Lichtjes uit

Er was eens een man die dreigde aan zijn leven abrupt een einde te maken in het geval zijn strafzaak in het openbaar zou worden behandeld.
Hij vond dat de deuren van de rechtszaal gesloten moesten worden.
Hij wilde zich wel verantwoorden, maar zonder pottenkijkers.
De rechters namen het verzoek in beraad en zeiden vervolgens dat de belangen van een openbare terechtzitting zwaarder moeten wegen dat de persoonlijke belangen van de verdachte.

Niks deuren op slot.

Eenmaal is het de afgelopen tien jaar in Groningen voorgekomen dat er alle, maar dan ook echt alle reden was de deuren op slot te doen, om pers en publiek voor even uit zittingszaal 14 te weren.
Maar zelfs toen bleven de deuren geopend.

Deze week werd er opnieuw een verzoek gedaan door zowel de advocaat als de officier van justitie.
De achtergrond van dat verzoek was dat zij die nog onwetend zijn, onwetend moeten blijven in het belang van de slachtoffers.
Maar weer schudden de rechters van neen.
De openbaarheid is een controle, spraken zij, op een eerlijk proces.
En ze zeiden na de belangenafweging dat de maatschappij het recht heeft te weten wat er is gebeurd.

U heeft dus recht op dit verhaal waar u waarschijnlijk niet op zit te wachten.

De verdachte is een 47-jarige en zo op het oog een niks bijzondere man.
Een paar keer wordt hij emotioneel, moet hij even huilen, maar steeds weer weet hij zich te herpakken.
Dan beantwoordt hij de vragen van de rechters alsof het gaat om een verkeersquiz.
Het zijn dan ook vooral de vragen van de rechters die door merg en been gaan.
Zijn antwoorden zijn kort en afgemeten: ‘Het klopt.’ Of hij zegt: ‘Helaas is dat zo.’

De officier van justitie speelt haar aanklagende rol snoeihard.
De betuigde spijt en zijn tranen noemt ze ‘gratuit’.
De officier van justitie zegt: ‘Overdag zat meneer in praatgroepjes, ’s avonds lag hij op zijn dochters.’
De man: ‘Ik heb een klotenkarakter.’

De officier van justitie: ‘Alle artikelen die in het Wetboek van strafrecht staan met betrekking tot zeden gaan op voor deze zaak.’
De man: Hoe lang ik tussen vier muren moet zitten, het maakt me niet uit. Wat ik heb gedaan is fouter dan fout.’
De rechters merken op dat het hen opvalt dat hij steeds van die sociaal wenselijke antwoorden geeft.

Hij zegt dat hij het niet kan ontkennen.
Dat het klopt dat hij seksueel opgewonden raakt van zijn eigen kinderen. Naarmate zijn kinderen ouder werden, borsten kregen, werd het ook steeds moeilijker zijn handen thuis te houden.
In plaats daarvan misbruikte hij zijn dochters op alle mogelijke manieren waarin het Wetboek van strafrecht dus voorziet.
Jaar in en jaar uit verkrachtte hij zijn eigen kinderen, daar komt het op neer.

De officier van justitie zegt dat het misschien wel 15 jaren heeft geduurd. Soms gaf hij zijn dochters wijn en sigaretten.
De wijn dronken ze dan gretig op, in de hoop er minder van mee te krijgen. Een van zijn dochters liet zich misbruiken in de hoop dat haar vader dan haar jongere zusje met rust zou laten (misschien moet u deze zin nog een keer lezen).
Dat deed hij niet, hij liet ze niet met rust.

Zijn kinderen stonden onder de hete douche om de pijn van gloeiend heet water te voelen, opdat de innerlijke pijn minder zou worden.
Hij maakt filmpjes van die momenten dat zijn dochters hem moesten bevredigen.
Die filmpjes bewaarde hij dan op een usb-stick of hij voegde het materiaal toe aan zijn collectie kinderporno die hij van het internet downloadde.
Dat deed hij al een jaar of tien.
Soms moesten zijn dochters daar naar kijken.

De rechters: ‘Ging er dan bij u nooit het licht branden. Zodat u kon zien dan wat u deed niet kon?’
De man: ‘Oh, die lichtjes ter waarschuwing die hebben heel vaak gebrand. Maar ik heb die lichtjes uitgedaan. Ik heb altijd gehoopt dat ik er mee weg zou komen. Dat ze het nooit aan iemand zouden vertellen.’
Hij zei vaak dat als mama het zou weten, papa dan naar de gevangenis moest.

Vorig jaar kwam het uit. Een van de dochters vertelde alles aan een vriendinnetje die het vertelde aan een vriendje die zei dat ze naar een vertrouwenspersoon moesten gaan.
De vertrouwenspersoon was geschokt en belde onthutst met het bureau kindermishandeling.
Uiteindelijk kwam de politie, volgde familieberaad waarin werd besloten aangifte te doen.
Wereld na wereld stortte in.

