Speerpunten


pleurt toch allemaal lekker op met die fucking shitbagger

De misdaad die in de rechtszaal haar gezicht aan het publiek toont varieert van ‘toe maar’ tot afgrijselijk.
De bestraffing is daar ook naar: van geen straf tot levenslang, tot nooit weer ziens.
Pesten en mensenhandel zouden twee uitersten kunnen zijn, maar in de rechtszaal ligt de bedrieglijke schijn altijd op de loer.

Melle (52) komt uit Marum.
Ghalasemabaldinh (34) is van Teheran.
Melle is een pester.
Ghalasemabaldinh een mensenhandelaar.
Ze hebben gemeen dat ze de beschuldigingen ontkennen.

Melle zat vaker in de verdachtenbank, steeds voor hetzelfde.
Hij valt een dorpsgenoot lastig.
Het stadium van pesten is gepasseerd.
Het heet nu stalken.
Bijzonder is dat niemand weet waarom hij de dorpsgenoot het leven zuur maakt.
Melle weet dat zelf ook niet.

In de misdaad is een motief vaker zoek, maar doorgaans weet de pleger zelf wel waarom hij het heeft gedaan tenzij er sprake was van een monsterachtige dronkenschap.
Melle is de nuchterheid zelve.
Iets te wellicht.

Een paar maanden geleden vroegen de rechters aan Melle of er wel met hem viel te praten.
Hij antwoordde: ‘Nee, opsodemieteren.’
De rechters vroegen of het waar is waarvan hij wordt beschuldigd.
Melle zei toen: ‘Pleurt toch allemaal lekker op met die fucking shitbagger.’

Melle zat al eens drie maanden in de cel wat van hem geen beter mens had gemaakt.
Eenmaal vrij zette hij zijn onduidelijke, maar verbeten strijd tegen de dorpsgenoot voort.
Zelf vindt hij niet dat hij een stalker is.
Hij is immers niet gewelddadig.
Hij doet andere dingen.
Hij hindert zijn dorpsgenoot met zijn auto in het verkeer, hij zou paaltjes van de afrastering uit de grond hebben gewrikt, hij roept en gluurt naar binnen via het badkamerraam.
Elke dag, al vier jaar lang.

In de afgelopen maanden is onderzoek gedaan naar de mogelijkheden om Melle te voorzien van een enkelband.
Met de burgemeester als bemiddelaar (‘opzouten’) wil hij niet praten, maar zo’n bandje met gps om de enkel wil hij wel, zo werd deze week duidelijk.

De officier van justitie wil nu met elektronisch toezicht een locatie- en contactverbod.
Zij denkt dat het voor iedereen beter is dat Melle niet meer in de buurt komt de dorpsgenoot.
Ze waarschuwt: ‘U mag hem niet benaderen, niet sms’en of e-mailen, u mag hem niet eens aankijken.’
Ook moet Melle zich melden bij de forensische psychiatrie.
Houdt hij zich niet aan afspraken, dan wacht hem zes maanden gevangenisstraf.
En omdat het Openbaar Ministerie er niet is voor de grappen, moet Melle voor de derde keer een werkstraf uitvoeren, ditmaal eentje van 120 uur.

Dat is de eis die de officier van justitie op tafel legt.
Ze zegt: ’Het is met grote aarzeling, maar hij krijgt dus nog een laatste kans.’

Tot halverwege 2012 was Melle een onbekende voor de politie.
Op een dag ging er iets mis.
Sinds die dag leeft hij van zijn slinkende spaargeld.

De rechters willen weten: ‘Hoe gaat het met u?’
Melle: ‘Slecht. Ik zit elke keer hier.’
Rechters: ‘Wat doet u?’
Melle: ‘Ik ben met 150 uren werkstraf bezig, in Veenhuizen.’
Rechters: ‘Is dat nog van die vorige veroordeling?’
Melle: ‘Ja. Ik moet er met mijn eigen auto heen, naar die klootzakken. Het kost me klauwen met geld.’

