Het kan zomaar gebeuren…

Was het een ongeluk zoals dingen per ongeluk kunnen gebeuren?
Of was het een ongeluk dat  verwijtbaar is?
Die vraag moet de rechtbank in Groningen beantwoorden.
De aanleiding: een verschrikkelijk verkeersongeval bij de boot naar Schiermonnikoog.

Het is zondag 20 augustus 2017.
Lauwersoog.
Het is druk op de parkeerplaatsen en bij de parkeergarage.
Mensen komen en mensen gaan.
De afvaart van half een is aanstaande.

Mevrouw L. (64) uit Haren komt vanuit de richting van de volle parkeergarage, ze rijdt in haar auto de Zeedijk op.
Er komt een bus aan, de bus met voorrang.
En daar ergens gaat het zo ontzettend mis.
De automobiliste wijkt uit, verliest de macht over het stuur.
En rijdt in op drie overstekende voetgangers, een man en twee vrolijke kinderen die op weg zijn naar de boot, op weg naar Schier.

De man overlijdt ter plaatse.
De twee kinderen raken zwaargewond.
Een van de kinderen overlijdt later in het ziekenhuis.
Een meisje, zij is het dochtertje van de man.
Aminga heet ze, 9 jaar.

De man is Peter Luttikhuizen, 44 jaar.
Ze komen uit Groningen.

De politie meldt dat de oorzaak van het ongeluk wordt onderzocht, de bestuurster van de auto is overstuur, maar zal worden gehoord.
Agenten zeggen dat ze denken dat er geen opzet in het spel is.
De boot vertrekt die dag iets later.

Het Openbaar Ministerie heef besloten  de 64-jarige mevrouw uit Haren strafrechtelijk te vervolgen.
De vraag is niet of er opzet in het spel was.
Die is er niet.
Bij verkeerszaken gaat het niet om de opzet.
Bij verkeerszaken is de vraag of iemand een verwijt kan worden gemaakt.

Dat kan als iemand honderd kilometer per uur rijdt waar vijftig is toegestaan.
Of wanneer wij in de auto WhatsAppen, telefoneren.
Drank.

Het verwijt aan mevrouw L. is dat ze zeer onvoorzichtig dan wel onoplettend heeft gereden.
Misschien keek ze niet goed uit.
Misschien zag ze de voetgangers niet.
Of net te laat, een fatale fractie van een seconde.

Het is vooral een juridische vraag.
Het juridische antwoord is dat wie niet ziet wat er wel is, niet goed oplet en dan dus onvoorzichtig is geweest.
Dat is strafbaar en kan een misdrijf opleveren.

De strafzaak dient vanmiddag.
Bij aanvang zullen de rechters zeggen dat wat er is gebeurd verschrikkelijk is.
Dat dit een zaak is met alleen maar verliezers.

De officier van justitie zal met een strafeis komen, dat kan zelfs een eis tot vrijspraak zijn.

Maar als de rechters  uiteindelijk vinden dat mevrouw L. zich schuldig heeft gemaakt aan artikel 6 van de Wegenverkeerswet –  dus dat haar iets te verwijten valt – dan zullen ze ook een straf moeten opleggen.
Een straf die recht doet, maar  nooit het leed zal kunnen wegnemen.

rob zijlstra

update – 25 april 2018 – eis
Het Openbaar Ministerie heeft een werkstraf van 200 uur en twee jaar rijontzegging geëist. Volgens het OM is mevrouw L. aanmerkelijk onvoorzichtig geweest. Had ze voorzichtiger gereden, dan had ze het ongeluk kunnen voorkomen. Artikel 6 van de wegenverkeerswet kan worden bewezen, zegt de officier van justitie.

update – 25 april 2018 – verslag zitting

Geen mens ter wereld had vandaag willen ruilen met Ingrid L.

 

Mijn collega Marijke Brouwer reed op het moment van het ongeluk vlak achter de auto van mevrouw L. Eind vorig jaar zocht zij Willemien Hoevenaar op, de (ex) partner van Peter Luttikhuizen, de moeder van Aminga. Daarover schreef ze een indrukwekkend verhaal, dat in december in Dagblad van het Noorden en in de Leeuwarder Courant is gepubliceerd.  Het kan zomaar gebeuren.

