De slimste

de minst slimme verdachte van deze week moet Aran zijn

Er wordt wel gezegd dat de misdaad nooit eindig is.
Neemt het hier wat af, dan kun je er donder op zeggen dat het elders toeneemt.
Steeds meer, steeds vaker zijn in de misdaad veelvoorkomende begrippen.
Dat komt – denk ik – vooral omdat er zo veel mensen zijn die de misdaad onderzoeken, van lokaal tot internationaal.
Al die mini-bevindingen worden gepubliceerd en wij van de media zijn nooit te beroerd over die publicaties te berichten.
Steeds meer of steeds minder, het is steeds maar weer nieuws.

Ik vermoed dat er inmiddels meer mensen zijn die de misdaad bestuderen dan er uitvoerders van het metier zijn.

Pessimistische mensen zeggen dat de misdaad maar door kan gaan omdat de pakkans niet bijster groot is.
Als het niet hoeft van de verzekering, is de bereidheid aangifte te doen van een misdrijf laag.
Is al jaren zo.
Waarom?
Omdat menigeen van mening wil zijn dat het niet helpt.
Want ze pakken ze toch niet.

Dat laatste lijkt een volkswijsheid die wankelt.
Op basis van waarnemingen van de dagelijkse praktijk in zittingszaal 14 moet ik vaststellen dat de politie meer en meer de beschikking krijgt over slim (technisch) vernuft om de misdadige mens in de kladden te grijpen.
Wat ook meewerkt is dat de misdadige mens niet tot de categorie ‘de slimste mens’ behoort.
Je zou dan zeggen, eens moet de dag komen dat het met de misdaad is afgelopen.

Albert en Alie behoren met hun 67 en 65 levensjaren tot de categorie ‘oudere verdachten’, maar zijn verder heel erg van deze tijd: ze exploiteerden hennepplantages.
Het ging allemaal wat minder en ze konden dus wel wat extra centjes gebruiken, vertelt Albert aan de rechters.
Alie is wel verdachte, maar ze is er niet, zij zit thuis in Veendam, hulpbehoevend en kapot van de zenuwen.
Albert had op een kwade dag een paar schapen verkocht en met de opbrengst wat hennepstekjes aangeschaft op de parkeerplaats van Van der Valk.
In Winschoten kende hij een adresje voor lampen en andere kweekbenodigdheden.
Jawel, Alie wist er van.

Het kan bijna niet anders dan dat de politie heus weet waar, op welke adressen, hennepkwekerijen zitten.
Zo ingewikkeld kan dat – helemaal met de stroomleverancier in je ploeg – niet zijn.
Dat er maar één kwekerij per dag wordt ontmanteld, heeft met de bezetting te maken.
Voor meer is domweg geen tijd.

Albert en Alie hadden een uitkering en leefden heel onhandig boven hun stand.
De politie kreeg daarover een tip, ging kijken en trof op twee verstopte plekken in en rond de woning 494 hennepplanten aan en nog eens anderhalve kilo henneptoppen.
Behalve het ‘groene goud’ werden twee Mercedessen, een paardentrailer, een caravan, twee quads en een fonkelnieuwe zitmaaier in beslag genomen.

Aan stroomleverancier Enexis hebben Albert en Alie 10.000 euro moeten betalen in verband met illegaal afgetapte stroom.
Er is een langlopende regeling getroffen.
Wie uit de financiële misère wil geraken en om die reden hennep gaat telen, moet wel niet slim zijn.
Albert probeert de schade nog te beperken door tegen de rechters te zeggen dat hij maar één keer heeft geoogst, maar dat hij die niet heeft weten te verzilveren.
Rechters horen dat altijd.
De politie had ter plaatse de kalkafzetting opgemeten, geroken aan de algengroei, het groeiresidu bemonsterd en de kleuren van de koolstoffilters bestudeerd.
Op basis hiervan werd slim berekend dat Albert en Alie 77.000 euro hebben verdiend met hun misdaad.
Dat geld moeten ze nu aan ons betalen (staatskas), zo wil het Openbaar Ministerie.

Gijs en Bert zijn samenwonende broers en waren ook niet slim bezig.
Toen de politie bij hen op de stoep stond, was Gijs niet verrast.
Hij wist, op een dag is het voorbij.
Ook hun misdaad kent een grote pakkans, maar te weinig politiemensen om dat ook daadwerkelijk te doen.
In Denemarken en in Rusland doken bij lokale politie-onderzoeken ip-adressen op.
Een deel van die unieke computernummers kon worden gekoppeld aan Ziggo Nederland.
Met hulp van deze provider rolden tientallen namen van de bij de ip-adressen horende Ziggo-abonnees uit de computer.

