geld, een pistool met kogels, er zijn verklaringen van gebruikers.
Komt bij dat Alex een verleden heeft.
Op de dag dat hij naar Nederland kwam, op zijn verjaardag in 2001, werd hij op Schiphol aangehouden met drugs.
Daarna zouden nog een paar veroordelingen volgen.

De eis voor nu: twaalf maanden gevangenisstraf waarvan de helft voorwaardelijk mag.
Het geld van iemand mag hij niet terugkrijgen en de horloges ook niet.

Over de schoenen zegt de officier van justitie niets.
De schoenen laat ze lopen.

Rob Zijlstra

 

de zaak van Rapper Rel

.

UPDATE – 22 december 2011 – uitspraak 
Dat Alex in drugs heeft gehandeld, is zo, zeggen de rechters. Maar niet vijf jaar of nog langer. Ddat blijkt nergens uit het dossier. Minder lang is ook minder erg en daarmee is straf lager dan de eis: 180 dagen celstraf waarvan 80 dagen voorwaardelijk. Het geld dat bij hem is gevonden, krijgt hij niet terug. Dat wordt hem ontnomen.

 

Vrije ge- en verdachten

Wanneer de rechters de rechtszaal verlaten en neerstrijken in de raadkamer, kijken ze elkaar aan.
De jongste rechter zucht.
De oudste kijkt hem veelbetekenend aan.
Moeilijke beslissing jongens, zegt de voorzitter, maar ze zullen het vast wel begrijpen.

De jongste rechter vraagt zich dat af.
Voorzichtig: ‘Moeten we dit niet uitleggen?’
De voorzitter: ‘Hoe bedoel je?’
De jongste: ‘Nou uitleggen waarom wij besloten hebben de twee verdachten naar huis te sturen, terwijl ze wel verdachten blijven. Misschien vindt de samenleving dat raar.’
Voorzitter: ‘Tja, daar zeg je wat.’

De oudste rechter pakt ondertussen zijn spullen bijelkaar.
Zegt: ‘Jongens, jullie zoeken het maar uit. Ik ga naar huis. Me dunkt dat dit meer op de weg ligt van het openbaar ministerie.’
De jongste rechter: ‘Welnee. Het openbaar ministerie meldt alleen maar wanneer er verdachten worden opgepakt, nooit wanneer ze worden vrijgelaten. Ze kijken wel link uit.’

De oudste rechter geeft de voorzitter een ferme klap op de schouder, zegt ‘de groetjes thuis’ en ‘tot maandag’.
Zegt: ‘Ik ga nog even lekker bladblazen.’

Tot zover de vrije gedachten vanuit de geheime raadkamer.
Nu over de vrije verdachten.

De rechters hadden er in de raadkamer lang over moeten nadenken.
Wanneer rechters lang moeten nadenken is dat vaak in het voordeel van verdachten.
Een nee is sneller te motiveren dan een ja.

De advocaten hadden de rechtbank verzocht hun cliënten, de verdachten, in vrijheid te stellen door het opheffen van de voorlopige hechtenis.
De twee mannen zitten al zes maanden vast op verdenking van het plegen van een overval op een Turkse winkel in Hoogezand.
Bij die overval wordt een medewerker neergeschoten waarbij de man zeer ernstig gewond raakt.
Het gebeurde in maart van dit jaar, het slachtoffer is nog altijd niet hersteld.

De overval leidde tot veel beroering in Hoogezand waar meer geweldsincidenten vielen te betreuren.
Zelfs de gemeenteraad kondigde maatregelen aan om de zware criminaliteit tegen te gaan.
De hoofdofficier van justitie loofde op 28 april een beloning uit van 7500 euro voor de gouden tip in deze kwestie.

En zie daar, niet heel veel later worden Vincent (24) en Bernard (20) opgepakt.
Er is weinig technisch bewijs, maar er zijn veel verklaringen van getuigen.
Op basis van die verklaringen gaan de twee mannen achter slot en grendel.
Dat is nu zes maanden geleden.

Donderdag diende de rechtszaak.
Vincent en Bernard ontkennen.
Ze hebben er niks mee te maken, zeggen ze.

Twee mannen waren op 25 maart rond half negen de winkel binnengestormd, vermomd en met getrokken pistolen.
Ze eisen geld, roepen: ‘buit, buit!’
De zoon verzet zich, duwt een van de overvallers omver, zo over de groentenstelling heen.
Als de overvaller opstaat, schiet hij.
De zoon wordt getroffen in borst en buik.
De overvallers maken zich vervolgens uit de voeten, zonder geld.