Appelleren is riskeren

Stelletje mafkezen, riep Alex O. tegen de rechters nadat die hem in juni 2016 veroordeelden tot 8 jaar celstraf wegens afpersing.
Boos ging hij in hoger beroep.
Vanmiddag deed het gerechtshof uitspraak: 10 jaar celstraf.

meer hierover: dagblad van het noorden

[r.z]

Moordenaars en moeders

Toenmalig minister van justitie Winnie Sorgdrager heeft in 1996 een steen onthuld, als symbolische start van de bouw van het gerechtsgebouw van Groningen. Die steen bestaat nog steeds, maar is weggemoffeld achter het scanapparaat in de entree van het gebouw. Belangrijker is dat twee jaar na de justitiële onthulling zittingszaal 14 in gebruik is genomen. Dat is rond deze tijd twintig jaar geleden.

Twintig jaar was toen ook de maximaal tijdelijke straf die je kon krijgen voor moord.

In de voorbije twintig jaar hebben tientallen moordenaars zich moeten verantwoorden in de grote zaal van het strafrecht, op de eerste verdieping, achterste deur en dan rechts het trapje af. Moordenaar is een naar woord en tientallen daarvan klinkt akelig veel, maar het zijn er maar een paar per jaar. Veel van deze mannen en een enkele vrouw, misschien wel de helft, hebben hun straf uitgezeten. Ze wonen weer bij u in de buurt.

Janderk (34) uit Hoogezand moet nog tot moordenaar worden veroordeeld. Janderk heeft Dennis uit Musselkanaal doodgeschoten. Hij heeft dat alvast bekend, maar formeel is hij nog verdachte van moord dan wel doodslag. Het gebeurde nadat Dennis probeerde hem te beroven van een halve kilo cocaïne en van negentien valse biljetten van vijfhonderd euro. De officier van justitie wil dat de rechters Janderk twaalf jaar opsluiten. De advocaat vindt dat Janderk geen straf hoeft te krijgen. De rechters beslissen de komende week.

Maar meer nog dan moordenaars hebben in de voorbije twintig jaar honderden mannen en vrouwen in de verdachtenbank van zittingszaal 14 gezeten die net geen moordenaar waren. Soms op het nippertje niet. Zij maakten zich schuldig aan een poging tot moord dan wel een poging tot doodslag. Dan probeer je het, maar is het niet gelukt.

Veel mannen en vrouwen uit deze categorie hebben het niet aan zichzelf te danken dat ze niet dat nare woord op hun voorhoofd gestempeld hebben gekregen. Een flink deel van hen werd net geen moordenaar omdat er kundige artsen in het ziekenhuis waren die ook wisten wat ze moesten doen. Soms was er sprake van al het geluk van heel de wereld op het juiste moment bijeen. Een centimeter lager, dieper en het slachtoffer had nabestaanden.

Onze buurten in de dorpen en steden zijn vergeven van de net-niet-moordenaars.

Jochem uit Assen is er zo eentje, al zou je dat niet zeggen als je naar hem kijkt. Dat hebben moordenaars en net-niet moordenaars gemeen: je ziet het niet.

Jochem is 20 jaar, hij is gek op roeien en hij studeert voor iets. In oktober vorig jaar dronk hij zich op de studentenroeivereniging, net toegetreden, helemaal klem met bier. Toen het feest voorbij was en Jochem het gedruis met zijn beste vriend verliet, gebeurde er iets bizars.

Jochem nam bij het zoeken naar de fietsen een aanloopje, haalde uit en sloeg zijn beste vriend met een mokerslag tegen de vlakte. Vervolgens ging hij huilen en brachten zijn nieuwe clubgenoten hem ladderzat naar huis. De volgende ochtend hoorde hij dat zijn beste vriend die nacht een vier uur durende operatie had moeten ondergaan.

De beste vriend leeft nog, de gevolgen van het letsel (schedelbasisfractuur) zijn mogelijk blijvend, de vriendschap is definitief voorbij. Bizar is niet alleen wat er uit het niets ineens gebeurde, maar ook dat niemand weet waarom. Jochem stond niet bekend als een gewelddadig persoon. Tegen de rechters zegt hij dat er geen woorden zijn die kunnen uitdrukken hoeveel spijt hij heeft.

