De tienerdochter

haar dood kost maar 40 cent

radiatorZe mag als slachtoffer de rechters toespreken en dat doet ze met de zelfverzekerdheid van een generaal die voor zijn troepen staat.
Ze zegt: ‘Ik ben iemand met een sterk karakter. Ik ben geen lieverdje. Ik ben met verkeerde mensen omgegaan. Ik blowde. Ik loog veel en deed best wel slechte dingen. Ik ben twee keer opgepakt. Ik heb het er zelf ook wel een beetje naar gemaakt.’

In haar hand houdt ze het papier vast waar het verhaal op staat dat ze wilde vertellen, het verhaal dat ze thuis heeft geschreven.
Maar zonder er naar te kijken zegt ze: ‘Ik heb altijd de grenzen opgezocht. Mijn ouders zijn eigenlijk veel te lief voor mij geweest. Zonder hen was ik nu dakloos.’

Schuin voor haar zit haar vader, 49 jaar, hij zit in de verdachtenbank.

Ze zegt: ‘Het gaat nu heel goed met mij. Mag ik dat zeggen? Ik heb het hem nog steeds niet vergeven, maar ooit zal ik dat doen. Voor negentig procent is hij een goede vader voor mij. Dat hij het één keer heeft verkloot, betekent voor mij niet dat hij naar de gevangenis moet.’

Naast haar zit haar moeder, haar oudere zus en haar broer.

Hun vader, haar man, vertelt aan de rechters dat wat hij heeft gedaan, absoluut niet kan.
Een paar keer valt zijn stem even uit, dan blijft het een tijdje stil.
Hij zegt dat hij zich schaamt, nog steeds, ook nu.

Tienerdochterlief was de nacht niet thuisgekomen, maar bij een vriendinnetje blijven slapen.

Haar vader zegt dat dat de druppel was, de laatste druppel.
En dat hij wanhopig was, boos ook en bezorgd, dat er frustraties waren.
Dat hij het niet kon verdragen dat zijn dochter drugs gebruikte.

Hij haalde haar op met de auto.
In plaats van naar huis, reden ze naar een woning in Winschoten.
Hij zegt dat zij zich aan zijn regels moet houden en dat ze haar school moet afmaken.

In de woning in Winschoten, van een kennis die er niet is, zegt hij tegen zijn dochter dat hij een beslissing heeft genomen.
‘Jij gaat dood.’
Hij pakt haar vast, hij bindt haar vast met tape en daarna met touw aan de verwarming.
Hij slaat haar.

Hij zegt dat hij haar een injectie zal geven, dat ze dan langzaam in slaap zal vallen en pijnloos zal sterven.
Ze mag zelf kiezen: in de linker- of in de rechterarm.

Zijn tienerdochter smeekt.
Zegt dat ze alles zal doen wat hij wil.
Hij zegt dat het daar nu te laat voor is.

Hij laat haar achter met de mededeling dat hij de dodelijke injectiespuit gaat halen.
Zij gilt om hulp.
Na een tijdje hoort ze iemand.
Het is haar vader, met een injectiespuit.
Ze kiest niet, kan ze niet, hij pakt haar rechterarm.

Daarna maakt hij haar los en zegt dat ze binnen tien minuten in slaap zal vallen.
Zegt: ‘En daarna ga je dood.’
Hij gaat naast haar zitten op de bank en begint te huilen.
Terwijl tienerdochterlief denkt dat ze over een paar minuten niet meer leeft, zegt hij dat die spuit maar veertig cent kostte.
Dat haar dood dus maar veertig cent kost.

In de spuit zat geen heroïne zoals hij had gezegd.
Hij heeft haar ook niet geïnjecteerd, niet echt.
Hij zegt dat tegen haar.
Dan staan ze op, verlaten de woning en rijden naar huis, naar huis in Groningen.

Dit alles speelde zich af in maart 2012.
In april doet de dochter aangifte.
De politie stelt een onderzoek in en de vader wordt gearresteerd.
Hij zit tien dagen vast en mag dan naar huis.

In de voorbije maanden is er voorzichtig weer contact tussen beide.
Hij heeft haar een brief geschreven.
Zij heeft teruggeschreven dat ze zelf wil bepalen wanneer het weer goed zal zijn.

De officier van justitie zegt dat je soms dingen leest die je niet wilt geloven.
Dat vader zijn dochter een lesje wilde leren,
Een dochter die de grenzen opzoekt omdat dat bij haar leeftijd past.
Met dat lesje is de vader veel te ver gegaan.
Verdriet, frustraties, de wanhoop – het zal – een excuus mag het niet zijn.
De officier van justitie zegt: wederrechtelijke beroving van de vrijheid.
De officier van justitie eist een jaar gevangenisstraf.
De helft mag voorwaardelijk.

De advocaat zegt tegen de rechters dat ze een zwaarder gewicht moeten toekennen aan de wens van het slachtoffer: dus geen gevangenisstraf.
Zegt: de oplossing van de officier van justitie is in deze kwestie niet de beste oplossing.

De vader krijgt het laatste woord.
Hij kijkt even over de schouder, naar achteren, biedt nogmaals zijn excuses aan.
Dan wordt de zitting gesloten.
Alle familieleden omhelzen elkaar.
En hem.

Rob Zijlstra

.

UPDATE – 28  juni 2013 – uitspraak
De rechters hebben de wens van de dochter om haar vader niet naar de gevangenis te sturen nadrukkelijk ter harte genomen (zie fragment uit vonnis hieronder). De vader is veroordeeld tot een werkstraf van 240 uur en zes maanden voorwaardelijke gevangenisstraf. In het vonnis spreken de rechters van een huiveringwekkend gebeuren. Bewezen is de vrijheidsberoving en ook de mishandeling.

vonnis

fragment uit het vonnis