Theater

Vrijdagavond bezocht ik een voorstelling van locatietheatergezelschap PeerGroup.
Regisseur Floris van Delft (35) constateert dat er steeds strenger wordt gestraft en vraagt zich af waarom dat zo is.
In een interview in Dagblad van het Noorden zei hij: ‘Een van de vragen die ik mezelf stelde was waar dat gezeik in de maatschappij vandaan komt. Dat niks deugt (…)’

Dat Van Delft van zijn vraag een theatervoorstelling maakte, was vooral ook omdat hij het debat mist.
Werkt dat dan, strenger straffen?
Of averechts?
En: hoe hard moeten we straffen om rechtvaardig te zijn in deze tijd?

Zijn vragen mondden uit in een theatraal debat met de titel Rechter kan niet.

De voorstelling wordt gespeeld in de Witte Loods, een oude, tochtige schuur als het waait aan de Oude Gracht in ‘gevangenisdorp’ Veenhuizen.
De acteurs zijn Wolter Muller, Niek van der Horst en Ilse Ott.
Van Delft heeft de Molukse treinkaping bij Wijster – 1975 – als uitgangspunt genomen.

Wel een beetje gek, dacht ik, wanneer de vraag luidt waarom we nu, 36 jaar na toen, zo zeiken.
Maar halverwege de voorstelling begon ik te zien dat die keuze helemaal zo gek niet was.
Juist helemaal niet.

Knap werk.

Ik moest er ook een stukje over schrijven voor de krant en nadat de acteurs hun mooie statement hadden gemaakt, wist ik wat ik zou gaan schrijven.
Toen kwam regisseur Floris van Delft.
Hij vroeg of ik de clou van de avond niet wilde verraden.

Dat had ik even niet voorzien.
Als rechtbankverslaggever moet je die juist zien te vatten.
En te beschrijven.
Maar als theaterrecensent moet je dus niet alles willen onthullen, zo begreep ik.

Ik heb wel een oordeel: Rechter kan niet moet gezien worden!
Bij voorkeur door mensen die van mening zijn dat als je niets hebt gedaan, je ook niets te verbergen hebt.
Door mensen die vinden dat strengere straffen een oplossing zijn voor ons (hun) onbehagen.
De voorstellingen van Rechter kan niet verdienen een volle bak.

De voorstelling is nog te zien op 23, 24 en 30 september en op 1 oktober.
Meer informatie en reserveringen: www.peergroup.nl

.

Voor Dagblad van het Noorden (maandagkrant) schreef ik het onderstaande:

Straffen zolang het verdriet voortduurt Of niet

Veenhuizen

Hoe hard moeten we straffen om rechtvaardig te zijn?
Moet de rechter rekening houden met het motief van de dader?
Of moet de rechter slechts kijken naar de ernst van de daad, naar het leed dat slachtoffers ervaren?
Wat ook kan: laat de straf voortduren zolang de nabestaande verdrietig is.
Of is dat niet rechtvaardig?

Het zijn vragen die aan de orde komen tijdens de voorstelling van het theatergezelschap PeerGroup.
Vrijdagavond werd in Veenhuizen Rechter kan niet opgevoerd, een theaterdebat over de rechtspraak.
Het publiek mag kiezen – er zijn twee ingangen – tussen of slachtoffer zijn of dader.

Uitgangspunt is de treinkaping bij Wijster, in 1975.
Aanvankelijk lijkt deze gebeurtenis wat merkwaardig gekozen om een debat te voeren over het huidige strafrechtklimaat.
Maar gaandeweg wordt, verrassend, duidelijk dat dit helemaal niet zo is.
Integendeel.

Want was de actie bij Wijster van zeven Molukse jongeren een gewetenloze misdaad of een daad uit wanhoop en frustratie?
Met scherpe dialogen houden de acteurs het publiek de dilemma’s voor waarbij de lastige vragen voortdurend vanuit een andere invalshoek worden benaderd.
Dan ineens zijn de slachtoffers de daders, zijn de Molukse ‘terroristen’ de slachtoffers van een maatschappij die hen en hun ouders belazerden.

Maar als dat laatste waar is, wat moeten we dan met het intense verdriet van de vrouw die op het perron in Assen afscheid nam van haar vriend, de soldaat die tijdens de kaping wordt neergeschoten, in het grind langs het spoor ligt te kermen en sterft?
Moeten we haar emotie negeren en zeggen dat het opsluiten van mensen (‘weg er mee’) niet zinvol is, omdat zo’n straf niet doet wat wij denken dat die doet?

De vriendin roept hartverscheurend: “Als het niet werkt voor de dader, laat het dan werken voor de slachtoffers.”

De avondrechter, vrijdagavond was dat oud-politiecommissaris Leen Diepenhorst, mag een wijs antwoord geven: ‘Rechtspraak is een uitgewogen spel, waarbij emoties een plek horen te hebben, maar nooit een bepalende rol mogen spelen.’

Het knappe van de voorstelling is dat de Molukse acties van 36 jaar geleden op een geloofwaardige wijze (‘we moeten ons wel aan de feiten houden’) worden samengesmeed met andere drama’s, met Srebrenica, met Alphen aan de Rijn, met de gedachten van leden van de Hofstadgroep.
Aan het einde mag het publiek voor rechter spelen en dat valt na bijna twee uur heen en weer te zijn geslingerd tussen dader en slachtoffer, niet mee.

De voorstelling eindigt met een statement, met een brief van de acteurs aan de politiek.

Rechter kan niet verdient een volle bak.

Rob Zijlstra

peergroup
Floris van Delft