Jochem zal moeten zitten en betalen. De rechters vroegen naar zijn toekomst, hoe hij die ziet? Hij zei te hopen dat hij kan blijven roeien, bij voorkeur op wedstrijdniveau. ‘Want dan mag je niet drinken.’

Over dat laatste moest ik nadenken.

Ook Azim is er eentje, zij het dat hij net als Janderk nog moet worden berecht. Azim is 21 jaar en verblijft momenteel in de penitentiaire inrichting in Leeuwarden in afwachting van het strafproces in september. Dan is hij aan de beurt.

Toen Azim 20 jaar was, was hij op stap met vrienden. Het is nog steeds oktober vorig jaar. Terwijl Jochem zich vol liet lopen met bier, schoot Azim op de Korreweg in Groningen uit het niets met een vuurwapen op een passerende fietser. Zomaar en ineens. Vier kogels raakten de fietsende jongeman die net als Azim nog van alles in het leven moet ontdekken en meemaken. Dat moet nu vanuit een rolstoel.

Waar Janderk nog zei dat hij spijt heeft van het verschrikkelijke wat hij heeft gedaan – ‘het had natuurlijk niet zo gemoeten’ – en Jochem er geen woorden voor kan vinden, daar zwijgt de man die wij in de krant de Korrewegschutter noemen.

Donderdag kwam Azim voor het eerst de rechtszaal binnen lopen, niet in zaal 14, maar in 11. Zaal 14 is nauwelijks toegankelijk voor rolstoelen. Vandaar. Azim lijkt in niets (meer) op de foto die de politie vorig jaar van hem verspreidde. Ik zie een jongeman met een kinderhoofd nog. Hij draagt een zwarte hoodie met achterop de afbeelding van een doodshoofd, afgezet met glittertjes. Het zwarte shirt is van het belachelijk dure kledingmerk Philipp Plein.

Azim heeft tot nu toe gezwegen over wat er volgens hem is gebeurd op de Korreweg. De rechters vragen of hij blijft zwijgen, of hij dat ook straks in september zal doen, tijdens de rechtszaak? Azim mompelt dat hij zich met betrekking tot die vraag op zijn zwijgrecht beroept.

Zijn advocaat Guy Weski zegt dat de stelling van de verdediging is dat van voorbedachten rade geen sprake is. Dat het schieten op de fietser daarmee dus geen poging tot moord kan wezen. Zoiets kan schelen in de eventuele straf

Ik hoor de moeder van de toevallig passerende fietser. Ze mag niks zeggen, ze roept nadat de advocaat zijn stelling heeft gedeponeerd: ’Protest’. Ik zag hoe de moeder van eens de beste vriend van Jochem zichzelf verbeten probeerde rustig te houden. Ik hoorde de moeder van de doodgeschoten Dennis zeggen hoezeer ze Janderk voor altijd zal haten. Achter mij zit de verdrietige moeder van Azim.

Ik vraag me af wat al die moeders tegen elkaar zouden zeggen als ze samen zouden zijn? Maar wat ik me vooral afvraag is waarom Azim, nog los van die glittertjes, een shirt aantrekt met daarop een groot en lelijk doodshoofd?

Wat voor iemand ben je dan?

Rob Zijlstra

Gerard Meesters – update

TOCH NIEUW ONDERZOEK MOORD GERARD MEESTERS

Het Openbaar Ministerie (OM) stelt toch een nieuw onderzoek in naar de moord op de Groninger onderwijzer Gerard Meesters in 2002. In november vorig jaar deden de nabestaanden van Meesters aangifte tegen de man die mogelijk opdracht heeft gegeven voor de moord.

Het OM laat weten dat na de aangifte door Koen en Annemarie Meesters – de kinderen van het slachtoffer – opnieuw naar het dossier is gekeken. Vervolgens is er nieuwe informatie binnengekomen. Dat is aanleiding voor een nieuwe onderzoek. Meer wil het OM hierover voorlopig niet kwijt.

update

Eerder is gemeld dat Daniel S. ongeneeslijk ziek is. Mede om die reden hebben nabestaanden contact met S. gezocht en met hem gesproken. Ze hadden de hoop dat S. gezien zijn situatie zou willen vertellen wie welke rol heeft gehad.