Dan Ghalasemabaldinh van Teheran.
Hij woont op een steenworp afstand van Melle, in Friesland, net over de grens.
Maandag aanstaande doet de rechtbank in zijn zaak uitspraak.
Als het waar is wat de officier van justitie beweert, dat Ghalasemabaldinh een mensenhandelaar is, dan is hij dat niet altijd geweest.
In Teheran was hij architect in overheidsdienst.
Dat zou hij wel weer willen zijn, maar zijn kunde daar past niet een op een met onze bouwwensen hier.
Hij zegt dat hij nu binnenhuisarchitect wil worden.

Mensenhandel wordt gezien als een van de zwaarste vormen van criminaliteit.
Het is georganiseerd en internationaal.
De rechtbank in Noord-Nederland heeft een speciale mensenhandelstrafkamer in het leven geroepen.
De politie roept al heel lang dat de aanpak van mensenhandel een speerpunt is.
Dan is het extra belangrijk en krijgt het bijzondere aandacht in de opsporing en in de jaarverslagen.
Het resultaat is dat er zo heel af en toe een verdachte mensenhandelaar terechtstaat.

Op 3 oktober 2013 onderschepte de douane een pakketje waar een adres in Istanbul op stond.
Het pakketje bevatte een vals Grieks en een vals Albanees paspoort.
Speurwerk wees uit dat het pakketje bij een Bruna-winkel in Delft op de post was gedaan.
En dat Ghalasemabaldinh de afzender was.
Dat laatste ontdekten ze omdat zijn naam op het pakketje stond.

De man zegt dat hij niet wist dat de paspoorten vervalst waren.
Hij merkt op: ‘Had ik dat wel geweten, dan had ik mijn eigen naam er toch niet opgezet?’
De officier van justitie volgt deze Iraanse wijsheid niet en zegt dat de verdachte voorbereidingshandelingen heeft getroffen.
En dat dat strafbaar is.

Aan het strafproces dat ruim vijf uren duurt valt voor een toehoorder zonder dossier nauwelijks een touw vast te knopen.
In een pension in Istanbul – waar het valse pakketje afgeleverd had moeten worden – verblijft een man die mensen zou smokkelen vanuit Iran naar Frankrijk.
In diens opdracht ging Ghalasemabaldinh van Friesland naar een restaurant op een kilometer lopen van het station in Rotterdam.
Daar kreeg hij de twee paspoorten en ging vervolgens naar de Bruna in Delft.
De kosten van deze onderneming over de spoorwegen werden betaald door een vrouw uit Leeuwarden.

De rechters zeggen dat het allemaal wel een beetje gek is.
Ghalasemabaldinh zegt dat hij zelf via slinkse wegen in Nederland is beland en dat hij daarom dus dingen weet over visa.
Nu helpt hij wel eens anderen, uit humanitaire overwegingen.
Hij had er geen geld voor gekregen.
Hij vertelt dat hij handelt in klassieke tapijten die hij van Italië of Griekenland naar Turkije verscheept.
Rechters: ‘Huh? Maar een tapijt heeft toch geen visum nodig?’
De lange naam: ‘Voor Turkije wel.’

Misschien is het helemaal niet waar wat Ghalasemabaldinh beweert en is hij een gewiekste misdadiger die radeloze mensen onder erbarmelijke omstandigheden over grenzen smokkelt om daar zelf beter van te worden.
De strafeis doet evenwel vermoeden dat de man niet onder het speerpunt valt: 44 dagen celstraf die hij niet hoeft uit te zitten.

Ik dacht, laat Melle het niet horen.

Rob Zijlstra

update – 3 april 2015 – uitspraak
Melle is door de rechtbank veroordeeld tot 181 dagen celstraf waarvan 180 voorwaardelijk en een taakstraf van 120 uur. Aan het voorwaardelijk deel is een reeks voorwaarden gekoppeld, waaronder het locatieverbod dat met een enkelbandje moet worden gecontroleerd. Melle was niet bij de uitspraak aanwezig.

De zwembadmoord

Schermafbeelding 2013-09-27 om 08.14.17Vroeger, sprak de oude journalist, schreven we op wat wij wisten.
Tegenwoordig, vervolgde hij wat nukkig, schrijven ze op wat ze horen.