De politie stelt een buurtonderzoek in.
Vanuit het criminele circuit druppelen namen binnen van mogelijke daders.
Er zijn getuigen die zich spontaan melden.

Op de mogelijke vluchtroute wordt een T-shirt gevonden.
Daar zit heel veel DNA op, onder meer dat van Bernard, in die zin dat het van Bernard zou kunnen zijn.

Twee maanden na de overval en een maand nadat die beloning is uitgeloofd, worden Bernard en Vincent aangehouden.
Hun telefoons zijn getapt.
Dat leverde geen belastende informatie op.
Er werd wel een gesprek tussen beide afgeluisterd toen ze in de politiecel zaten.
Agenten horen hen zeggen: ‘We worden er ingeluisd, mensen praten poep.’

Er is een getuige die de status ‘belangrijk’ heeft.
Zij was opgeroepen in de rechtszaal te verschijnen, maar kwam niet opdagen.
Hierdoor kwam het dat de strafzaak donderdag niet kon worden afgerond.
Eerst moet deze getuige worden gehoord, daarna kan het proces worden hervat.
Dat zal naar verwachting niet binnen drie maanden zijn.

Mij best, zegt advocaat Serge Weening, die Vincent bijstaat.
Maar dan verzoek ik de rechtbank de voorlopige hechtenis op te heffen.
Want uitstel betekent dat mijn cliënt die onschuldig is en dus moet worden vrijgesproken, nog langer moet blijven vastzitten.
Advocaat Oskar Schuur die Bernard verdedigt, doet om dezelfde reden hetzelfde verzoek.

De rechters duiken de raadkamer in en blijven lang weg.
Hoe langer hoe gunstiger, zie je Weening en Schuur na verloop van tijd dus denken.
Na een half uur keren de rechters terug.
De rechters zeggen dat de voorlopige hechtenis van Vincent en Bernard met onmiddellijke ingang wordt opgeheven.
Ze zeggen: ‘Europese jurisprudentie dwingt ons dit besluit zo te nemen.’

Vincent en Bernard zijn nu vrije verdachten.

Iedereen in de rechtszaal is verrast, ook de twee advocaten.
Vincent en Bernard misschien nog wel het meest.
Zij mogen nu het vervolg van het strafproces in vrijheid afwachten.
Gehoopt wordt dat de ontkennende mannen over een paar maanden vrijwillig naar de rechtszaal terug zullen keren.

Terwijl de rechters zich weer terugtrekken in de raadkamer, kijkt de officier van justitie wat zuur voor zich uit.
De Turkse familie oogt radeloos.
In een slachtofferverklaring had de neergeschoten zoon geschreven dat hij en zijn familie gek worden van angst en overwegen te verhuizen zodra de daders vrijkomen.

Waarom worden verdachten van een zeer ernstig misdrijf vrijgelaten terwijl ze wel verdachten blijven?
Een paar studenten op de publieke tribune zeggen tegen elkaar dat ze er niks van begrijpen.
Jij?

Nu ben ik geen jurist, maar volgens mij zit het zo.
Wie verdacht wordt van een misdrijf kan in voorlopige hechtenis worden genomen.
Eigenlijk zit je dan onschuldig vast, omdat de rechter nog niet heeft geoordeeld.
Maar je zit wel terecht onschuldig vast, omdat er verdenkingen zijn die wijzen in de richting van schuld.

De wet heeft strenge regels opgesteld om onschuldigen terecht van de vrijheid te beroven.
En naarmate de voorlopige hechtenis langer duurt, worden de criteria om iemand vast te kunnen houden, ook strenger.
Vincent en Bernard zijn aangehouden op basis van verklaringen van getuigen.
Dit zijn doorgaans niet de sterkste bewijzen om iemand te kunnen veroordelen.
Er moet nog wel wat bij.
En dat ‘nog wat erbij’ is er na zes maanden niet.

Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens heeft bepaald dat naarmate de voorlopige hechtenis langer voortduurt, de belangen van verdachten – vrij zijn – zwaarder gaan wegen.
En andersom.
Naarmate iemand langer in voorarrest zit, moet het openbaar ministerie steeds overtuigender aantonen dat dat beter is voor iedereen.
En dat gebeurde hier niet.
En dus mochten de twee mannen als verdachten direct naar huis.

Ik denk dat het zo zit.
Zij het dat de rechters dan wel het openbaar ministerie dit zelf natuurlijk veel beter kunnen uitleggen.

Rob Zijlstra

voorlopige hechtenis

.