De man was tien jaar geleden ook al eens veroordeeld wegens ontucht met een buurmeisje.
Onderdeel van de toen opgelegde straf was een behandeling overdag in praatgroepjes.
Het misbruik ging ’s avonds door.

Rechters: ‘Moet u opnieuw een behandeling?’
De man: ‘Sluit me maar levenslang op, dan heb ik geen behandeling nodig.’ Even later zegt hij: ‘Ze mogen me morgen behandelen, dat interesseert me geen hol.’

De officier van justitie komt met een van de hoogste strafeisen die ooit in een zedenzaak in Groningen op tafel is gelegd: tien jaar gevangenisstraf gevolgd door een tbs met dwangverpleging.

De man had tegen de advocaat gezegd dat hij niet tot in den treure verdedigd wil worden.
Hij had het immers gedaan.
De advocaat wil de rechters nog wel meegeven dat ‘mijn cliënt op een afdeling in de gevangenis komt waar hij beschermd moet worden tegen de jongens die wel raad weten met dit soort verdachten’.

Dat klonk niet als een verzachtende omstandigheid.

Rob Zijlstra

.

UPDATE – 8 juli 2013 – uitspraak
Tien jaar celstraf in combinatie met tbs met dwangverpleging vindt de rechtbank te veel, zegt de rechter die uitspraak doet. Het te vele zit vooral in de combinatie. Niet te veel is zeven jaar in combinatie met tbs met dwang. Alles wat aan de man ten laste is gelegd, acht de rechtbank bewezen.

UPDATE – 30 januari 2014 – hoger beroep
Het Openbaar Ministerie heeft het hof verzocht het vonnis van de rechtbank te bevestigen: dus 7 jaar en tbs met dwangverpleging. De verdediging heeft een tbs met voorwaarden voorgesteld.  Het hof volgt de rechtbank en legt opnieuw 7 jaar cel en tbs met dwangverpleging op.

HET ARREST 

De baviaan

Vlak voor mij, in de verdachtenbank, zitten vier mannen.
Ze heten Durk en zijn 42 jaar.
In de zittingszaal is het stil, stiller dan anders.
De vier mannen, allemaal vader, huilen.
Steeds wanneer ze iets willen zeggen, antwoord willen geven op vragen, smoren hun stemmen in gejammer.

Met een grote blauwe zakdoek vegen ze door hun gezichten, de tranen weg.

Durk die het meest links zit, is een eenzame en gescheiden man.
Daarnaast zit de getraumatiseerde Durk, vol berouw en die het allemaal niet meer weet.
Naast hem zit Durk die ziek is, met stoornissen in het hoofd en die dringend behandeling nodig heeft.
En helemaal rechts, tot slot, zit Durk, de hufter, de schoft.

De eenzame Durk was na de scheiding in 2002 in de woning blijven wonen.
Zijn ex was vertrokken met de kinderen.
Durk die het vol berouw allemaal niet meer weet, zegt dat hij niet boos is op zijn ex.
De zieke Durk zegt dat het nooit had mogen gebeuren, wist hij maar waarom, waarom het wel is gebeurd.

De rechters vragen of het klopt, of het echt waar is?
Ze knikken.
De rechters: ‘Het hele scala? Heeft dat allemaal plaatsgevonden?’
De hufter, de schoft, zachtjes: ‘Ja.’

Er was een verjaardagsfeestje van opa, het was lente en heel de familie was aanwezig.
Toen hadden ze het verteld.
Aan tante Margot, zo was het naar buiten gekomen.
Daarna waren ze naar de politie gegaan, hadden gesprekken gevoerd en toen hadden ze samen met hun moeder aangifte gedaan.
In december vorig jaar werden de Durken aangehouden.

Met de jongste, die het meest op hem leek, met wie hij dezelfde humor deelde, was het het vaakst gebeurd.
Met de oudste, die meer naar haar moeder trok, minder vaak.

Het was begonnen na de scheiding, als ze in het weekeinde bij hem kwamen in hun oude huis in het dorp in het Westerkwartier.
Later gingen ze verhuizen, richting Heerenveen.
Daar begon de hel, vertelden de meisjes.

Durk huilt dat hij verantwoordelijk is, voor alles.
Durk jammert dat hij zijn verstand erbij had moeten houden, dat hij zijn kinderen had moeten beschermen.
Durk zegt dat hij niet weet waarom, zegt: ‘wist ik het maar.’
Durk ontkent, zegt dat het niet waar is dat ze het moesten doorslikken, dat hij altijd een handdoek gebruikte, of een shirt die hij daarna in de was gooide.

Het gebeurde als de kinderen naar bed gingen, dan ging hij met ze mee naar boven om de dag door te nemen.
Het gebeurde in de badkamer, met de deur op slot, zodat de oudste geen kant op kon.
Ze vertelde daarover: ‘Ik voelde me als opgesloten in een sauna met een baviaan op mijn rug.’
Buiten in de tuin.
Rechters: ‘Op het toilet in het ziekenhuis?’
De Durken ontkennen dat laatste, maar het gebeurde wel als ze gingen vissen, aan de waterkant bij De Knipe.

