TBS: minder krampachtigheid graag

o p i n i e

 

Schermafbeelding 2014-06-27 om 00.38.01De criminaliteit neemt al jaren gestaag af en een goed functionerend TBS-systeem levert een wezenlijke bijdrage aan veiligheid.
Een overeenkomst tussen de daling van de misdaad en een functionerend TBS-systeem is dat maar weinig mensen het willen geloven.
Liever zien we (kennelijk) meer misdaad en als het even kan, moeten die lelijke daden worden gepleegd door TBS’ers op verlof.
Dat past beter omdat ons beeld soms wat scheef staat.

De gezamenlijke TBS-klinieken hebben nu het voornemen gelanceerd om de duur van de TBS-behandeling te verkorten door soepeler om te gaan met het verlenen van verloven.
Daar worden vast mensen heel onrustig van.
Maar het is een goede zaak.

Op grond van oneigenlijke argumenten – niet in de laatste plaats gevoed door een paar trieste incidenten met TBS’ers op verlof – is de forensische psychiatrie (wat TBS is) in het verdomhoekje terechtgekomen.
Het imago is beroerd en niet alleen aan de borreltafel.
Ook onder officieren van justitie en strafrechters is de maatregel niet heel populair.
In Groningen wordt de dwangverpleging drie tot vier keer per jaar opgelegd.
Dat is wel eens anders geweest.

Maar ook de TBS-sector zelf was in een kramp geschoten.
Harry Beintema, directeur behandelzaken van de Van Mesdagkliniek in Groningen, beaamt dat.
Hij zegt: ‘Niemand wilde meer de laatste beoordelaar zijn als het ging om het verlenen van verlof. De angst dat het toch mis zou gaan was te groot. De druk vanuit de samenleving werd gevoeld. Hierdoor bleven TBS’ers onnodig lang binnen.’

Het gevolg: in tien jaar tijd steeg de gemiddelde behandelduur van een TBS’er van vijf tot zes jaar naar tien tot elf jaar.
Beintema: ‘En de politiek vond dat niet erg. Als er maar niets gebeurde.’

Binnen de TBS-sector is er de overtuiging dat door soepeler om te gaan met het verlenen van verloven, de behandelduur uiteindelijk korter wordt.
Een gemiddelde duur van acht jaar is nu het streven.
Dat moet het vertrouwen in het systeem doen toenemen.
En iets minder peperduur maken.

Maar niet alleen daarom.
Minder TBS betekent in de praktijk dat meer mensen met ernstige psychische stoornissen – en die mensen bestaan echt – in de gevangenis belanden en vervolgens zonder behandeling op vrije voeten komen.
Zo iemand wil je ’s avonds liever niet tegenkomen.

Het voornemen is dat iemand die de TBS-maatregel krijgt opgelegd, binnen twee jaar na de opname onder begeleiding op verlof mag.
Binnen vier jaar kan een onbegeleid verlof worden toegekend.
Binnen zes jaar zou de TBS’er onder begeleiding, maar buiten de kliniek moeten gaan wonen, binnen acht jaar volgt dan het ‘echte’ proefverlof.
TBS’ers die te boek staan als ‘te gevaarlijk’ krijgen niks.
Dat was al zo en dat moet ook zo blijven.

De TBS-klinieken hebben het gelijk aan hun kant, maar het blijft een lastige boodschap.
Het is ook daarom te hopen dat andere partijen – de politiek voorop – in navolging van de sector zelf het lef hebben minder krampachtig te zijn.
De borreltafel volgt daarna wel.

Rob Zijlstra

dit artikel stond donderdag 26 juni ook in Dagblad van het Noorden en op vrijdag 27 juni in de Leeuwarder Courant

.

nieuwsbericht tbs

dagblad van het noorden, woensdag

 

 

 

Kipfilet met ribbeltjes

schizo3

Indien de verdachte aan een zodanige gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van zijn geestvermogens lijdt, dat hij niet in staat is de strekking van de tegen hem ingestelde vervolging te begrijpen, schorst de rechter de vervolging, in welke stand zij zich ook bevindt.

 – artikel 16, wetboek van strafvordering

.

Wie serieus wordt verdacht van een strafbaar feit heeft niet zo veel te willen, maar beschikt wel over een paar rechten.
Een verdachte mag zwijgen.
Of praten als Brugman.
Zwijgende verdachten stemmen niet toe.
Praatgrage verdachten doen hun recht dat je niet hoeft mee te werken aan je eigen veroordeling nog wel eens geweld aan.
Maar ze mogen dat zelf weten.
Een groot goed is dat een verdachte recht heeft op een eerlijk proces.

Eerlijk is dat er alleen dan een veroordeling volgt als er ook bewijzen zijn.
Lelijke blauwe ogen alleen zijn niet voldoende.
Eerlijk en humaan is ook dat een verdachte die lijdt aan een gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis niet zonder meer op water en brood wordt gezet.
Dat geldt nog meer voor verdachten met een ernstige geestelijke handicap, voor mensen voor wie deze wereld niet is ingericht.
Voor hen zijn de gevangenissen niet gebouwd.
Zij horen uit de klauwen van het strafrecht te blijven.
Voor hen zijn er de witte jassen en de klinieken in het bos.

Deze week stond Ruben terecht.
Het Openbaar Ministerie had dat besloten.

Ruben is een lompe, forse man van 28 jaar.
Toen hij nog een kind was, kreeg hij jeugd-tbs voor ernstige zaken.
In 2007 raakte hij die status kwijt.
Sindsdien verblijft hij in klinieken op basis van machtigingen van rechters.
Niet omdat hij iets strafbaars heeft gedaan, maar omdat hij te gevaarlijk is om vrij te zijn.
In de klinieken geniet hij het hoogste beveiligingsniveau.
Dat betekent dat hij het leven deels in een isoleercel moet doorbrengen.
Wil hij iets of moet hij wat, dan zijn er altijd twee mannen noodzakelijk om hem iets of wat te laten doen.
Het enige menselijke contact is een zus.