Recent werd duidelijk dat S. genezen is verklaard. Zijn advocaat Tjalling van der Goot bevestigt dit desgevraagd. ,,Na die diagnose heeft S. zijn levensstijl aangepast. Zo is hij gestopt met roken. Bij een hercontrole bleek hij gezond. Hoe het kan? Ik ben geen medicus’’, zegt Van der Goot.

> meer op: website dagblad van het noorden

> zie ook:

Turkse meneer

Rechters zijn onafhankelijke dienaren met een smetteloos blazoen, hebben een gedegen opleiding genoten, mogen edelachtbaren heten, sommigen zelfs president en weten donders goed wat er in de samenleving aan de hand is. Rechters laten nimmer de oren hangen naar de hardste schreeuwers, ze hebben zelfs de dure plicht tot mishagen.

Je zult het maar zijn.

Een rechter heeft een publieke functie, maar kan zich niet publiekelijk verdedigen. Ze mogen zich nergens mee bemoeien en moeten altijd braver zijn dan braaf. Nooit eens lekker door rood (lopen), nooit een keer het hoogste woord, nooit eens eentje te veel, zelfs niet tijdens de barbecue bij de buren.

Maar vooral: de rechter is lijdelijk. In de rechtszaal moet zij (soms een hij) maar afwachten wat haar wordt voorgeschoteld. Daar zit je dan, met je levenslange braafheid en bijgehouden kennis, druk, druk, druk, maar gemotiveerd om de samenleving op rechtvaardige wijze te dienen.

En dan komt het Openbaar Ministerie, hofleverancier van strafzaken, met Klaas op de proppen.

Klaas (52) wordt verdacht van een misdaad die zou zijn gepleegd in 2013. Hij zou de boel hebben belazerd. Klaas spreekt het niet tegen. Zegt: ‘Ik heb een tijd van zware onverschilligheid gehad. Had ik alles geweten waar ik nu in verkeer, dan was alles anders gegaan.’

De drie strafrechters merken bij aanvang van het proces op dat het strafdossier zeshonderd pagina’s telt.
Klaas: ‘Ja, daar verbaasde ik mij ook al over.’

De ontdekking van de misdaad begon met een onderzoek van de sociale recherche. Die ontdekte een vrouw met een uitkering en twee auto’s op haar naam. Dat kan, maar mag niet. Dus zei de vrouw dat de auto’s in het echt van ene Klaas waren.

Klaas zat in de systemen want zelf was hij ook al eens onderzocht omdat zijn watermeter een te laag verbruik aangaf. Dat is in vredestijd verdacht. Lang verhaal, kort: zijn uitkering was te hoog en het verschil moest terug. Iets van 27.000 euro, exclusief een boete van 8.000. Vervolgens kreeg hij zestien maanden niks.

Wie zonder inkomen is, maar wel twee auto’s koopt, Audi A-klasse, heeft of de Staatsloterij gewonnen of zit tot over de oren in de hennephandel. Klaas had niet de loterij gewonnen. Bewijzen dat hij in de hennep zat, werden ook niet gevonden. De opsporingseenheden stonden voor een raadsel. In ’s lands belang werd besloten Klaas te observeren.

De rechters zeggen dat tegen Klaas: ‘U bent een tijdje geobserveerd.’
Klaas: ‘Ja, nooit iets van gemerkt. Dat hebben jullie netjes gedaan.’

Rechercheurs vonden wel verdachte zaken. Hij had 349 euro uitgegeven bij kledingzaak Men at Work en ook nog eens 815 euro bij Bike Centre Dik (fietsen). En dan die twee auto’s.

Ter voorbereiding op de strafzaak lazen de rechters zich door de zeshonderd pagina’s heen om vervolgens in de rechtszaal die ene prangende vraag te kunnen stellen: ‘Klaas, hoe kan dit?’

Die fiets, een Gazelle, was van een goede vriendin die zuinig leefde en flink had gespaard maar omdat de betaling niet cash kon, had hij dus gepind en het geld toen weer van die goede vriendin gekregen. Over de kleding wordt niet gerept. Wel over de auto’s.

In maart 2013 kocht Klaas een Audi A4 en betaalde ruim 21.000 euro. Wat bij de fietsenwinkel niet kan, kan op de autoboulevard wel: cash afrekenen. Nog diezelfde dag werd de auto op naam gezet van die mevrouw. Zeven maanden later ruilde Klaas de 4 in voor een nieuwe A5 met bijbetaling van 19.000 euro.