Waarom Gijs en Bert aan de beurt waren, is niet bekend.
Wel vond de politie op harde schijven, usb-stick’s en op gebrande cd-rom’s meer dan 3 miljoen foto- en filmbestanden.
De politie scande met speciale software tien procent van alles wat uiteindelijk 28.000 foto- en filmbestanden vol ranzige kinderporno opleverde.
Gijs, met 53 jaar de oudste broer, zei dat hij een mededeling voor de rechters had, het betrof een belangrijk vaststaand feit: ‘Ik ben het strontzat.’
Bert had een beetje moeten huilen.
De advocaat verzocht de rechters het te laten bij een werkstraf van 40 tot 80 uur.
De officier van justitie eiste 12 en 15 maanden gevangenisstraf zodat beide mannen ook hun banen kwijtraken.

De minst slimme verdachte van deze week moet Aran zijn.
Hij is net 19 jaar en dus een jongen van de digitale tijd, van na de platenspeler.
Aran heeft ingebroken dan wel is hij in het bezit geweest van gestolen goed.
Dan is hij geen inbreker, maar net zo erg een heler.
Uit een woning haalde hij en of zijn vrienden – zegt de aanklager – een verzameling whisky, een drankje van vroeger, maar heel populair onder jeugd van nu.

Uit een andere woning pikte hij en/of zijn matties computers, sieraden, contant geld en een mobiele HTC-telefoon.
Ook Aran liep tegen politie-vernuft aan.
Inbrekers die mobiele telefoons stelen zijn niet alleen niet slim, maar ook ontzettend dom.
Mobiele telefoons zijn de grootste verraders van deze tijd.
De politie kon na de misdaad al heel snel zien dat het HTC-toestel werd voorzien van een andere sim-kaart en vervolgens dat er mee werd gebeld.
Met 06-nummers.
Die werden in kaart gebracht en zo konden ze het toestel traceren: op de slaapkamer van Moki, naar later zou blijken een vriendje van Aran.

Het toestel bracht de hele misdaad aan het licht: er stonden duizenden WhatsApp-berichten in opgeslagen waarvan er 800 als verdacht werden bestempeld.
Die berichten gingen over brakka’s, osso’s en doekoes, over inbraken, over huizen en over geld.
‘Ik heb doekoe nodig. Ik heb zin in een brakka, ja, we gaan een osso doen in Eelde’, appten Aran en zijn vrienden aan elkaar.

Aran ontkent, hij had zijn telefoon aan anderen uitgeleend.
Dat anderen appen over een koevoet, kan hij dus ook niet helpen.
Rechters: ‘Klopt het dat u bent aangehouden bij de Hornbach in verband met winkeldiefstal?
Ja, dat klopte wel.
Rechters: ‘En wat had u gestolen?’
Aran: ‘Een koevoet.’

Rob Zijlstra

uitspraak 11 september

Groningen – Assen

poesIn de krant stond vorige week een vermakelijk bericht.
Er was een poes in haar eentje van Groningen naar Assen gereisd.
Met de bus.
Oorspronkelijk kwam het beestje, al weken vermist, uit Leeuwarden.
Hoe een en ander is gegaan vertelt het bericht niet.
Bij dit vrolijke verhaaltje dacht ik eerst, wat een bijzondere poes.
Vervolgens: zou het wel echt waar zijn?

Op de dag dat de reislustige poes haar reis zou hebben gemaakt, moest de op Sardinië geboren Pelle (53) zich melden in zittingszaal 14 en dat was niet vanwege een vermakelijke gebeurtenis hoewel ook hij zich had verplaatst van Groningen naar Assen.
Pelle wordt beschuldigd van zes pogingen tot het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel bij politiemensen.
Dat het bij pogingen is gebleven komt omdat hij de uitvoering van de voorgenomen misdrijven niet heeft voltooid.
De agenten bleven ongedeerd.

Het is een raar verhaal dat zich in februari vorig jaar afspeelde.

Pelle staat met zijn kleine Daihatsu te wachten voor een verkeerslicht in Groningen.
Op een ander deel van de kruising staat een politieauto hetzelfde te doen.
De politieauto krijgt groen en trekt op.
Op dat moment zien agenten de Daihatsu de kruising oprijden, richting ringweg.
De dienders stellen eensgezind en rap vast: die rijdt door rood.

En dan gebeuren er alleen nog maar gekke dingen.

In de Daihatsu zit Pelle met een vriendin.
De twee agenten rijden achter hen aan, want het rijden door rood is niet wat is afgesproken.
Het valt de agenten op dat de auto een beetje slingert.
Besloten wordt om het voertuig aan de kant te zetten.
Om dat te bewerkstelligen wordt het stopteken gegeven.

De kleine Daihatsu trekt zich daar niets van aan.
In plaats van te stoppen rijdt Pelle de ringweg op, geeft flink wat gas en slaat op het Julianaplein linksaf, de A28 op, richting Assen.
De snelheden worden opgevoerd.
Ter hoogte van Haren gaan de toeters en bellen van de inmiddels twee achtervolgende politieauto’s aan.
Via de meldkamer wordt om bijstand gevraagd waarna nog eens twee politiewagens zich bij de achtervolgers aansluiten.
Het gaat er wild aan toe.
Zo wild dat een medeweggebruiker moet uitwijken en in de berm belandt.