Het begon toen de jongste een jaar of tien, elf was en daarna ging het maar door.
Vier, vijf jaar lang werden de kinderen van en door Durk seksueel misbruikt.
Op vergaande wijze.
Keer op keer, week in week uit, verkrachtte hij zijn eigen kinderen.
Van alle kanten.
Soms moesten de zusjes dingen bij elkaar doen, of samen iets bij hem.

U moet daar zelf maar iets bij verzinnen.
En er dan rekening mee houden dat het nog erger is geweest.

Dan speelden ze nep-verkrachtinkje.
Dan moesten de kinderen zich verzetten.
Dat deden ze.
En of ze dat deden.
Voor de eenzame, zieke en hufterige Durk was het een spel.
Voor de twee meisjes was het echt.

De rechters: ‘U heeft verklaard dat uw dochters u uitdaagden?
Durk: ‘In mijn ogen wel.’
Rechters: ‘Nooit iets van verzet gemerkt?’
Durk: ‘Dat had ik wel moeten merken. Maar ze hebben nooit gezegd dat ik het niet moest doen, nooit ‘hou er mee op.’

De omgangsregeling bracht de zusjes steeds weer naar hun vader.
De jongste had nog niets te zeggen.
De oudste wilde niet, maar ging toch want anders moest haar zusje alleen.
Dan offerde ze zich op.
Uit loyaliteit en uit angst.
De oudste moest toen nog 16 jaar worden.

Aan de rauwe verkrachtingen – ontucht klinkt zo netjes in dit verhaal – kwam een einde toen het uitkwam, toen de familie het hoorde op het verjaardagsfeest van opa.

Durk geeft toe dat hij anders door was gegaan, misschien nu nog steeds.
Durk vertelt aan de rechters dat hij nu opgelucht is, dat hij blij is dat zijn kinderen na al die jaren zijn gaan praten.
Durk zegt dat hij misschien wel steeds heeft gehoopt dat het uit zou komen.
Durk zegt dat hij dan ook niet kwaad is op zijn ex en ook niet op de kinderen.

De psychiater en de psycholoog denken dat Durk niet een echte pedofiel is.
Ze zeggen wel dat hij een gebrekkige zelfbeheersing heeft.
Sluiten niet uit dat Durk wellicht lijdt aan situationele pedofilie.
Ze vinden dat de maatregel tbs met dwangverpleging een stap te ver is.

De reclassering rapporteert dat de kans op herhaling, op een terugval op korte termijn, laag is.
Maar dat op langere termijn niets valt uit te sluiten.
Behandeling is noodzakelijk, ambulant als het kan, klinisch als het moet.

Durk zegt dat hij open staat voor alles.
En dat hij het nooit weer zal doen.

De officier van justitie zegt dat als de rechtbank van mening is, dat de maatregel tbs moet worden opgelegd, zij zich daar niet tegen zal verzetten.
Maar het is niet haar eis.
De eis luidt: vijf jaar gevangenisstraf.

De advocaat had meer gedacht aan een taakstraf, waarmee ze, zegt ze, niets wil afdoen aan de ernst van de feiten.
Wat die zijn ernstig.
Maar dat een behandeling beter is, beter dan celstraf.

Ze zegt dat Durk een relatie vol seks heeft gehad met een 15-jarige, dat was ook in 2002.
Hij was daarmee naar de politie gegaan en de politie had toen geantwoord dat als een 15-jarige geen bezwaar maakt, dat Durk dan zijn gang maar moest gaan.

De advocaat: ‘Onbegrijpelijk. Wanneer de politie toen adequater had gereageerd, hem had gewezen op het strafrechtelijke karakter van die relatie, dat er dan misschien wel helemaal niets was gebeurd.’

De advocaat: ‘Durk is tien jaar geleden door de politie het bos ingestuurd en toen is hij in dat bos verdwaald.’

Aan het einde van de zitting proberen de Durken een brief voor te lezen.
Ik zie dat bovenaan de brief staat: spijtbetuiging, in grote letters.

Durk haalt diep adem, blauwe zakdoek.
Durk zoekt naar de woorden die hij heeft opgeschreven.
Durk barst dan weer in huilen uit.
Durk snikt dan – nauwelijks verstaanbaar – dat hij met zichzelf in het reine moet zien te komen.

En dan staan ze op en wordt Durk afgevoerd.
De oudste dochter had verklaard dat ze kan leven met een straf van vier jaar.
Wat de jongste dochter betreft mag haar vader wegrotten in de gevangenis.

Rob Zijlstra

UPDATE – 2 april 2012 – geen uitspraak
De rechtbank heeft geen uitspraak gedaan omdat de rechters zich onvoldoende voelen geinformeerd. Er moet nader onderzoek worden gedaan: de verdenking met betrekking tot de 15-jarige niet was niet bekend  het moment Durk door de psychiater en psycholoog werd onderzocht. Zij moeten dit feit bij het heronderzoek betrekken. De strafzaak is nu geschorst en wordt later – niet bekend is wanneer – voortgezet.

. .