De rechters: ‘Klaas!’
Klaas: ‘Stommiteit ten top.’

Hij vertelt dat er een man was die hem het geld gaf voor die auto’s. Hij was dus een soort van katvanger, ook al omdat zijn financiële situatie verre van rooskleurig was. Vindt: ‘Enorm stom. Maar wat ik al zei, ik was onverschillig geworden.’

De rechters: ‘Wie was die man?’
Klaas: ‘Dat is nou het heikele punt in dit hele verhaal. Ik kan die naam niet geven. Die meneer hoort bij een groepje en dat zijn geen heel aardige jongens, te gevaarlijk om daar heibel mee te schoppen.’

De rechters: ‘Bent u bedreigd?’
Klaas: ‘Absoluut.’

De rechters: ‘Wat was de tegenprestatie?’
Klaas: ‘Ik mocht gebruikmaken van de auto. Vanwege mijn ziekte moest ik in die tijd drie keer per week naar het ziekenhuis in Rotterdam. Dat was al stressvol genoeg. Ik was dus blij met een auto. Ik wist natuurlijk dat het geen zuivere koffie was. Ik ben niet van gisteren. Maar ik wilde het niet weten. Ik had al genoeg ellende.’

De rechters raken ietwat geïrriteerd omdat ze vinden dat Klaas niet de antwoorden geeft op de vragen die zij stellen. Of zijn de rechters prikkelbaar omdat ze zich met alles wat ze in huis hebben voor de zoveelste keer moeten bezighouden met een stokoude kwestie van ditmaal een katvanger? Met de kleinste vissen van de misdaad? Zijn ze daar drukke strafrechters voor geworden? Altijd braaf?

Ze vragen: ‘Bestaat die gevaarlijke man wel? Of bedenkt u hem?’
Klaas: ‘Het was een Turkse meneer. Meer kan ik niet zeggen. Die man deinst nergens voor terug. Een gestoorde gast, die niet anders kan praten dan dreigen.’

Na anderhalf uur vragen stellen geven de rechters het op.

De officier van justitie zegt dat het zonneklaar is dat Klaas zich schuldig heeft gemaakt aan witwassen. Onverklaarbare uitgaven. Geen legale inkomsten. Dat moet misdadig zijn. Een oude zaak, maar nog altijd voldoende ernstig voor een gevangenisstraf.

Klaas: ‘Ik heb me dit op de hals gehaald en ik zal het ermee moeten doen.’

De strafeis is nog wel een dingetje. Klaas is ziek. De laatste prognose van de artsen is dat hij nog een jaar tot anderhalf te leven heeft. Wat eis je dan?

De officier van justitie: elf weken gevangenisstraf en daarnaast een maand voorwaardelijk als stok achter de deur. Proeftijd van twee jaar. En het onverklaarbare misdaadgeld moet hij afdragen, uitgerekend en opgeteld mag dat 54.000 euro zijn.

De rechters: ‘Zou u eventueel toch een werkstraf kunnen uitvoeren?’
Klaas, monter: ‘Tuurlijk. Ik ben niet gehandicapt of zo.’
De rechters: ‘En als u tijd van leven heeft, wilt u dan ook wel hulpverlening?’
Klaas: ‘Sta ik open voor, ik ben strijdbaar en veerkrachtig.’

Rechters worden ook nog eens benoemd voor het leven. Maar nooit zullen ze tegen het Openbaar Ministerie kunnen zeggen: weet je wat, we gaan het anders doen.

Rob Zijlstra

uitspraak volgt

De duistere praktijk

Er was eens een bijzondere man die Theo heette. Hij werkte keihard voor zijn geld. Bij daglicht werkte hij, al achttien jaren achtereen, in het ziekenhuis. Maar zodra het duister werd, dook hij het criminele circuit in. Daar werkte hij zo mogelijk nog harder, want hij kon amper voldoen aan de vraag.

Theo had een theorie. Vandaar zijn naam.