Dit las ik ergens.

Alles wat ik weet over de zwembadmoord in Marum heb ik vandaag gehoord in de rechtszaal.

Op 10 juli 2012 werd nabij het zwembad in Marum de toen 40-jarige Jan Elzinga doodgeschoten.
Dat gebeurde even na zeven uur in de vroege ochtend.
Jan Elzinga reed op zijn fiets toen het gebeurde.
Hij zwom in het zwembad bijna elke ochtend baantjes.
De schutter wist dat en had zich verstopt in de bosjes.
Jan Elzinga  riep nog naar zijn moordenaar: ‘Wat is dit?’

Wat ik ook weet – maar dan van huis uit – is dat twee dingen die tegenstrijdig aan elkaar zijn, niet tegelijkertijd waar kunnen zijn.

Pascal (36) uit Zwolle zegt dat hij de man is die in de bosjes had gezeten.
En ook dat hij heeft geschoten.
Hij deed dat in opdracht en voor geld.
Een huurmoordenaar wil hij zichzelf niet noemen, want hij is geen slecht mens.
Een goed mens als huurmoordenaar, dat gaat niet samen.
Dat geeft een storend beeld.

Een beroepsdeskundige van het Pieter Baancentrum zei later tijdens de zitting dat een heel stabiel mens heus een moord kan plegen en iemand met een anti-sociale persoonlijkheidsstoornis juist heel goed niet.
Deze deskundige zei ook dat Pascal wel stoornissen heeft, maar dat die niet hebben geleid tot een doorbraak, tot het levensdelict.
Er was geen doorbraak.
Sterker: er zit een heel gat tussen de stoornis en het delict.
Pieter Baan zegt dat Pascal eigen keuzes heeft gemaakt en dus volledig toerekeningsvatbaar is.

Twee andere deskundigen zeggen van niet en adviseren tbs met dwangverpleging.
Zij zeggen over Pascal dat hij onvoldoende zijn wil overeenkomstig zijn inzicht kan bepalen.
Man is daarmee levensgevaarlijk en moet opgesloten en behandeld.

Beide visies van deskundigen kunnen niet tegelijk waar zijn.

Pascal zegt dat hij vooral slachtoffer is van de manipulerende Willem (45) uit Kampen, de man die hij als vriend beschouwde, zelfs eens als broer.
Willem, zegt Pascal, heeft de opdracht gegeven om Jan Elzinga dood te schieten.
Willem, zegt Pascal, heeft ook alles voorbereid.
En ik, zegt Pacal, heb het gedaan.

Willem ontkent.
Willem heeft er niets mee te maken, hij is anders dan Pascal zegt, nooit in Marum geweest en van Jan Elzinga – zegt hij tegen de rechters – heeft hij nog nooit gehoord.
Dat Pascal van alles met grote stelligheid wel beweert, vindt hij verschrikkelijk.
Ook voor de nabestaanden.

Pascal en Willem kunnen niet allebei tegelijk waar zijn.

Nu is het zo – weet ik – dat wij aan hem die een bekentenis aflegt en zichzelf niet spaart – sterker – zichzelf belast – dat wij mensen aan zo iemand een grotere betrouwbaarheid toedichten dan aan iemand die wordt beschuldigd en dat ontkent.
Anders gezegd: we neigen Pascal te geloven, terwijl we Willem met z’n ontkenningen maar onbetrouwbaar vinden.
Peter van Koppen zal zoiets vast en zeker – maar ik weet het niet – een valkuil voor rechters noemen als het om waarheidsvinding gaat.

Want stel: Willem liegt niet, hij heeft er niets mee te maken.
Waarom heeft Pascal op die zomerse dinsdagochtend Jan Elzinga doodgeschoten?
Advocaat Evert van der Meer (advocaat van Willem): ‘We kunnen niet uitsluiten dat Pascal niet alles vertelt, om anderen voor wie hij bijvoorbeeld heel erg bang is, uit de wind te houden.’