Zijn advocaat zegt: ‘Zonder zijn medicijnen is hij agressief, met medicijnen een kasplantje. Er is sprake van een behandelimpasse.’

Ruben wordt met handboeien die zijn vastgeketend aan een leren riem om zijn lichaam de rechtszaal binnengebracht.
Zoiets gebeurt zelden, bijna nooit.
In de zaal is extra beveiliging.
Ruben kan zich niet voorstellen dat hij heeft gedaan wat de officier van justitie beweert.
Roept: ‘Echt?!’

Hij zou een sociotherapeut van de Van Mesdagkliniek op de luchtplaats hebben aangerand.
Hij zou haar onverhoeds hebben vastgegrepen en haar ontuchtig hebben betast.
Zij had nog wel de winterjas aan.
Na een worsteling konden gealarmeerde collega’s Ruben overmeesteren.

Dit gebeurde op 30 januari 2012, aan het begin van de avond.
Er is geen reden waarom het langer dan twee jaar heeft moeten duren alvorens de rechtszaak dient.
De officier van justitie zegt: ‘Daar heb ik geen goed verhaal bij. Excuus aan de rechtbank, excuus aan het slachtoffer.’

De rechters vragen aan Ruben of hij het zich kan herinneren.
Hij zegt net zo vaak ja als nee.
En dan niet gewoon ja of nee, maar hij antwoordt met lang uitgerekte ja’s en hoge, piepende nee’s.
Hij gromt af en toe.
Begint dan weer keihard te lachen.
Volop in beweging, zijn bovenlichaam maakt voortdurend buigingen.

Hij zegt dat het vastpakken bij het spelletje hoorde (‘een heel gevaarlijk spelletje hoor’), dat er bubbeling-muziek staat op zijn mp3-speler, dat je banken kunt kopen bij de Ikea, dat er ribbeltjes zitten op kipfilet, dat een van de rechters mooie ogen heeft, dat hij homo is ook al zeggen ze van niet, dat er een auto-ongeluk is gebeurd toen hij klein was, dat hij nooit naar 0900 mag kijken, zo gek, zo jammer.

Als hij weer hard moet lachen, zeggen de rechters dat dat niet gepast is.
En de opmerking over de mooie ogen ‘accepteren we niet’.
Ruben met harde piepstem: ‘Sorry.’
Rechters: ‘Ze zeggen dat u zich soms van de domme houdt.’
Ruben: ’Wat is dat?’
Rechters: ‘Dat u van niets weet.’
Ruben, blij: ‘Ooooh, meneer de haas.’

Wanneer Ruben een vrouw ziet, raakt hij ontregeld.
Impulsen kan hij niet beheersen.
De officier van justitie merkt op dat sociotherapeuten in tbs-klinieken met heel moeilijke mensen werken, maar dat dat niet betekent dat ze vogelvrij zijn.
En dat wat er 26 maanden geleden is gebeurd ernstig is en dat ze dat ook eerlijk kan bewijzen.
Immers, de sociotherapeut heeft het zelf verklaard.

De officier van justitie: ‘Tbs met dwangverpleging.’
De advocaat: ‘Ruben leeft ’s avonds en ’s nachts in de isoleercel, overdag zit hij op een beveiligde cel. Dat is al jaren zo en dat zal nog jaren zo blijven. Waarom tbs? Wat voegt het toe? Toch niks? Waarom geeft de officier van justitie geen antwoord op mijn vraag?’

Ruben: ‘Ai ai ai. Ik geef haar wel duizend euro. Wat? Heb ik lekker ding gezegd? Neee. Zo brutaal ben ik niet opgevoed hoor. Ik word door jullie voor de gek gehouden. Punani? Heb ik dat gezegd? Wat erg. Aai, aai. Dit wordt een kat-en-muis-spel.’

De rechters zeggen dat ze over twee weken uitspraak doen.
Ze vragen – dat moeten ze vragen – of Ruben daarbij aanwezig wil zijn, bij de uitspraak.
Zo ja, dan moet er  vervoer worden geregeld.
Dat recht heeft hij immers.
Ruben denkt na, dan wel hij zwijgt.
Plots heel enthousiast tegen de rechters: ‘Jaa, ik kom.’
En vol hoop: ‘Zijn jullie er dan ook weer?’

Rob Zijlstra

 artikel 16 wetboek van strafvordering

schizo1

 

 

UPDATE – 3 april 2014 – uitspraak
De rechtbank heeft geoordeeld, Ruben wordt ontslagen van alle rechtsvervolging. Uit het vonnis:  ‘Gezien de ernst van de aanwezige psychopathologie, de blijvende gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens en de zeer hoge kans op recidive wordt TBS met bevel tot verpleging van overheidswege als enige mogelijkheid gezien om verdachte de behandeling te geven die hij behoeft, gevaar (voor de samenleving) af te wenden en de kans op recidive onder controle te krijgen. ‘

de rechtbank heeft het vonnis niet gepubliceerd

 

UPDATE – 4 juli 2018 – tbs verlenging
De rechtbank heeft de tbs met dwangverpleging met twee jaar verlengd, conform de eis van het Openbaar Ministerie. Het gaat wel eens stuk beter met Ruben. Geen boeien meer, geen gegrom. Maar nog altijd is er de stoornis die maakt dat het leven van deze man zal blijven zoals die is. Wat hij doet? Hij geeft plantjes water.