Rechters tegen Pelle: ‘Wat een gekke toestand.’
Pelle: ‘Ik had het niet door. Ik had niet in de gaten dat het politieauto’s waren. Ik ben ook doof aan een oor.’
Rechters: ‘Had u een lijntje gesnoven, een lijntje cocaïne?’
Pelle: ‘Nee, ik gebruik geen drugs.’

De officier van justitie vertelt alsof het de gewoonste zaak van de wereld is dat de politie halverwege de achtervolging vanuit de berm langs de A28 heeft geschoten op de razende Daihatsu met Pelle en zijn vriendin er in.
Er was gericht geschoten op de banden, om de auto zo tot stilstand te dwingen, zegt de officier van justitie.
Er zijn geen aanwijzingen dat Pelle van de maffia is.
Hij bakt pizza’s.

De Rijksrecherche zal het vast en zeker hebben uitgezocht en in vertrouwen aan de politie hebben gerapporteerd dat de politie met dat geschiet de juiste keuze heeft gemaakt.
Misschien met de kanttekening dat de agenten in voorkomende gevallen wel raak moeten schieten.
Want de Daihatsu scheurde gewoon door.

Rechters: ‘Hoezo niks gemerkt?’
Pelle: ‘Ik was bang, ik was in paniek.’
Rechters: ‘Bang? Hoezo?’
Pelle: ‘Ik wilde zo snel mogelijk naar het politiebureau in Assen. Ik dacht als ik daar ben, dan ben ik veilig.’

Kort na de tweede afslag van de A28 in Assen wordt Pelle op een rotonde tot stilstand gedwongen omdat een politieauto opzettelijk tegen hem aan botst.
De rare gebeurtenissen zijn dan nog niet voorbij.
De agenten proberen hem met trek- en duwwerk uit de auto te krijgen.
Pelle: ‘En ik probeerde binnen te blijven.’

In die poging geeft hij nog een keertje gas waardoor de auto ineens achteruit schiet.
Een agent kan nog maar net wegspringen, een ander komt bijna klem te zitten.
Uiteindelijk wordt Pelle overmeesterd en wordt hij, lelijke woorden roepend, geboeid en afgevoerd.

Tijdens de achtervolging op de A28 zou hij ook hebben geprobeerd zijn volgers van de weg te drukken.
Rechters: ‘Beseft u dat het gevaarlijk is om op de snelweg met hoge snelheid te botsen.’
Pelle snapt dat en zegt: ‘Ja, heel gevaarlijk voor mij.’
De officier van justitie is er snel mee klaar. ‘Meneer heeft deze feiten bij vol verstand gepleegd, de zes slachtoffers zijn gezagdragers. Ik eis 24 maanden gevangenisstraf.’

Vier van de zes agenten hebben aangifte gedaan en eisen schadevergoedingen van tweemaal 350 en tweemaal 522 euro.
De advocaat van Pelle zei (vrije vertaling): ‘Tsss, agenten zijn getraind om weerbaar te zijn, bovendien zijn ze niet aan gort geslagen of zo.’

De vier politiemensen zeggen dat de achtervolging veel spanningen opleverde, een verhoogde hartslag ook en trillende benen tijdens die wilde rit. Een agent zegt dat ze uit angst had geschreeuwd tegen haar collega en dat ze nu gefrustreerd is en boos op de verdachte, de ander slaapt slecht omdat de film die hij ziet zich in bed steeds herhaalt.

Ik moest weer even aan dat bericht over die poes denken.
Dacht: zou dat nou wel echt zo zijn?

Rob Zijlstra

UPDATE  3 februari 2014 – uitspraak
Pelle is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 maanden, fors lager dus dan de eis. De rechters geloven niet dat hij niets van de achtervolging door de politie heeft gemerkt. Maar dat er een kans was dat de achtervolgende agenten zwaar lichamelijk letsel zouden oplopen, gelooft de rechtbank ook niet.  Anders is dat voor de twee agenten die Pelle wilden aanhouden. Dat had wel degelijk lelijk kunnen aflopen. Deze twee agenten hebben dan ook recht op schadevergoeding: 250 euro per persoon.

HET VONNIS

Politiekogels

24-kogels_23178976Harm heeft zijn beste kleren aangetrokken en wacht.
Hij wacht tot hij aan de beurt is.
Verdachten die in de middag in zittingszaal 14 moeten komen opdraven, hebben soms de pech van uren wachten.

Het is niet de enige pech van Harm.
Bijna een jaar geleden werd hij neergeschoten.
Een kogel ging door zijn hand.
Dat was de hand waarin hij het keukenmes vasthield.

Een tweede politiekogel ging eerst door zijn linkerbeen.
Er dwars door heen.
En toen door het rechter bovenbeen via een bot in de knie.

De knie is stuk en de kans dat Harm ooit weer gewoon zal kunnen lopen is er niet.
Hij heeft er dagelijks last van.
Traplopen gaat moeizaam, fietsen kan niet meer.

Zijn advocaat zegt dat Harm de rest van zijn leven invalide zal blijven.
Harm is veertig jaar en gaat met een persoonlijkheidsstoornis door het leven.
Borderline.
Hij heeft zo’n beetje alle psychiatrische instellingen in Noord-Nederland als eens bezocht.