Wat Theo in het ziekenhuis voor werk verrichtte weet ik niet. Wat hij in de duisternis uitspookte, wel. Theo had in en rond Groningen bloeiende hennepkwekerijen. Die leverden per maand vijf tot zeven kilo softdrugs op. Het geoogste groene goud ging in een sporttas onder een jasje op de achterbank van een huurauto, bestuurd door Klaas (500 euro per rit), Duitsland in, rechtstreeks naar Oldenburg.

Heel Oldenburg was gek op het spul van Theo uit Groningen.

Op een mooie voorjaarsdag ging het fout. Duitse agenten zetten de huurauto aan de kant en besnuffelden de tas. En? 6,6 kilo schoon aan de haak. Klaas werd gearresteerd. Toen Theo lucht kreeg van de aanhouding van zijn medewerker, toonde hij zich solidair en meldde zich bij de politie. Theo werd verhoord en heengezonden.

Drugsbende opgerold.

Drie jaar nadat Theo zichzelf had uitgeleverd hoorde hij in zittingszaal 14 een werkstraf van 240 uur tegen zich eisen. Daarnaast, veel erger, moest hij de berekende winst afdragen, welgeteld 121.765 euro en 85 eurocent. Op dat moment kwam Theo met zijn theorie.

Theo tegen de rechters: ‘Op deze manier houdt justitie, houden jullie, een mythe in stand. Door dit soort hoge bedragen te vorderen, op te leggen, wordt in de media de indruk gewekt dat er met criminaliteit veel geld is te verdienen. Dat heeft een aanzuigende werking. Beter is de mythe te ontkrachten door fors lagere bedragen te vorderen en toe te kennen.’ Aldus de theorie.

Het verhaal van Theo speelde zich af in 2008.
Het verhaal van Leendert is van 2018.

Leendert zit bij daglicht met zijn broer in het vastgoed, in de verhuur van overdekte ruimte. Daarnaast – in de duisternis van de dag – zou hij zich bezighouden met hennepteelt. Hij zou in drie, vier jaar tijd zo’n duizend kilo in de markt hebben gezet.

Met duizend kilo in Groningen, speel je de Champignons League.

Eén volgroeide hennepplant levert volgens het Openbaar Ministerie 28,2 gram hennep op. Dat heeft het kenniscentrum TNO bedacht. Een kilo hennep brengt de kweker 2800 euro (marktwerking). Na aftrek van de kosten zou Leendert een winst hebben geboekt van 1,6 miljoen euro (uitgerekend door de afdeling afpakken).

Drie jaar nadat Leendert was aangehouden zit hij met zijn broer in zittingszaal 14. Sommige prioriteiten nemen de tijd. Leendert ontkent. Goed, hij had vroeger, vier, vijf jaar geleden, een paar plantjes thuis in de kelder, dat klopt.

Waarom hij – ondernemer in vastgoed – thuis in de kelder een paar hennepplantjes had staan? Dat is wat de rechters van Leendert willen weten.
Leendert: ‘Nou, je leest weleens wat in de krant. Dan lees je wat de mensen ermee verdienen. Dat zijn forse bedragen. Ik dacht, op een gegeven moment, nou dat wil ik dan ook wel proberen.’

Zie hier: de theorie van Theo, zelfs na tien jaar nog actueel.

De rechters geloven Leendert niet zomaar. De officier van justitie gelooft hem sowieso niet. De officier van justitie weet, het is onderzocht, dat er langere tijd – en niet vier, vijf jaar geleden – een hoog stroomverbruik was in en rond de woning van Leendert.

Hoe dat zit? Leendert geeft het foute antwoord, wat hij ook niet kan weten. Het is het foute antwoord dat lotgenoten, voorgangers in de verdachtenbank, vaker geven. ‘Hoog stroomverbruik? Nou ja, we hebben een tijd een jacuzzi in huis gehad. En o ja, ook een sauna. Zoiets vreet stroom.’ Wanneer aangeschaft? ‘Pff, geen idee, lang geleden.’

De officier van justitie heeft meer in petto. Niet alleen in de kelder, maar ook in de gebouwen van het vastgoed van Leendert, zijn aan hennepteelt gerelateerde spullen gevonden. Leendert: ‘Het waren de huurders, dat moet dan wel.’