Stel: Willem liegt en hij heeft er wel mee te maken.
Ook dan: waarom?
Wat is het motief?
Waarom moest Jan Elzinga dood?

De politie heeft het uitgezocht en vastgesteld dat Jan Elzinga niet per ongeluk is doodgeschoten.
Er was geen sprake van scenario 4, een persoonsverwisseling.

Jan Elzinga was een lieve en zorgzame man, tikkeltje eigenwijs, maar geen crimineel.
Hij was wel vreemdgegaan en dat had zijn partner ontdekt.
Relatie in een dip(je)?
Moet het in die richting worden gezocht?
De politie heeft dat gedaan.
De partner van Jan Elzinga is verdachte geweest, evenals haar broer.
Na twee weken is dit scenario doorgestreept, zo de prullenbak in.

Jan Elzinga was actief in de motorwereld, geen wereld van de ranja en de spekjes.
Speelde daar iets stoers?
Speelde hij vals, dronk hij Buckler, nam hij vol genoegen de vrouw van de motorpresident wellicht?
Van niets is iets gebleken.

Rest: stomme hennep.
Tijdens de slachtofferverklaring van de verdrietige moeder van Jan werd de pers gehekeld.
In de kranten had gestaan en ‘t was ook op de radio – dat Jan een afrekening was, een afrekening in het criminele circuit.
Dat had de familie veel pijn gedaan, want Jan was geen crimineel, hij was juist lief en zorgzaam.
Laat nou uitgerekend dat, lief, zorgzaam en crimineel, helemaal voor je 87-jarige moedertje, uitstekend samengaan.

Ik weet het niet, hoor van alles.
Wat ik hoorde is dat het Openbaar Ministerie rekening houdt met een hennepkwestie en dus met een conflict over geld, want zo plat is de hennepwereld vandaag de dag.
Nooit gaat het over kwaliteit of duurzaamheid in die sector, maar dit terzijde.

Jan Elzinga was geen grote speler op het hennepveld, maar deed een beetje mee.
Op zijn TomTom stonden tal van adressen ingetoetst (geregistreerd ook), adressen waar hennepkwekerijen zijn aangetroffen.
Hij had iets met hennep, zijn voorliefde voor tractoren en met maisvelden.

Daar zit een raakvlak met Willem.
Willem zat in de antiek, in glaskunst en – hoe dan ook – in de hennep, dat heeft hij wel ruiterlijk willen toegeven.

Nog een ding.
Het Openbaar Ministerie zegt dat Pascal 14.700 euro heeft gekregen voor het doodschieten van Jan Elzinga.
Pascal zegt dat zelf ook.
Hij zegt dat hij dat geld heeft ontvangen van Willem.
Van de ontkennende Willem.
Toen hij het kreeg had hij er een heel goedkope auto voor gekocht.

Het Openbaar Ministerie zegt dat ook Willem 15.000 euro heeft ontvangen als beloning.
Dit geld is ook bij hem aangetroffen, in dezelfde samenstelling van biljetten als bij Pascal is gevonden.
Briefjes van vijftig, in pakketjes van duizend, met een wikkeltje erom.
Via een ontnemingsvordering wil de officier van justitie dit geld hebben.
Want het is immers criminele winst wat niet mag lonen.

Pascal heeft het geld van Willem gekregen.
Maar van wie heeft Willem dan het geld gekregen?

Vragen, zoveel vragen nog.
Maar aan wie?

De officier van justitie eiste – wegens moord – medeplegen moord –  tegen Pascal 15 jaar gevangenisstraf ,
De officier van justitie eiste – idem – tegen Willem 18 jaar.
Pascal was een marionet, Willem het meesterbrein.

De rechtbank vindt het op voorhand al moeilijk.
Daarom werd aangekondigd dat niet over de gebruikelijke twee, maar pas over vier weken uitspraak wordt gedaan.

Misschien dat wettig en overtuigend in deze zaak niet tegelijkertijd samengaan.

Vroeger, verzuchtte de oude journalist, was alles veel eenvoudiger.
Dan had je het gedaan.
Of niet.
Maar tegenwoordig…

Rob Zijlstra

.