Vorig jaar juli woonde hij bij zijn vriendin in Appingedam.
In zijn beste pak en met een vinger aan het hoofd vertelt hij gedetailleerd en met de rust van een dorp aan de rechters wat er is gebeurd.
Dat hij heel erg in zijn hoofd aan het denken was, dat zijn vriendin hem had geïrriteerd, dat hij een groot mes had gepakt en dat zij toen vluchtte, ging schuilen bij de buren.
Dat hij zijn broer had gebeld en had gevraagd of die snel wilde komen.
Als het mis dreigt te gaan belt hij altijd zijn broer.

De politie kwam rap met twee auto’s.
Harm tegen de rechters: ‘Ik keek naar het dienstwapen. De radertjes in mijn hoofd gingen werken. De gedachte was, hoe kan ik het wapen pakken. Ik vroeg me ook af of er een kogel inzat. Tegelijkertijd dacht ik, het heeft geen zin, het kan niet.’

De rechters: ‘U weet het allemaal nog precies.’
Harm: ‘Ik ben een denker.’

Een van de agenten maakte een opmerking.
Harm verstond dat als: ‘wie denk jij wel niet dat je bent?
Zegt: ‘En dat was net even te veel. Er zat zo veel adrenaline in mij. Ik dacht, wat jullie kunnen, kan ik ook.’

Hij pakt opnieuw een mes.
Voor hem staan vier agenten.
De afstand?
Vijf meter.
Harm: ‘Ze zeiden, leg het wapen weg. Ik hoorde dat wel, maar het drong niet door. Toen gebruikten ze peperspray. Dat hielp niet.’

Een eerste knal.
De kogel doorboort zijn hand.
Hij pakt het mes bij de punt en wil gooien.
Een tweede knal, in de benen.
Drie seconden later ligt Harm geboeid op de grond.
Hij moet huilen en roept naar zijn vriendin dat hij dit ook niet heeft gewild.

Rechters: ‘De agenten voelden zich bedreigd. Ze zijn bang geweest. Kunt u zich dat voorstellen?’
Harm: ‘Ja, eigenlijk wel.’
De rechters vertellen dat de agent heel lang heeft gewacht met schieten, omdat hem dat veel moeite kostte. Maar op een gegeven moment moest hij wel.’
Harm zegt dat hij het jammer vindt dat er is geschoten.

De officier van justitie komt met twee dingen.
Ten eerste, zegt hij, dat Harm de intentie had om met dat mes in zijn hand een agent te raken.
Maar dat er geen uitvoeringshandeling was van die intentie.
En dat er dus juridisch bezien gesproken dient te worden van een bedreiging.
Van een bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.

De strafeis: zes maanden celstraf, maar die geheel voorwaardelijk.
Een strafeis dus als een stevige waarschuwing.
In de hoop dat Harm – de denker – een volgende keer wel tien keer nadenkt alvorens hij nog een keer gekkigheid uithaalt.

Ten tweede: de agenten zijn heel bang geweest.
De officier van justitie: ‘Het was voor de betrokken agenten een zeer ingrijpende situatie.’
De agent die Harm neerschoot wil nu 750 euro smartengeld van hem hebben
De drie agenten die er bij stonden claimen elk 600 euro.

De officier van justitie: ‘De grondslag voor een immateriële schadevergoeding is er. Je bent agent, maar dat betekent niet dat je geen schadevergoeding kunt eisen. Een agent die moet schieten kan psychische schade oplopen. Wie dat niet ziet is een beetje wereldvreemd.’

Harm schrikt ervan.
Drie keer 600 euro en nog eens 750 erbij, dat heeft hij nooit.
Hij zegt: ‘Dit overrompelt mij. Ik heb maar een klein inkomen, ik zou niet weten waar ik dat geld vandaan moet halen.’

Harm’s advocaat schrikt niet maar zegt dat hij er grote moeite mee heeft.
Zegt: ‘Vier agenten hebben het gierend uit de klauwen laten lopen. Daar heeft Harm aan bijgedragen, maar de agenten ook. Die hadden de-escalerend moeten optreden. In plaats daarvan is het geëscaleerd.’

Harm’s advocaat zegt dat hij er grote moeite mee heeft dat agenten geld claimen van een verwarde man die geen cent heeft.
Hij vraagt: ‘En als die agenten dat geld dan krijgen, zijn ze dan niet meer bang?’

Rob Zijlstra

 

Schermafbeelding 2013-06-25 om 17.31.17.

 Vandaag ook  in Dagblad van het Noorden: de politie, een letselschade-specialist en de strafrechtadvocaat over de vraag ‘idioterie of passend bij de tijd van nu?’

geldzien

UPDATE – 1 juli 2013 – uitspraak
De rechtbank heeft vervroegd uitspraak gedaan. Harm is veroordeeld tot 2 maand voorwaardelijke celstraf. Aan de vier betrokken agenten moet hij 250 euro p.p. betalen. Motivatie in vonnis volgt.