De politie viel zijn panden binnen na meldingen van de criminele inlichtingen eenheid. De verklikkers. Er werden vervolgens netmetingen verricht aan de ondergrondse stroomkabels, er werden boven de grond warmtemetingen uitgevoerd, er werden heimelijk camera’s opgehangen. Als de politie echt, maar dan ook echt wil (en er komen een paar agenten extra op loonlijst) dan maken henneptelers met hun 28,2 gram-plantjes geen schijn van kans.

In het vastgoed van Leendert en ook in dat van de broer (‘Ik weet van niks’) werden droognetten gevonden in droogkamers waarin het 24 graden was, overal hennepresten, sealbags, koolstoffilters, kweekpotten, lampen, watertonnen, tuinaarde, jerrycans vol voeding en wat al niet meer. Zoals: rekeningen van growshop De Thuiskweker.

Verhuurder Leendert: de huurders.

De officier van justitie heeft nog een troef. In de woning van Leendert zijn tal van briefjes gevonden met berekeningen, gedetailleerd tot meters achter de komma. De opbrengsten stonden erop, de kosten en wat met wie (namen) moest worden gedeeld. Dat de knippers 5000 kregen, kosten voor eten en drinken, ergens stond 25 x 2800.

Leendert: ‘Wat ik al zei, dan lees je in de krant dat er iemand is gepakt en wat-ie dan moet betalen. Dan ging ik rekenen. Wat de oogst had moeten zijn. Maar het was allemaal fictief.’
Rechters: ‘Het was een soort hobby van u, fictieve berekeningen maken?’
Leendert: ‘Ik ben zakenman.’

De rechters: ‘Uit onderzoek van uw bankrekening is gebleken dat u geen uitgaven had voor levensonderhoud.’
Leendert: ‘Wij deden alles contant.’
Nog een vraag: ‘De Porsche voor uw deur, was die van u?
Leendert: ‘Van mijn vrouw.’

Bij de afdeling afpakken legden ze alle briefjes van Leendert bij elkaar, telden het op, trokken er wat kosten vanaf en concludeerden: duizend kilo hennep, winst 1,6 miljoen.

Niet eerder in Groningen is een hennepteler voor een zo hoog bedrag aangeslagen. De strafeis moet nog volgen. De strafzaak kon niet worden afgerond vanwege een ontbrekend stuk. Er komt een vervolg. Een werkstraf van 240 uur zou mij niet verbazen. En een euro of miljoen inleveren.

Theo hoefde uiteindelijk geen 121.765 euro en 85 eurocent te betalen, maar mocht na een herberekening volstaan met 37.100 euro. Hij kreeg ontslag in het ziekenhuis en ging iets zinvols doen voor de vogels in de natuur. Zijn theorie was misschien een goeie, maar nimmer bereikten de signalen de praktijk.

Rob Zijlstra

Jumbo – hoger beroep

Donderdag dient bij het gerechtshof in Leeuwarden het hoger beroep van de ‘Jumbo-zaak’. Hoe het ook alweer zat.

‘Stelletje mafketels. Jullie hebben een onschuldige man veroordeeld.’ Met die woorden verliet Alex O. op 1 juli 2016 boos de rechtszaal, kort nadat hij had gehoord dat hij acht jaar de gevangenis in moet. Het was geen verrassing dat hij in hoger beroep ging. Zijn advocaat Tjalling van der Goot zei in een reactie op de uitspraak: ‘Het is volstrekt duidelijk dat mijn cliënt het niet eens is met de uitspraak.’

Wat was er aan de hand?

In de nacht van vrijdag 8 op zaterdag 9 mei 2015 wordt bij de Jumbo-vestiging aan de Wilhelminakade in Groningen een explosief gevonden. De politie schrikt zich rot. In het pakketje zit TATP, een uiterst onstabiel en zeer explosief goedje. TATP wordt door liefhebbers ook wel the mother of satan genoemd.

tekening: annet zuurveen

Drie weken later, op 31 mei wordt een explosief geplaatst – vastgelegd op camera’s – bij de Jumbo aan het Overwinningsplein. Op zaterdag 6 juni is er een bommelding bij de drukke Jumbo in de Euroborg. Het gebied wordt urenlang hermetisch afgesloten. Op 1 juli ontvangt een vestiging van de Jumbo in Zwolle een verjaardagskaart met daarin twee gram van het explosieve TATP.