UPDATE – 24 oktober 2013 – uitspraken
Pascal E. (36) is conform de eis veroordeeld tot 15 jaar celstraf wegens het medeplegen van moord. Hij heeft, zo staat in het vonnis, Jan Elzinga in koelen bloede doodgeschoten. Na de moord ontving hij 15.000 euro   en ging hij met zijn gezin op vakantie.
Willem P. (45) is de opdrachtgever. Het bewijs is de verklaring van Pascal E. Die verklaring wordt ondersteund door anderen feitelijkheden die – opgeteld – voldoende zijn om de rechtbank te overtuigen van P.’s schuld. Zijn straf: 18 jaar (ook conform)

Het motief blijft onduidelijk, de riekende geur van hennep blijft.

Opmerkelijk is dat de rechtbank geen uitspraak heeft gedaan in de twee ontnemingsvorderingen.
De rechtbank heeft vrijdag laten weten dat op donderdag 7 november uitspraak wordt gedaan in de ontnemingsvorderingen

vonnis Pascal E.
vonnis Willem P.

UPDATE – 11 november 2013 – ontnemingsvordering 
Pascal E. moet het geld dat hij van Willem P. heeft gekregen afdragen. Het wederrechtelijk verkregen voordeel zoals het heet bedraagt volgens de rechtbank 9.500 euro. Pascal E. heeft 14.700 gekregen voor het plegen van de moord. Van dat geld heeft hij een auto gekocht van 2.800 euro. Die auto is in beslag genomen. Daarnaast is een bedrag van 2.400 euro contant in zijn woning aangetroffen. Dit is in beslag genomen.

Willem P. moet 15.000 euro afdragen. En dat is merkwaardig. Volgens medeveroordeelde Pascal E. hebben zowel hij als Willem P. ieder 15.000 euro ontvangen voor de moord. Pascal heeft het geld van Willem gekregen. De vraag is dan: van wie heeft Willem het geld gekregen. Het vonnis suggereert dat er een derde partij is die tot nu toe onbekend is gebleven.

Het Openbaar Ministerie zegt dat de ontneming van Willem P. is gebaseerd op de verklaring van Pascal. Niet meer niet minder. Er is wel onderzoek gedaan naar de vraag wie dan de grote geldgever is. Dat onderzoek zegt een woordvoerster namens de officier van justitie niets opgeleverd.

De rechtbank schrijft in het vonnis van de ontneming dat het aannemelijk is geworden dat veroordeelde Willem P. 15.000 euro heeft ontvangen voor het plegen van de moord.

Dan zou je ook kunnen zeggen: de echte opdrachtgever van de moord op Jan Elzinga loopt nog vrij rond.

 vonnis ontneming pascal e.
vonnis ontneming willem p.

De mooie leugen

foto: peter wassing (archief dvhn)

Zittingszaal 14, de grootste rechtszaal van de rechtbank in Groningen, is de meest bizarre openbare ruimte van heel Groningen.

De ruimte op zich stelt niet zo heel veel voor.
Er hangen kunstwerken in zachte pastelkleuren aan de muur – als tegenhanger van de harde feiten van de misdaad.
Dat beoogde de kunstenaar die, hoe wrang, zelf bij een naar auto-ongeluk om het leven kwam.

In de hoek staat Beatrix.
Aan het plafond hangen aan draadjes boxen van Bose voor het geluid, er zijn camera’s voor de veiligheid en er zijn grote televisieschermen die maar zelden worden gebruikt.

Er valt veel meer te vertellen.
Dat het Groninger gerechtsgebouw, anders dan je misschien zou denken, helemaal geen 14 zalen of nog meer heeft, zo er ook – heel raar – geen tweede verdieping is.
Na de eerste komt de derde.
Ach, u moet zelf maar eens gaan kijken.
De koffie kost er slechts 45 cent.

Het bizarre van zittingszaal 14 zit ‘m natuurlijk in de verhalen die er (moeten) worden verteld.