UPDATE – 4 juli 2013 – motivatie
De rechtbank motiveert (helaas) niet waarom de agenten recht hebben op een immateriële schadevergoeding. Wel staat in het vonnis dat de geclaimde bedragen ‘ in de gegeven omstandigheden’ te hoog zijn.  Er staat verder: ‘Naar het oordeel van de rechtbank staat vast dat verdachte onrechtmatig heeft gehandeld jegens de agenten. Voor zover dezen daardoor schade in hun persoon hebben geleden kunnen zij immateriële schade vorderen.  Bedreigingen zoals door verdachte begaan kunnen zonder twijfel leiden tot immateriële schade…’

Jellebellen

KneppelDe samenvoeging van de politiekorpsen in Groningen, Drenthe en Friesland zal de criminaliteit in Noord-Nederland doen dalen.
Hoe of waarom is vooralsnog volstrekt onduidelijk, maar de voormalige burgemeester van Delfzijl, nu minister van justitie, heeft het beloofd.

Gelijk de politie hebben ook de drie noordelijke rechtbanken de handen ineen moeten slaan.
De rechtbanken in Groningen, Assen en Leeuwarden heten sinds drie weken Rechtbank Noord-Nederland.
Intern is er wel wat geharrewar, maar daar merkt niemand iets van.

Deze week kwam via Twitter wel even naar buiten dat medewerkers van de rechtbank in Leeuwarden zaten te jellebellen tijdens een gezamenlijke cursusdag.
Op de bewegwijzering naar het juiste cursuszaaltje had ‘rechtbank Groningen’ gestaan. In plaats van rechtbank Noord-Nederland.
Zie je wel, kwetterde een Ljouwtjer verongelijkt.

Vanuit het gerechtsgebouw aan de Brinkstraat in Assen werd zuinigjes gereageerd. Gutteguttie, klonk het, waarover je je wel niet druk kunt maken.
Zolang de Friese collega’s dat rare taaltje van ze maar thuis laten, vinden ze in Assen alles best.

Als gevolg van kneppelfreed (knuppelvrijdag, 16 november 1951) mag in het gerechtsgebouw in Leeuwarden Fries worden gesproken.
De waarheid en niets dan de waarheid?
‘Dat ûnthjit ik’.

Alsof het nog niet genoeg is, zijn ook de arrondissementsparketten Groningen, Drenthe en Friesland sinds 2013 samen.
Het heet nu Openbaar Ministerie Noord-Nederland.
Helemaal lekker loopt het nog niet bij justitie.

Sinds ze het samen doen kunnen ze bijvoorbeeld niets meer printen.
Al twee keer moest een strafzaak om die reden tijdens de zitting worden stilgelegd en uitgesteld.
Heel soms kan er wel worden geprint, maar dan duurt dat een halve dag.
Het gedoe is overigens niet een gevolg van schaalvergroting, zeggen ze, maar is juist veroorzaakt door de krimpende overheid.
Door bezuinigingen.

Maandag stond een man terecht, de zoveelste, bij wie kinderporno op de computer was aangetroffen.
De rechters vroegen hem het hemd van het lijf.
Man ontkende de misdaad.
De werkgever vond dat de man niet goed presteerde, hij draaide geen omzet, maar zat wel heel de dag achter de computer.
Wel een beetje gek, vond de werkgever die man’s computer ’s nachts uit elkaar schroefde, 4000 kinderpornofoto’s aantrof en toen de politie waarschuwde.

Verdachte: ‘Ja, ja.’
Rechters: ‘Nee?’
Verdachte: ‘Ik zat te midden van een arbeidsconflict.’
Rechters: ‘Uw werkgever heeft het gedaan?’
Verdachte: ‘Ik kan het niet bewijzen, maar ik vermoed het wel ja.’

Op het moment dat de officier van justitie zijn verhaal wilde houden, kwam een probleempje aan het licht.
De officier meldde dat het dossier van de zaak zoek was, hij snapte daar ook niets van. Het kinderpornodossier was op de een of de andere manier zoekgeraakt tussen het Openbaar Ministerie aan de Paterswoldeweg in (nog net) Groningen en de burelen van de rechtbank in de Groninger binnenstad.
Het lag toch niet op straat?
Geen idee, wat kenmerkend is voor iets dat zoek is.

Nee, er zaten geen vreselijke foto’s in dat dossier, maar natuurlijk wel de naam en zo.
Hoogst ongelukkig en pijnlijk voor de verdachte tegen wie niettemin negen maanden gevangenisstraf werd geëist.
Dat deed de officier van justitie gewoon uit het hoofd.
Een intern onderzoek leverde aanvankelijk niets op, maar donderdag was er blijdschap: het Groninger pornodossier lag per ongeluk in Leeuwarden.

De vreugde van de vondst werd overschaduwd door weer iets heel anders op donderdag. In de verdachtenbank zat een criminele organisatie.
Vijf mannen worden verdacht op grote schaal hennepkwekerijen te hebben geëxploiteerd in Groningen (in lege kantoorpanden) en in – jawel – Leeuwarden (boven winkelpanden). Twee van hen zouden zich ook schuldig hebben gemaakt aan een poging tot moord.