Tijdens het politieonderzoek wordt duidelijk dat al op 2 mei een eerste dreigmail naar de Jumbo is verstuurd. Niet naar het supermarktconcern, maar naar de gelijknamige spelletjesmaker Jumbo. Dat was een foutje.

Op 8 mei komt de eerste dreigmelding bij de supermarktketen binnen. Elke dag, zo luidt de melding, zal er ergens bij een Jumbo een bom afgaan (‘Jumbo zal een winkel en klanten verliezen’). De afzender die zich Sir Ahmed noemt ziet van de uitvoering af als hij 2000 bitcoins krijgt.

Het laatste dreigement – er zijn er in totaal vijftien – is van 9 oktober 2015 en komt binnen via de website van de politie. Alex O. wordt op dat moment al in de gaten gehouden. Kort nadat het bericht is verzonden, wordt hij opgepakt.

Is Alex O. de afperser?

De rechtbank in Groningen acht dat wettig en overtuigend bewezen. De opgelegde straf van acht jaar was gelijk aan de eis. Het bewijs waarop de veroordeling stoelt is een optelsom van verschillende harde en zachte aanwijzingen. Zo is zijn DNA aangetroffen onder de postzegel op de kaart die aan het filiaal in Zwolle is gestuurd. O. heeft twee kookwekkers aangeschaft bij de Blokker. Soortgelijke wekkers waren verwerkt als ontstekingsmechanisme in twee explosieven. Er zijn camerabeelden van een man die een pakketje plaatst bij de Jumbo aan het Overwinningsplein. De man op de beelden zou, gezien het loopje, O. kunnen zijn. In zijn woning in Groningen zijn sporen van chemicaliën aangetroffen waarmee je bommen kunt maken. De politie zag hem achter de computer zitten op het moment de laatste dreigmail werd verstuurd.

Wat zegt hij zelf?

Hij zegt: ,,Ik ben onschuldig.’’ Tijdens de rechtszaak schudt hij vooral met zijn hoofd. Zou hij een bom in elkaar kunnen flansen? Nooit, zegt hij. ,,Ik ben een kluns.’’ De chemicaliën? Misschien heeft hij iets te maken gehad met synthetische drugs. Zegt hij om daar vervolgens over te zwijgen. De Kookwekker? ,,Ik ben te slim om een kookwekker voor een bom met mijn eigen pinpas te kopen.’’ O. beschuldigt het Openbaar Ministerie van manipulatie. Daarom weigert hij vragen van de officier van justitie te beantwoorden. Vragen van de rechters beantwoordt hij op uiterst vriendelijke wijze.

Zijn advocaat Tjalling van der Goot vult nog aan: de man op de camerabeelden is nadrukkelijk niet Alex O. Hij pleit voor vrijspraak: er zijn veel vermoedens, er zijn aanwijzingen, maar geen harde bewijzen die een veroordeling rechtvaardigen. Het is een verdenking op drijfzand.

Waren het echte bommen?

Het pakketje bij het Overwinningsplein ontploft even voor middernacht met een harde knal. In het vonnis van de rechtbank staat dat ‘verdachte heftige middelen heeft ingezet’. Het explosief dat is aangetroffen bij het filiaal aan de Wilhelminakade was zo krachtig dat ontploffing had kunnen leiden tot dodelijke slachtoffers.

 

Zijn er nieuwe feiten?

Tjalling van der Goot heeft het gerechtshof gevraagd nader onderzoek te doen naar het internetgebruik door O. en de camerabeelden waarop O. te zien zou zijn. Het hof vond dat niet nodig. Tijdens de behandeling van het hoger beroep liggen dus dezelfde feiten op tafel als in Groningen.

Komt er een nieuwe eis?

Het Openbaar Ministerie zal naar verwachting opnieuw een celstraf van acht jaar eisen. Ook zal worden gevorderd dat Alex O. schadevergoeding betaalt aan Jumbo. In Groningen vond de officier van justitie dat O. een bedrag van 113.832 euro moet betalen. Veel geld voor iemand die tot zijn daden zou zijn gekomen vanwege financiële problemen. Want dat wordt beschouwd als motief.

Rob Zijlstra

De strafzaak is donderdag via Twitter te volgen op http://www.dvhn.nl . Of via @zittingszaal14 .

UPDATE  – 29 maart 2018 – hoger beroep

zie ook het twitterverslag van de zitting (liveblog)