Donderdag luisterde ik heel de ochtend naar de 34-jarige Anan uit Algerije die op een dag met de trein naar Groningen was gekomen.
Hij had zeventien maanden in Rotterdam in de vreemdelingenbewaring gezeten.
Op zijn eerste dag in vrijheid ging hij, als ongewenst mens, naar de disco.

De officier van justitie zei: ‘Om zich vol te laten lopen.’
Toen hij vol was, waggelde hij naar de Nieuwstad en klopte met 40 euro aan bij een prostituee.
De officier van justitie: ‘Om haar op gruwelijke wijze te verkrachten.’

Anan ontkent.
Hij zegt tegen zijn tolk: ‘Wel seks, geen geweld.’
De tolk: ‘Hij schaamt zich.’
De officier van justitie: ‘Lariekoek, ik eis 4 jaar celstraf.’

Na Anan kwam Tammo.

Tammo zei, toe maar.
Hij zou zijn dronken ex hebben mishandeld.
Tammo zei: ‘Ach.’
De officier van justitie: ‘Meneer zit al drie maanden vast en dat is mooi genoeg geweest.’
De advocaat: ‘Zo is het maar net.’
De rechters: ‘Heeft u het begrepen? De officier van justitie eist dat u vandaag nog naar huis mag. Dat is me toch een heugelijke mededeling.’
Toe maar, zei Tammo weer.

Tammo ging, Hans kwam.
Met hem werd het avondwerk in zittingszaal 14.

Soms denk je dat je na honderden strafzaken, duizenden uren aan de perstafel, alles wel zo een beetje hebt gehad, gehoord en gezien.
Maar dat is dus niet zo.
Het kan in de rechtszaal altijd nog gekker, nog rauwer.
Er zijn kennelijk geen grenzen aan de triestheid van het bestaan.

Hans, 27 jaar, keilde na een woordenwisseling met zijn vader, met een steen uit de voortuin een ruit in en vertrok.
Met de auto reed hij naar het Esso-tankstation, dronk daar wat en nam een besluit.
Een laatste redmiddel.
‘Ik had niets meer te verliezen’, zegt hij tegen de rechters.

Hij reed terug en parkeerde de auto honderd meter van de ouderlijke woning.
Hij rookte nog een sigaret en deed – wat hij anders nooit doet – de gordels om.
En gaf plankgas, recht op de woning van zijn ouders af met, dacht hij zelf, 70 tot 80 kilometer per uur.

De auto ramt het lage stenen muurtje, wordt gelanceerd en knalt door de glazen ruiten in de voorgevel om in de woonkamer tot stilstand te komen.

De rechters: ‘Waar eerst de eettafel stond, stond nu uw auto. Kunt u zich voorstellen dat uw ouders vreselijk zijn geschrokken?’
Hans knikt en er verschijnt een pijnlijke lach op zijn gezicht.
Zegt: ‘Dat was ook de bedoeling. Ik laat me niet kapot maken.’

Hans vertelt met een stem die verzadigd is van wanhoop dat hij zielsalleen in de wereld staat, dat niemand hem wil helpen, de huisarts ook niet.
Dat hij zo onvoorstelbaar ongelukkig is en eenzaam, zich onbegrepen voelt, dat hij sinds zijn twaalfde slaapproblemen heeft, dat eerst alcohol en later drugs, vooral speed, hem enige verlichting geeft.

Hij zegt dat hij recht heeft op de waarheid, die nu voor hem verborgen wordt gehouden door de poppenkast die zijn ouders voor de wereld opvoeren.
‘Mijn moeder is een egoïst. Zij geniet ervan mij geestelijk pijn te doen.’

De rechters: ‘U klinkt nogal mysterieus.’
Hans: ‘Ik wil niet dood.’

Psychiaters en psychologen zeggen dat er sprake is van wanen die zijn gedrag sturen.
Wanen die sterker zijn dan de wil zodat hij geen keuzes kan maken.
Conclusie: volledig ontoerekeningsvatbaar.

De officier van justitie zegt dat Hans zich schuldig heeft gemaakt aan pogingen tot zware mishandeling met voorbedachten rade.
Een strafbaar feit, maar de verdachte is geen strafbare dader.
De eis: ontslag van alle rechtsvervolging en een gedwongen opname voor een jaar in een psychiatrisch ziekenhuis.