In maart wordt de strafzaak inhoudelijk behandeld.
Zeer tegen de zin in van justitie mocht een van de hoofdverdachten naar huis.
Van heel de criminele bende zit nu nog maar één verdachte in het gevang.

En dan was er nog een opmerkelijke zaak die voor het OM Noord ook niet goed uitpakte. In april 2010 werd een man uit Friesland vermist.
De toen nog Friese politie deed onderzoek en ontdekte dat ze in Groningen moesten wezen.
De Fries bleek in een woning in Groningen te zijn vermoord.
De verdachte kon na veel speurwerk op het stadhuis van Moskou, Rusland, worden aangehouden nadat de Nederlandse autoriteiten een tip vanuit Turkije hadden gekregen.
Tikkeltje complex, maar zo is het nu eenmaal gegaan.

Het OM eiste na lang wikken en wegen tien jaar gevangenisstraf.
Dat zou passend en geboden zijn.
Maar de rechtbank Noord oordeelde anders.
De eis van het OM is te laag en doet geen recht.
Twaalf jaar.
Het OM zal wel in hoger beroep gaan.
Dat moet sinds 1 januari bij het gerechtshof in Arnhem.
Locatie Leeuwarden.

Rob Zijlstra

• Kneppelfreed
Leeuwarder Courant over knuppelfreed (17 november 1951)

 

Uitkijken voor de politie

De meningen zijn verdeeld en ik blijf het merkwaardig vinden.
Vorige week kende de rechtbank Groningen een schadevergoeding toe aan een politieagent.
Die zag zich bij een aanhouding gedwongen te schieten en omdat hij dat heeft moeten doen, baalt hij.
Daarmee is er sprake van een ‘rechtstreekse aantasting van de eigen persoon’.
De man die werd neergeschoten moet nu 300 euro aan de agent betalen.

Vandaag kende de rechtbank opnieuw een schadevergoeding toe aan een Groninger politieman.

Emanuel, 19 jaar, klein van stuk, beroofde in juni dit jaar bij het Holland Casino een vrouw van haar mobiele telefoon.
Hij deed dat terwijl de vrouw aan het bellen was.
Hij griste het mobieltje uit haar handen en ging er hollend vandoor.
Omstanders zetten de achtervolging in en de politie werd gewaarschuwd.

Emanuel rende door de Oosterstraat, richting Grote Markt in de binnenstad van Groningen.
Vanuit tegengestelde richting kwam de gewaarschuwde politie aansjezen.
Twee agenten gingen op stoep en straat staan om Emanuel bij het nekvel te grijpen.

Emanuel dacht een kans te maken en probeerde langs de agenten te rennen.
Dat ging fout.
Hij knalde tegen een van de agenten aan en samen rolden ze over straat.
Na nog wat geworstel lag Emanuel in de boeien.
Tegen inmiddels vier agenten maakte hij geen schijn van kans.

Tijdens de rechtszaak, twee weken geleden, erkende hij de straatroof.
Maar hij ontkende dat hij de politieagent had mishandeld.
Het openbaar ministerie zegt dat dat wel het geval is.

Emanuel is op volle snelheid, althans met kracht, tegen die agent aangerend en / of gebotst, waardor voornoemde ambtenaar letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden.
En dit alles gebeurde gedurende en/of terzake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening.

Zo staat het in de dagvaarding.
De agent claimde 260 euro.

Er werd een gevangenisstraf van vijftien maanden waarvan acht voorwaardelijk tegen Emanuel geëist wegens de beroving van de bellende mevrouw en de mishandeling van de agent.

De rechtbank heeft Emanuel vandaag veroordeeld tot vijftien maanden waarvan vijf voorwaardelijk wegens de beroving.
Van de mishandeling werd hij vrijgesproken.
De rechtbank zegt dat de opzet van de verdachte niet was gericht op de mishandeling.
De opzet was gericht op het onttrekken aan de aanhouding.
Hij wilde juist aan de sterke arm ontkomen.

Geen mishandeling dus, maar wederspannigheid.
Desondanks werd de vordering van de agent toegewezen: 260 euro.

Als dit zo doorgaat dan mogen de boeven wel uitkijken voor de politie.

Rob Zijlstra

• trigger happy, over de schietende agent
• wederspannigheid

.

Drugspolitie

Tot op zekere hoogte kun je stellen dat de prestaties van de politie zichtbaar worden in de rechtszaal.

Tot op zekere hoogte, omdat de politie natuurlijk veel meer doet dan boeven vangen alleen.

Volg die buurtagenten maar op Twitter: ze moeten nogal wat (eerste) hulp verlenen, ruziënde echtparen (vechtparen) en verhitte barbecueënde buren uit elkaar praten, vergaderen en thema- en verbindingsdagen bezoeken, dreigende confrontaties op schoolpleinen voorkomen en veel van zulks meer.