De verdrietigste ouders schreven een brief aan de rechters die tijdens de zitting wordt voorgelezen.
Ons huis is kapot, maar een huis, ach, dat zijn maar stenen.
Ze schreven: ‘Maar onze jongen is stuk en hem bouw je niet zomaar weer op. Als hij eerder hulp had gekregen, dan hadden we hier vandaag niet gestaan.’

Hans reageert: ‘Een mooie leugen.’

Rob Zijlstra

• ontslag van alle rechtsvervolging

 art. 352, lid 2 Wetboek van strafvordering

.

UPDATE – 6 oktober 2011 – uitspraak
De rechtbank en het openbaar ministerie zitten op een lijn: Hans is schuldig, maar is niet strafbaar en dus volgt ontslag van alle rechtsvervolging. Hij wordt nu op last van de rechtbank opgenomen in een psychiatrische inrichting voor maximaal een jaar.

.

Lelijke orgie

Het was een lelijke rechtszaak.

De officier van justitie deed bijvoorbeeld lelijk tegen de zes verdachten.
Lelijk was ook dat aan het einde van de bijna zeven uur durende zitting nog altijd niet duidelijk was wat er nou precies was gebeurd.
En wie van de zes de lelijkste dingen had geflikt.

Dat er wat was gebeurd, stond niet ter discussie.
De slachtoffers waren lelijk toegetakeld.
Twee hadden bewusteloos op de grond gelegen.
Volgens de officier van justitie in een plas van bloed.
Zij sprak van een orgie van geweld en dat de vredige sfeer van kerst die nacht ver te zoeken was geweest.

Het is 27 december, rond vier uur in de ochtend in discotheek De Kruisweg in Marum.
De lampen gaan aan want het is sluitingstijd.
Op dat moment ontstaat in de grote zaal heibel en gesodemieter.
Drie lastige bezoekers – de latere slachtoffers – krijgen lelijke woorden met de baas van De Kruisweg.
Portier Klaas wordt via zijn oortjes opgeroepen en voert de drie richting de gardrobe.
Er sneuvelt glaswerk.
De drie krijgen te horen: jassen pakken en wegwezen.

Maar het gaat het mis.
De lastige drie beginnen te schelden.
Ze roepen dat Klaas een stomme Berber is en een kut-Molukker.
Dat als ze willen ze hem zo doodschieten.
Klaas, 58 jaar, vijftien jaar zonder kleerscheuren portier in Marum, deelt een duw uit.
Er wordt gevallen wat gepaard gaat met racistische opmerkingen.
Dat is altijd lelijk.

Portier Klaas telt tot tien en verlaat het strijdtoneel.
Tegen de rechters: ‘Ik dacht, dan kalmeert het wel, ik wilde geen rode doek zijn.’
Maar eenmaal buiten beseft hij dat zijn collega-portier Andre, 47 jaar oud en 25 jaar probleemloze ervaring in het uitsmijtersvak, er nu alleen voorstaat.
Daarom keert Klaas terug.
Opnieuw wordt hij geprovoceerd.

Hij zegt tegen de rechters: ‘En toen kon ik mij niet meer inhouden, toen heb ik klappen gegeven. Ja. Als eerste. Ik heb mij niet professioneel gedragen.’
Later zal hij zeggen: ‘Ik voelde mij op dat moment een verliezer.’

De klappen van Klaas vormen het begin van een massale knokpartij waarbij de drie bezoekers flink te grazen worden genomen.
Eerst in de gardrobe en daarna buiten.

Klaas zegt dat hij het bij die eerste klappen heeft gelaten.
College Andre: ‘Ik heb een van hen een voetveeg gegeven, om rust te creëren. Nadat ik hem tegen de grond had gewekt, heb ik hem gesommeerd kalm te blijven, in afwachting van zijn aanhouding. Ik probeerde het geweld te stoppen.’