Ons bijvoorbeeld wijzen op ons asociale en vaak slecht gedrag in het verkeer, ter voorkoming van nog meer ongelukken.
Maar dan nog: tot op zekere hoogte vormt de rechtszaal de spiegel van een niet onbelangrijk deel van het politiewerk: boeven vangen.

Een veelvoorkomende misdaad is drugshandel.
Dat komt veel voor want niet alleen in de stad, maar ook op het platteland is de vraag naar drugs onverminderd groot.
Ik schat dat er per dag wel een kilo harddrugs à 40.000 euro in Groningen en omstreken wordt verhandeld.
En dan heb ik nog niets gezegd over al die softdrugs blowende scholieren die ook aan hun trekken willen komen.

Vele honderden kilo’s cocaïne, heroïne, chemische pillen, hasj en hennep per jaar voor eigen Gronings gebruik.
Maar in de rechtszaal zie je er nauwelijks iets van terug.

Het vangen van drugsboeven heeft of momenteel geen prioriteit of ze laten zich domweg niet te pakken nemen.
Op die ene enkeling na.
De rechtbank in Groningen veroordeelde dit jaar een handjevol verdachten dat zich op de een of andere manier had ingelaten met drugs.

Zo werd bij Froombosch een drugsboef gepakt omdat hij tijdens een handelstransport achter het stuur van zijn auto in slaap was gevallen, zo druk en moe.
Agenten die het verkeer aan het handhaven waren, zagen zijn auto – met draaiende motor – midden op de weg staan en vonden dat wel een beetje apart.
Toen ze de bestuurder wakker maakten, roken ze drugslucht.
De auto zat vol handelswaar.
De 27-jarige Derk werd gearresteerd en in april dit jaar veroordeeld tot een taakstraf van 240 uur.

Er was dit jaar één grote drugszaak, met een heuse criminele organisatie, maar daar had de politie de drugshandel zelf opgezet (pseudokoop) om de boeven überhaupt te kunnen vangen. Dat is dus niet helemaal eerlijk.

Al met al: het aantal kilo’s drugs dat in de rechtszaal, in zittingszaal 14, de revue passeert is minder dan één (1) procent van hetgeen u en uw kinderen kopen en verkopen.
Het was daarom opmerkelijk dat er deze week twee drugszaken op een dag aan de rechtbank werden voorgelegd.

De eerste boef betrof de 30-jarige Raymond die volgens de officier van justitie betrokken is geweest bij ten minste tien drugstransporten tussen Groningen en Duitsland.
Hij kwam in beeld omdat er in Duitsland een onderzoek liep.
De Duitsers hadden aan de politie van Groningen gevraagd bij de grens een auto onder observatie te willen nemen.
Niet heel lang daarna kon de politie zien hoe op de parkeerplaats bij Ikea Groningen een geblokte tas van de ene in de andere auto werd getild.
Raymond werd ter plaatse aangehouden met in de kontzak 7.650 euro.
In die geblokte tas zat 4,3 kilo marihuana.

Bij hem thuis, in de babykamer, trof de politie een revolver (Arminius .357Magnum) aan met vijftig bijbehorende kogels, in de woning van zijn vriendin een hennepfabriekje.
De Duitse deelnemers aan deze handel verklaarden dat Raymond, de winkelier te Groningen, hun leverancier was.
Zij werden thuis veroordeeld tot vijf jaar celstraf per persoon.

Raymond bekende tegenover de rechters de Ikea-deal – er viel ook niets te ontkennen – en voor het overige beriep hij zich op het zwijgrecht.
Hij vertelde nog wel dat hij schulden had. Hij had bij een Groninger onderwereldbank 10.000 euro geleend om zijn zaak te kunnen opzetten.
Die zaak is nu, op gezag van de burgemeester, voor de periode van een jaar gesloten.

Rechters: ‘Dat pistool. In de babykamer.’
Raymond: ‘Gekocht voor de sier, niet om het te gebruiken.’

De officier van justitie: ‘Meneer zwijgt vooral en dat is zijn goed recht. Hij laat de verdenkingen maar een beetje boven de markt hangen. Hij zegt bijvoorbeeld niet, ik kap er mee. Ik eis 21 maanden celstraf waarvan drie voorwaardelijk. Een vordering tot het ontnemen van het verdiende drugsgeld, volgt.’

Advocaat Peter Plasman – hij was helemaal vanuit Amsterdam naar Groningen gekomen om Raymond te helpen – vertelde aan de rechters dat het niet heel raar is dat een winkelier geld in de kontzak heeft, dat zoiets niet per definitie drugsgeld is. En ja, die twee Duitsers. Die hadden een volledige bekentenis afgelegd, want in Duitsland levert een bekentenis fors minder straf op. Ze hebben dus maar raak bekend, wat misschien niet helemaal betrouwbaar is, maar nu wel ten koste dreigt te gaan van Raymond.’

Plasman denkt zelf dat er vier, desnoods zes drugstransporten zijn geweest en dat daarmee de eis te hoog is omdat die is gebaseerd op tien transporten.

Daarna gaat Raymond terug naar de gevangenis in afwachting van de uitspraak, rijdt Plasman terug naar de hoofdstad en gaat Harko (43) op de stoel zitten waar Raymond zat.
Harko wordt bijgestaan door mr. Theo U. Hiddema die op deze ochtend vroeg had moeten opstaan omdat hij helemaal vanuit Maastricht naar Groningen is gekomen.

Harko begroet de rechters met een vrolijk ‘goedemorgen deze morgen’, maar als hij eenmaal zit is hij boos, zegt dat zijn broek er van afzakt (wat zichtbaar ook zo is) en dat hij het allemaal diep treurig vindt.
Omdat hij met drugs he-le-maal niets te maken heeft.

Harko handelt in namaakkleding, maar niet zo namaak dat je het niet kunt zien.
Dan geeft hij zo’n logootje van Nike een draai en klaar.
Nee, dat is niet strafbaar.
Ja, hij is ook van plan er mee door te gaan, dat is wel de bedoeling.

Harko woont boven een café in de Groninger binnenstad.
Bij de politie was via informanten informatie binnengekomen dat er daarboven (of daar beneden) in drugs werd gehandeld.
De informatie leidde tot een onderzoek en het onderzoek leidde tot een inval.
Die was raak.
Heroïne, cocaïne, meerdere plakken hasj, hennepgruis, honderd witte pillen, her en der verstopt in de woning en in de koelkast.
Ook werd een hasjpers aangetroffen, zakken vol gripzakjes en een tabletteermachine.

In de woning zat op het moment van de inval een jongeman wiet te roken.
Hij zei dat hij de zoon van zijn moeder was.
Zijn moeder frunnikte tegen betaling aan heren, verderop in de straat.
Nee, Harko kende hij niet, eerst niet, maar later weer wel.

Harko is de vriend van zijn moeder, die twee zouden over een paar weken trouwen op de Dominicaanse Republiek, daar waar hij en zijn moeder vandaan komen.
De zoon vertelde ook dat er altijd mannen in de woning kwamen, een donkere man uit Afrika (altijd op dinsdag), een blonde Nederlander met pillen, een Marokkaan, een Antilliaan.
En dat Harko hen dan betaalde, met geld of met spullen.

De zoon kwam later op zijn voor Harko belastende verklaringen terug en zei toen dat hij alles had gelogen.
Harko zegt: ‘Dus…’

Maar de officier van justitie zegt dat zoon wel degelijk de belastende waarheid heeft gesproken.
Harko: ‘Die zoon is geestelijk gezien niet wijs.’
Dat Harko er een levendige drugshandel op nahield.
Harko: ‘De politie heeft hem van alles in de mond gelegd en hij heeft zichzelf en zijn moeder willen beschermen.’
Dat de woning ook een werkplek was voor het vervaardigen van drugs.
Harko: ‘De politie heeft van een mug een olifant gemaakt.’
Dat Harko vaker met dit bijltje heeft gehakt. Hij had in Oostenrijk als eens 8 jaar celstraf opgelegd gekregen in verband met drugs.

De reclassering heeft een werkstraf geadviseerd, de maximale van 240 uur.
De officier van justitie vindt dat een advies dat niet langer past bij de tijd en eist 24 maanden celstraf waarvan vier maanden voorwaardelijk.
Harko: ‘De broek zakt me er van af.’

Advocaat mr. Theo U. Hiddema, bedachtzaam: ‘Ik weet het niet hoor…’
De raadsman had verteld dat hij de buurt daar in Groningen wel kent, nog van vroeger, hij had er gewoond, toen hij studeerde voor wat hij nu dagelijks doet.

Hij zegt: ‘Mijn cliënt is de enige uit het dossier die hier als verdachte zit. Dat is me toch raar. Het café beneden schijnt een handelsparadijs te zijn, misschien was boven wel de opslag, de stash. De rechtbank zal er dus rekening mee moeten houden dat de handel niet van meneer is. Je kunt hem wel aansprakelijk stellen, maar niet strafrechtelijk. Dus dat moet dan maar een vrijspraak worden.’

De officier van justitie denkt van niet.
Zegt dat eventuele betrokkenheid van anderen niets afdoet aan de rol van verdachte.

Harko had bij aanvang van de zitting aangekondigd een beroep te doen op het zwijgrecht en ook op het verschoningsrecht (‘ja, die heb ik’), maar praat heel de zitting aan een stuk door, omdat hij zo boos is.
Zegt tot slot dat het toch niet zo kan zijn dat we in een land leven waar de politie zo smerig opereert.

Harko zal wel niet weten dat de politie in Groningen doorgaans met heel andere zaken bezig is.

Rob Zijlstra


extra
De slapende Derk

 

UPDATE – uitspraken – 11 juli 211
Raymond is veroordeeld wegens drugshandel en witwassen: 20 maanden celstraf. En dat is netto net iets minder dan de gevraagde 21 maanden waarvan 3 voorwaardelijk.
Harko heeft 24 maanden celstraf gekregen en daar zal zijn broek iets minder van afzakken dan de van de eis van 24 maanden waarvan 4 maanden voorwaardelijk. Het klinkt meer, maar netto is het een onsje minder.