Maar de officier van justitie zegt dat de twee portiers de boel hebben opgehitst.
Want na die eerste klappen van Klaas storten diverse jongeren – ook bezoekers – zich op de drie lastpakken die dan al snel slachtoffer worden.

Vier van de diverse jongeren zaten ook in de verdachtenbank.
Bas (23) zegt: ‘Het is een beetje een gewoonte bij ons. Als een oudere Molukker wordt aangevallen, dan helpen de jongeren.’
Ramon (24): ‘Ik ben er tussen gesprongen om te sussen. Toen heb ik wel geslagen.’
Bert (18): ‘Als er problemen zijn, dan help je. Maar ik heb niet geschopt.’
Alex (19): ‘Ik heb niks gedaan.’

Alex, de allerkleinste van het stel, had bij de politie wel verteld dat hij had meegedaan.
Tegen de rechters: ‘Ik vond het niet stoer om te zeggen dat ik niks had gedaan. Daarom heb ik gezegd dat ik ook heb gevochten, een beetje opgeschept. Maar het was dus niet waar.’

In werkelijkheid had Alex buiten gestaan, achter een van de portiers. Juist op het moment ook dat die een stevige vuistslag weet te ontwijken door te bukken.
Alex gaat met sterretjes onderuit.

Tegen de rechters: ‘Als ik had geschopt, zoals de officier zegt, dan had ik toch niet hoeven te verzinnen dat ik had meegedaan?’
De officier van justitie zal later aan deze logica vrijspraak verbinden.

Beelden van de beveiligingscamera’s hadden duidelijkheid kunnen brengen over wie en wat.
Maar er zijn geen beelden.
De computer is geprogrammeerd op zaterdagen van ’s avonds elf tot vier uur in de ochtend.
En het was die nacht vrijdag op zaterdag.

De officier van justitie zegt niet dat dat wel een beetje verdacht kan zijn.
Ze zegt wel dat ze zich nu moet baseren op de aangiftes van de verdachten en op verklaringen van andere bezoekers.
En daaruit destilleert de officier de volgens justitie ‘ontluisterende waarheid’: dat er niet alleen hard is geslagen, maar dat ook door iedereen flink is geschopt met geschoeide voeten tegen de hoofden van bewusteloze slachtoffers in een plas met bloed.

Zoiets is in justitiekringen al snel goed voor een serie pogingen tot doodslag.
Maar omdat de officier het ook niet precies weet, is aan de verdachten openlijk geweld ten laste gelegd, bij Klaas de toevoeging met zwaar lichamelijk letsel.
Bij openlijk geweld mag de bewijslast light zijn.

Klaas zegt dat hij misschien te oud wordt voor dit werk.
Hij heeft al kleinkinderen.
Andre zegt dat hij zijn werk deed zoals dat van een portier mag worden verwacht.
De officier van justitie concludeert bozig: ‘U beiden heeft er dus niets van geleerd.’

Er worden uiteindelijk werkstraffen geëist, 240 uur voor Klaas, 200 voor Andre, drie jongeren horen werkstraffen tot 180 uur eisen.
Samen, behalve Alex, moeten ze de slachtoffers schadeloos stellen door 14.500 euro te betalen.
En als ze het nog een keer doen, dan wacht twee maanden celstraf.

Voor de twee portiers heeft de officier van justitie nog een advies, misschien wel goedbedoeld: als er nou weer heibel is, tel dan eerst tot twintig.
Lijkt mij bij gesodemieter in de disco een heel lelijk advies.

Rob Zijlstra


 

UPDATE – 28 oktober 2009 – uitspraken
DE rechtbank ziet de zaak ietwat anders dan het openbaar ministerie. Hoofdportier Andre is vrijgesproken. Wat hij deed als portier was acceptabel, vindt de rechtbank. Klaas is vrijgesproken van openlijke geweldpleging, maar veroordeeld tot 120 uur wegens mishandeling (die eerste klap). Portiers dienen zich te beheersen.
Drie anderen kregen werkstraffen opgelegd tot 180 uur en voorwaardelijke celstraffen tot twee maanden. Stoere Alex is vrijgesproken.